Contact | Adverteren | Login | Klantenservice | Privacy
Log in
Wachtwoord vergeten
Historisch Nieuwsblad 3/2003

Stille getuigen: Grafsteentjes voor minister Posthuma

Door: Martin Broersma
Met deze knop kunt u artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier om in te loggen.
De geschiedenis laat haar sporen na. Monumenten, voorwerpen en graven herinneren aan bijna vergeten personen. Hun verhaal wordt hier verteld. Deze keer de grafsteentjes voor minister Folkert Posthuma (1874-1943) in het Nationaal Archief.

‘Minister Posthuma! Als vóór 5 februari a.s. de distributie niet beter geregeld is, zijt gij een man des doods. Wees op uw hoede!’Onder deze bedreigende zinnen staat een kinderlijk tekeningetje van een dolk. Twee zware grafsteentjes begeleiden het briefje uit de Eerste Wereldoorlog. Op het ene staat ‘R.I.P.’en op het andere ‘Posthuma’ omlijst met gouden versiersels.
        De minister van Landbouw, Nijverheid en Handel in het kabinet-Cort van der Linden (1913-1918) zal van de doodsbedreiging nauwelijks onder de indruk zijn geweest. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij zonder twijfel de meest gehate man van Nederland, maar hij liet geen moment blijken dat hij daaronder gebukt ging. Onverstoorbaar ging hij zijn gang, schreef C.K. Elout van het Algemeen Handelsblad in een terugblik. ‘Zonder zijn kalmte of zelfs zijn oergezonde monterheid te verliezen onder de rustelooze critiek.’
        Folkert Posthuma was een krijgshaftige Fries – enigszins gezet, met dwingende ogen boven een grote hangsnor. In november 1914 trad hij toe tot het oorlogskabinet van Cort van der Linden, dat angstvallig probeerde de Nederlandse neutraliteit te bewaken. Voor de liberaal Posthuma was daarbij een moeilijke taak weggelegd. De Engelsen en de Duitsers eisten ieder zelf levensmiddelen op en wilden dat de tegenpartij niets kreeg. En in eigen land ontstond voedselgebrek.
        Het was een ‘herculischen arbeid’ om iedereen tevreden te stellen. Zijn voorstel in 1914 om het volksvoedsel witbrood te vervangen door bruinbrood kwam hem te staan op een protestcampagne. Postzakken vol briefkaarten werden opgestuurd. ‘Posthema der bruine broden! Kerel, wat heb jij ‘t verbruid. Heel de Nederlandsche natie, scheldt je driemaal dagelijks uit. Als ze voor d’r kuchie zitten, zegt het kroost d’r ouders na. Met d’r mond vol drooge zemels: Heere God! Straf Posthema!’
        Een andere vondst van de minister, de ‘eenheidsworst’ stemde meer tot tevredenheid. Door het toevoegen van veel kruiden, zout en suiker kon van 85 kilo vlees maar liefst 100 kilo worst worden gemaakt. De worsten werden tegen een vaste prijs verkocht en waren best te eten. Maar het hielp weinig. Posthuma bleef de nationale kop van Jut. Kinderen zongen spotliedjes, hun ouders klaagden en protesteerden.
        Naarmate de minister over moest gaan tot rantsoenering werd het er niet beter op. Het volk morde omdat het honger leed terwijl boeren en handelaren rijk werden van de export. ‘Zorg eerst voor eigen volk en voed dan de moffen,’schreef een ‘Nederlandsch staatsburger’. Een ander wilde Posthuma’s armen en benen door de lucht zien vliegen. ‘Als de tijd daar is hoop ik dat het lot mij voor de man aan zal wijzen om jou en die oude vuilen schurk je prissident Cort van der Linde naar de godverdomme te helpen.’
        De minister leek onder de aanzwellende kritiek alleen maar kalmer te worden. Volgens journalist Doe Hans leek hij van gewapend beton. ‘Hij zat maar aan de regeeringstafel met z’n baardje en z’n papiertjes, en hij had altijd een stortvloed van cijfers en feiten, die toch tijdens het debat niemand controleeren kon, en daar gooide hij de heele kluit mee dood.’Zelfs het Amsterdamse Aardappeloproer, waarbij vier doden vielen, bracht Posthuma in juli 1917 niet van zijn stuk.
        Toen de oorlog voorbij was en het leed geleden, kreeg hij zowaar enige waardering. Voor de verongelijkte oud-minister was het niet genoeg. Hij zocht in de jaren dertig toenadering tot het fascisme en werd in 1943 gevolmachtigde voor Landbouw en Visserij in het schaduwkabinet van Mussert. Dat werd hem uiteindelijk fataal. Kort na zijn benoeming fusilleerde een verzetsgroep de bejaarde Posthuma.

Welkom bij Historisch Nieuwsblad!

Maak nu gratis kennis met de journalistiek van Historisch Nieuwsblad. In dit dossier hebben wij de mooiste verhalen uit ons archief voor u gebundeld. Lees bijvoorbeeld hoe de Stasi tijdens de Koude Oorlog spioneerde in Nederland, waarom we 1968 kunnen bestempelen als rampjaar en wat ooggetuigen van de Tachtigjarige Oorlog in hun dagboek schreven.