Alle artikelen
Zutphen sloot zich in de zomer van 1572 aan bij de opstand tegen Filips II. Maar in november van dat jaar werd de Gelderse stad op bloederige wijze heroverd door Spaanse troepen. Honderden burgers werden daarbij afgeslacht. Tenminste, dat is het verhaal. Johan Visser deed onderzoek naar dit ‘Bloedbad van Zutphen’ en ontdekte dat het beeld ervan niet klopt.
Hoe werd uw argwaan gewekt over het Bloedbad van Zutphen?
‘Vanwege het herdenkingsjaar 2022 wilde de gemeente Zutphen een nieuw onderzoek laten doen naar het bloedbad in 1572. Twee vrijwilligers deden vooronderzoek in het lokale archief, en kwamen erachter dat er over het bloedbad maar weinig te vinden was. Dat riep natuurlijk de vraag op waar de verhalen over een bloedbad vandaan kwamen. Ze namen contact op met mijn scriptiebegeleider Judith Pollmann, die mij vroeg onderzoek te doen. Ik had natuurlijk wel twijfels: hoe moest ik iets onderzoeken waar geen bronnen over te vinden waren?’
Meer lezen over de Tachtigjarige Oorlog? Schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.
U denkt dat de inname van de stad niet is uitgelopen op een bloedbad onder de burgers. Wat is er dan wel gebeurd?
‘Vrijwel direct nadat Zutphen weer was ingenomen door de Spanjaarden gingen er verhalen rond over wat er was gebeurd. Een bastaardbroer van Willem van Oranje schreef bijvoorbeeld een pamflet waarin hij beweerde dat bij de inname van de stad 4000 mensen waren omgekomen. Dit was onzin, want Zutphen had in 1572 rond de 4500 inwoners; dan zou het een spookstad zijn geworden.
Ik heb uiteindelijk geen bewijs gevonden voor een massa-executie van burgers, maar wel ontdekt dat de Spanjaarden een paar honderd Waalse huursoldaten ophingen. Daar zijn ooggetuigen wel heel duidelijk over. Die huurlingen waren in dienst van Willem van Oranje. Er heeft dus wél een bloedbad plaatsgevonden, maar vooral onder de verdedigers. Dit aantal lag rond de 450, en dat lijkt veel op het aantal dode burgers dat in de geschiedschrijving rondzingt.

Na de inname van de stad zongen de geruchten rond dat de Spanjaarden Zutphenaren vastbonden en in de IJssel verdronken. Daar vermelden ooggetuigen niets over, maar ook voor dat verhaal bestaat een mogelijke verklaring. Nadat Zutphen was ingenomen door de Spanjaarden moest de Walburgiskerk worden gezuiverd voor de katholieke eredienst. De lichamen van geuzen die bij de kerk waren begraven werden opgegraven en in de IJssel gegooid. Hetzelfde lot trof enkele geuzen die bij de inname gesneuveld waren. Waarschijnlijk komen daar de geruchten over een massale verdrinkingsmoord vandaan.
Probeerden de opstandelingen de Spanjaarden vaker gewelddadiger af te schilderen dan ze eigenlijk waren?
‘Absoluut, dit gebeurde voortdurend. Er werd een stereotiep vijandbeeld van de wrede bloeddorstige Spanjaard gecreëerd; er waren allerlei geruchten over hun wreedheden. De opstandelingen maakten gretig gebruik van deze propaganda: ze probeerden van de militaire nederlaag bij Zutphen een morele overwinning te maken door de aandacht op de Spaanse bloeddorst te vestigen. Al een paar jaar na 1572 werden de gebeurtenissen in Zutphen in één adem genoemd met de bloedbaden in Rotterdam, Mechelen en Naarden.
Ongeveer dertig jaar na de inname van Zutphen, rond de tijd van het Twaalfjarig Bestand, werd er gediscussieerd over de voortzetting van de oorlog. Herinneringen aan “bloedbaden” zoals die in Zutphen en Naarden werden gebruikt als argument om door te vechten. Ze werden gepolitiseerd en zelfs opgenomen in de werken van de grote geschiedschrijvers van de zeventiende eeuw. Zo kreeg Zutphen een vaste plek in de herinneringscultuur over de Opstand.’
Is de geschiedschrijving uit die tijd dan sterk beïnvloed door de politiek?
‘Zeker, neem bijvoorbeeld de zeventiende-eeuwse historicus Pieter Christiaansz Bor, die werken schreef over de Opstand. Vijfentwintig jaar na het bloedbad van Zutphen correspondeerde hij met de stadssecretaris van Zutphen om informatie in te winnen voor zijn boek. De stadssecretaris schreef een tekst voor Bor, die de historicus daarna zelfs nog aandikte voor zijn boek. Bor was een van de meest gezaghebbende schrijvers over de Opstand, maar gebruikte dus aantoonbaar vertekende informatie.
Iemand als Bor heeft overigens ook goed werk geleverd; hij kopieerde archieven die later verloren gingen. Maar over hoe hij zijn eigen teksten schreef wisten we veel minder. Het gebruik van problematische informatiebronnen betekent dat we zelf bronnenonderzoek moeten doen als we de gebeurtenissen van de Opstand echt willen begrijpen. We kunnen niet blind vertrouwen op het verhaal zoals het in de zeventiende eeuw werd opgeschreven.’
Is er dus nieuw onderzoek nodig naar de Tachtigjarige Oorlog?
‘Ja, want over de beginfase van de Tachtigjarige Oorlog doen veel aangedikte verhalen de ronde, zoals dat over het bloedbad in Zutphen. De herinneringscultuur van toen beïnvloedt nog steeds het beeld dat wij van de oorlog hebben. Denk bijvoorbeeld aan de verhalen over het Leidens Ontzet in 1574, of over Kenau Simonsdochter Hasselaar. Zij heeft wel echt bestaan, maar haar rol in de belegering van Haarlem is groter gemaakt dan deze in werkelijkheid was. Zo zijn er veel meer verhalen over de Opstand die je in twijfel kunt trekken door onderzoek te doen naar bronnen uit die tijd. Er is nog veel werk aan de winkel.’

Zutphen 1572. De geschiedenis van een bloedbad.
Johan Visser
208 p. Boom uitgevers Amsterdam, €22,90

Het ‘Bloedbad van Zutphen’ blijkt politieke propaganda
Historicus Johan Visser deed onderzoek naar het ‘Bloedbad van Zutphen’ in 1572 en ontdekte dat het beeld van een massaslachting niet klopt.
‘Bij de familie Blaeu kon je de wereld zien’
Vanaf het einde van de zestiende eeuw tot het einde van de zeventiende eeuw was de familie Blaeu de belangrijkste uitgeversfamilie in Amsterdam. In zijn nieuwe boek 'De wereld van de familie Blaeu' dook historicus Kees Zandvliet in de geschiedenis van de uitgevers- en cartografenfamilie. ‘De Nederlandse kaartenmakers kenden de Engelse kusten beter dan de Engelsen zelf.’
Virtual reality zorgt op school voor sensatie
Een school in de Amerikaanse stad Atlanta gebruikt VR om studenten meer over Black history te leren. Kan virtual reality bijdragen aan historisch begrip?
Eeuwenoude clichés over Joden
Jarenlang kregen Nederlandse kinderen in jeugdliteratuur clichématige en negatieve verhalen over Joden voorgeschoteld. Ewout Sanders inventariseert alle vooroordelen.
De wolf maakt mensen al eeuwen bang
Uit sprookjes spreekt een diepe angst voor de wolf; die gold als vals en verraderlijk. Er werd dan ook genadeloos jacht op het dier gemaakt. In werkelijkheid had de wolf meer van de mens te duchten dan andersom. Ruim een eeuw geleden verdween de wolf uit Nederland, sinds een paar jaar komt het dier weer...
Een zingende boef
De crimineel Hans Gruijters was in de jaren zestig een cultfiguur. Dankzij een optreden in de tv-show van Willem Duys was hij even heel populair.
De raadsels van Nostradamus
Al ruim 450 jaar zorgen de voorspellingen van de astroloog Nostradamus voor ophef. Waarom intrigeren ze nog steeds?
‘De Russische Burgeroorlog was opvallend wreed’
De Russische Burgeroorlog leidde in 1917 tot totale chaos. Jarenlang stond het land in brand, vertelt de Britse militair historicus Antony Beevor.
Ketterse monniken riskeerden de brandstapel
Augustijner monniken gingen in de Nederlanden soms over tot het lutherse geloof. Dat gold als onacceptabele ketterij. De Inquisitie gaf hun daarom twee opties: openbare herroeping of de brandstapel. Op 1 juli 1523 werden in Brussel twee augustijner monniken uit Antwerpen door de bisschop van Kamerijk voor het altaar ontwijd. Het waren Hendrik Voes en...
Catharine van Tussenbroek: arts voor vrouwen
In de negentiende eeuw wees arts Catharine van Tussenbroek op de dubbele seksuele moraal in Nederland.
De ongrijpbare Hein Berlage
H.P. ‘Hein’ Berlage, de architect van onder meer de Beurs, had uitgesproken opvattingen over architectuur en gold als invloedrijk.
Wereldheerschappij van families
Simon Sebag Montefiore vat de wereldgeschiedenis samen aan de hand van familiebanden. Dat levert een intrigerend boek op.
