Alle artikelen
De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien
4 oktober 1993. Tanks die staan opgesteld bij de Novi Arbatbrug en de Pavlik Morozov-speeltuin in Moskou draaien hun geschutskoepels richting het parlementsgebouw, het Witte Huis. Wanneer president Jeltsin opdracht geeft om te schieten, volgt er een reeks doffe klappen. Dikke zwarte rookpluimen banen zich een weg uit de kapotgeslagen ramen.
De beschieting van het Witte Huis is de climax van een conflict tussen het parlement en de president over een nieuwe Russische grondwet. Jeltsin heeft een grondwet opgesteld waarin zijn omstreden markteconomische hervormingen zijn verankerd. Verstokte communisten in het parlement – dat dan nog Opperste Sovjet heet en waarvan de leden voor het laatst in 1989 zijn gekozen – moeten daar niks van weten. Zij werken aan hun eigen grondwet.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Jeltsin stelt een ultimatum: op 4 oktober moeten de afgevaardigden het Witte Huis hebben verlaten. Zij weigeren te vertrekken, en om zeven uur in de ochtend openen de tanks het vuur. Er vallen 27 doden in het parlementsgebouw; geweld elders in de stad duwt de teller tot voorbij de honderd.
Jeltsin trekt aan het langste eind: de Opperste Sovjet wordt ontbonden en vervangen door de Staatsdoema. Nog voor het einde van het jaar stemmen de Russen in een referendum voor Jeltsins grondwet. Rusland wordt een presidentiële republiek. Het parlement en partijpolitiek delven het onderspit. Het is de blauwdruk voor Poetins Rusland.

Bloedige Zondag
Geweld is geen zeldzaamheid in de Russische politieke geschiedenis. Op 9 januari 1905 waait er een revolutionaire wind door het land, als een zingende menigte richting het Winterpaleis in Sint-Petersburg beweegt. De mensen, merendeels arbeiders, willen zich bij de tsaar gaan beklagen over hun slechte levensomstandigheden. Op deze heldere zondagochtend vormen vrouwen en kinderen in hun mooiste kleren de voorste rijen. Zij hebben een vreedzame boodschap: ‘Soldaten, schiet niet op het volk’ is te lezen op grote witte vaandels. Terwijl de betogers het Winterpaleis naderen, wacht het leger van de tsaar hen op met aangelegde geweren. Twee waarschuwingssalvo’s scheren over de hoofden, voordat de militairen het vuur openen. Veertig mensen sterven, vele honderden raken gewond.
Bloedige Zondag is een kantelpunt. Ook onder de liberale middenklasse zwellen de protesten aan. Burgers organiseren zich in Zemstvo’s (lokale zelfbesturen) en eisen dat de tsaar een nationaal parlement in het leven roept. Omdat de regering de controle over Sint-Petersburg dreigt te verliezen, tekent Nicolaas II met tegenzin het zogeheten Oktobermanifest. Vanaf nu zijn vakbonden en demonstraties toegestaan. Er komen in 1906 een grondwet en ook een parlement: de Doema. Met vlaggen en vaandels bezingt het volk zijn overwinning.
Maar de euforie duurt niet lang. De Doema krijgt een wetgevende taak, maar alleen burgers met voldoende bezit hebben stemrecht. De grondwet blijkt een afzwakking van het manifest en wordt al in 1907 ondermijnd door de tsaar, die het kiesrecht nog verder beperkt en zijn macht over de Doema versterkt.
‘Meest democratische grondwet ter wereld’
De Februarirevolutie van 1917 dwingt Nicolaas II alsnog tot aftreden, en in oktober grijpen Lenin en zijn bolsjewieken de macht. Rusland vervalt in een burgeroorlog, waarna uit de bolsjewistische overwinning in 1922 de Sovjet-Unie verrijst. ‘Lenin is dood, het leninisme leeft,’ verklaart partijgenoot Grigori Zinovjev treffend op de begrafenis van de grote leider, die al dertien maanden na het einde van de burgeroorlog overlijdt. Het leninisme, met de eenheid van de Communistische Partij als uitgangspunt, overleeft zijn grondlegger. Wie de partijlijn ter discussie stelt, geldt als een tegenstander van de revolutie. Ook Lenins opvolger Jozef Stalin rekent hardhandig af met echte en vermeende verraders. Iedereen is een potentiële klassenvijand.
In 1936 wordt de zogenaamde Stalin-grondwet van kracht. Volgens deze ‘meest democratische grondwet ter wereld’ komt er een gekozen parlement, de Opperste Sovjet.
De eerste verkiezingen worden gehouden op een ijzige decemberdag in 1937. Maar van een echte keuze uit verschillende kandidaten is geen sprake, blijkt bijvoorbeeld in het Moskouse kiesdistrict. Terwijl een gespannen menigte toekijkt, grabbelt de voorzitter van de kiescommissie een stembiljet uit de bus, werpt een korte blik op het papier en roept: ‘Kameraad Stalin!’ Die naam zal nog vaak klinken, want alleen Stalins naam staat op het biljet.
Stalin is bang dat klassenvijanden zich in andere kiesdistricten massaal verkiesbaar stellen om de Sovjetstaat te infiltreren. De grondwet wakkert Stalins paranoia daarom verder aan en hij grijpt naar nog meer geweld. Het is de opmaat naar de Grote Terreur van 1937.
Na Stalins overlijden in 1953 rekent de nieuwe secretaris-generaal van de Communistische Partij, Nikita Chroesjtsjov, af met de grootschalige moordpartijen van zijn voorganger. Maar hij behoudt de staatsstructuren. Zo komen de 1500 leden van de Opperste Sovjet maar enkele dagen per jaar bijeen, is van een parlementair debat nauwelijks sprake en wijst de partij bij verkiezingen één kandidaat aan wiens naam als enige op het stembiljet belandt. Op een andere kandidaat stemmen is theoretisch mogelijk, maar alleen in een apart stemhokje en onder toezicht.
‘Geen plek voor discussie’
De Opperste Sovjet is vooral een stempelmachine van partijbesluiten, totdat in 1985 Michail Gorbatsjov aan de macht komt. De hervormer brengt het aantal leden terug naar 542 en zorgt ervoor dat debatten voortaan worden uitgezonden op de televisie. Ook komt er een extra parlementair orgaan: het Congres van Volksafgevaardigden, dat wetten van de Opperste Sovjet kan wijzigen of nietig verklaren. Veel tijd om zich te bewijzen krijgt het systeem niet, want eind 1991 wordt de Sovjetvlag voor het laatst gestreken.
Jeltsins grondwet vervangt in 1993 de Opperste Sovjet door de Staatsdoema. Dit parlement kan de regering tegenwerken, al heeft de president uiteindelijk een sterkere positie. Wanneer Poetin op oudejaarsavond 1999 het presidentschap accepteert, is dit het systeem dat hij erft. Maar terwijl Jeltsin aan de Staatsdoema nog enige speelruimte liet, kiest Poetin voor een autoritaire koers.
Zo ziet in 2001 de aan Poetin loyale partij Verenigd Rusland het levenslicht, en groeit daarna uit tot het dominante machtsblok. Andere partijen worden gepaaid met privileges en carrièrekansen, en functioneren als gecontroleerde systeemoppositie, bedoeld om de schijn van pluriformiteit en debat te wekken. Hoewel de Staatsdoema formeel wetgevende macht heeft, stemt zij in de praktijk nooit tegen wetsvoorstellen van de president. Daardoor vormt het parlement geen tegenmacht. Wordt een partij toch te invloedrijk, dan kan het Kremlin via de rechter ingrijpen – zoals vorige maand gebeurde, toen de enige partij die kritiek levert op de oorlog in Oekraïne, Jabloko, werd uitgesloten van verkiezingsdeelname.
Anders dan elders in Europa, is in Rusland het parlement altijd ondergeschikt gemaakt aan de tsaar, de partij of de president. Van vrije verkiezingen waaraan iedereen mag deelnemen als kiezer of kandidaat is geen sprake, ook niet in het Rusland van Poetin. Doema komt van het Russische woord voor ‘beraad’ en is verwant aan doemat, wat nadenken betekent. Hoe ironisch de naam Staatsdoema is, wordt treffend verwoord door de voorzitter (lid van Verenigd Rusland), die in 2003 heeft gezegd: ‘het parlement is geen plek voor discussie.’
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien 4 oktober 1993. Tanks die...
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Zogenaamd om stemfraude bij de komende congresverkiezingen in Amerika te voorkomen, pleit Donald Trump voor landelijke regels die voor alle staten moeten gelden. Hij is er wat laat mee, want de echte wanpraktijken bij Amerikaanse verkiezingen dateren vooral van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. De meest gemanipuleerde presidentsverkiezingen in...
Iraanse sporters dagen de macht uit
In Iran vormen sport, protest en politiek al eeuwenlang een nauw verweven, maar ook conflictueuze drie-eenheid. Nu zijn het vaak vrouwelijke voetballers die van zich laten horen. Ooit waren het worstelaars, vertelt politicoloog Caroline Azad. Gholamreza Takhti is een legende in Iran. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd deze worstelaar – ‘met...
Artsen zonder Grenzen: onafhankelijk, maar nooit apolitiek
Een groep artsen die vond dat het Rode Kruis niet genoeg deed tegen mensenrechtenschendingen in Biafra, stichtte in 1971 de medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. De initiatiefnemers wilden volledig apolitiek opereren, maar dat bleek in de praktijk vrijwel onmogelijk. Médecins Sans Frontières (MSF), de moederorganisatie van Artsen zonder Grenzen, is een medische internationale hulporganisatie. Momenteel biedt MSF hulp in Nepal na een dodelijke overstroming en is de organisatie werkzaam in Oekraïne en Gaza, waar ze...
Shortlist bekend Libris Geschiedenis Prijs 2026
De shortlist met vijf genomineerden voor de Libris Geschiedenis Prijs 2026 is vandaag bekendgemaakt in radioprogramma OVT door juryvoorzitter Frits Spits. Genomineerd zijn: Over de Libris Geschiedenis Prijs De Libris Geschiedenis Prijs bekroont historische boeken die een algemeen publiek aanspreken. De criteria zijn dat het boek een oorspronkelijk onderwerp heeft, prettig leesbaar is geschreven en...
Waarom heeft Amerika geen echte socialisten?
Een deel van de Democratische kiezers wil dat de partij afslaat naar links. Maar in de Amerikaanse politiek kreeg het socialisme nog nooit voet aan de grond. Al in 1906 schreef een Duitse socioloog hoe dat kwam: Amerika had een gebrek aan boze arbeiders. Het lijdt geen twijfel dat veel Democratische kiezers genoeg hebben van...
De Sovjets hadden de beste kaarten, maar niemand mocht ze zien
Tijdens de Koude Oorlog reisden Sovjetspionnen de wereld over om het Westen in kaart te brengen. Civiele en militaire infrastructuur werden tot in detail vastgelegd. Om de vijand te misleiden stopten de Sovjets bewust fouten in hun kaarten, maar daar werden hun eigen burgers de dupe van. Tallinn, 1989. Onder toezicht van gewapende soldaten stapt...
De stemming in het Derde Rijk: Duitsers klaagden over lokale nazi’s
De bewoners van het Derde Rijk hadden heel wat klachten over het naziregime, concludeert Peter Longerich na uitgebreid bronnenonderzoek. Maar kan hij bewijzen dat de Duitsers ‘onwillig’ waren om Hitlers agenda uit te voeren? In 1996 publiceerde de Amerikaanse politicoloog Daniel Goldhagen het boek Hitlers gewillige beulen, waarin hij beweerde dat de overgrote meerderheid van...
De muitende matrozen van ‘Schip 7’
De muiterij op marineschip De Zeven Provinciën in 1933 veroorzaakte een politieke schok in Den Haag. Herman Keppy heeft zich verdiept in de achtergronden van de Indonesische muiters. Niemand had gedacht dat ‘inlandse’ marinemannen zelfstandig een slagschip konden besturen. Maar op 4 februari 1933 namen Indonesische matrozen De Zeven Provinciën over. Terwijl een groot deel...
De trage crash van Fokker
Een eeuw geleden was Anthony Fokker de succesvolste Nederlandse luchtvaartpionier. In 1928 was zijn bedrijf zelfs de grootste vliegtuigbouwer ter wereld. Maar na de Tweede Wereldoorlog ging het roemloos ten onder. ‘Van uitstel kwam dus uiteindelijk toch afstel. Fokker is failliet. En daarmee komt een einde aan 77 jaar vliegtuigbouw in Nederland.’ Zo opende het...
Ontslagronde? Dan bezette je het bedrijf
Economen verwachten massaontslagen bij fabrieken, banken en grootwinkelbedrijven. Intussen bezuinigt het kabinet-Jetten op de uitkeringen. De vakbonden beloven een hete herfst, maar hebben nog niet gedreigd met een beproefd actiemiddel uit de jaren zeventig: de bedrijfsbezetting. Tussen 1972 en 2000 bezetten werknemers 177 Nederlandse bedrijven, schrijft historicus Ad Knotter in het tijdschrift BMGN/LCHR. Hoewel ze...
De muzikale wederopbouw van Milaan
Burgemeester Antonio Greppi weet in 1946 dat het niet genoeg is louter de gebouwen van zijn stad Milaan weer op te bouwen. Hij wil de haat en wanhoop met muziek, theater en feest bestrijden. ‘Onze taak is niet makkelijk, maar Milaan zal ons helpen’. De concertzaal van het Milanese theater La Scala is tot de...
