Home Alle artikelen

Alle artikelen

Een overzicht van de artikelen die we recent hebben gepubliceerd.

Na de oorlog had Nederland kolen nodig. Wie in de mijnen wilde werken, werd in de watten gelegd. Twintig jaar later stonden deze mijnwerkers met lege handen.

De kolen moesten de grond uit, en snel! Om de motor van Nederland na de Tweede Wereldoorlog weer aan de praat te krijgen was brandstof nodig. Diep in de bodem in Limburg lagen grote voorraden steenkool. Daar had Nederland geluk mee, want het had een schreeuwend tekort aan deviezen. Het was onbetaalbaar geweest om alle kolen te importeren.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld je aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in je inbox.

De Limburgse mijnen waren vrijwel onbeschadigd uit de oorlog gekomen, maar ze produceerden te weinig. In het najaar van 1944 – het zuiden was toen al bevrijd – haalden ze slechts 12 procent van de vooroorlogse productie. En een jaar later zaten de mijnen nog maar op de helft van hun oude niveau.

Ook duizenden Polen, Hongaren en Joegoslaven gingen aan de slag in de Limburgse mijnen

Dat kwam om te beginnen doordat de spoorverbindingen slecht waren, waardoor de voedselvoorziening moeizaam verliep. De mijnwerkers kregen daardoor te weinig calorieën binnen, terwijl ze met hun zware werk juist flink moesten eten.

Andersom was het moeilijk de gedolven kolen via de gammele verbindingen naar de rest van Nederland te vervoeren. Ook konden versleten machines en materieel niet worden vervangen, omdat er geen geld was om ze te importeren. Ze konden alleen wat worden opgelapt.

Morrende mijnwerkers

Maar het personeel vormde het grootste probleem. Onder Duits gezag hadden de mijnwerkers er een sport van gemaakt om het wat rustiger aan te doen, als een soort stil verzet. Om hun moreel op peil te houden gaf de bezetter hun af en toe wel wat extra’s: jenever, sigaretten, vlees of brood. Na september 1944 kon dat er niet meer vanaf, wat tot gemopper leidde. Bovendien waren de mijnwerkers net als veel andere Nederlanders minder gezagsgetrouw door de bevrijdingsroes en de langdurige aanwezigheid van Amerikaanse militairen.

Het duurde nog een flinke tijd voordat het weer helemaal goed zat tussen de oren. Nog in 1947 noteerde een opzichter dat de mijnwerkers een ‘slechte taakopvatting’ hadden en slordig werkten. Hij zag ‘een geest van verzet, onverschilligheid, een verkeerde opvatting over plicht en verantwoordelijkheid’.

De mijnen kampten in de eerste naoorlogse jaren bovendien met een flink personeelstekort. Tijdens de bezetting wilden veel mannen er wel werken om dwangarbeid in Duitsland te ontlopen, maar na de oorlog speelde dat niet meer. Ook hadden in de Limburgse mijnen, zo vlak bij de grens, altijd veel Duitsers gewerkt. En op mensen met die nationaliteit zat nu even niemand te wachten.

Om toch voldoende personeel ondergronds te hebben, werden veroordeelde collaborateurs de schachten en gangen in gestuurd. Ook mensen die door de oorlog alles hadden verloren werden naar Limburg gehaald; hun werd voorgespiegeld dat ze daar een stabiele toekomst konden opbouwen. De mijnen wisten bovendien enkele duizenden Polen, Hongaren en Joegoslaven over de streep te trekken. Al die aanvulling was hard nodig.

Elke dag zakten de mijnwerkers tot honderden meters diep onder de grond. De gangen strekten zich uit over vele kilometers. Als de lift beneden was aangekomen, moesten de koempels soms een halfuur in een treintje zitten voordat ze op hun werkplek waren. De arbeidsomstandigheden waren zwaar. Daglicht ontbrak vanzelfsprekend. Het was stoffig. Temperaturen liepen op tot boven de dertig graden. Ongevaarlijk was het evenmin. In 1946 kwamen acht mijnwerkers om bij een ongeluk in de staatsmijn Wilhelmina in Kerkrade, een jaar later veertien bij een ongeval in de Hendrik in Brunssum.

Rotwerk met mooie kanten

Onderzoek onder mijnwerkers in Ubach over Worms in 1949 wees uit dat 65 procent van hen liever een ander beroep zou hebben. Tegelijkertijd koesterden velen ook de romantiek van het vak. Het mocht dan rotwerk zijn, het was rotwerk met mooie kanten. De saamhorigheid ondergronds werd alom geprezen: je kon er op elkaar bouwen.

Langzaam ontstond toch iets wat leek op de ‘nieuwe Limburgse mijnwerkersstam’ waar de mijndirecties naar streefden. Veel jongens bezochten de Ondergrondse Vakscholen, waar ze het vak leerden en de vier deugden van de mijnwerker kregen ingeprent: gehoorzaamheid, hulpvaardigheid, betrouwbaarheid en netheid.

De overheid deed haar best om de vrede tussen werkgevers en werknemers te bewaren. De mijnsector was een van de eerste waar geëxperimenteerd werd met een publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie: werkgevers en werknemers overlegden met elkaar in de zogeheten mijnindustrieraad. Zo leek het in elk geval of ze eendrachtig aan de toekomst van de sector werkten.

Welvaart voor mijnwerkers

En het salaris vergoedde veel. Mijnwerkers kregen heel aardig betaald. Kort na de oorlog verdienden ze zo’n 75 procent meer dan bouwvakkers. De mijnstreek was een zeer rijke regio. ‘Een halve eeuw kolen, een halve eeuw welvaart,’ kopte de Gazet van Limburg in 1952 bij het 50-jarig bestaan van de staatsmijnen.

Dankzij de relatief goed gevulde portemonnees van de inwoners was het winkelaanbod rijk en gevarieerd. Het culturele verenigingsleven floreerde mede dankzij financiële injecties van de mijnbedrijven. Betaald voetbal in Nederland begon in 1954 in de mijnstreek. Daar zat geld.

Betaald voetbal in Nederland begon in de mijnstreek; daar zat geld

Rond 1958 beleefden de Limburgse mijnen hun hoogtepunt. Ze hadden op dat moment zo’n 60.000 medewerkers in dienst. Daarbovenop werkten nog eens 30.000 mensen in ondernemingen die nauw met de kolenwinning verbonden waren. Er lagen plannen om ook noordelijker in dezelfde provincie de delfstof naar boven te gaan halen. De staatsmijn Beatrix in Vlodrop bij Roermond zou op niet al te lange termijn in gebruik worden genomen. Misschien konden zelfs de kolenvoorraden onder De Peel rendabel tevoorschijn worden gehaald.

Het liep heel anders. Steenkolenwinning in Limburg was altijd al arbeids- en kostenintensief geweest. Het ‘zwarte goud’ zat in relatief dunne lagen op grote diepten. Al aan het einde van de jaren vijftig pakten donkere wolken zich samen boven de mijnindustrie. Door exploderende lonen, personeelsschaarste, concurrentie uit het buitenland en een toenemend aantal alternatieve energiebronnen (bijvoorbeeld de aardgasvondst bij Slochteren) verbleekten de toekomstperspectieven.

Op 17 december 1965 kwam minister van Economische Zaken Joop den Uyl met slecht nieuws naar de schouwburg in Heerlen. De monocultuur van de mijnindustrie was beslissend geweest ‘voor lot en leven van mensen hier in het gewest’, moest de bewindsman toegeven. Maar het einde van de bedrijfstak naderde onvermijdelijk.

Den Uyl rekende zijn gehoor voor dat in 1970 naar verwachting 4500 gulden op iedere mijnwerker moest worden toegelegd. Dat was niet houdbaar. ‘Ik ontken en misken niet, dat voor velen deze maatregelen een heel hard gelag zullen betekenen,’ zei de minister. ‘Maar ik geloof dat […] hier in Zuid-Limburg nieuw werk en nieuw leven en een nieuwe samenleving zijn fundamenten kan vinden.’

De vier deugden van de mijnwerker: gehoorzaamheid, hulpvaardigheid, betrouwbaarheid en netheid

De realiteit bleek minder rooskleurig. Negen jaar na Den Uyls toespraak sloot de laatste Limburgse mijn. Het leek ondertussen wel alsof de sporen van het kolenverleden zo snel mogelijk moesten worden uitgewist. Schachttorens en andere beeldbepalende gebouwen gingen tegen de grond. Het besef dat op die manier de regio naast werkgelegenheid ook een deel van haar identiteit verloor, ontbrak.

Zelfs een halve eeuw na Den Uyls toespraak, herdacht met een speciaal Jaar van de Mijnen, worstelt vooral de regio rond Heerlen en Kerkrade nog steeds met de erfenis van de snelle opkomst en ondergang van de mijnen. Nog even en de weemoed over wat ooit was heeft al langer geduurd dan de mijnen zelf.

Mijnwerkers in Limburg
Mijnwerkers in Limburg
Artikel

Nederland zat te springen om kolen en mijnwerkers

Na de oorlog had Nederland kolen nodig. Wie in de mijnen wilde werken, werd in de watten gelegd. Twintig jaar later stonden deze mijnwerkers met lege handen. De kolen moesten de grond uit, en snel! Om de motor van Nederland na de Tweede Wereldoorlog weer aan de praat te krijgen was brandstof nodig. Diep in...

Lees meer
Jaap Scholten over graf van dichter Gül Baba
Jaap Scholten over graf van dichter Gül Baba
Artikel

Jaap Scholten over graf van dichter Gül Baba

Midden in Boedapest staat een moslimbedevaartsoord,de tombe van dichter Gül Baba. Jaap Scholten bezocht deze heilige plaats, die een van de schaarse herinneringen aan de Ottomaanse overheersing vormt. Er is een uithoek in Boedapest waar je je door de lage huizen en de steile straten met kasseien in Albanië waant. Met dat verschil dat het er naar mangalica ruikt, het...

Lees meer
Voorpublicatie De Amerikaanse prinses
Voorpublicatie De Amerikaanse prinses
Artikel

Voorpublicatie De Amerikaanse prinses

Anna, Bernhard, Gerard Heineken en natuurlijk Sonny Boy. Allemaal bestsellers van een van onze beste schrijvers: Annejet van der Zijl. Ik ben heel blij dat we een voorproefje van haar nieuwe boek mogen aanbieden. Het voert ons mee naar het Amerika van de negentiende eeuw en we maken kennis met Allene Tew, geboren in een...

Lees meer
Romeinse geschiedschrijver schreef over de historische Jezus
Romeinse geschiedschrijver schreef over de historische Jezus
Artikel

Romeinse geschiedschrijver schreef over de historische Jezus

De evangelisten bieden weinig informatie over het leven van Jezus. Wie meer over hem wil weten, moet de werken van Flavius Josephus lezen, zo betoogt Fik Meijer.

Lees meer
Annegreet van Bergen: het ontstaan van klussen
Annegreet van Bergen: het ontstaan van klussen
Artikel

Annegreet van Bergen: het ontstaan van klussen

Zagen, schroeven en boren is dankzij elektrisch gereedschap een fluitje van een cent. Toch zag niet iedereen meteen het nut ervan in, ontdekte Annegreet van Bergen. ‘Je kon toch ook met de hand een gaatje boren?’ Mannen hebben een schuurtje met gereedschap. Tenminste, de mannen die ik ken. Bij mijn vader hing boven zijn werkbank...

Lees meer
Artikel

BOEKEN: Mohammed en het ontstaan van de islam – Marcel Hulspas

De kwestie van de ‘historische Mohammed’ is eigenlijk kinderlijk eenvoudig. We kunnen niet onomstotelijk bewijzen dat hij wél heeft bestaan en we kunnen niet onomstotelijk bewijzen dat hij níét heeft bestaan. Alles wat er ooit over hem is beweerd is gebaseerd op interpretatie, speculatie of domweg goed vertrouwen. De moderne (on)gelovige heeft moeite met een dergelijke houding. Als we de bronnen op wetenschappelijke...

Lees meer
Artikel

BOEKEN: Macht in der Mitte – Herfried Münkler

Duitsland moet leidinggeven aan stuurloos Europa In een helder essay vol historische doorkijkjes en rake observaties geeft de Duitse politicoloog Herfried Münkler een scherpe analyse van de machtsverhoudingen in Europa in de afgelopen eeuwen. Centraal staat daarbij de positie van Duitsland, met een accent op de actualiteit. Deze positie is door de eenwording van 1990...

Lees meer
BOEKEN: De grote Van Gogh Atlas
BOEKEN: De grote Van Gogh Atlas
Recensie

BOEKEN: De grote Van Gogh Atlas

Tussen de aanhoudende stroom boeken over Vincent van Gogh publiceren Nienke Denekamp en René van Blerk nu De grote Van Gogh atlas. Een goed idee, want Van Gogh is als geen andere schilder beïnvloed door de wereld om hem heen. Al vaak is uitgezocht welk kerkje of landschap op de werken van Van...

Lees meer
Johan de Witt
Johan de Witt
Interview

Nelleke Noordervliets held: Johan de Witt

Schrijfster Nelleke Noordervliet heeft bewondering voor Johan de Witt, de raadpensionaris die toonaangevend was in de Republiek tijdens de Gouden Eeuw.  ‘Johan de Witt, telg uit een regentenfamilie, werd op zijn achtentwintigste pensionaris van Holland. In het stadhouderloze tijdperk dat inging in 1650, na het overlijden van Willem II van Oranje, ontpopte hij...

Lees meer
BOEKEN: Luuc Kooijmans – Het geheim van de Valeriusstraat
BOEKEN: Luuc Kooijmans – Het geheim van de Valeriusstraat
Artikel

BOEKEN: Luuc Kooijmans – Het geheim van de Valeriusstraat

Als mensen ergens goed in zijn, dan is het in het creëren van een eigen werkelijkheid waarmee ze de boze buitenwereld op afstand houden. Zo kunnen ze voor zichzelf blijven volhouden dat ze op de goede weg zijn, dat hun niets te verwijten valt. Adriaan Kooijmans (1887-1990) leek deze kunst tot in de perfectie...

Lees meer
INTERVIEW: Marja Vuijsje over Het rijbewijs van Nematollah
INTERVIEW: Marja Vuijsje over Het rijbewijs van Nematollah
Artikel

INTERVIEW: Marja Vuijsje over Het rijbewijs van Nematollah

Veel Iraniërs zijn teleurgesteld dat Iran geen democratie is, maar vinden ook dat het land een oase van stabiliteit is in vergelijking met andere landen in de regio. Dat schrijft journalist Marja Vuijsje in haar nieuwe boek, Het rijbewijs van Nematollah. Hierin beschrijft ze hoe de leden van een familie allemaal op een andere manier...

Lees meer
Waarom de socialistische revolutie in Nederland niet aansloeg
Waarom de socialistische revolutie in Nederland niet aansloeg
Artikel

Waarom de socialistische revolutie in Nederland niet aansloeg

In veel landen was 1918 een revolutiejaar. Geen wonder dus dat SDAP-leider Pieter Jelles Troelstra ook in Nederland opriep tot een omwenteling. Maar als hij beter had opgelet, had hij kunnen weten dat zijn pleidooi hier niet zou aanslaan. De naam van Pieter Jelles Troelstra zal waarschijnlijk voor eeuwig verbonden blijven met zijn...

Lees meer
Loginmenu afsluiten