Alle artikelen
Quizz
In uw juninummer (Historisch Nieuwsblad 2002/4) test Bastiaan Bommeljé de kennis van geschiedkundigen in een lichtvoetige KWIZZ over de recente politieke ontwikkelingen. Vraag 5 luidt: ‘Na wiens aantreden doorbraken straaljagers de geluidsbarrière vlak boven het Binnenhof?’ Dat is overigens schromelijk overdreven; het ging om vier NEPTUNE maritieme patrouillevliegtuigen die op 11 september 1974 in formatie over het centrum van Den Haag vlogen. Het antwoord op zijn vraag geeft Bommeljé zelf: ‘Na het aantreden van het kabinet-Den Uyl, de meest linkse regering die Nederland ooit heeft gehad.’ Maar het kabinet-Den Uyl was aangetreden op 11 mei 1973. Die vliegstunt was dan ook niet gericht tegen het kabinet als zodanig, maar tegen de bezuinigingen die waren aangekondigd voor de op stapel staande defensienota van minister Vredeling.
Foute vraag, verkeerd antwoord. Daarbij zou ik het kunnen laten, ware het niet dat Bommeljé aan zijn antwoord toevoegt: ‘Volgens nooit uitgezochte geruchten leefden er plannen voor een soort coup.’ Ook onjuist. A. Stemerdink, staatssecretaris en later minister van defensie in het kabinet-Den Uyl heeft dat verhaal al ontzenuwd in een artikel in NRC-Handelsblad van 10 juli 1992. Nu de mythe zo hardnekkig blijkt wil ik er nog eens op ingaan, te meer omdat Bommeljé ook nog schrijft: ‘Welke promovendus grijpt zijn kans?’
Aan de basis ligt een verhaal van minister Luns, opgetekend door J.G. Kikkert in De Wereld volgens Luns. Daar vertelt Luns dat hij bezoek kreeg van ‘drie of vier generaals. Zij wilden een staatsgreep plegen en vroegen mij om dan als minister-president te willen optreden.’ Luns wees dat zonder meer van de hand. Maar hoe zat de vork in de steel? Twee factoren waren bepalend. Ten eerste: wanneer heeft dit plaatsgevonden? Luns laat het samenvallen met het kabinet-Cals (1965-1966). Het had dus niets van doen met het kabinet-Den Uyl, zoals Bommeljé suggereert.
De jaren zestig golden, om het eufemistisch te zeggen, als ‘roerig’ en daar had dit voorval alles mee te maken. Want de tweede factor betreft de samenstelling van het officierskorps van de Koninklijke Landmacht. Dat kreeg in 1950 versterking van 661 officieren die overkwamen uit het opgeheven Koninklijke Nederlands-Indische Leger (KNIL). Die waren geboren en getogen in de kolonie; velen van hen waren nog niet eerder in Nederland geweest. In Nederland kwamen zij terecht in de toenmaals nogal geïsoleerd liggende legerplaatsen.
Daar trokken zij vooral op met elkaar. Zij hadden conservatieve opvattingen. Een deel van hen waren de gangbare democratisch principes vreemd gebleven. Dat verergerde in de genoemde ‘roerige’ jaren, toen de maatschappelijke orde werd aangevallen en bovendien de dienstplichtigen in de krijgsmacht mondig bleken te worden. Dat leidde ertoe dat bij een groepje officieren uit deze kring (oversten en een enkele kolonel) de mening post vatte dat orde op zaken moest worden gesteld. Zij zagen Luns als de ‘sterke man’ die dat voor elkaar kon krijgen.
Nu overdrijft (ook) Luns als hij het heeft over ‘drie of vier generaals’, hetgeen suggereert dat de legertop erbij betrokken was. Dat was absoluut niet het geval. Ook spreekt Luns over een ‘staatsgreep’. Bommeljé heeft het over ‘een soort coup’. Hij krijgt antwoord van Stemerdink: ‘Bij het gebruik van het woord “coup” moet niet gedacht worden aan een klassieke militaire coup (Spanje, Griekenland) maar aan het aanwakkeren van een zodanige onrust binnen de krijgsmacht dat als het ware vanzelf de roep om een sterke man zou ontstaan. Die sterke man , in casu Luns, zou dan via normale verkiezingen het premierschap moeten verwerven.’
De mythe van een coup tegen het kabinet-Den Uyl was dus al doorgeprikt, maar kennelijk is dat sommigen ontgaan. Vandaar deze hernieuwde poging.
Dr. P.B.R. de Geus (oud-minister van defensie en militair historicus), Maassluis
Onderscheiding
In het nieuwsbericht ‘Geen Russische onderscheiding voor Engelse oorlogsveteranen’ (Historisch Nieuwsblad 2002/7) vermeldt Karel Onwijn, dat Amerikanen, Fransen, Polen en Noren deelnamen aan de konvooien naar Moermansk en Archangelsk. Vreemd dat in een Nederlands historisch tijdschrift verzwegen wordt, dat ook de Nederlandse koopvaardij haar steentje heeft bijgedragen aan deze ellendige konvooien.
.G.J. van der Veen, Ruinen
Patatje mét
Hoewel ik, geboren in 1939, er niet aan twijfelen kan dat het uit de muur eten in Amsterdam, zoals U suggereert in de rubriek Lifestyle (Historisch Nieuwsblad 2002/7), startte met kroketten van FEBO in 1960, wil ik er graag op wijzen dat ik al de hele jaren vijftig kroketten uit de muur trok bij Woolthuis op het Bethlehemplein in Zwolle. Volgens mij zou dat ook in de (tweede helft) jaren veertig al wel eens zo geweest kunnen zijn. Dat achterblijven bij de Verenigde Staten valt dus wellicht mee.
Mart Mantel, Zwolle
Kinderboeken
In het nieuwsbericht ‘Kunstaas toont kinderboeken’ (Historisch Nieuwsblad 2002/7) staat vermeld dat het oudst tentoongestelde werk Proeve van kleine gedichten voor kinderen geschreven zou zijn door Hiëronymus Bosch. Deze goede man was echter schilder Jeroen Bosch en die leefde een slordige driehonderd jaar eerder (1450-1516). Verder is zijn werk absoluut niet geschikt voor kinderen. De auteur van het boek moet zijn Hiëronymus van Alphen (1746-1803), dichter en kunsttheoreticus.
Ronald Hueskens, Amsterdam
Carotta
Een ‘fantast’ heb Francesco Carotta genoemd, een kwalificatie die hij als een belediging heeft opgevat (Brieven, Historisch Nieuwsblad 2002/7). Ik schrik ook niet terug voor de kwalificatie charlatan. Voor de lezers die niet onmiddellijk paraat hebben wat er aan de hand is: Francesco Carotta beweert dat Jezus nooit bestaan heeft. Het is slechts de naam die religieuze bedriegers aan Gaius Iulius Caesar hebben gegeven. Het Nieuwe Testament is het product van de massieve misleiding.
Nu is er jammer genoeg voor Carotta een getuigenis van een neutrale buitenstaander, de geschiedschrijver Tacitus. Hij legt aan zijn lezers in zijn Annales 15,44 uit wie die christenen waren die Nero aanwijst als zondebokken voor de brand van Rome. In de recente vertaling van Marinus Wes luidt de passage: ‘Het ging om een groep mensen die vanwege hun misdadige gedrag algemeen gehaat werden en die in de volksmond Chrestianen werden genoemd. De naam is afgeleid van de Christus die tijdens het bewind van Tiberius door toedoen van procurator Pontius Pilatus was terechtgesteld.’
Wes kiest voor de lezing chrestiani, andere handschriften hebben christiani. De verwijzing naar ‘de Christus’ laat geen ruimte voor misverstand: hier zijn Diens aanhangers bedoeld. Zo hebben lezers in de oudheid de passage ook altijd verstaan. Dat er ‘chrestiani’ stond en niet ‘christiani’ was voor hen geen probleem. De klanken lagen dicht bij elkaar, zeker in het Grieks, waar de letter èta al vroeg een i-klank werd.
Het gaat hier om het zogeheten iotacisme, waarop Carotta zich in een andere context gretig beroept Als Jezus in het Nieuwe Testament ergens zegt ‘ik waste’ (enipsa) moet dat worden begrepen als een kwalijke verbastering van Caesars ‘ik overwon’, in de beroemde trits ‘ik kwam, zag, overwon’. De Griekse vorm enikèsa (ik overwon) zou op smerige wijze zijn veranderd in dit enipsa. Tja, er moet dan ook nog een kappa in een psi zijn omgezet, maar ja, die monniken in de Middeleeuwen waren ook zo slordig, hè?
De klankovereenkomst was de christenen trouwens niet onwelkom: christos (de gezalfde, Grieks voor het Hebreeuwse Messias) klonk vrijwel als chrestos, wat nuttig, goed betekent. Carotta probeert van het hinderlijk getuigenis van Tacitus af te komen door chrestiani te laten komen van het Griekse chrestai, woekeraars. Maar waarom staat dat woord er niet dan, beste Jezus-ontkenner? Weer die slordige monniken zeker? En waarom zouden woekeraars ‘in de volksmond’ een Griekse scheldnaam hebben?
De uitleg van Tacitus, die niet in Carotta’s kraam te pas komt, moeten we schrappen als een invoeging van christelijke bedriegers: ‘De naam is afgeleid van de Christus die tijdens het bewind van Tiberius door toedoen van procurator Pontius Pilatus was terechtgesteld.’ Moderne edities van de Latijnse tekst door allesbehalve christelijke latinisten doen dat niet en ook Marinus Wes twijfelt niet aan de authenticiteit, maar de charlatan weet het altijd beter.
Anton van Hooff, Nijmegen
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Brieven oktober 2002
In deze rubriek kunnen lezers hun mening geven over artikelen die in het Historisch Nieuwsblad verschenen zijn. De redactie behoudt zich het recht voor brieven in te korten. Reacties: Postbus 1528, 1000 BM Amsterdam of redactiehn@vug.nl QuizzIn uw juninummer (Historisch Nieuwsblad 2002/4) test Bastiaan Bommeljé de kennis van geschiedkundigen in een lichtvoetige KWIZZ over de...
Mijn verhaal: `De SS’er vond het zielig voor het konijn’
Tijdens een oorlog draait het niet alleen om vechten en schieten, houdt Henk van der Molen (74) jonge mensen vaak voor. In het heetst van de Slag om Arnhem, in september 1944, had hij een bijzondere ontmoeting met een Duitse SS-soldaat. `Die ochtend had het bataljon van majoor Frost het verzet moeten staken. De Britten,...
Audiovisueel: DE RAMP, VERHALEN VAN OOGGETUIGEN
Première Nederlands Filmfestival in Utrecht, donderdag 10 oktober Het regent niet meer en de storm is gaan liggen. Maar het water staat nog zeker anderhalve meter hoog en de vloed heeft het witte huisje met de rode dakpannen danig toegetakeld. Uit het grijsblauwe water steken kale takken. De foto zou afgelopen zomer in Tsjechië gemaakt...
Lifestyle: Wegdromen naar heksen en engelen, reuzen en dwergen
De hotspots van achttiende-eeuws Parijs. Lekker weg in de jaren dertig. Haute couture in de Middeleeuwen. Trends zijn van alle tijden. Culinaire avonturen, mode, wonen en uitgaan door de eeuwen heen. Olifanten doen het, geiten en lama’s doen het, en zelfs vissen vallen voor de verleiding van de roes. Geen wonder dat ook de mens...
Stille getuigen: Het standbeeld van Kees de Tippelaar
De geschiedenis laat haar sporen na. Monumenten, voorwerpen en graven herinneren aan bijna vergeten personen. Hun verhaal wordt hier verteld. Deze keer het beeld van L.C. Dudok de Wit, oftewel Kees de Tippelaar (1843-1913), in Breukelen. Geen landloper ter wereld was zo vermaard als Kees Dudok de Wit. Door zijn wandeltochten werd hij aan het...
Beeldgeheim
Een onbekende historische foto. Is het verhaal erachter te vertellen? Schrijvers Jan van Aken en Arthur Japin doen een poging. ‘Duinen en strandtenten,’ zegt Van Aken meteen. ‘Nederlandse soldaten exerceren aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog, met op de achtergrond een zandkasteel.’ ‘Volgens mij zijn het eerder ruïnes, ze lijken antiek,’ ziet Japin. Van...
De vooruitgang: `De meeste arbeiders kozen voor aanpassing’
Proefschriften, lezingen of artikelen kunnen ons beeld van het verleden ingrijpend veranderen. In zijn inaugurele rede laat Lex Heerma van Voss zien dat arbeiders bewuste keuzes maakten om hun positie in de samenleving te handhaven. `Kapitalisme leidt vanzelf tot socialisme’ – dat was lang het uitgangspunt van veel sociaal-historici. Maar de revolutie bleef uit, zelfs...
Archieven op internet
Archieven hebben het internet ontdekt en proberen de burger in toenemende mate ter wille te zijn. Maar zijn de bronnen nu daadwerkelijk op het scherm te raadplegen? Drie keer klikken op de site van het Utrechts Archief, en de bezoeker heeft een notariële akte uit 1698 op het scherm. Maar voor de stukken uit het...
Het hoge woord: De Nederlandsche Bank was beter af aan de leiband van de Bundesbank
Al een eeuw lang volgt Nederland de politiek van een monetaire grootmacht, vaak Duitsland. En over het algemeen is dat niet zo slecht geweest. Maar met de invoering van de euro hebben wij onze financiële vrijheid ingeleverd. Afgezien van wat gezeur van esthetici die de oude guldenbiljetten mooier vonden, ging de invoering van de euro...
Willem III en Lodewijk XIV
Ze zaten aan elkaar geketend in een eigentijdse wapenwedloop. De een verloor de slag om de populariteit reeds tijdens zijn leven, en als persoon was en bleef hij vooral saai. Maar uit noodzaak om te overleven werd Willem III, erkent zelfs Henri Kissinger, meester in de diplomatie van zijn tijd. De ander, meester van de...
Jan Peter Balkenende werd gevormd aan de Vrije Universiteit
Hij genoot van een goed glas wijn, maar werd zelden echt dronken. In de universiteitspolitiek voerde hij actie voor het recht op warme maaltijden. Zijn scriptie ging over de protestantse zuil en de Nederlandse industrialisatie. De basis voor de denkbeelden van de huidige president werd gelegd tijdens zijn studie geschiedenis aan de Vrije Universiteit. Mr.dr....
Veertig jaar geleden: Katholiek schrijver Michel van der Plas over het Tweede Vaticaanse Concilie
Revolutionaire plannen had paus Johannes XXIII met het Tweede Vaticaanse Concilie, dat veertig jaar geleden begon: meer openheid en democratie in de katholieke kerk. Maar zijn vroegtijdige dood riep een conservatieve tegenbeweging op, die in Rome nog steeds de macht heeft. Katholiek schrijver Michel van de Plas woonde het concilie bij: `Volgens mij denken veel...
