Alle artikelen
Otto van Bismarck deed niet aan spionage want dat was beneden zijn stand, verkondigde hij herhaaldelijk. Maar historicus James Stone laat in The International History Review zien dat Duitse rijkskanselier wel degelijk een netwerk van spionnen had. Zij hielden Fransen, socialisten en andere tegenstanders in de gaten.
De bouw van het spionagenetwerk was al begonnen voordat Bismarck in 1871 kanselier werd van het keizerrijk, dat in hetzelfde jaar was gesticht. Als minister-president van Pruisen had hij al vanaf de jaren 1860 spionnen geworven en gevoelige informatie verzameld. Vanwege de geheimzinnigheid die spionage nu eenmaal omgeeft, zetten Bismarck en zijn agenten bij voorkeur weinig op papier. Bovendien is een deel van het archiefmateriaal bewust vernietigd. Toch vond Stone genoeg aanwijzingen om te concluderen dat Bismarck een serieus te nemen spionnendienst had.
Voor het inlichtingenwerk liet hij onder meer journalisten inschakelen, want die beschikten vaak over waardevolle kennis. Zo liet een journalist-spion met een goed netwerk in Wenen in 1875 weten dat er plannen waren voor een katholieke alliantie tegen het Duitse rijk. Journalisten waren bovendien van belang omdat ze de publieke opinie konden beïnvloeden. Daarom kreeg Albert Beckmann, journalist in Parijs, geld om berichten de wereld in te sturen die het keizerlijk regime goed uitkwamen.

Geroofd geld
De bakken met geld die Bismarck nodig had voor zijn geheime dienst haalde hij voor een belangrijk deel uit de bezittingen van verslagen tegenstanders. George V was de laatste koning van Hannover geweest, totdat zijn koninkrijk in 1866 werd geannexeerd door Pruisen. Bismarck had vervolgens al George’s bezittingen in beslag laten nemen. Hetzelfde deed hij met de eigendommen van de verslagen keursvorst Frederik Willem I van Hessen-Kassel. De geconfisqueerde zaken leverden geld op, dat Bismarck naar eigen goeddunken kon gebruiken.
Bismarcks geheime dienst rekruteerde ook bankiers, die eveneens toegang hadden tot belangrijke informatie. In de aanloop naar de Frans-Duitse oorlog van 1870-1871 gaf edelman en bankier Felix zu Hohenlohe-Öhringen bijvoorbeeld inlichtingen over de stand van zaken in Frankrijk.
De dienst deed ook aan contraspionage. Daarvoor ging hij soms in zee met dubieuze types, zoals een oplichter die zichzelf Dr. Wolff noemde en in 1882 een lijst verkocht met namen van Franse agenten in Duitsland – een lijst die betrouwbaar bleek. Met hulp van dit soort informanten arresteerden de Duitsers en Fransen in die jaren herhaaldelijk elkaars geheim agenten.
Openingsafbeelding: Bismarck (in uniform) met leden van de Rijksdag, 1871. Bron: Bridgeman Images.
Bismarck had toch spionnen
Otto van Bismarck deed niet aan spionage want dat was beneden zijn stand, verkondigde hij vaak. Maar hij had wel degelijk een netwerk van spionnen.
‘Tapijt van Bayeux voor gevangen bisschop’
Het zeventig meter lange geborduurde verhaal over de Slag bij Hastings, dat bekend staat als het Tapijt van Bayeux, was mogelijk een politiek drukmiddel.
Zuid-Limburg fungeerde als Romeinse graanschuur
De legioenen die de noordgrens van het Romeinse Rijk bewaakten, moesten natuurlijk eten. Daarom stichtten de Romeinen grote landbouwbedrijven in het vruchtbare Limburgse heuvelland.
Democratische transitie in Zuid-Afrika was een wonder
Het ANC, de partij van Nelson Mandela, dreigt zijn meerderheid in het Zuid-Afrikaanse parlement te verliezen. In Zuid-Afrika was de weg naar de democratie lang en moeizaam.
De Molukse helden van de Birmaspoorlijn
Behalve Nederlanders werkten ook honderden Molukkers aan de beruchte Birmaspoorlijn. Na de oorlog was er nauwelijks erkenning van hun leed.
Lampião: de meedogenloze held van het Braziliaanse volk
Twintig jaar lang heerste de bandiet Lampião als een koning in Brazilië. Terwijl hij roofde en moordde, groeide hij uit tot een held van mythische proporties.
Paniek van Nixon mondde uit in de euro
In 1944 kwamen in het Amerikaanse Bretton Woods tientallen landen een nieuw internationaal monetair systeem overeen, maar Nixon brak dat weer op.
Haal je neus niet op voor het verleden
In het paleis van Versailles poepte iedereen op de grond. En het verzet in de oorlog stelde niets voor. Zulke mythes hebben te maken met ‘chronologisch snobisme’, schrijft de Fake History Hunter.
Middeleeuwers waren zorgzaam voor kinderen
Laatmiddeleeuwse ouders, buren en stadsbesturen in de Lage Landen deden veel moeite om de gezondheid van kinderen te bevorderen.
‘Genocideplegers jagen op ingebeelde groepen’
Amnesty International schrijft dat Israël zich in Gaza schuldig maakt aan genocide. Hoogleraar Uğur Ümit Üngör merkte een half jaar geleden dat de oorlog in Gaza sommige historici aanzet tot activisme en pleit ervoor de emoties te temperen en kritische distantie te bewaren.
Een ‘zonderling kinderspel’: kentekens noteren
De wereldwijde omzet van de game-industrie passeert in 2026 naar verwachting de grens van 200 miljard dollar. Vroeger hadden kinderen andere hobby’s, zoals kentekens van auto’s noteren.
Het Duitse vlaggenschip Graf Spee ging ten onder
In 1939 werd het vlaggenschip van de Duitse marine in het nauw gedreven. Commandant Hans Langsdorff nam een beslissing die Hitler hem nooit vergaf.
