Alle artikelen
Aanvankelijk was vliegen alleen weggelegd voor de happy few: voor zakenmensen en rijke toeristen. Maar geleidelijk traden steeds meer gewone passagiers toe tot de magische wereld van de luchtvaart. De prijzen daalden en de massa’s groeiden. Inmiddels kost een ticket naar de zon 19 euro.
‘Als een onafzienbaar tapijt, maar bezaaid met onregelmatige vlakken en figuren strekt zich Waterland heel diep omlaag onder mij uit (…) Menschen onderscheid ik niet meer; de tallooze witte stipjes (…) moeten vee zijn. De slooten zijn als de naden in een planken vloer, de kanalen schitterende linten, de plassen zwartgebeitste vlekken, voor welke ik geen geschikte vergelijking vind.’ Dat schreef een vliegtuigpassagier op 19 augustus 1919 in de NRC.
Voor de eerste reizigers was vliegen een onvergetelijke ervaring. De vroegste waaghalzen stapten al rond 1909 op het vliegtuig – letterlijk, want in die tijd zat je onbeschermd boven op de vleugel op een stoeltje in de wind. Maar het luchtvervoer in de betekenis die we nu kennen dateert van 1919.
De wereldoorlog was net afgelopen en de tijd leek rijp voor grootse ondernemingen in de lucht die de wereld ‘kleiner zouden maken’. Vooral de oversteek van de oceaan lonkte. Meerdere vliegeniers waren bereid hun leven te wagen om als eersten in één ruk de overtocht te maken. Ze konden dan in Londen een prijs ophalen van 10.000 pond.
De vroegste waaghalzen stapten al rond 1909 op het vliegtuig
Op 8 mei 1919 stonden op Long Island bij New York drie Amerikaanse marinevliegtuigen klaar om een poging te doen via de Azoren naar Groot-Brittannië te vliegen. Op de geplande route lagen 21 marineschepen gereed om in te grijpen als het misging. Geen overbodige luxe, want na een tussenlanding in Lissabon kwam het enige overgebleven vliegtuig pas op 31 mei in Londen aan.
De afstand was overwonnen. De vraag was nu of je in een vliegtuig ook passagiers kon vervoeren.
In Europa experimenteerden de Britten, Fransen en Duitsers hiermee; ze hadden nog volop vliegtuigen over van de oorlog. Maar er waren veel hindernissen: de techniek liet te wensen over, net als de voorzieningen op de grond. In 1919 werden verschillende kleine ondernemingen opgericht die vluchten aanboden. Op 7 oktober 1919 kwam de KLM tot stand – nu een begrip, maar destijds merkten de kranten de oprichting niet eens op.
Extreem duur
Wie waren zo dapper dat ze zich per vliegtuig durfden te verplaatsen? In de beginjaren van de luchtvaart gold dat voor maar weinig mensen. Per vlucht waren het er gemiddeld nog geen twee. Vliegen was extreem duur: een enkele reis Amsterdam-Londen kostte in 1920 150 gulden, terwijl een gemiddeld weekinkomen rond de 15 gulden lag.
De omstandigheden aan boord hielden bovendien niet over, ook al werd zeker in de grotere vliegtuigen geprobeerd een sfeer van luxe te suggereren. Uit een beschrijving van toen: ‘De kajuit zag er snoezig uit. Het plafond was beschilderd; een tapijt lag op den grond. Er stonden twaalf makkelijke rieten stoeltjes vóór de vierkante, met keurige gordijntjes bekleede vensters en bij elk venster was een zilveren bloemvaas met een bloembouquet aangebracht. Men zou er voor zijn pleizier een poos in gaan zitten.’
Toch kregen de meeste passagiers – veelal zakenlieden met een volle agenda, overheidsdienaren en bemiddelde toeristen op zoek naar een unieke ervaring – onderweg last van luchtziekte. Een luchtreis was bovendien niet zonder risico. De vroege luchtvaart werd gekenmerkt door mechanische problemen en ongevallen. In 1920, het eerste jaar waarin ook vanuit Nederland kon worden gevlogen, haalden 23 vliegtuigongelukken de krant. Negen daarvan vonden in eigen land plaats.
Geleidelijk ging het beter. Vanaf het begin van de jaren dertig namen het comfort aan boord, de dienstregelmaat en de veiligheid toe. De prijzen daalden licht. Het aantal jaarlijks vervoerde passagiers verviervoudigde in de periode tot 1940, al bleef vliegen iets magisch, waar de gewone Nederlander enkel van kon dromen. Om toch te ruiken aan de wondere wereld van de luchtvaart bezochten aanzienlijke aantallen dagjesmensen Schiphol. Medio jaren dertig was hun aantal al opgelopen tot meer dan 300.000 per jaar.
Na 1945 werd de magie van de luchtvaart sterker. Grotere vliegtuigen konden langere afstanden overbruggen en er kwamen steeds meer internationale bestemmingen bij. Nog steeds waren de meeste passagiers zakenmensen en overheidsdienaren. Zij werden vanaf de late jaren veertig aan boord in de watten gelegd met uitgebreide warme maaltijden, geserveerd door overwegend jong, vrouwelijk cabinepersoneel. Op langere vluchten konden passagiers terecht in speciaal ingerichte bars annex rooksalons. Hier was ook alle tijd voor, want een vlucht over de Atlantische Oceaan nam algauw zo’n 20 à 22 uur in beslag. Heel bewust werd ingezet op een luxueus imago.
Vanaf het begin van de jaren dertig namen het comfort aan boord, de dienstregelmaat en de veiligheid toe
In de loop van de jaren vijftig veranderde dat. Vanwege hun investeringen in grotere en snellere vliegtuigen moesten luchtvaartmaatschappijen zich oriënteren op een verbreding van de markt. Mondjesmaat begonnen ze goedkopere tickets aan te bieden, vaak voor toeristen die op een groepsarrangement reisden. Vliegtuigen werden aangepast aan deze nieuwe groep klanten: stoelen werden smaller en minder ver uit elkaar geplaatst, zodat er meer passagiers mee konden. Het voedsel aan boord werd minder luxueus. De vroege economy-reiziger moest zich eind jaren vijftig tevredenstellen met een menu dat bestond uit koude broodjes.
Op zoek naar nieuwe klanten
Begin jaren zestig voltrok zich een technologische revolutie die zijn weerga niet kende: er kwamen verkeersvliegtuigen die werden aangedreven door turbinemotoren met straalvoortstuwing. Deze vliegtuigen waren niet alleen ruim anderhalve keer sneller dan de propeller-aangedreven vliegtuigen die ze vervingen, ze waren ook nog eens twee keer zo groot – én vreselijk duur. Alom schreven luchtvaartmaatschappijen rode cijfers, maar toch moesten zij uit concurrentieoverwegingen hun vloot vervangen door straalvliegtuigen.
In eerste instantie waren die bestemd voor de luxepassagiers: de jet set. Maar om de dure nieuwe vliegtuigen vol te krijgen moesten luchtvaartmaatschappijen ook op zoek naar nieuwe klanten en moesten ze hun prijzen verlagen. Daardoor verdrievoudigden tussen 1960 en 1970 wereldwijd de passagiersaantallen.
Dat kwam vooral door de opkomst van vakantiecharters. Luchtvaartondernemingen verkochten hun relatief jonge propellervliegtuigen aan chartermaatschappijen. Reisbureaus konden daardoor betrekkelijk voordelige vliegvakanties aanbieden aan inkomensgroepen die niet eerder van het vliegtuig gebruik konden maken. Dat het misschien niet de modernste vliegtuigen waren, deed er voor deze klanten weinig aan af. Vliegen was nu ook voor hen bereikbaar.
Begin jaren zestig voltrok zich een technologische revolutie die zijn weerga niet kende.
Meer concurrentie
De populariteit van het reizen per vliegtuig nam verder toe in de jaren zeventig. Het aantal vliegtuigpassagiers verdubbelde nogmaals en ook in de periode daarna zou de groei niet meer ophouden. Vliegen werd gewoon. Halverwege de jaren tachtig verwelkomden de luchtvaartmaatschappijen wereldwijd een miljard mensen per jaar.
De enorme aantallen leidden tot tal van veranderingen. De nieuwste generaties passagiers wilden vooral goedkoop reizen en de concurrentie in de lucht nam toe. Luchtvaart werd een business, die draaide om kostenbesparing en automatisering, en almaar meer ging lijken op een ‘gewone’ internationale bedrijfstak. Voor de reizigers veranderde er veel. Rond 1990 moesten ze hun kaartjes nog bij ticketkantoren en reisbureaus kopen, aan het begin van de nieuwe eeuw konden ze die zelf boeken via internet. En de prijzen bleven zakken. Een vlucht over een afstand van 1000 kilometer kon goedkoper zijn dan een treinkaartje over een afstand van 100 kilometer.
De enorme aantallen leidden tot tal van veranderingen
Vanaf het einde van de jaren tachtig begonnen speciaal opgerichte budgetmaatschappijen aan een ongekende opmars, mogelijk gemaakt door liberalisering van de regelgeving in de luchtvaart op Europees niveau. Op alle kosten werd beknibbeld. Reizigers accepteerden dat ze hun koffer niet meer gratis mochten meenemen, zolang de basisprijs voor het ticket maar laag genoeg lag. De gevolgen waren ongekend. Niet alleen zonbestemmingen in Zuid-Europa werden nu aangeboden vanaf 19 euro, maar ook bestemmingen die een vergelijkbare afstand oostwaarts waren gelegen.
Sinds 2010 verdubbelde het aantal budgetreizigers in Nederland. Nieuwe categorieën passagiers meldden zich in almaar grotere aantallen: jongeren, arbeidsmigranten, feestgangers op zoek naar voordelig vertier. Daarmee was de transformatie van de luchtvaart van elitevervoer naar vliegen voor iedereen compleet.
Meer weten:
- Luchtspiegelingen. Cultuurgeschiedenis van de luchtvaart (2008) door Marc Dierikx.
- Turbulent Skies. The History of Commercial Aviation (1995) door Thomas Heppenheimer.
- Flight to the Sun. The Story of the Holiday Revolution (2001) door Roger Bray en Vladimir Raitz.
Hoe vliegen betaalbaar werd voor iedereen
Aanvankelijk was vliegen alleen weggelegd voor de happy few: voor zakenmensen en rijke toeristen. Maar geleidelijk traden steeds meer gewone passagiers toe tot de magische wereld van de luchtvaart. De prijzen daalden en de massa’s groeiden. Inmiddels kost een ticket naar de zon 19 euro. ‘Als een onafzienbaar tapijt, maar bezaaid met onregelmatige vlakken en...
Europese wetenschappers baseerden zich op wijsheid uit het Oosten
Tussen 750 en 1500 liep de islamitische wereld in wetenschappelijk opzicht ver voor op het christelijke Europa. Langzaam maar zeker sijpelde de wijsheid uit ‘het Oosten’ door naar de west- en noordkusten van de Middellandse Zee, en legde daar de basis voor de wetenschappelijke revolutie.
Medische vooruitgang in zes stappen
Operaties waren eeuwenlang angstaanjagend vanwege de helse pijn die ze patiënten bezorgden. Dankzij de komst van ether, lachgas en chloroform in de negentiende eeuw hadden die een stuk minder te vrezen. 1 Geen verdoving Bind de spieren en de bloedvaten stevig vast met een gewone haarband, adviseerde militair chirurgijn Ambroise Paré (1510-1590) in een instructie...
Dirck Coornhert lag altijd dwars
Veel van zijn zestiende-eeuwse tijdgenoten konden zijn bloed wel drinken. Dirck Volckertsz. Coornhert was voor godsdienstvrijheid, tegen religieuze dwang en voor afschaffing van de doodstraf. In talloze geschriften getuigde hij van deze radicale opvattingen. Tegenwoordig geldt hij als een grondlegger van de Verlichting. Dirck Volckertz. Coornhert was zeventien jaar oud toen hij in...
‘Brutus presenteerde zichzelf als erfgenaam van tirannendoders en vrijheidsvechters’
De Britse classica Kathryn Tempest publiceerde onlangs een biografie over Brutus, één van de bekendste moordenaars ooit. Met haar onderzoek verbindt ze antieke en latere bronnen en laat ze zien wat de invloed van receptiegeschiedenis is op het beeld dat we nu hebben van deze beruchte figuur. ‘We hebben eerder niet genoeg erkend dat Brutus...
Gorbatsjov en het einde van de Sovjet-Unie
Twintig jaar geleden kwam Michail Gorbatsjov aan de macht in de Sovjet-Unie. Tijdens zijn bewind (1985-1991) kwam er een einde aan 74 jaar communisme, de Koude Oorlog verdween en de Sovjet-Unie werd als staat van de kaart geveegd. In november 1985 wachtte in Genève een in Siberische winterjas gehulde 54 jaar oude Mikhail Sergejevitsj Gorbatsjov,...
‘Werkelijk begrip van de geschiedenis bereik je alleen door oog in oog te staan met de mensen van vroeger’
Als je grotere ontwikkelingen bekijkt vanuit individueel perspectief, breng je de geschiedenis tot leven, vindt Dick Harrison. Deze toonaangevende Zweeds historicus zal zich tijdens het Geschiedenis Festival, op 5 oktober in Haarlem, dan ook richten op persoonlijke verhalen. Hij is er komend festival voor de tweede keer bij en geeft een lezing over één van zijn specialismes:...
Nationalisme in Vlaanderen
De Vlaams-Nationalistische N-VA is opnieuw de grootste partij geworden in Vlaanderen. Sinds de negentiende eeuw zijn de Vlamingen op zoek naar zichzelf. Wat kenmerkt hen?
Hoe aartshertogen Albrecht en Isabella voorspoed brengen in de Zuidelijke Nederlanden
De kunsten bloeiden, de handel leefde op en steden krabbelden uit het dal na decennia van catastrofes. Begin zeventiende eeuw beleefden de Zuidelijke Nederlanden een periode van welvaart onder de aartshertogen Albrecht en Isabella. En bovenal werden de gewesten weer vroom katholiek. Daar hangt een Rubens, daar een Titiaan en verderop een Van Eyck. De...
Spionnen bespioneerd
Correspondentie rond de Engelse koning verraadt wie er in de zestiende eeuw spioneerde. En daarvoor hoeven de brieven niet gelezen te worden. Zonder de inhoud te bekijken hebben historici 132.747 brieven onderzocht van en aan Engelse koningen van Hendrik VIII tot en met Elizabeth I, hun secretarissen en verdere netwerk. Ze waren op zoek naar...
Redder van de armen
Vervuld van vooruitgangsgeloof en liefde voor Jezus – maar niet voor religieus gebakkelei – streed de Fries Willem Hendrik Suringar (1790-1872) een leven lang tegen armoede en voor een fatsoenlijke behandeling van gevangenen. Suringar zette zich in voor clubs als ‛Ter Beschaving van het Verstand en Verbetering van het Hart’ (als scholier) en...
Ophef over ‘SS’ers’ van Armando
In april zou er in kamp Amersfoort een eerbetoon plaatsvinden aan de in 2018 overleden kunstenaar Armando. Maar ‘antifascisten’ protesteerden, omdat ze meenden dat de ‘SS-bewonderaar’ niet kon worden geëerd in een voormalig kamp. De actiegroep refereerde hiermee aan de door Armando en Hans Sleutelaar samengestelde bundel De SS’ers uit 1967. Hierin lieten...
