Home Alle artikelen

Alle artikelen

Een overzicht van de artikelen die we recent hebben gepubliceerd.

Meer dan een eeuw stond het keurmerk ‘Made in Germany’ voor degelijkheid, precisie, veiligheid en technische perfectie. Maar het afgelopen decennium heeft het zijn oorspronkelijke bijklank weer teruggekregen: een waarschuwing voor goedkope en inferieure producten.


Onder de titel ‘Krise – Made in Germany’ zond de Duitse publieke omroep een jaar geleden een televisiedebat uit. Het ging over economische stilstand, de snel stijgende werkloosheid en over Duitsland dat als economische hekkensluiter de Europese Unie in een crisis stort. Enkele maanden later vestigden voormannen van de Duitse industrie de aandacht op de vergalde Amerikaans-Duitse verhoudingen, die wel eens desastreuze gevolgen konden hebben voor hun ondernemingen. Ze herinnerden zich nog maar al te goed hoe Duitse producten in de Verenigde Staten werden geboycot tijdens de Golfoorlog van 1991. Duitsland wilde – en mocht volgens de grondwet – niet meevechten aan geallieerde zijde. ‘Golfkrieg: Made in Germany in internationalem Verruf’– ‘Golfoorlog: Slechte reputatie Made in Germany in buitenland’ – kopte het tijdschrift Wirtschaftswoche op 8 februari1991.
        Stond ‘Made in Germany’ meer dan een eeuw voor degelijkheid, betrouwbaarheid, precisie, veiligheid en technische perfectie, in de retoriek van het laatste decennium heeft het zijn oorspronkelijke connotatie weer teruggekregen: een waarschuwing voor goedkope, slechte producten uit Duitsland.

Messen en scharen
Het keurmerk ‘Made in Germany’ heeft een precieze geboortedatum en -plaats: 23 augustus 1887 in het Britse parlement te Londen. Op die dag werd aan de Merchandise Marks Act – de wet gedeponeerde handelsmerken – een paragraaf toegevoegd. Daarin werd vastgelegd dat industrieel vervaardigde importproducten gemerkt moesten zijn met het land van herkomst. Zo ontstond het ‘Made in …’-label. Omdat het op de Engelse markt van de negentiende eeuw met name om Duitse producten ging, betrof de nieuwe wet in de praktijk met name de geboorte van ‘Made in Germany’.
        Het initiatief tot de wet ontstond tijdens de Grote Depressie, die duurde vanaf 1879 en zijn hoogtepunt had in de jaren 1884-1886. Zowel in Engeland als in Duitsland was de economie er slecht aan toe. Er was echter een essentieel verschil tussen beide landen. Engeland had welhaast een monopolie op de wereldhandel. Gefabriceerd in het eerste industrieland hadden de Engelse producten een grote technische en materiële voorsprong. En met het koloniale achterland beschikte de wereldmacht over een enorm afzetgebied, dat het met zijn uitgebreide handels- en marinevloot kon bedienen.
        In Duitsland begon de industrialisatie net serieuze vormen aan te nemen, na onstuimige investeringen in de kapitaalgoederenindustrie rond 1870, waarbij nieuwe bedrijven met hulp van Engelse expertise uit de grond werden gestampt. Toen het economisch tij tegenwerkte en de ‘nieuwe economie’ flopte, werd naarstig naar nieuwe afzetmarkten gezocht. Export naar Engeland stond hoog op de agenda, als directe afzetmarkt, maar ook als sprong naar overzeese gebieden. Geen methode werd ongebruikt gelaten om een aandeel in de markt te veroveren: het namaken van producten, onder de martkprijzen gaan zitten en misleidende opschriften.
        Het waren vooral de Engelse producenten van hoogwaardige ijzerwaren, in de messen- en scharenbranche maar ook in de machinebouw, die zwaar leden onder het Duitse handelsoffensief. Allereerst vanwege de toegenomen concurrentie, maar die kwam ook uit eigen land. Erger was dat de goede naam van hun producten op het spel stond. Duitse producten waren weliswaar veel goedkoper vanwege de lagere lonen in dat land, maar de kwaliteit lag ver beneden het Engelse niveau. Eigenlijk wilde de industrielobby de import van inferieure Duitse producten verbieden. Maar daar waren de voorstanders van vrije handel fel op tegen.
        Na jaren discussie kwam men uit bij het compromis om producten te merken met het land van herkomst. Uit een ‘Made in Germany’ kon de koper dan zelf wel opmaken dat het om producten van slechte kwaliteit ging. De impliciete waarschuwing zou vanzelf leiden tot een boycot van Duitse producten, dachten de ontwerpers van de wet.

Wirtschaftswunder
Het pakte anders uit. Tussen het oorspronkelijke idee en de uiteindelijke wet lag bijna tien jaar. Na het miserabele optreden met hun ‘goedkope en slechte’ waren – aldus ook de toenmalige Reichskommisar Franz Reuleux – op de wereldtentoonstelling in Philadelphia van 1876, werkten de Duitsers ijverig aan verbeteringen. Ze richtten industriële organisaties op, legden kwaliteitstandaards aan en – en hier lag de basis voor het Duitse succes – investeerden intensief in de opleiding van gekwalificeerde technische ambachtslui en wetenschappers. Bovendien voerde Duitsland een tolsysteem in om de thuismarkt voor importproducten af te schermen.
        In deze beschermde economische ‘broeikas’ verbeterde de kwaliteit van Duitse producten. In 1887 waren messen en scharen, naaimachines en weegschalen met ‘Made in Germany’ erop vanwege het verschil in lonen nog steeds goedkoper dan die van Engelse concurrenten, maar niet meer slechter. Dat merkten ook de klanten. Ze kochten graag Duits spul. En dankzij het landenstempel merkten ze tot hun verbazing dat veel schijnbaar Engelse – omdat er een Engelstalige merknaam op stond – producten eigenlijk van Duitse makelij waren. Waarom, dachten de handelaren in India en andere overzeese gebiedsdelen, zouden ze hun waar nog langer via de Engelse tussenhandelaren inkopen? Ze konden direct en goedkoper met de Duitse ondernemers zaken doen. Zo groeide de vraag naar Duitse producten in het buitenland, en dat was te danken aan het ‘Made in Germany’-stempel.
        Op tal van gebieden bouwden de Duitsers een voorsprong op, dankzij het door de staat intensief gesubsidieerde technisch onderzoek. Dit was met name het geval in de verfchemie, elektro-industrie en motorenbouw. ‘Made in Germany’ stond al gauw voor kwalitatief goede en technisch hoogmoderne producten, die in Engeland en elders een steeds groter marktaandeel innamen.
        In 1896 beschreef de Engelse journalist E.E. Williams in zijn boek Made in Germany de averechtse werking van de herziene Merchandise Marks Act voor de ondernemers van zijn land. In een kritische beschouwing over Duitslands industrie- en handelspolitiek probeerde hij zijn landgenoten te waarschuwen voor de moordende concurrentiestrijd. Bovendien pleitte hij voor het afschaffen van de nieuwe wet. Het boek was een bestseller, in Engeland en ook in de Duitse vertaling. Rond de tijd van Williams boek werden de Duitsers zich zo bewust van hun positie dat ze zelfs producten op de markt brachten met ‘Warranted Made in Germany’, om het land van herkomst nog eens extra te onderstrepen.
        Het Britse parlement ging er inderdaad toe over om de herkomstlandclausule in 1898 – tijdelijk – op te heffen. Het mocht niet meer baten. Engeland was rond de eeuwwisseling nog steeds ’s werelds grootste industrie- en exportland, maar Duitsland had de sterkst groeiende industriële productie- en exportcijfers. En ongevraagd was het een uitstekende marketingstrategie in de schoot geworpen.
Het accent op onderzoek en ontwikkeling zette zich voort in Duitsland, van staatswege gesteund, maar ook in ere gehouden door de industrie zelf. Deze scholings- en wetenschapstraditie vond zijn bekroning in tal van Nobelprijswinnaars van Duitse bodem. Ook dit droeg bij tot de roem van ‘Made in Germany’. In 1914 was het Duitse rijk uitgegroeid tot een ware industriemacht. De wereldoorlog van 1914-1918 bezorgde de industrie en het Duitse kwaliteitsmerk een dreun. Met name het Verdrag van Versailles beperkte Duitslands handelsmogelijkheden sterk. Hetzelfde gold voor de maatregelen na de Tweede Wereldoorlog. Ook toen werden de Duitse industrie en handel strenge restricties opgelegd.
        Maar uiteindelijk lukte het Duitsland na beide oorlogen technisch weer bij de besten te gaan horen. In het interbellum symboliseerden bijvoorbeeld de zeppelins het Duitse vernuft. Na ’45 was de Volkswagen Kever het zinnebeeld van de technische comeback en het Wirtschaftswunder. Een ander – ironisch – voorbeeld was de betonnen bunker bij de dierentuin in Berlijn waarop Britse en Amerikaanse geallieerden in koeienletters ‘Made in Germany’ hadden gekalkt, nadat het hen niet was gelukt hem op te blazen.

Globalisering
Tijdens de economische ups en downs die volgden beklemtoonden marketingstrategen steeds weer dat buitenlanders het Duitsland-imago van producten waardeerden. Daarbij maakte het niet uit dat je aan het stempel niet kon aflezen of het product nu uit West- of Oost-Duitsland kwam. Tot de DDR-partijbonzen in 1970 bedachten dat het ‘Made in Germany’-stempel – een uitvinding van Engelse liberalen! – te kapitalistisch was. Voortaan moest ‘Manufactured in the German Democratic Republic’ worden gebruikt. Dat werd uiteindelijk om praktische redenen afgekort tot ‘Made in GDR’. Veel producenten uit de Bondsrepubliek voegden vanaf deze tijd een ‘W’ toe: ‘Made in W(est)-Germany’.
        Met of zonder ‘W’, Duitslands export groeide gestaag naar alsmaar nieuwe hoogtes. Maar net als andere westerse landen voelde het de hete adem uit het Verre Oosten. De retoriek en politieke voorstellen om de invloed van Japan aan banden te leggen leken bedriegelijk veel op de discussies die in 1887 plaatsvonden in Engeland. Japan aapte na, liet zijn prijzen zakken en sloot zijn eigen grenzen voor import. In 1984 lanceerde Duitsland zijn duurste exportoffensief in Japan, een van de weinige landen waarmee het een handelstekort had, onder de slogan ‘Made in Germany gestern-heute-morgen’.
        Duitslands economische macht was op zijn hoogtepunt toen in 1987 de honderdste verjaardag van ‘Made-in-Germany’ werd gevierd. En er werd gevierd; het was een terugkerend thema in reclames, zelfgenoegzame krantenartikelen en historische overzichten en fotoboeken. Duitsland was immers exportland nummer één in de wereld. En na de val van de muur in 1989 deed ‘Made in Germany’dienst als lijmend herenigingssymbool. Maar de economische prijs die Duitsland voor de hereniging moest betalen was hoog.
        Langzaam maar zeker kreeg het Duitse product weer negatieve connotaties. Goedkoop zijn Duitse producten al lang niet meer; Duitsland heeft immers de hoogste lonen en de kortste werkweek. Kwalitatief goed zijn ze nog wel, maar vaak ingewikkeld en zwaar. Op handelsgebied werd Duitsland in 1990 niet ingehaald door het gevreesde Japan, maar door de Verenigde Staten. Toen volgde ook nog de morele klap van de Golfoorlog waaraan Duitsland niet deelnam, waardoor ‘Made in Germany’ alles behalve gewaardeerd werd.
Directeuren van Daimler-Benz, BMW, Bayer en Siemens zeggen vanwege de toenemende globalisering geen waarde meer te hechten aan een aanduiding van het herkomstland. En ergens hebben ze gelijk. Hoeveel onderdelen onder de motorkap van een Mercedes zijn nog in Duitsland gemaakt, als de Mercedes zelf al niet in Zuid-Afrika, Spanje of de Verenigde Staten uit de fabriek rolt? Vanaf 1995 heet het bij Mercedes-Benz dan ook dat men liever het etiket ‘Made by Mercedes’ exploiteert. Steeds vaker mis je op ‘typisch Duitse’ merken, of het nou een AEG-waterkoker of een Heidelberger drukpers is, het degelijke ‘Made in Germany’. Duitse producenten hebben het de rug toegekeerd.
        En terwijl de inkt van dit artikel nog nat is, bevestigt ook de Frankfurter Allgemeine Zeitung op 12 januari dit jaar de teloorgang van ‘Made in Germany’. Onder de kop ‘Made in Germany hat ausgedient’ – Made in Germany functioneert niet meer – wordt verslag gedaan van een nieuw initiatief om het imago van Duitsland op te poetsen. Tweehonderd leidinggevende ondernemers, wetenschappers, politici en cultuurdragers hebben tijdens een workshop gebrainstormd over Duitslands oude en hedendaagse deugden. Het vertrouwde ‘Made in Germany’-logo heeft sinds de val van de muur zijn werking verloren, luidde de conclusie.
        Maar dat wil niet zeggen dat Duitsland niets meer te bieden heeft, zoals de huidige beeldvorming in binnen- en buitenland doet vermoeden. Duitsland staat voor ‘experimenteerlust en innovatie, weten en cultuur, kwaliteit, hoge prestaties en vertrouwen, risicobereidheid en verantwoordelijkheid’, vinden de vaderlandslievende wijzen en reclamebobo’s. En dat gaan ze binnenkort in een campagne aan de man brengen, met een pakkend alternatief voor het vergane ‘Made in Germany’. Het Duitse product krijgt een nieuw jasje; hoe het product zelf kan worden opgevijzeld is nog even niet aan de orde.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.
Artikel

‘Made in Germany’

Meer dan een eeuw stond het keurmerk ‘Made in Germany’ voor degelijkheid, precisie, veiligheid en technische perfectie. Maar het afgelopen decennium heeft het zijn oorspronkelijke bijklank weer teruggekregen: een waarschuwing voor goedkope en inferieure producten. Onder de titel ‘Krise – Made in Germany’ zond de Duitse publieke omroep een jaar geleden een televisiedebat uit. Het...

Lees meer
Grieken en Romeinen zagen euthanasie als ‘goed sterven’
Grieken en Romeinen zagen euthanasie als ‘goed sterven’
Artikel

Grieken en Romeinen zagen euthanasie als ‘goed sterven’

Griekse helden sneuvelden eervol in de strijd, rechtschapen Romeinse keizers mochten sterven in bed. Stoïsche filosofen zagen de dood als bevrijding van het domme gewone volk. Euthanasie – wel-sterven – was voor hen geen uitweg uit het lijden, maar een zelf verkozen, passende bekroning van het leven. Op de vooravond van kerstmis 2002 bevestigde de...

Lees meer
De ontdekking van DNA zorgde voor grote maatschappelijke onrust
De ontdekking van DNA zorgde voor grote maatschappelijke onrust
Artikel

De ontdekking van DNA zorgde voor grote maatschappelijke onrust

In april 1953 publiceerden de natuurwetenschappers Watson en Crick een opzienbarend artikel in het tijdschrift Nature. Hun ontrafeling van de structuur van DNA stond aan de basis van het moderne genetisch onderzoek. Emeritus hoogleraar genetica Dirk Bootsma volgde de ontwikkelingen in het vakgebied op de voet: ‘We hebben veel aan voorlichting gedaan; ik denk dat...

Lees meer
Artikel

Beeldgeheim februari 2003

Een onbekende historische foto. Is het verhaal erachter te vertellen? Dichters Ilja Leonard Pfeijffer en Ingmar Heytze doen een poging. `De helm van de soldaat doet sterk denken aan het model van de Duitse helmen in de Tweede Wereldoorlog,’ peinst Pfeijffer, `maar de foto ruikt ouder dan dat. Het licht valt op de manier zoals...

Lees meer
Column

P.H. Ritter jr

Toen de biografie in de jaren zeventig nog een braakliggend terrein was in Nederland, en zelfs onze grootste zonen het zonder levensbeschrijving moesten doen, was Jan van Herpen al in de weer met de vrijwel vergeten P.H. Ritter jr (1882-1962).         Ritter was nogal rechts, de Groot Nederlandse gedachte sprak hem buitengewoon aan. Hij schreef proza...

Lees meer
Recensie

‘DE ONDRAGELIJKE STOUTHEID DER WEGLOPERS’. MARRONAGE EN KOLONIAAL BELEID IN SURINAME 1667-1768

De eerste afbeelding in dit boek, van een in gedachten verzonken wegloper, geeft het dilemma van de Surinaamse marron beter weer dan de vele pagina’s tekst die erop volgen. Eenzaam en verlaten lijkt hij zijn opties te overwegen. Zal hij teruggaan naar de zekerheid van het plantagebestaan, met als nadelen de harde veldarbeid, de strenge...

Lees meer
Het Den Haag van Willem Drees
Het Den Haag van Willem Drees
Artikel

Het Den Haag van Willem Drees

Den Haag en Drees zijn sterk met elkaar verbonden. Neerlands bekendste politicus woonde en werkte er van 1910 tot aan zijn dood in 1988.          Willem Drees (1886-1988) was een strikt en nauwgezet man, die weinig losliet over zijn persoonlijk leven. Veel is over hem geschreven, maar een echte biografie is er nog steeds niet,...

Lees meer
Recensie

DE GEMASKERDE EEUW

De Nederlandse negentiende eeuw is een gemaskerde vrouw. Gemaskerd werd zij door haar twintigste-eeuwse erfgenamen. Die kenschetsten haar als burgerlijk, streng en star en diskwalificeerden haar als een periode van literair verval. Marita Mathijsen hoorde dit verhaal keer op keer, tijdens de lessen Nederlands op de middelbare school en gedurende haar studie. Ze was het...

Lees meer
Artikel

Mijn verhaal: ‘De Japanner legde zijn rijst in de wc en trok door’

Na de Japanse aanval op de Amerikaanse marinebasis Pearl Harbour, 7 december 1941, begon de Tweede Wereldoorlog ook voor de bevolking van het toenmalige Nederlands-Indië. Connie Suverkropp (70) maakte als tienjarig meisje de binnenkomst mee van de Japanse stoottroepen op Java. ‘Mijn vader wist dat er iets zou gebeuren. Daarom had hij achter in de...

Lees meer
Jonge Stalin.
Jonge Stalin.
Artikel

50 jaar na Stalins dood

Over Jozef Stalin kunnen we kort zijn: hij was een monster, een gek die miljoenen opofferde aan zijn eigen machtshonger. Einde verhaal. Of is er meer? Vijftig jaar na Stalins dood schetsen Nederlandse onderzoekers een ander beeld. Volgens hen koesterde Stalin de heilige overtuiging een hoger doel te dienen. ‘Hij geloofde in het communisme zoals...

Lees meer
Artikel

Stille getuigen: Het graf van Hendrik Werkman

De geschiedenis laat haar sporen na. Monumenten, voorwerpen en graven herinneren aan bijna vergeten personen. Hun verhaal wordt hier verteld. Deze keer het graf van Hendrik Werkman (1882-1945) op de begraafplaats in Bakkeveen. Riep zijn avant-gardistische kunst zoveel agressie op dat Hendrik Werkman op de drempel van de vrijheid werd gefusilleerd? Op 10 april 1945...

Lees meer
Artikel

Beeldgeheim december 2002

Een onbekende historische foto. Is het verhaal erachter te vertellen? Tonie Broekhuijsen, hoofdredacteur van Autoweek, en Melanie Schultz van Haegen, demissionair staatssecretaris van Verkeer, doen een poging. `Een bloemencorso! Ik heb een aantal jaren in de bollenstreek gewoond, dan zag je wel eens van die optochten voorbijkomen,’ vertelt Schultz van Haegen. Broekhuijsen: `Dat is ook...

Lees meer
Loginmenu afsluiten