Alle artikelen
Fokkers gedoemde bedrijf
Eind jaren twintig leidt Fokker een stuurloos leven. Toch lijkt het hem oppervlakkig bezien nog steeds voor de wind te gaan, althans op zakelijk gebied. Verschillende partijen willen in ‘zijn’ Fokker Aircraft Corporation investeren en uiteindelijk verwerft General Motors voor bijna 8 miljoen dollar 40 procent van de aandelen. Het aandeel Fokker neemt in afwachting van de deelname van de automobielgigant maar liefst 60 procent in waarde toe. Niet alleen wordt de financiële balans van Fokker Aircraft aanzienlijk verbeterd, de winst van een half miljoen dollar over het afgelopen halfjaar lijkt aan te geven dat de onderneming er ook bedrijfstechnisch gezien uitstekend voor staat. Er stromen orders binnen van het Amerikaanse leger en er zijn plannen voor een vestiging aan de Amerikaanse westkust. Toch is de Fokker Aircraft Corporation een gedoemd bedrijf. De eersten die nattigheid voelen zijn de ingenieurs van General Motors die in de zomer van 1929 een inspectiebezoek brengen aan de belangrijkste Fokker-fabriek in Hasbrouck Heights, New Jersey. Ze stellen vast dat het bedrijf er wel erg conservatieve constructiemethodes op na houdt. De Amerikaanse concurrentie investeert volop in de ontwikkeling en toepassing van nieuwe aerodynamische technieken en geavanceerde metaalconstructies. Terwijl Fokker zich vooral richt op het steeds verder verfijnen van traditionele ontwerpen op basis van hout, linnen en stalen pijpen. Deze behoudende ontwikkelingsstrategie drukt de ontwikkelingskosten en verhoogt de winst op korte termijn. Maar het is zonneklaar dat het Fokker-imperium door het gebrek aan fundamentele vernieuwing in de nabije toekomst uit de markt zal worden gedrukt. De hoofddirectie van GM aarzelt niet om in grijpen. Chief engineer Anthony Fokker, die er altijd prat op gaat dat hij nieuwe technische handboeken zonder pardon het raam uit sodemietert, wordt in zijn ‘eigen’ Fokker Aircraft Corporation op een zijspoor gezet. Er is geen plaats meer voor een getalenteerde praktijkman als Anthony Fokker. Anthony Fokker wordt in 1890 geboren op de koffieplantage van zijn vader Herman in Blitar, Oost-Java. In 1894 keren de Fokkers terug naar Nederland en vestigen zich in Haarlem. Volgens Anthony’s biograaf Marc Dierikx was die Indische kindertijd bepalend. Door zijn vroege jeugd als bevoorrecht, blank kind op een geïsoleerde plantage in een op rassenverschillen gebaseerde koloniale maatschappij, zou Fokker er moeite mee hebben op voet van gelijkheid met anderen om te gaan. Maar net zo gemakkelijk kan worden verondersteld dat zijn rusteloosheid het gevolg is van een voortijdig afscheid van een idyllische jeugd.Verantwoordelijker gedragen
Hoe het ook zij, de jonge Anthony wil niet deugen. Op de lagere school haalt hij steevast de laagste cijfers van zijn klas. Hij is vaker in zijn eigenhandig gefabriceerde kano op het Spaarne te vinden dan in de schoolbanken. Als hij in de vierde van de hbs voor de derde keer dreigt te blijven zitten, haalt zijn vader hem van school. De diplomaloze, negentienjarige Anthony heeft niettemin grote plannen. Hij wil uitvinder worden. Met zijn vriend Frits Cremer – zoon van de buitengewoon welgestelde koloniale ondernemer en voormalige minister van Koloniën, Jacob Cremer – ontwikkelt hij een ‘onverwoestbare’ autoband. Later blijkt dat die al is uitgevonden. Op zijn twintigste verjaardag krijgt Anthony van zijn vader een gloednieuwe automobiel én het advies zich verantwoordelijker te gedragen. Dankzij smeergeld van zijn ouders weet hij de dienstplicht te ontlopen. Hij schrijft zich in op een praktisch-technische opleiding in het Duitse Bingen, waar een kennis van de familie woont. Maar eenmaal gearriveerd blijkt het Technikum geen technisch opleidingsinstituut te zijn, maar een eenvoudige rijschool – en nog een bijzonder slecht geoutillieerde ook. ‘’s Middags hebben we een kijkje genomen in de chauff-schule,’ schrijft Anthony na zijn eerste en laatste bezoek aan het instituut, ‘een kleine vierkante garage met twee automobielen, 1 rammelkast 4-cyl, en een 1-cyl, verder een troep oud ijzer, wagens van 10 jaar geleden of ouder, niet bereidbaar en zonder banden.’ Anthony besluit door te reizen naar Zahlbach. Daar is zojuist een nieuwe opleiding ‘luchtvaartkunde’ opgezet. Dat deze Fachschule für Flugwesen geen eigen vliegtuig bezit, beschouwt de jonge Anthony niet als een onoverkomelijk probleem. Evenmin als de omstandigheid dat zijn vlieginstructeur een autocoureur blijkt te zijn zonder vliegbrevet. Anthony en zijn al even enthousiaste medestudenten stropen de mouwen op en zetten zich vol overgave aan de bouw van een eenmotorige tweedekker op basis van een ontwerp van de Fransman Henri Farman. Het zijn namelijk de Franse vliegtuigbouwers die een voortrekkersrol vervullen binnen de vliegtuigindustrie. Hun eerste zelfgebouwde vliegtuig komt niet los van de grond. Het tweede wel, maar omdat de instructeur nooit geleerd heeft hoe hij moet landen, eindigt deze eerste testvlucht in een jammerlijke crash. Dat betekent ook meteen het einde van de Fachschule: het grootste deel van het lesmateriaal is immers vernietigd. De enige docent, die zijn opwindende maagdenvlucht heeft overleefd, besluit zijn geluk elders te beproeven.Fokker blijkt talentvol piloot
Fokker wil echter van geen opgeven weten. Met de 1500 mark die zijn vader hem op verzoek stuurt, schaft hij een halfafgebouwd vliegtuig uit de boedel van het failliete opleidingsinstituut aan. Een van zijn voormalige medestudenten, de gepensioneerde Oberleutnant Franz von Daum, legt geld op tafel voor de aanschaf van een motor. In de herfst van 1910 maakt Anthony Fokker zijn eerste ‘sprongetjes’ in een door hemzelf afgebouwd vliegtuig. ‘Ik had het geluk precies op tijd geboren te zijn,’ zal hij later in zijn memoires laten optekenen. ‘Was ik een paar jaar vroeger begonnen, dan had ik kans gehad mijn nek te breken bij de eerste primitieve proefnemingen. En had ik twee jaar gewacht, dan zou de toen reeds vereiste technische kennis boven mijn macht geweest zijn.’ Anthony Fokker blijkt een talentvol piloot te zijn en een handige constructeur. Maar het vliegtuigconstructiebedrijf dat hij in Duitsland vestigt, wil maar niet van de grond komen. Het is uitsluitend te danken aan de buitengewone kapitaalkracht van zijn vader dat Anthony zijn droom kan najagen. In totaal zal senior zo’n 183.000 mark in de onderneming van zijn zoon steken. Helemaal grenzeloos is Herman Fokkers vertrouwen in zijn zoon niet. Als Anthony in de herfst van 1912 alle schenkingen van zijn vader heeft opgebruikt, krijgt hij er in een brief flink van langs: ‘Als ik nu zo dom was jou dóór te fourneeren tot bijvoorbeeld de helft of 3/4 van mijn vermogen in jouw zaak stak en jouw zaak ging over den kop, dan zou ik niet alleen honger kunnen gaan lijden of een baantje zoeken op mijn ouden dag maar ik heb ook nog een vrouw en dochter die ook in den val zouden medegesleept worden. Ik zou dus misdadig doen als ik hun toekomst in gevaar stelde voor jouw plezier.’ Niettemin opent vader Herman een jaar later opnieuw vrijgevig zijn beurs, nadat eerder al zijn broer Eduard met een krediet van 20.000 mark over de brug is gekomen.Gewaagde vliegdemonstratie
Toch zou Fokker een voetnoot in de luchtvaartgeschiedenis zijn gebleven als er in de zomer van 1914 niet twee gebeurtenissen hadden plaatsgevonden, die in geen enkele verhouding tot elkaar staan: een crash in Frankrijk en een pistoolschot in Serajevo. De eerste bepalende gebeurtenis betreft het verongelukken van een Morane-Saulnier-gevechtsvliegtuig type H. Dit is een bijzonder geavanceerd toestel dat alle in Duitsland geproduceerde vliegmachines ver achter zich laat. Fokker weet het wrak op de kop te tikken en gebruikt het als model voor zijn ‘eigen’ gevechtsvliegtuig: de M-5. Met een gewaagde vliegdemonstratie weet hij vervolgens de aandacht van de chef van de Duitse Generale Staf, generaal Erich von Falkenhayn, op zijn ‘Duitse’ wondertoestel te vestigen. De tweede bepalende gebeurtenis vindt drie weken later plaats in Serajevo. Daar lost de Servische nationalist Gavrilo Princip op 28 juni een schot dat de Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand fataal wordt. Het vormt, zoals bekend, de aanzet tot een gruwelijke, vier jaar durende wereldoorlog. Het nietige Fokker Aeroplanbau GmbH wordt door deze samenloop van omstandigheden overstelpt met orders voor de M-5 en zijn opvolgers van de zijde van de Duitse regering en haar bondgenoten. Wanneer in november 1918 de wapenstilstand wordt getekend, heeft de voormalige good-for-nothing Anthony Fokker 30 miljoen mark op de bank staan, is hij verloofd met de dochter van een Duitse luitenant-generaal, en heeft hij een authentiek Duits paspoort op zak. De beëindiging van de oorlog – toch al geen onverdeeld genoegen voor een wapenindustrieel – dreigt uit te lopen op een ramp voor Fokker. In het verslagen en vernederde Duitsland trekken soldaten- en arbeidersraden in vele steden de macht naar zich toe. Ook zijn fabriek in Schwerin in Mecklenburg wordt door revolutionairen bezet. De apolitieke Fokker is diep geschokt. Hij ziet zich overgeleverd aan ‘de genade of ongenade van een handjevol onverantwoordelijke dictators. Ons leven kwam in gevaar.’ In 1919 komt de revolutionaire onrust in Duitsland tot een voorlopig einde met de moord op de Spartakistenleiders Liebknecht en Luxemburg, en de installatie van een gekozen nationale vergadering in Weimar. Fokker zet dan 220 vliegtuigen, 400 vliegtuigmotoren en een groot deel van de machines uit de Schwerin-fabriek op de trein naar Amsterdam. De fabriek zelf blijft bijna leeg achter – op de arbeiders na. Fokker wil er, na zijn pijnlijke, angstaanjagende confrontatie met een heuse volksrevolutie, geen voet meer zetten. In zijn memoires beschrijft Fokker dit transport – de geallieerden hebben Duitsland namelijk een exportverbod opgelegd – als een smokkelactie van epische proporties. In werkelijkheid knijpen de Nederlandse autoriteiten bij Oldenzaal graag een oogje toe. Nederland heeft geen vliegtuigindustrie van betekenis, dus zijn Fokker en zijn materieel maar al te welkom. Van zijn financiële vermogen weet Anthony, volgens zijn eigen schattingen, zo’n 25 procent te redden. Zo laat hij voor 1 miljoen gulden aan vreemde valuta in een oude koffer de grens over smokkelen door zijn kokkin, terwijl ettelijke miljoenen aan contant geld en andere waardepapieren aan boord van zijn zeiljacht hun weg naar Den Helder vinden.Fokker hekelt de Nederlandse regelzucht
Nederland mag de succesvolle Anthony Fokker dan met open armen ontvangen, de liefde is niet wederzijds. Vooral aan de beruchte Nederlandse regelzucht heeft Anthony Fokker, die zaken het liefst onder tafel regelt en een afkeer heeft van iedere vorm van autoriteit, een broertje dood. Dat hij niet zomaar in Haarlem in het huwelijk kan treden met zijn Duitse verloofde Tetta omdat hij de Duitse nationaliteit heeft aangenomen, ervaart hij als een daad van vijandige ‘obstructie’. Het is waarschijnlijk aan de persoonlijke tussenkomst van prins Hendrik te danken dat Fokker alsnog een nieuw Nederlands paspoort krijgt. Maar de toon van zijn relatie met Nederland is gezet. Steeds duidelijker wordt dat Nederland voor Fokker slechts een tussenstation vormt op weg naar de zoveel meer belovende en inspirerende markt van de Verenigde Staten. Vooralsnog moet Fokker helemaal opnieuw beginnen met zijn in juli 1919 opgerichte Nederlandsche Vliegtuigenfabriek, die in Amsterdam is gevestigd. Helaas is de beperkte luchtvaartafdeling van het Nederlandse leger snel verzadigd. En de pas opgerichte KLM is zeer terughoudend in het aanschaffen van de ‘Duitse’ Fokker-vliegtuigen, omdat die in Frankrijk zouden kunnen worden geconfisqueerd. Omvangrijke orders uit Sovjet-Rusland vormen de redding van Fokker. In 1924 exporteert Fokker, onder het welwillend oog van de Nederlandse douane, 176 vliegtuigen naar de communistische heilstaat, die nog niet eens door Nederland is erkend. Hoewel het met de Nederlandse regelzucht in de praktijk dus nogal meevalt – zeker als er ‘nationale belangen’ op het spel staan – reist Anthony Fokker steeds vaker af naar de Verenigde Staten. In 1925 zet hij daar samen met enkele mede-investeerders de Fokker Aircraft Corporation op. In zijn Nederlandse bedrijf investeert hij zo min mogelijk, net als in zijn levenspartners overigens. Tetta heeft hem in 1923 verlaten, mede vanwege zijn vele buitenechtelijke affaires. Het lijkt hem niet te deren. Hij geniet volop van zijn leven als succesvol zakenman, onderwijl voortdurend heen en weer pendelend tussen zijn favoriete pleisterplaatsen New York en Sankt Moritz. Dan komt plotseling de omslag. De dood van Violet in 1929 is een teken aan de wand. Voor het eerst lijken gevoelens van spijt Fokkers bewustzijn binnen te sluipen, wat zich uit in het grafmonument dat hij voor Violet ontwerpt: een jonge vrouwenfiguur die tracht te schuilen bij een granieten rots. Fokker passeert het monumentje dagelijks op weg naar zijn werk. In een atypisch openhartige passage in zijn memoires verklaart Fokker later: ‘Ik heb mij altijd te zeer verdiept in mijn eigen belangen om de vrouwen waar ik verliefd op was te voldoen. Ik denk te ego-centrisch. Ik geef geen uitdrukking aan mijn gevoelens, in het naïeve idee dat het bestaan ervan bij intuïtie begrepen moet worden. Ervaring toonde mij, dat dit niet opgaat.’ Wanneer Fokker twee jaar later door General Motors aan de kant wordt gezet en zijn Amerikaanse fabrieken worden geliquideerd, is Fokkers rol als vliegtuigbouwer feitelijk uitgespeeld. Zijn Nederlandsche Vliegtuigenfabriek lijdt een kwijnend bestaan. Het zwaar afgeslankte bedrijfje wordt slechts overeind gehouden door verkapte overheidssubsidies, handig uitgelokt door Fokker, die dreigt ‘de tent te sluiten’ zodra semi-overheidsbedrijf KLM niet aan al zijn eisen voldoet. De animositeit tussen Fokker en KLM-baas Plesman, die zich met handen en voeten gebonden ziet aan Nederlands enige serieuze vliegtuigproducent, is dan ook legendarisch geworden. Anthony Fokker brengt steeds meer tijd door op het water, de enige plek waar hij tot rust kan komen. Omdat hij via een handige manoeuvre de licentierechten van Amerikaanse vliegtuigen voor de Europese markt heeft weten te verwerven, vergaart hij in de herfst van zijn leven meer rijkdom dan ooit tevoren. In 1937 koopt hij een afgelegen huis onder een grote rots, stroomopwaarts aan de Hudson-rivier, waar hij zich ondanks zijn kwakkelende gezondheid vol overgave wijdt aan het ontwerpen en bouwen van excentrieke, futuristische jachten. In de winter van 1938-’39 duikt er zelfs een nieuwe liefde op in Anthony’s leven: zijn secretaresse Jojo. Maar ook deze affaire duurt niet lang. Op 23 december 1939 overlijdt Anthony Fokker in het Murray Hospital van New York aan de gevolgen van een hersenvliesontsteking.Meer weten?
Boeken De Amerikaanse journalist Bruce Gould schreef in opdracht van Fokker Flying Dutchman. The Life of Anthony Fokker (1931). De hagiografische toon moet zelfs Fokker te veel van het goede zijn geweest. In de Nederlandse vertaling De vliegende Hollander (ook 1931) liet hij namelijk passages toevoegen waarin, zij het voorzichtig, ook aan zijn menselijke zwakheden werd gerefereerd. Flying Dutchman heeft niettemin de toon gezet voor naoorlogse publicaties over de Fokker-geschiedenis als Fokker: een leven voor de luchtvaart (Edmund Franquinet, 1946), Fokker: the Man and the Aircraft (Franquinet, Henri Hegener, 1961) en Fokker, bouwer aan de wereldluchtvaart (Thijs Postma, 1979). Pas in 1997 verscheen de eerste serieuze biografie van Fokker: Dwarswind van Marc Dierikx. Het is een bewerkte vertaling van diens eigen Fokker: A Transatlantic Biography uit datzelfde jaar. Internet Op het website van HN-medewerker Hans Schoots staat een interessant interview met Fokker-biograaf Marc Dierikx, onder de titel: Dan liever de lucht in. Op 7 maart 2007 wijdde het tv-programma Andere Tijden een uitzending aan het leven van Anthony Fokker. Eind jaren dertig kende de Nederlandsche Vliegtuigenfabriek een korte opleving vanwege de internationale herbewapening. Zo bestelde het Nederlandse ministerie van Defensie in 1937 maar liefst 88 Fokker-gevechtsvliegtuigen. Op YouTube.com is veel authentiek beeldmateriaal te vinden van deze toestellen, van hun feestelijk presentatie op Schiphol tot hun tragische confrontaties met Duitse Heinkels in de meidagen van 1940. Zoek onder ‘Fokker G-1’ en breid de zoektocht uit via ‘Suggestions’.Dit artikel is exclusief voor abonnees
Anthony Fokker (1890-1939)
De legendarische Nederlandse vliegtuigbouwer Anthony Fokker (1890-1939) was vooral succesvol in het buitenland. Nederland was te klein en te benauwd voor deze eigengereide workaholic. Uiteindelijk vond hij in de Verenigde Staten zijn beloofde land. Voor zijn overvloedige materiële succes moest echter alles wijken – ook de liefde. Afgaande op de verklaring van de dienstmeid heeft...
Hindoestanen: misleide emigranten
Hindoestanen behoren tot de grootste en rijkste bevolkingsgroep van Suriname. Maar hun voorouders waren straatarme Indiërs, die zonder goed te begrijpen waar ze aan begonnen duizenden kilometers verhuisden om slavenarbeid te verrichten.
Hoe het Surinaamse leger kon oprukken
Desi Bouterse is opnieuw veroordeeld tot 20 jaar cel voor de Decembermoorden. Onvrede over het Surinaamse leger vormde in 1980 de opmaat voor de coup van Bouterse.
Zwolle en Rome ruziën om standbeeld
In Rome staat een standbeeld van de Nederlandse patriottenleider Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784). Zwolle eist het beeld op, maar de Romeinen willen het niet afstaan. Tijdens een symposium op het Koninklijk Nederlands Instituut in Rome op 18 oktober jongstleden is gebleken dat er andere mogelijkheden zijn om Capellen naar Zwolle...
Films over Frankrijk in de Tweede Wereldoorlog
Historische speelfilms sukkelen altijd achter historische inzichten aan. Om een groot publiek te bereiken geven ze algemeen geaccepteerde opvattingen weer, die vaak niet overeenstemmen met de laatste wetenschappelijke meningen. Die vertraagde reactie is goed vast te stellen bij Nederlandse films over de Tweede Wereldoorlog, maar in Frankrijk gaat het niet anders. Al decennia voordat de...
Website: Langs de grens liep een dodendraad
Veel landen herdenken hun oorlogsdoden niet op een dag die samenvalt met het einde van de Tweede Wereldoorlog, zoals in Nederland, maar op 11 november. Dat was de dag waarop de Duitsers de capitulatie in de Eerste Wereldoorlog tekenden. Nederland was neutraal in deze verwoestende Europese oorlog. Afgezien van enkele schermutselingen in Zuid-Limburg is er...
Museum: De Egyptenaren geloofden in toveren
Wat een pech! De peddel van de veerman is gebroken. Geen nood! De overledene die snel voor de rechter van de onderwereld wil verschijnen, tovert een aanhangmotor tevoorschijn. Zo arriveert hij toch rap bij Osiris, god van de onderwereld. Dit is een scène uit een filmpje op de tentoonstelling Egyptische Magie in het Rijksmuseum van...
Van Deursen hamert op het geloof
De gereformeerde historicus A.Th. van Deursen roept doorgaans twee reacties op: mateloze bewondering of minzame ironie. Die mateloze bewondering komt vooral van zijn geloofsgenoten, trots op het feit dat de ‘sfinx van Katwijk’ als historicus zo’n achting ten deel valt in het historische wereldje. Niettemin is het de vraag of dat wereldje Van Deursen wel...
Nederland was juist klaarwakker
Regelmatig wordt gesuggereerd dat Nederland vóór de Tweede Wereldoorlog was dichtgeplakt met oude kranten. Omdat ons land niet had deelgenomen aan de oorlog van 1914-1918 zou het de aansluiting bij de internationale ontwikkelingen hebben gemist. Het leidde een bijkans snurkend bestaan, waaruit het pas ontwaakte toen op de vroege ochtend van 10 mei 1940 de...
Advocaten verzetten zich uit natuurlijke plicht
Kort voor de bevrijding zette de verzetspers de aanval in op de advocatuur. Eerder al was de Hoge Raad mikpunt van kritiek geweest, omdat die na de Duitse inval was aangebleven. Maar ook omdat de Raad had berust in het ontslag van zijn Joodse president en de wetten van het bezettingsbestuur niet had willen toetsen....
Beerputten, poeptonnen en stinkende privaten
Het nieuwe boek van de Groningse hoogleraar architectuur- en stedenbouwgeschiedenis Auke van der Woud is lijvig en leesbaar, en staat boordevol weetjes, maar bovenal is het enigszins raadselachtig. Het meest verontrustende raadsel van Koninkrijk vol krotten is wellicht dat de gelauwerde auteur zelf niet heeft gemerkt dat zijn werk al te ambitieus begint, dan behendig...
De comeback van generaal Custer
Geen land worstelt zo met zijn nationale mythes als de Verenigde Staten. Het lijkt soms alsof een collectieve angst over de eigen identiteit moet worden gedempt. Telkens keren vragen terug als: ‘What is an American?’, en: ‘Who are we?’ Vooral de geschiedschrijving die op een breed lezerspubliek is gericht zoekt naar de aspiraties en waarden...
