Alle artikelen
Die betere taalontwikkeling begon rond 70.000 v.Chr. Al die duizenden jaren daarvoor was de Homo sapiens een dier als alle andere, maar opeens veranderde dat. De snelle ontwikkeling die deze soort doormaakte gaf hem een voorsprong die geen enkel ander dier sindsdien heeft kunnen inhalen. Onderzoekers spreken van een cognitieve revolutie. Waarschijnlijk veranderde er door toevallige genetische mutaties iets in de hersenen van de sapiens. Hij ging daardoor anders denken en wist een unieke taal te ontwikkelen.
Betere jachttechnieken
Andere mensachtigen hebben mogelijk ook gesproken – of in elk geval klanken uitgestoten en gebaren gemaakt. Het strottenhoofd van de neanderthaler had dezelfde bouw als dat van de sapiens. Maar geen van de andere mensensoorten haalde het bij de geraffineerde manier waarop de sapiens kon communiceren. De nieuwe taal was oneindig flexibel, zo schrijft Yuval Noah Harari in zijn boek Sapiens op basis van recent onderzoek. Homo sapiens kon veel meer informatie overdragen. Hij hoefde zich bijvoorbeeld niet alleen te beperken tot een waarschuwing (‘Pas op, een leeuw!’), maar kon ook precies uitleggen wat er aan de hand was (‘Ik heb de leeuw daar en daar al eerder gezien en hij ging die kant uit. Hoe zullen we hem gaan verjagen?’). Verder zou de sapiens-taal geschikter zijn om onderlinge verhoudingen te bespreken. Mensen zijn groepsdieren; het is belangrijk om te weten wie je wel en niet kunt vertrouwen. In de nieuwe taal kon je roddelen.In de nieuwe taal kon je roddelenMaar de allerbelangrijkste verworvenheid was dat in de sapiens-taal informatie kon worden overgebracht over dingen die niet concreet bestaan. Dat legde de basis voor een veel ingewikkelder samenleving. Mensen konden elkaar verhalen vertellen, en religies en wetten ontwikkelen. Een grotere groep kon met elkaar samenwerken vanwege een gedeeld geloof in een god of de geest van een voorouder. De sapiens leeft sinds de cognitieve revolutie in twee werkelijkheden: de concreet waarneembare en de imaginaire werkelijkheid. De Homo sapiens begon betere werktuigen, zoals pijl en boog, en innovatieve jachttechnieken te ontwikkelen. De neanderthaler joeg alleen of met een paar stamleden, maar sapiens werkte in grotere eenheden samen. Die omsingelden bijvoorbeeld groepen wilde paarden en joegen ze een smalle kloof in, waar ze makkelijk konden worden afgeslacht – deze efficiënte en genadeloze werkwijze zou kenmerkend worden voor de soort. Sapiens begon ook handel te drijven. Daarvoor zijn goed overleg en een zekere mate van abstract denken noodzakelijk. In vroege nederzettingen zijn materialen en voorwerpen aangetroffen die moeten zijn uitgewisseld met stammen die veel verder weg leefden. De neanderthaler daarentegen leek alleen gebruik te maken van zijn eigen werktuigen, vervaardigd van plaatselijke materialen.
Belasting afdragen
De eerste tienduizenden jaren na de cognitieve revolutie werkten mensen samen in groepen jagers-verzamelaars. Geleidelijk ontstonden rond 10.000 v.Chr. agrarische samenlevingen in Mesopotamië en Anatolië. Toen deze boeren meer ruimte nodig hadden, trokken ze verder Europa en Azië in. Deze migratie had ook een andere oorzaak. Rond 5600 v.Chr. steeg de Middellandse Zee door klimaatveranderingen plotseling sterk: het water doorbrak de landbrug tussen Anatolië en Bulgarije, zodat de Bosporus ontstond en de Zwarte Zee – tot dan toe een binnenmeer – overliep. In korte tijd overstroomden vele kilometers land. Het verhaal over een grote vloed die de wereld overspoelt en in veel mythen voorkomt, is misschien terug te voeren op deze natuurramp. Tekst loopt door onder de afbeelding
Ontheemde volken uit de regio vluchtten alle kanten op, onder meer naar het huidige Hongarije, Slowakije en Irak – zo blijkt uit taalonderzoek. De migranten brachten namelijk hun taal mee, het Indo-Europees, dat uitgroeide tot een belangrijke taalfamilie en lokale talen zou verdringen. In Afrika en Azië ontstonden daarnaast andere grote taalfamilies.
Vanaf 4000 v.Chr. ontstonden de eerste steden, waar tienduizenden mensen woonden. Die steden groeiden uit tot imperia die grote gebieden domineerden, bijvoorbeeld het Babylonische, Egyptische en Perzische Rijk. Ze werden bij elkaar gehouden door geweld, maar ook door een gedeeld geloof. Daarnaast ontstonden hier de eerste bureaucratieën. De nieuwe staten hadden andersoortige informatie nodig dan de eenvoudige gemeenschappen van jagers of boeren. Ze hadden behoefte aan getallen om informatie in uit te drukken: hoeveel inwoners moesten hoeveel belasting afdragen?
Tussen 3500 en 3000 v.Chr. bedachten de Soemeriërs daarom als eersten het schrift. Het bestond uit getallen en tekens om concrete zaken aan te duiden, zoals mensen, dieren en handelswaar. Ze schreven op kleitabletten. Hun schrift was vooral praktisch; grote gedachten werden er niet in uitgedrukt. Zo’n duizend jaar later vonden de Mesopotamiërs dat toch wat te beperkt en ontwikkelden zij het spijkerschrift. Hierin werd de eerste wereldliteratuur geschreven: het Gilgamesj-epos, over niets minder dan een zoektocht naar de zin van het leven.
Alfabet
In dezelfde tijd bedachten de Egyptenaren hun hiëroglyfen en een vereenvoudigde versie daarvan, het demotisch. De Chinezen begonnen rond 1200 v.Chr. met hun pictogrammen. Een echte verbetering was de uitvinding van het alfabet door de Feniciërs: ze lieten elke letter een klank weergeven. De Grieken, Romeinen en Arabieren namen dit principe over. Het voordeel van deze manier van noteren is de eenvoud. Overigens moest de Griekse filosoof Plato niet veel van al dat geschrijf hebben: hij vond dat vastgelegde teksten het geheugen verzwakten. Ze maakten mensen afhankelijk van kennis buiten henzelf, omdat ze minder hoefden te onthouden.Plato vond dat vastgelegde teksten het geheugen verzwaktenOndertussen ontwikkelde de taal in Noord- en Zuid-Amerika zich onafhankelijk van de rest van de wereld. Rond 12.000 v.Chr. – en mogelijk ook in eerdere periodes – waren mensen via een landbrug vanuit Azië naar Alaska overgestoken. Maar door de stijging van het zeewaterpeil ging die mogelijkheid verloren. Tot de komst van Columbus in 1492 was er geen contact van betekenis met Europa of Azië. De meeste Amerikaanse volken ontwikkelden geen schriftelijke cultuur. Sommige wetenschappers zoeken nog steeds naar één oertaal die alle vroege mensen hebben gesproken, maar die is waarschijnlijk nooit meer te reconstrueren. Deze onderzoekers moeten het doen met beperkte aanwijzingen. Zo noemen Noord-Amerikaanse indianen en inheemse inwoners van Siberië en Australië een sterrengroep de ‘Zeven Zussen’, terwijl hun voorouders tienduizenden jaren geleden van elkaar gescheiden raakten. Dat ze toch dezelfde benaming gebruiken, zou op een gemeenschappelijke oertaal kunnen wijzen.
Heilig boek
In het Babylonische Rijk en Egypte werd naast de kleitabletten een makkelijker te beschrijven en te vervoeren materiaal uitgevonden: papyrus, gemaakt van plantenstengels. Rond onze jaartelling ontstond ook het papier zoals wij dat nu kennen, op basis van houtvezels. Door deze vernieuwingen konden teksten worden vastgelegd op rollen en in boeken. Kennis en overtuigingen konden zich nu eenvoudiger verspreiden. De drie grote godsdiensten die opkwamen – Jodendom, christendom en islam – maakten zich los van het geloof van de jagers en de boeren, die vooral de natuurlijke wereld hadden aanbeden en die het leven meer namen zoals het was. De nieuwe gelovigen dachten op een ander abstractieniveau: ze streefden naar verlossing en een beter bestaan in het hiernamaals. En ze geloofden hartstochtelijk dat hun eigen heilige boek niets minder bevatte dan het Woord van God – de geschreven taal werd steeds belangrijker. Tekst loop door onder de afbeelding
Maar de toegankelijkheid van de heilige boeken bleef eeuwenlang beperkt. Elk exemplaar moest immers met de hand worden overgeschreven, zodat kennis van de Tenach, de Bijbel of de Koran vooral aan de elites was voorbehouden. Ook boeken over elk ander onderwerp waren schaars. De uitvinding van de boekdrukkunst door Johannes Gutenberg rond 1450 bracht hier verandering in. In de eeuw daarop begon het op religieus gebied te rommelen. De protestanten verzetten zich tegen de autoritaire cultuur van de katholieke kerk en gingen op zoek naar een meer persoonlijke geloofsbeleving. Dankzij gedrukte bijbels in de volkstaal konden gewone mensen nu ook de teksten lezen. Ze wilden zelf nadenken, en daarmee begon de emancipatie van de massa.
De uitwisseling van ideeën versnelde. Europa was lange tijd het continent waar de meeste innovaties vandaan kwamen, maar inmiddels schieten nieuwe ideeën in een razend tempo over de aardbol. Meer dan 3 miljard mensen zijn tegenwoordig aangesloten op het internet. De gebruikers verkeren een steeds groter deel van hun tijd in een virtuele wereld. De eerste stap in die richting begon 70.000 jaar v.Chr., toen de Homo sapiens dankzij zijn nieuwe taal een imaginaire werkelijkheid schiep naast de concreet waarneembare realiteit.
Mirjam Janssen is historicus en journalist.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Het ontstaan van een nieuwe taal
Archeologische vondsten wijzen erop dat Homo sapiens een grotere rol speelden in de verdwijning van Neanderthalers dan gedacht. De taalrevolutie was daarin een kantelpunt.
Volgens Aristoteles maakten volksmenners de democratie tot een gebrekkige staatsvorm
Moet de wens van de meerderheid altijd wet zijn? De Griekse filosoof Aristoteles vond van niet. Zijn opvattingen over politiek zijn nog steeds verhelderend. Aristoteles van Stagyra (384-322 v.Chr.) geldt als de scherpste denker en wetenschapper uit de Oudheid. Zo wordt hij algemeen beschouwd als de grondlegger van de politieke wetenschap. Beroemd is vooral zijn...
7 vragen over de grote volksverhuizingen
Vanaf de vierde eeuw verplaatsten grote groepen zich door Europa. Maar waarom eigenlijk? En wat waren de gevolgen van deze volksverhuizingen? Veel Germanen kwamen in de vierde eeuw in beweging. Ze trokken weg uit hun eigen gebied om zich binnen de grenzen van het Romeinse Rijk in Europa en Noord-Afrika te vestigen, goedschiks of kwaadschiks....
Hoe het monotheïsme de wereld veroverde
In de klassieke Oudheid aanbaden mensen vele goden tegelijk. En dat vond niemand een probleem. Zelfs christenen accepteerden aanvankelijk dat sommige gelovigen nog andere goden in hun leven hadden. Pas in de vierde eeuw keerde het tij. Voor de Grieken en Romeinen waren er overal goden, op de Olympus en in hun talrijke tempels....
Hoe de ontdekking van Amerika leidde tot de grootste revolutie ooit
Duizenden jaren ontwikkelden Noord- en Zuid-Amerika zich gescheiden van de rest van de wereld. Maar na de ‘ontdekking’ van Amerika door Columbus ontstond een uitwisseling van mensen, planten en ziekten tussen de continenten. Het veranderde de wereld totaal. Wat hebben een boterham met pindakaas, een Argentijnse runderbiefstuk en de Ierse hongersnood van 1845-1849 met elkaar...
Voorpublicatie: John Lewis Gaddis – Over strategisch denken
De een was koning van een rijk waar de zon nooit onderging. De ander was koningin van een machtig eiland. Wat zou er logischer zijn dan een huwelijk tussen Filips II van Spanje en Elizabeth I van Engeland? Vorsten waren de internationale celebrity’s van hun tijd. Eeuwenlang draaide een samenleving om hen. Maar niet altijd...
Thomas Erdbrink over zijn historische held
Thomas Erdbrink is correspondent in Iran en maker van de tv-serie Onze man in Teheran. Hij roemt de Leidse burgemeester Pieter van der Werff, die zich tijdens het Beleg van Leiden letterlijk wilde opofferen. Wanneer maakte u kennis met burgemeester Van der Werff? ‘Ik ben opgegroeid in Leiden en als vanzelfsprekend ben ik daar ook...
Vuilverwerking in de negentiende eeuw
De stakingen van reinigingsdiensten zijn van de baan. Tegenwoordig zijn de straten schoner dan ooit, maar in de negentiende eeuw waren ze smerig en lag er overal vuil.
De Stelling: Een gelijke wereld is een illusie
In de ‘stelling’ reageert een vast panel van historici op een actuele gebeurtenis. Martin Sommer: ‘Ik weet eerlijk gezegd niet hoe het staat met vrijheid en gelijkheid. Natuurlijk maak ik me zorgen over de opkomst van Viktor Orbán of Recep Tayyip Erdogan, machtige politici die weinig ophebben met de liberale democratie. Tegelijk realiseer ik me...
De Zonnekoning. Glorie & schaduw van Lodewijk XIV – Johan op de Beeck
Boertige verhalen over Lodewijk XIV Johan Op de Beeck is een ‘meesterverteller’, die menige pageturner op zijn naam heeft staan, zo meldt de flaptekst van zijn nieuwe turf De Zonnekoning: glorie & schaduw van Lodewijk XIV. Op de Beeck past inderdaad in de ouderwetse vertellerstraditie. Geen verhaal over Lodewijk XIV blijft onverteld, geen detail blijft...
Bad Girls: a History of Rebels and Renegades – Caitlin Davies
Suffragettes dreven autoriteiten tot wanhoop Sinds dit voorjaar staat er een beeld van de suffragette Millicent Fawcett, een vreedzame strijdster voor vrouwenkiesrecht, op het Londense parlementsplein. Al hadden sommige feministen liever een radicale suffragette vereeuwigd gezien – Emmeline Pankhurst bijvoorbeeld. Voor de harde strijd die Pankhurst en haar wapenzusters hebben gevoerd bestaat steeds meer aandacht...
De Slag om Arnhem – Antony Beevor
Waarom de geallieerden bij Arnhem verloren Het was een standaardvraag in het eindexamen van de Koninklijke Militaire Academie: wat is de beste route voor een opmars van Nijmegen naar Arnhem? Een kandidaat die koos voor de hoofdweg, was gezakt. Te smal en te kwetsbaar. Toch was dit precies de route die de Britse veldmaarschalk Montgomery...
