Alle artikelen
In de vijftiende eeuw zette Italië op vele vlakken de toon in Europa. We kennen allemaal de grote Italiaanse bouwmeesters en kunstenaars die onder invloed van de Renaissance de klassieken deden herleven. Wat minder bekend is dat Italië ook in de keuken een leidende rol had en enkele ‘Italiaanse meesters’ voortbracht die hun weerga in Europa niet kenden. Vaak wordt gezegd dat de Italiaanse keuken in deze periode ook een Renaissance – hergeboorte – doormaakte, maar er gebeurde meer, veel meer.
Sleutelfiguur in de gastronomie tijdens de Italiaanse Renaissance was Bartolomeo Sacchi (1421-1481), ook wel Platina genoemd. In 1469 of 1470 publiceerde hij De honesta voluptate ac valetudine (Over eerlijke genoegens en een goede gezondheid). Het boek bevatte vijf hoofdstukken met bijzondere en vernieuwende recepten en vijf hoofdstukken waarin voedsel en eetcultuur volgens de humanistische traditie werden besproken. Hij behandelde bijvoorbeeld gezondheidsaspecten van voedsel en maakte vergelijkingen tussen eten en de klassieke cultuur.
Een humanist had zich niet bezig te houden met voedsel, dat deden alleen veelvraten
Er kwam kritiek op het boek. Een humanist had zich niet bezig te houden met voedsel, dat deden alleen veelvraten. Maar Platina wilde met zijn werk mensen juist gezondheid, matigheid en de elegantie van voedsel bijbrengen, in navolging van klassieke auteurs als Cato, Varro, Columella en Apicius. Ondanks de kritiek werd het boek een bestseller. Het is tot 1550 maar liefst 16 keer herdrukt in het Latijn en vanaf 1485 verschenen er ook vertalingen in het Italiaans, Frans en Duits. Bartolomeo Sacchi zette hiermee de culinaire toon in Europa.
Maestro Martino: de ware meester
Terwijl Platina alle roem kreeg voor zijn boek, komt de eer voor de vernieuwende recepten, kooktechnieken en smaken eigenlijk toe aan iemand anders. De schrijver roemde in zijn inleiding Maestro Martino, de ‘prins der koks’, en gaf aan dat hij de kunst van het koken van hem geleerd had. Van de 250 recepten in De honesta komen er 240 uit het eerder verschenen kookboek De arte coquinaria (De kunst van het koken) van Martino di Como (of Martino de Rossi), oftewel Maestro Martino. In mijn ogen is hij de ware Italiaanse meester van de keuken in de vijftiende eeuw.

=
Er is niet veel bekend over Maestro Martino en dus wordt er veel gespeculeerd over hem. Wat we wel weten is dat hij in dienst was van kardinaal Ludovico Trevisan (1401-1465), ook wel ‘kardinaal lekkerbek’ genoemd. Trevisan verzamelde zeldzame fruitsoorten en sinaasappelbomen in zijn tuin in San Lorenzo in Damaso, hield buffels voor kaas en zorgde voor zeldzame ingrediënten en wijnen tijdens zijn luxueuze banketten. Het is geen wonder dat Trevisan de beste kok uit zijn tijd in dienst had. Waarschijnlijk heeft Platina Martino leren kennen op een van de banketten van Trevisan.
De werkgever van Maestro Martino was kardinaal Trevisan, ook wel ‘kardinaal lekkerbek’ genoemd
Martino had in dienst van Trevisan een dagbudget van omgerekend circa € 500 voor de keuken. Met dit enorme bedrag zal er veel gelegenheid geweest zijn om te experimenteren met bijzondere ingrediënten en kooktechnieken, met culinaire vernieuwingen tot gevolg. De vernieuwingen werden voortgezet toen hij na Trevisans dood in 1465 in dienst trad bij paus Paulus II en na diens pontificaat bij Sixtus IV.
De nieuwe kunst van het koken
Het kookboek van Martino verscheen in de tweede helft van de vijftiende eeuw. Het was een manuscript waarvan nog vijf verschillende versies bekend zijn. In middeleeuwse kookmanuscripten valt op dat recepten eeuwenlang mee gingen en in steeds iets andere vorm werden overgeschreven.
Martino was de eerste die brak met de middeleeuwse keuken en je vindt in zijn boek dan ook nieuwe, originele recepten. De middeleeuwse traditie en smaak zijn nog wel aanwezig, bijvoorbeeld in recepten als ‘vliegende pastei’ (met levende vogels), ‘pauw in zijn verenpracht’ of ‘levende vis in aspic’. Maar zo’n drie kwart van de recepten laat een culinaire vernieuwing zien.
Een van de vernieuwingen van Martino was het aangeven van de kooktijd van een gerecht: vier Onze Vaders of een psalm
Van veel vernieuwingen die Martino introduceerde, kunnen wij ons bijna niet voorstellen dat ze daarvoor nog niet gebruikt werden, zoals het aangeven van de kooktijd van een gerecht (vier Onze Vaders of een psalm), de kookmethode (bakken of koken bijvoorbeeld), de hoeveelheden van ingrediënten en voor hoeveel personen een gerecht bedoeld is. Hij beschreef het culinair proces stap voor stap en in detail. De kookmanuscripten vóór Martino waren slechts ingrediëntenlijsten voor professionals die wisten wat ze er mee moesten doen.
Eerste pastarecepten
De maestro gebruikte ook veel nieuwe woorden voor ingrediënten en namen voor gerechten in zijn kookboek. Macaroni kon in iedere regio een ander gerecht zijn. Hij specificeerde de ingrediënten, vorm en hoe je het precies klaar moest maken. Aan Martino danken we dan ook de eerste pastarecepten. Hij gaf een aanzet tot een culinaire lexicon. Helaas is veel van deze specifieke informatie verloren gegaan in de Latijnse vertaling naar De honesta van Platina. Omdat er in het Latijn geen woorden waren voor bijvoorbeeld de drie verschillende kersen die Martino beschreef, bleef het in De honesta bij ‘kers’.
Eeuwenlang speelden groenten niet tot nauwelijks een rol in de luxe kookboeken. Martino zette ze weer op de kaart
Qua ingrediënten en gerechten zien we ook vernieuwingen. Het kookmanuscript laat op de eerste plaats veel Arabische invloeden zien. Het gebruik van rijst, sap van de bittere sinaasappel, granaatappel en het op smaak brengen van sauzen met rozijnen, pruimen en druiven. Maar ook het veelvuldig gebruik van suiker komt uit de Arabische keuken. Martino gebruikte suiker niet slechts als smaakmaker, maar ook als ingrediënt. Het meest opmerkelijke is misschien wel het gebruik van groenten. Eeuwenlang speelden groenten niet tot nauwelijks een rol in de luxe kookboeken. Martino zette groenten weer op de kaart. Zijn ui, wortel, selderij en peterselie zijn tot op de dag van vandaag belangrijke ingrediënten én smaakmakers in de Europese keuken.
De eerste moderne kok
Je leest regelmatig dat de Italiaanse keuken tijdens de Renaissance beïnvloed werd door de klassieken, waaronder het kookboek van Apicius. De culinaire context (onder andere filosofie over eten, tafelmanieren, gezondheidsaspect, kwaliteit van producten en het eetgezelschap), lijkt inderdaad beïnvloed door de Klassieke Oudheid. Maar op antieke recepten en gerechten wordt verre van teruggegrepen.
Wat er in de keuken gebeurde was geen ‘hergeboorte’, maar een ‘geboorte’: de geboorte van een nieuwe keuken. Martino creëerde een volledig nieuwe smaak. Hij combineerde oude en nieuwe ingrediënten. Hij was de eerste moderne kok.

De ravioli van Martino, gemaakt door eet!verleden (foto’s Jeroen Savelkouls)
Ravioli van Maestro Martino
Dit recept uit het kookmanuscript van Maestro Martino is een mooi voorbeeld van de vernieuwing in de keuken van de vijftiende eeuw. Een nieuw gerecht, gebruikmakend van regionale producten en gevuld met groenten. Bovendien wordt er stap voor stap uitgelegd hoe je het moet bereiden, waar je op moet letten en hoe lang je de ravioli moet koken, namelijk vier Onze Vaders.
Benodigdheden voor 4 personen
Pasta
400 gram bloem (liefst Tip 00)
4 eieren
Snufje zout
Vulling
300 gram ricotta
75 gram Parmezaanse kaas
bosje snijbiet
4 takjes munt
Flinke snuf zwarte peper
Paar plakjes prosciutto
En verder
Bouillon
Kaneel om te bestrooien
Extra Parmezaanse kaas om te bestrooien
Paar druppels goede olijfolie om te besprenkelen
Bereiding
Maak pastadeeg door de bloem in een bergje op je werkblad te leggen, een kuiltje in het midden te maken en daar de eieren en zout in te doen. Werk met je handen van binnen naar buiten steeds een beetje bloem bij het vocht, totdat alle bloem is meegenomen. Kneed nu stevig en net zolang tot je een soepel deeg hebt gekregen. Let het deeg een half uurtje te ruste in plastic folie, terwijl je de vulling gaat maken.
Rasp de Parmezaanse kaas fijn. Was de snijbiet, snijd in stukken en stoof aan in een pan in een beetje boter totdat het geslonken is. Haal van het vuur en laat goed uitlekken. Haal de blaadjes van de takjes munt en hak de blaadjes fijn. Scheur de prosciutto in stukjes. Doe de ricotta in een schaal en roer even goed door totdat het een glad mengsel is. Voeg de andere ingrediënten aan de vulling toe en meng er goed onderdoor.
Rol de pasta uit (met een pastamachine krijg je het beste resultaat) tot grote vellen. Leg om de paar centimeter een hoopje van de vulling op de pasta en leg daar een tweede vel pasta overheen. Druk voorzichtig aan en steek er met een raviolisteker vormpjes uit of gebruik een pastawieltje. Martino geeft aan dat het grote ravioli zijn, zo lang als je vinger.
Doe de bouillon in een pan en breng aan de kook. Laat de ravioli in de kokende bouillon glijden en kook “zolang als 4 Onze Vader’s” (circa 5 minuten) tot ze mooi al dente zijn. Haal de ravioli uit de bouillon, doe ze op een schaal en bestrooi met geraspte Parmezaanse kaas en een snufje kaneel. Besprenkel met olijfolie.
Wijntip
Een heerlijk Italiaanse pasta, waar je zowel witte als rode wijn bij zou kunnen schenken. Vanuit Italië kwam in de zestiende eeuw nog altijd veel zoete wijn naar onze streken, onder andere via Venetië. Deze wijnen kwamen echter uit de Griekse archipel, van de Venetiaanse bezittingen daar. Wat er precies aan écht Italiaanse wijn naar de Lage Landen kwam, daar hebben we weinig zicht op. In bronnen tref je weleens de term Vernatsch aan (bijvoorbeeld in vijftiende-eeuws Utrecht), maar welke wijn dat precies is, is niet duidelijk.
Grappig genoeg zijn er anno 2016 wel twee wijnen van die naam die bij deze ravioli prima zouden smaken: de kruidige Vernatsch uit Alto Adige, een rode wijn die in het verleden nogal flets en laf was, maar tegenwoordig prachtige voorbeelden kent. Bijvoorbeeld van een van de beroemde coöperaties uit Alto Adige/Südtirol, zoals Cantina Tramin. Maar ook de bekende witte Vernaccia di San Gimignano, uit het gelijknamige Toscaanse stadje, past goed bij de met spinazie en kaas gevulde pasta. Misschien allebei maar uitproberen? In ieder geval hebben de beide druiven niets met elkaar te maken, al gaan ze beide al eeuwen terug. Vooral Vernaccia di San Gimignano heeft oude papieren, en was bovendien populair rond 1600…
Italiaanse meesters in de keuken
In de vijftiende eeuw zette Italië op vele vlakken de toon in Europa. We kennen allemaal de grote Italiaanse bouwmeesters en kunstenaars die onder invloed van de Renaissance de klassieken deden herleven. Wat minder bekend is dat Italië ook in de keuken een leidende rol had en enkele ‘Italiaanse meesters’ voortbracht die hun weerga in...
Holmes’ bonfire (1666)
Op 20 augustus 1666 branden de Britten het dorp West-Terschelling plat. Een dag eerder hebben ze een grote Nederlandse handelsvloot in vlammen laten opgaan. Holmes’ bonfire heet deze triomf in Engeland, naar de aanstichter Robert Holmes. In de tweede helft van de zeventiende eeuw lopen de spanningen tussen de Engelsen en de...
De Lange Mars van Mao (1935)
Tijdens een helse tocht dwars door China hielden de dappere communisten stand tegen een nationalistische overmacht. Tenminste, zo stelde communistenleider Mao Zedong de beroemde ‘Lange Mars’ graag voor. De werkelijkheid was anders. Hoe word je een succesvol dictator? Natuurlijk moet je een ongekende honger naar macht bezitten, en uiteraard moet je volstrekt gewetenloos en meedogenloos...
De Culturele Revolutie (1966-1968)
Toen de communistische leider Mao Zedong zijn greep op China dreigde te verliezen, bedacht hij een list. In 1966 lanceerde hij de Culturele Revolutie. Dat was in feite een burgeroorlog, waaruit hijzelf als held tevoorschijn kwam. ‘Vandaag ben ik de gelukkigste mens ter wereld. Ik heb onze grote leider voorzitter Mao gezien.’ Tienduizenden Chinese jongeren...
COLUMN: Annegreet van Bergen over de Solex
Voor veel arbeiders was de brommer een tussenstation naar een klein autootje. Ze konden er verder mee reizen. Al was dat hoogst oncomfortabel, constateert Annegreet van Bergen. In groepsverband op een Solex toeren is tegenwoordig een gewild, nostalgisch uitje. Als ik zo’n zwerm ouderwetse brommertjes zie tuffen, heb ik het idee een typisch oud-Nederlands tafereel...
De Beeldenstorm raasde over de Nederlanden
Woedende protestanten sloegen in het najaar van 1566 het interieur van katholieke kerken in de Nederlanden kort en klein. Maar de gebouwen vernielden ze niet. Daar wilden ze hun eigen diensten houden. Ooit verdiende Sebastiaan Matte in Ieper zijn geld als hoedenmaker, maar sinds hij is gegrepen door het ware, protestantse geloof heeft hij zijn...
Operatie Barbarossa in Nederland
Toen de Duitsers in 1941 de Sovjet-Unie binnenvielen met Operatie Barbarossa, namen de politieke tegenstellingen in ons land toe. De NSB’ers schaarden zich nog fanatieker achter de nazi’s. Andere Nederlanders verwelkomden Rusland als nieuwe bondgenoot in de Tweede Wereldoorlog.
Couppogingen in Turkije 1960-2016
De recente couppoging door het leger in Turkije past in een lange serie machtsgrepen. Sinds 1960 heeft het leger vaker geprobeerd de politieke verhoudingen te beïnvloeden. Het voelt zich de hoeder van het moderne, seculiere Turkije. De prominente rol van het Turkse leger gaat terug naar de periode rond de Eerste Wereldoorlog. Het Ottomaanse Rijk...
VOORPUBLICATIE: De levens van Jan Six – Geert Mak
De zeventiende-eeuwse regent Jan Six werd wereldberoemd vanwege het portret dat zijn vriend Rembrandt van hem maakte. Maar hij was niet de enige Jan Six: zijn nazaten gaven alle oudste zonen die naam, tot op de dag van vandaag. Het nieuwe boek van Geert Mak gaat over deze Amsterdamse elitefamilie. Hier alvast de epiloog. ...
Schiphol werd luchthaven van wereldformaat
Ondanks hogere vliegprijzen verwacht Schiphol nog meer reizigers. De luchthaven begon in een zompig weiland in Amsterdam, maar groeide snel uit tot een belangrijke economische motor.
COLUMN: Annejet van der Zijl over Jac P. Thijsse
Schrijver en onderwijzer Jac. P. Thijsse bracht Nederlanders liefde voor de natuur bij. Rijdend door Friesland langs ‘plofgras’ zonder koeien, boterbloemen en leeuweriken, verlangt Annejet van der Zijl naar een opvolger. In deze tijden van massaal internetgekanker op ons vaderlandje was het een bijna choquerende uitspraak: Nederland is een fijne plek om te wonen. ...
Het andere Parijs – Luc Sante
De flaneur is een hartstochtelijk toeschouwer van het straatleven. Flaneren levert nergens zoveel mooie verhalen op als in Parijs. Luc Sante schrijft in Het andere Parijs over de onderkant van deze immer tot de verbeelding sprekende stad. Over de straatschoffies, de hoeren, de oplichters en andere figuren die in de marge leven. Grote nadruk ligt...
