Alle artikelen
Ik geloof dat het de schilder Armando was die het begrip ‘schuldig landschap’ introduceerde – alsof landschappen, net als mensen, de littekens blijven dragen van wat ze overkomen is. Nu is er nauwelijks een onschuldiger ogend landschap te bedenken dan het strand van Egmond aan Zee op een warme zomerdag. Overal licht, zon, kleuren, mensen en vooral veel plezier. Spass, zoals de vele Duitse badgasten die hier jaar na jaar weer komen het noemen. En toch was deze plek voor twee van hun landgenoten ooit een oord van angst en verschrikking.
Hun kennismaking met dit strand vond plaats op een koude februarinacht in de laatste oorlogswinter. Als in een film doemde vanuit de woelige golven een zwarte vorm op, die zich als een soort monsterzeehond het land op sleepte. Twee donkere silhouetten maakten zich los van het gevaarte en wisten met moeite door de branding te komen.
Drie dagen eerder was het duo uitgevaren vanuit de haven van IJmuiden als bemanning van een nieuw, revolutionair wapen. Hun miniduikbootje had er beslist aandoenlijk uitgezien als het niet zo dodelijk was geweest. Want de Seehund, nog geen 16 meter lang en slecht 168 cm breed, was voorzien van twee zware torpedo’s en een ingenieus accusysteem, waardoor het als een sluipwesp van onderaf vijandelijke schepen kon aanvallen.
Het idee achter het ontwerp was dat het bootje te klein was om door sonar te worden gedetecteerd. Dat bleek echter niet het geval. Van de eerste 26 Seehunden die vanaf nieuwjaarsdag 1945 op missie waren gegaan, wisten er maar twee heelhuids thuis te komen. Of dat verteld was aan de twee jonge mannen die die februaridag de Noordzee op voeren, is de vraag. Maar meteen buiten de haven werden ze onder vuurgenomen door een stel Britse kanonneer- en motortorpedoboten. Het duikbootje deed het enige wat het kon doen: het dook en verschool zich op de zeebodem, dertig meter onder het zeeoppervlak, voortdurend heen en weer gesmeten door de stroming. Op het gebonk van de rotsen na was het stil, en het was ijzingwekkend koud en donker. De twee inzittenden durfden niet te praten, te bewegen en nauwelijks te ademen. Elke keer dat ze probeerden weg te komen, volgde er een nieuw bombardement. En dus bleven ze daar uur na uur na uur, ademend via een ademfilterapparaat, peppillen slikkend om wakker te blijven. Hun behoeften in lege etensblikken, met wat motorolie erin tegen de stank.
De twee inzittenden durfden niet te praten, te bewegen en nauwelijks te ademen
Na 48 uur deden ze een laatste, wanhopige poging om te ontsnappen. Weer vielen de bommen, nog heviger dan ervoor. Het bootje werd geraakt en begon te lekken. Alle apparatuur viel uit. Weer wachtten ze, enkele zenuwslopende uren lang. Uiteindelijk startten ze toch de motor en stegen op. En ze hadden geluk, want hun belagers – die ervan overtuigd waren dat ze hun prooi voorgoed de diepte in hadden gejaagd – waren weg.
Blind en doof zonder apparatuur zigzagde de Seehund op goed geluk langs de Hollandse kust. De bemanningsleden lieten hun boot uiteindelijk maar ergens aan de grond lopen, in het besef dat alles wat uit zee kwam onmiddellijk door hun landgenoten onder vuur genomen zou worden. Maar de wachtcommandant in Egmond was veel te blij met de twee halfdode, in anonieme zwarte rubberpakken gehulde drenkelingen op zijn strand: ‘Das sein ja Spionnen!’
Het zou nog dagen duren voor de arrestanten fysiek en mentaal weer voldoende aanspreekbaar waren en naar huis mochten. Hun Seehund bleef achter in de branding, langzaam verdwijnend onder een steeds dikkere laag zand. Pas decennia later werd het bootje opgegraven en kreeg het een laatste bestemming als museumstuk.
In Egmond doen verhalen de ronde dat een van de twee bemanningsleden als oude man nog eens terug is geweest, samen met zijn kinderen en kleinkinderen. Het valt te hopen dat hij een mooie zomerdag trof en dat hij zijn kleinkinderen onbezorgd kon zien pootjesbaden op de plek die het laatste bedrijf van zijn drie dagen durende helletocht had gevormd. Want het was niet de zee of het strand die aan dat laatste schuldig waren – het waren de mensen.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
COLUMN: Annejet van der Zijl
Ik geloof dat het de schilder Armando was die het begrip ‘schuldig landschap’ introduceerde – alsof landschappen, net als mensen, de littekens blijven dragen van wat ze overkomen is. Nu is er nauwelijks een onschuldiger ogend landschap te bedenken dan het strand van Egmond aan Zee op een warme zomerdag. Overal licht, zon, kleuren, mensen...
BOEKEN: signalementen
Atlas van de verstedelijking in Nederland. 1000 jaar ruimtelijke ontwikkeling Reinout Rutte en Jaap Evert Abrahamse 335 p. THOTH, € 69,50 In de loop van tien eeuwen ontstond in Nederland een dicht patroon van kleine, grote, oude en nieuwe steden. Hoe is dat patroon ontstaan en hoe heeft het zich ontwikkeld? En waarom zien...
BOEKEN: Geschichte Deutschlands im 20. Jahrhundert, Die Büchse der Pandora. Geschichte des Ersten Weltkrieges
Duitsland stond aan de wortel van twee wereldoorlogen, pleegde afschuwelijke misdaden, was een gedeeld land, en experimenteerde met misdadige ideologieën zoals het nationaal-socialisme en het leninisme-marxisme. Tegelijk was Duitsland het meest ontwikkelde Europese land. Waarom ging het zo fout? Ulrich Herbert zoekt de oplossing in het begrip ‘moderniteit’. Net als andere landen was ook Duitsland...
BOEKEN: Van dorpsplein tot cyberspace – Joris van Eijnatten
Eerlijk gezegd keek ik wel even verbaasd op toen ik het nieuwe boek Van dorpsplein tot cyberspace van Joris van Eijnatten in handen kreeg. Cyberspace, bestaat dat dan nog? Was dat niet een of ander veelbelovend, maar wazig idee waar mensen tien, vijftien jaar geleden veel van verwachtten en dat sindsdien geruisloos uit ons leven...
BOEKEN: H.J. van Mook 1894-1965 – Tom van den Berge
De in Indië geboren Huib van Mook heeft vanaf het begin van zijn bestuurlijke loopbaan in 1918 als lijfspreuk ‘een vrij en gelukkig Indonesië’. Toch is uitgerekend hij de man die in 1947 als luitenant-gouverneur-generaal opdracht geeft tot de eerste politionele actie. De historicus Tom van den Berge vat het in de inleiding van zijn...
BOEKEN: Worden zoals wij – Bram Mellink
Het gangbare beeld is dat de Nederlandse samenleving vanaf de late jaren vijftig een ingrijpend individualiseringsproces heeft doorgemaakt, waardoor de meeste Nederlanders zelfstandige en verantwoordelijke staatsburgers zijn geworden. Bram Mellink betwijfelt dat. Volgens hem is die individualisering geen wezenskenmerk van de cultuur, maar een ‘betwistbaar maatschappelijk zelfbeeld’. Hij baseert zijn analyse op...
BOEKEN: Spreken over fout – Bram Enning
‘Als je je vader verloren had aan het oostfront of als hij als verrader was omgelegd door het verzet, had je geen vader en moest je je ook nog voor hem schamen. Dan had je pas echt de nieten getrokken in de loterij des levens.’ Deze ware en waardige woorden zijn van Erik Ader, de...
FILM: signalementen
Bestaan ze nog, avonturiers die op de bonnefooi de wijde wereld in trekken en van het een in het ander rollen? De Joodse Amsterdammer Sam Wagenaar (1908-1997) was zo’n man. Als twintiger ging hij naar Amerika, waar hij in de filmindustrie terechtkwam. Hij werkte als publiciteitsman bij de MGM-studio in Los Angeles en later...
FILM: Jimmy’s Hall
In Ierland had de Heilige Moederkerk de touwtjes heel lang strak in handen. Nadat het land na een bloedige strijd in 1922 onafhankelijk van de Britten was geworden, werd de greep van de katholieke clerus op de bevolking helemaal knellend. De conservatieve moraal vertaalde zich in ingrijpende wettelijke verboden, waaronder die op echtscheiding, abortus en...
TENTOONSTELLING: Spoorwegmuseum
Is het een museum? Is het een pretpark? Het spoorwegmuseum in Utrecht is wat marketeers een ‘belevenis’ noemen, en de kinderen die er rondlopen vinden het geweldig. Er is een treintje voor de kleinsten en een virtuele achtbaan voor de groteren. Tussen alle attracties door besteedt het Spoorwegmuseum momenteel ook nog...
‘De Jedburghs hebben hun rol gespeeld’
In Nederland werden de eerste Jedburgh-teams ingezet in het kader van operatie Market Garden, in september 2014 precies 70 jaar geleden. De Nederlandse inbreng in de heldhaftige operaties is lang onbeschreven gebleven. Jelle Hooiveld begon te graven en vond uiteindelijk genoeg informatie om een boek te schrijven. ‘Het is bijna James Bond in het kwadraat’. ...
‘Van Mook was een onrustig en ongedurig man’
De gemiddelde Nederlander kent de naam van Huib van Mook niet. En dat terwijl Van Mook een belangrijke rol heeft gespeeld in de Nederlandse geschiedenis van de twintigste eeuw. Tom van den Berge, verbonden aan het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden, kreeg toegang tot het privé-archief van Van Mook en beschreef...
