Home Alle artikelen

Alle artikelen

Een overzicht van de artikelen die we recent hebben gepubliceerd.

De Duitser Benno Samel kwam in juni 1940 als lid van de gevreesde Sicherheitsdienst naar Nederland. In Noord-Brabant kreeg hij een spilfunctie in de Jodenvervolging. Samel is onbekend gebleven, maar blijkt de vervolging heimelijk te hebben tegengewerkt.

Tussen het overlevingspercentage van de Joodse bevolking in de Nederlandse provincies bestaan opvallende verschillen. Volgens socioloog Peter Tammes en historicus Marnix Croes overleefde van de Brabantse Joden 48,1 procent de oorlog, tegen 22,1 procent in Groningen en landelijk 29,6 procent. Met hun studie uit 2004 toonden zij aan dat de overlevingskans onder meer samenhing met de activiteit en radicaliteit – afgemeten aan de mate van gewelddadigheid – van de Sipo/SD-Aussenstellen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al vanaf €4,99 per maand.

Nederland telde zes van deze regionale vestigingen van de gevreesde (politieke) recherche en inlichtingendienst van de SS. De Aussenstelle Den Bosch was na Maastricht het minst actief en radicaal, lieten Tammes en Croes zien. Relatief weinig van de in het ressort van deze Aussenstelle woonachtige Joden werden opgepakt als strafgeval (4,9 procent). Mishandelingen bleven er verhoudingsgewijs beperkt en ontspoorden relatief laat.

Toch is het verband dat Tammes en Croes vonden niet eenduidig. Zo blijkt de overlevingskans onder de meest radicale Aussenstelle Groningen significant kleiner dan onder de Aussenstelle Den Bosch, maar – tegen de verwachting in – niet significant kleiner dan onder de minst radicale Aussenstelle Maastricht. Een mogelijke verklaring is dat Tammes en Croes hebben gekeken naar de radicaliteit van alle functionarissen op de Aussenstellen, ook degenen die nauwelijks betrokken waren bij de opsporing van Joden. De Sipo/SD had nog andere opdrachten, zoals het bestrijden van verzetsgroepen, en dat ging vaak met geweld gepaard.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld je aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in je inbox.

Om een beter beeld te krijgen, lijken we te moeten focussen op die medewerkers die vanwege hun positie of taak een sleutelrol hadden in de Jodenvervolging. Dat zou ook de opvallende verschillen kunnen helpen verklaren die bestonden tussen gemeenten binnen hetzelfde Aussenstelle-ressort. Van de twintig rechercheurs en SD’ers op de Aussenstelle Den Bosch hadden er hooguit zes een hoofdaandeel in de opsporing van Joden in Noord-Brabant. Benno Samel, die de portefeuille ‘Jodenzaken’ had, was een sleutelfiguur. Wat dreef hem en hoe ging hij te werk?

Weer thuis probeerde Samel los te komen van de SS

SD-officier Benno Samel (1910-1959) kwam uit Oost-Pruisen, dat na de Eerste Wereldoorlog een exclave werd doordat Duitsland grondgebied had moeten afstaan aan de nieuwe republiek Polen. De economie raakte er volledig in het slop. Zoals veel Oost-Pruisen juichte Samel het toe dat de nazi’s het Verdrag van Versailles teniet wilden doen. Ook liet Samel zich, misschien niet verwonderlijk, meeslepen door de naziretoriek die de boerenstand verheerlijkte. In Memelland, het meest noordelijke deel van Oost-Pruisen dat Duitsland had moeten afstaan aan Litouwen, had zijn vader tot zijn overlijden in 1927 een boerderij gehad.

Samel ging in 1931 tandheelkunde studeren aan de Albertus-Universiteit in Koningsbergen. Ondanks de economische malaise moet Samels moeder niet onbemiddeld zijn geweest. In ieder geval kon de weduwe, die in het Oost-Pruisische Tilsit was gaan wonen, de studie van haar enige zoon betalen. Toch moest Samel zijn studie in 1934 om financiële redenen staken. Hij was verhuisd naar de universiteitsstad Greifswald aan de Oostzee en in conflict gekomen met zijn moeder. Zij weigerde de voortzetting van zijn studie nog te bekostigen. Verlegen om inkomen zocht Samel in het jonge Derde Rijk zijn heil bij de 1/SS2-Verfügungstruppe in Hamburg-Veddel. Deze SS-eenheid, een voorloper van de Waffen-SS, zou deels opgaan in de SS-Standarte ‘Der Führer’ en berucht worden.

SD-officieren in Nederland. De man aangeduid met nummer 2 is Heinrich Küthe, chef van de SD in Den Bosch.
SD-officieren in Nederland. De man aangeduid met nummer 2 is Heinrich Küthe, chef van de SD in Den Bosch.

Samel verliet drie keer de actieve dienst bij de SS om zijn studie weer op te pakken, maar werd telkens opnieuw opgeroepen. In 1939 moest hij – inmiddels getrouwd met Lisbeth Eldenburg en vader van twee dochtertjes – zich onverwijld melden in Graz. Dat was vrijwel zeker bij de SS-Standarte ‘Der Führer’, die vanuit deze Oostenrijkse stad deelnam aan de inval in Polen. Tijdens de veldtocht kwam het al snel tot excessen. Vermeende partizanen werden zonder meer vermoord, terwijl SS-Einsatzgruppen achter het front systematisch korte metten maakten met de Poolse intelligentsia en ongecoördineerde moordpartijen uitvoerden op Joden. Vaak werkten andere SS-eenheden hieraan mee. Weer thuis in Greifswald probeerde Samel opnieuw los te komen van de SS. Begin 1940 pikte hij zijn studie weer op, maar wederom riep de SS hem op. Deze keer kwam hij terecht in bezet Nederland.

Samel werd in juni 1940 gestationeerd bij wat de Sipo/SD-Aussenstelle Den Bosch zou worden. Aanvankelijk werkte hij als (onder)commandant van de onder de Aussenstelle ressorterende gijzelaarskampen in Haaren en Sint-Michielsgestel. De vooraanstaande politici, wetenschappers en geestelijken die hier gevangenzaten, dienden als Todeskandidaten om het verzet te breken. Bij verzetsacties konden executies volgen. Op de gijzelaars had Samel desondanks een opmerkelijk goede indruk gemaakt. ‘Natuurlijk,’ schrijft Lodewijk Krijgers, ‘werktuig van het systeem, maar een fatsoenlijk man die ons zoveel vrijheid gaf als hem mogelijk was.’ ‘De geest van de SS was hem vreemd,’ aldus Piet van der Weij. ‘Hij was vriendelijk, menselijk en hoffelijk zelfs! In zijn hart moet hij het echte SS-gespuis wel diep hebben veracht.’

Leerlingen van de Joodse school in Den Bosch, circa 1942.
Leerlingen van de Joodse school in Den Bosch, circa 1942.

Een soortgelijke indruk had Ies de Winter, voorzitter van de Joodse Raad in ’s-Hertogenbosch, die in de zomer van 1942 met Samel te maken kreeg. Voortaan was Hauptsturmführer Samel zijn aanspreekpunt, werd aan De Winter meegedeeld. Anders dan met zijn voorganger Bernard Haase, die leider van de Aussenstelle in Groningen werd, leek hij met Samel te kunnen praten. Hij vermoedde zelfs dat de Jodenvervolgingen hem tegenstonden. Tegen Max Cahen, voorzitter van de Joodse Raad in Vught, noemde De Winter de wisseling van de wacht, precies toen in Nederland de deportaties begonnen, ‘een klein wonder’ voor de Bossche Joden. Terwijl De Winter zag dat Groningen onder Haase al snel nagenoeg Judenrein was, kreeg hij bij Samel dingen gedaan. Vielen er daardoor in Brabant minder slachtoffers, zoals De Winter suggereerde?

Jeugdliefde

Vaststaat dat Samel op de Aussenstelle Den Bosch voor een belangrijk deel de lakens uitdeelde. Vanaf begin 1943 was hij er plaatsvervangend Aussenstelleleiter en na het vertrek van zijn chef Heinrich Küthe vanaf februari 1944 zelfs de facto de eerstverantwoordelijke. Bovendien zou Samel twee jaar de portefeuille ‘Jodenzaken’ houden: tot hij in de zomer van 1944 werd overgeplaatst naar Bonn.

Samel had op de Bossche Aussenstelle dus een dikke vinger in de pap. Ging het om ‘Jodenzaken’, dan verliep bijna alles via zijn bureau. Bijna alles, want Kriminalsekretär Wilhelm Stöwsand die de Postenstelle Breda bemande, werkte daar voor een groot deel zelfstandig. Hetzelfde gold voor Willy Weber op de Postenstelle Eindhoven. Beide mannen waren ijverige en gezagsgetrouwe politiefunctionarissen. Kwam Stöwsand door een anonieme brief te weten waar Joodse onderduikers zaten, dan nam hij daar onverwijld actie op. Als politieman was hij verplicht dit te doen, verklaarde hij net als Weber na de oorlog. Stöwsand bekende schuld, nam ook de verantwoordelijkheid voor de acties van zijn assistent Albert Rösener die geweld niet had geschuwd, en kreeg vanwege de arrestaties van Joden vijf jaar gevangenisstraf wegens misdrijven tegen de menselijkheid.

SS’er knipt de baard van een Joodse man af, Polen 1939.
SS’er knipt de baard van een Joodse man af, Polen 1939.

Anders dan Stöwsand en Weber heeft Samel zich na de oorlog nooit hoeven te verantwoorden. Hij bleef spoorloos voor justitie. Toch valt er van zijn modus operandi een beeld te vormen. Zo was Harry Holla, de eerste president van het tribunaal in ’s-Hertogenbosch dat oorlogsmisdaden moest beoordelen, stellig over hem. Samel zou, mocht hij terechtstaan, net als zijn chef Heinrich Küthe onvoorwaardelijk buiten vervolging worden gesteld. ‘Van hem zijn treffende staaltjes bekend van het begunstigen van Joden,’ aldus Holla, die zelf Joodse onderduikers had geholpen en een prominent verzetsman was.

Holla benoemt Samels ‘treffende staaltjes’ niet, maar beschrijft wel de ruimte die zijn chef Küthe hem hiervoor liet. Küthe, die naar eigen zeggen in Polen een harde tijd in de strijd tegen partizanen had gekend, vermeed in Nederland elk conflict met de illegaliteit. Hij was vooral een profiteur die in Brabant een onbezorgd leven wilde leiden. Ondertussen spiegelde hij zijn superieuren in Den Haag voor dat hij de zaken op orde had.

Priester Wouter Lutkie verklaarde dat Samel hem in augustus 1942 had opgebeld om te waarschuwen voor de dreigende arrestatie van de katholiek-gedoopte Joden, waarmee de deportaties in Noord-Brabant zouden beginnen. Ook bevatten veel dossiers in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR) ontlastende getuigenverklaringen over Samel. Zij leggen een duidelijk patroon bloot: soms met medeweten van Küthe, maar altijd buiten Den Haag om, liet Samel vervolgden en verzetsmensen wegkomen. Bijvoorbeeld door de identiteit van een V-Mann (infiltrant) te lekken naar het verzet, door arrestanten de kans te geven hun verklaringen op elkaar af te stemmen, of door meldingen over (Joodse) onderduikers niet op te volgen. En soms ging hij nog verder.

In augustus 1943 ontving Samel op de Aussenstelle in Den Bosch een Joodse vrouw die hem via De Winter om een onderhoud had gevraagd. Het was een onwaarschijnlijk weerzien. Bertha Braaf-Jaffe was op het gymnasium in Tilsit Samels jeugdliefde geweest. Ze bleek later in Koningsbergen een Joodse Philips-medewerker te hebben ontmoet. Ze waren getrouwd, hadden een dochter en woonden in Eindhoven.

Samel vertelde dat hij in Polen had gediend, aldus Braaf-Jaffe. Hij had niet kunnen aanzien hoe de bevolking er moest lijden en had daarom overplaatsing aangevraagd. Zo was hij bij de Sicherheitsdienst in Brabant terechtgekomen. Samel zei het niet met zoveel woorden, maar het lijdt nauwelijks twijfel dat hij in Polen getuige was van buitenrechtelijke executies van burgers. Als lid van de SS-Standarte ‘Der Führer’ kan hij daar ook zelf vuile handen mee hebben gemaakt.

Poolse vrouwen op weg naar hun executie in een bos nabij het dorp Palmiry, 1940.
Poolse vrouwen op weg naar hun executie in een bos nabij het dorp Palmiry, 1940.

Hoewel Noord-Brabant vanaf 10 april 1943 op last van rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart Judenrein moest zijn, genoten de Joodse Philips-medewerkers en hun gezinnen in Eindhoven nog bescherming. Maar deportatie dreigde. Bertha Braaf-Jaffe smeekte Samel haar te helpen, maar hij had angst: ‘angst voor zijn superieuren in Den Haag’. Ze verzamelde al haar moed en stelde hem voor het blok. Ze zou zijn kamer niet verlaten voordat hij zijn hulp had toegezegd.

Later die maand kreeg Bertha’s man Ruben Braaf bij SOBU, de afdeling van Philips waar de Joodse medewerkers werkten, een telefoontje. Braaf vroeg meteen hierna een Passierschein aan en verliet direct het pand. Terwijl een uur later de overvalwagens arriveerden en het voltallige personeel werd afgevoerd naar concentratiekamp Vught, dook het gezin Braaf-Jaffe onder.

Philips beschermt Joodse medewerkers

Om de Joodse Philips-medewerkers te beschermen, bracht het bedrijf hen in 1941 onder in het Speciale Opdrachten Bureau (SOBU). Vanwege de Kriegswichtige Arbeit werden zij met hun gezinnen voorlopig vrijgesteld van deportatie. Philips probeerde via het Reichssicherheitshauptamt in Berlijn hun emigratie naar Zuid-Amerika te regelen. Dat mislukte en Samel kreeg het bevel hen af te voeren naar concentratiekamp Vught. Dat deed hij. Maar buiten zijn superieuren in Den Haag om strikte hij Chris Rupke, voormalig woordvoerder van de gijzelaars in Sint-Michielsgestel, om naar Berlijn te reizen en daar alsnog voor emigratie te pleiten. De poging bleef zonder resultaat.

Op 23 mei 1941 wordt in Eindhoven het 50-jarig bestaan van Philips gevierd. Het personeel geeft spontaan uiting aan de afkeer van de bezetting. De 17.000 werknemers trekken de straat op en scanderen anti-Duitse leuzen.
Op 23 mei 1941 wordt in Eindhoven het 50-jarig bestaan van Philips gevierd. Het personeel geeft spontaan uiting aan de afkeer van de bezetting. De 17.000 werknemers trekken de straat op en scanderen anti-Duitse leuzen.

In juni 1943 had ook Ies de Winter al gezien dat Samel weliswaar een werktuig, maar geen willig werktuig van het systeem was. Nadat twee Haagse Jodenjagers Samel erop hadden gewezen dat er op een boerderij in Rosmalen onderduikers zaten, móést hij daar wel actie op ondernemen. De twee Joodse jongens die er werden aangetroffen – negen en dertien jaar – zouden als strafgeval moeten worden afgevoerd naar Westerbork. In plaats daarvan liet Samel hen overbrengen naar de Aussenstelle en belde hij De Winter. Die moest de jongens – zijn achterneefjes – direct komen halen en in huis opnemen. Samel registreerde de jongens niet en na korte tijd bij De Winter doken zij opnieuw onder, zonder dat er nog een haan naar hen kraaide.

Terwijl Braaf-Jaffe en De Winter bekenden waren voor wie Samel zijn nek ver uitstak, was de Joodse Galinka Ehrenfest dat niet. Na haar arrestatie op een contactadres van het verzet merkte ze dat de SD-officier Samel die haar verhoorde haar een uitweg wilde bieden. Samel liet haar een schijnverhaal bedenken, dat zou aantonen dat ze niet-Joods was. Toen hij haar relaas na een aantal ‘verhoren’ overtuigend genoeg vond om een Calmeyer-procedure te starten, liet hij haar gaan. Via die procedure vocht Ehrenfest haar registratie als Jodin met succes aan (zie ook p. XX).

‘Idealisten vergeten de waarde MENSCH

Direct na de bevrijding ging Galinka Ehrenfest op zoek naar Samel. Ze wilde voor hem pleiten als hij terecht zou staan, maar hij bleek spoorloos. Tot ze in juni 1946 post van hem ontving. De brief, geadresseerd aan ‘Anna Ehrenfest, Leiden’ kon dankzij haar bekende familienaam worden bezorgd. Galinka’s vader Paul Ehrenfest was aan de Rijksuniversiteit Leiden de opvolger van Nobelprijswinnaar Lorentz geweest.

Samel schreef Ehrenfest onder de valse naam Eldenborg; één letter verschil met de meisjesnaam van zijn vrouw (Eldenburg). Hij woonde in de buurt van Hannover. In 1950 zouden zijn vrouw en dochters zich vanuit de DDR bij hem voegen en tot zijn dood in 1959 onder dezelfde valse naam leven.

Ehrenfest en Samel begonnen een lange correspondentie, waarin ze hem ook ter verantwoording riep. Hij toonde zich wars geworden van iedere ideologie. ‘Idealisten, zoals ik ooit ook een tijdlang,’ schreef hij, ‘maken één fout: ze vergeten de waarde MENSCH.’ Het woord Mensch schreef hij bewust in kapitalen. Hij verwees ermee naar Friedrich Nietzsche, die stelde dat idealisten ten gunste van een hogere, fictieve wereld het menselijke negeren. Waarschijnlijk duidde hij hiermee ook op de betekenis van dit woord in de Joodse traditie: iemand die integer en empathisch is, en goed handelt.

Galinka Ehrenfest (rechts) met haar broer Paul jr. en Albert Einstein (midden), circa 1930.
Galinka Ehrenfest (rechts) met haar broer Paul jr. en Albert Einstein (midden), circa 1930.

Of Samel in een proces onvoorwaardelijk buiten vervolging zou zijn gesteld, zoals Harry Holla verwachtte, blijft de vraag. Net als in het proces tegen Stöwsand zou waarschijnlijk bewezen worden dat hij verantwoordelijk was voor de wederrechtelijke arrestatie van mensen, uitsluitend op basis van hun Joodse ‘ras’ en met de dood tot gevolg. Anderzijds zou hij hebben kunnen rekenen op getuigen à décharge die zouden pleiten dat hij, al dan niet op grote schaal, levens had gered.

Het geval van Benno Samel doet vermoeden dat een of twee functionarissen op een Aussenstelle van grote invloed konden zijn op de overlevingskansen van de Joden binnen het ressort. Verschil in activiteit en radicaliteit bestond ook op lokaal niveau, zo laat het Bredase voorbeeld zien. Dat vraagt om verder onderzoek: zijn de opvallende verschillen in overlevingspercentage tussen Nederlandse gemeenten mede te verklaren vanuit de motieven, de taakopvatting en het optreden van individuele Sipo/SD-medewerkers?

Meer weten:

  • Gif laten wij niet voortbestaan (2004) door Marnix Croes en Peter Tammes verklaart met behulp van statistiek het verschil in overlevingskansen van Joden in Nederlandse gemeenten.
  • Jodenjacht (2011) door Ad van Liempt en Jan H. Kompagnie, over politie-eenheden die waren belast met het opsporen van Joden. 
  • Wegens bijzondere omstandigheden… (2008) door René Kok (red.) bevat een hoofdstuk over de Jodenververvolging in Den Bosch.
Benno Samel in SD-uniform
Benno Samel in SD-uniform
Artikel

De nazi die Joden liet gaan

De Duitser Benno Samel kwam in juni 1940 als lid van de gevreesde Sicherheitsdienst naar Nederland. In Noord-Brabant kreeg hij een spilfunctie in de Jodenvervolging. Samel is onbekend gebleven, maar blijkt de vervolging heimelijk te hebben tegengewerkt. Tussen het overlevingspercentage van de Joodse bevolking in de Nederlandse provincies bestaan opvallende verschillen. Volgens socioloog Peter Tammes...

Lees meer
Stroessner
Stroessner
Recensie

Paraguay onder dictator Stroessner

Geen Zuid-Amerikaanse dictator zat langer in het zadel dan Alfredo Stroessner in Paraguay. De generaal kwam in 1954 door een staatsgreep aan de macht en behield die tot 1989. Under the Flags, the Sun illustreert met historische propagandabeelden de persoonlijkheidscultus rond de dictator.  ‘Paraguay betreedt een tijdperk van vrede, vooruitgang en broederschap’ staat op een spandoek bij de beëdiging van Stroessner tot president. Iedereen die het oneens durfde te zijn met ‘dit nobele menselijke...

Lees meer
Columnist Philip Dröge
Columnist Philip Dröge
Column

Kan een man uit Djibouti een bleke Deen spelen?

‘De cast van uw film is weinig divers, waarom is dat?’ Regisseur Nikolaj Arcel en acteur Mads Mikkelsen waren een seconde uit het veld geslagen toen een journalist deze vraag stelde bij de persconferentie van hun film Bastarden. Mikkelsen proestte: ‘Waar heb je het over?’ Arcel gaf wél antwoord: ‘Omdat de film in Denemarken in...

Lees meer
Anti-oorlogsactivisten probeerden  de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen
Anti-oorlogsactivisten probeerden  de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen
Artikel

Anti-oorlogsactivisten probeerden de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen

De bekladding van het Nationaal Monument op de Dam door vermoedelijk pro-Palestijnse activisten in de vroege ochtend van 4 mei is geen primeur. In 1969 besmeurden activisten niet alleen het Verzetsmonument in Utrecht met rode verf, maar lieten zij ook twee rookbommen afgaan tijdens de Dodenherdenking. Destijds was het Amerikaanse oorlogsgeweld in Vietnam de aanleiding...

Lees meer
Acteurs met geweren bij de opanes van Bridge at Remagen
Acteurs met geweren bij de opanes van Bridge at Remagen
Artikel

Hollywoodsterren kregen plotseling te maken met echte tanks

Om kosten te besparen week de filmcrew van oorlogsepos The Bridge at Remagen uit naar Tsjecho-Slowakije. Maar Moskou werd zenuwachtig van de met scherp schietende acteurs in Amerikaanse en nazi-uniformen. Toen de Sovjets Tsjecho-Slowakije binnenvielen om een einde te maken aan de Praagse Lente, kwamen de opnames ook tot een abrupt einde. ‘No shooting today...

Lees meer
Beatrice de Graaf
Beatrice de Graaf
Column

Beatrice de Graaf: ‘Amerikaans amateurisme bedreigt de NAVO’

Op een heuvel aan de mond van de rivier de Darth ligt het statige Royal Naval College, het langgerekte roodbakstenen gebouw waar de 13-jarige prinses Elizabeth tijdens een bezoek met haar ouders verliefd werd op de toen 18-jarige adelborst Philip. Dat was niet de belangrijkste reden waarom ik daar in de meivakantie een rondleiding nam....

Lees meer
Thijssen tijdens de mobilisatie in 1939
Thijssen tijdens de mobilisatie in 1939
Artikel

Eén tip kostte verzetsleider Lange Jan de kop

Verzetsleider Jan Thijssen lag in het najaar van 1944 dwars bij de vorming van de Binnenlandse Strijdkrachten. Niet lang daarna werd hij onder verdachte omstandigheden gearresteerd door de Duitsers. Wie had hen gebeld? Op de koude donderdag 8 maart 1945 lagen langs de Arnhemseweg bij Woeste Hoeve ruim honderd levenloze lichamen in een lange rij...

Lees meer
Overblijfselen van een tweede-eeuwse insula in Ostia.
Overblijfselen van een tweede-eeuwse insula in Ostia.
Interview

Toen er snel woningen moesten komen, bouwden de Romeinen de hoogte in

Vanwege de woningnood wil Den Haag woontorens van 230 meter bouwen. Toen er in de tweede eeuw steeds meer arbeiders naar de Romeinse havenstad Ostia trokken, ging de stad ook de hoogte in bouwen. Die Romeinse appartementen waren een stuk veiliger dan vaak wordt gedacht, vertelt oudheidkundige Saskia Stevens. Als de Haagse plannen doorgaan, worden...

Lees meer
Roger Bacon kijkt naar de sterren in Oxford
Roger Bacon kijkt naar de sterren in Oxford
Artikel

Deze middeleeuwse monnik schreef al over auto’s en vliegtuigen

De Britse monnik en geleerde Roger Bacon kwam in de dertiende eeuw al met inzichten die pas algemeen werden aanvaard in de loop van de Wetenschappelijke Revolutie. In een van zijn werken liep hij zelfs vooruit op de technologische werkelijkheid van de twintigste eeuw. De mensheid had uiteraard al een schare profeten voorbij zien komen...

Lees meer
Deportatie Joods Meisje Settela Steinbach
Deportatie Joods Meisje Settela Steinbach
De vondst

Gerard Nijssen: ‘Dankzij het filmmateriaal werden meer gedeporteerden herkend’ 

Welke ontdekking heeft het meeste indruk gemaakt op beeldresearcher Gerard Nijssen? ‘Toen ik begon waren filmbeelden vaak een ondergeschoven kindje.’ Kunt u iets vertellen over uw bijzonderste vondst?  ‘Als het gaat om de Tweede Wereldoorlog, dan twijfel ik tussen twee films. Ik kan niet kiezen tussen de bijzondere amateurfilms die ik heb opgedoken van de Joodse familie Ossedrijver en de originele filmrol van de deportatie uit...

Lees meer
Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Artikel

Slowakije was voor Hitler en zijn trawanten een ‘modelstaat’

De Slowaakse Republiek gedroeg zich onder leiding van de geestelijke Jozef Tiso als trouwe vazal van de nazi’s. Tot tevredenheid van Adolf Hitler: ‘Interessant om te zien hoe dat katholieke priestertje ons de Joden aanlevert.’ De Conferentie van München in 1938 is een berucht staaltje internationale diplomatie. Tsjechoslowakije werd op de snijtafel gelegd: nazi-Duitsland mocht...

Lees meer
Keizer Frans I Stefan en Maria Theresia met hun kinderen. Door Martin van Meytens
Keizer Frans I Stefan en Maria Theresia met hun kinderen. Door Martin van Meytens
Recensie

Maria Theresia gebruikte haar dochters als pionnen

De zeven dochters van Maria Theresia van Oostenrijk hadden weinig te willen. Hun moeder bepaalde hun leven. Veronica Buckley beschrijft hun geprivilegieerde, maar benauwde bestaan. Zo’n 500 jaar vormden de Habsburgers de machtigste dynastie van Europa. Na de dood van Karel V in 1558 groeiden de Spaanse en Oostenrijkse tak uit elkaar, maar het vorstenhuis...

Lees meer
Loginmenu afsluiten