Home Hollywoodsterren kregen plotseling te maken met echte tanks

Hollywoodsterren kregen plotseling te maken met echte tanks

  • Gepubliceerd op: 04 mei 2026
  • Update 04 mei 2026
  • Auteur:
    Frans Stoks
Acteurs met geweren bij de opanes van Bridge at Remagen

Om kosten te besparen week de filmcrew van oorlogsepos The Bridge at Remagen uit naar Tsjecho-Slowakije. Maar Moskou werd zenuwachtig van de met scherp schietende acteurs in Amerikaanse en nazi-uniformen. Toen de Sovjets Tsjecho-Slowakije binnenvielen om een einde te maken aan de Praagse Lente, kwamen de opnames ook tot een abrupt einde.

‘No shooting today because of shooting!’ Dat schreef productieleider Milton Feldman op 21 augustus 1968 in het dagboek bij de Amerikaanse film The Bridge at Remagen. Om kosten te besparen besloten de producenten van de groots opgezette oorlogsfilm om sleutelscènes in communistisch Tsjecho-Slowakije te schieten. Dat was stukken goedkoper dan in de Verenigde Staten, dachten ze. Maar toen het Sovjet-leger die dag Tsjecho-Slowakije binnenviel, werden de opnames acuut stilgelegd.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld u aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in uw inbox.

De film was gebaseerd op het gelijknamige, deels fictieve boek uit 1957 van oorlogshistoricus Ken Hechler, die bij de verovering van de Rijnbrug aanwezig was geweest en daar met Duitse en Amerikaanse soldaten had gesproken. Op 7 maart 1945 namen soldaten van de 9de Amerikaanse Pantserdivisie de Ludendorff-Brücke in als onderdeel van Operatie Lumberjack. De brug lag 50 kilometer ten zuiden van Keulen en was op dat moment een van de nog weinig bruikbare bruggen over de Rijn. Begin maart 1945 was de brug nog intact, maar kort na de heroïsche inname door de Amerikanen was ze ingestort. Na de oorlog werd de brug niet meer herbouwd.

De beschadigde brug bij Remagen in 1945.
De beschadigde brug bij Remagen in 1945.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al vanaf €4,99 per maand.

In de jaren zestig wilde Hollywood de heroïsche invasie verfilmen, met sterren als Robert Vaughn, George Segal, Peter van Eyck en Ben Gazzara in de hoofdrol. Maar de West-Duitse autoriteiten gaven in 1968 geen toestemming voor opnames van de film aan de oevers van de Rijn, omdat dit de scheepsvaart te zeer zou belemmeren. Dan maar op zoek naar andere locaties. En waarom niet in Tsjecho-Slowakije?

‘Hollywood aan de Moldau’

In 1968 betaalde filmproducer David L. Wolper 750.000 dollar om gebruik te kunnen maken van de faciliteiten van de vermaarde Praagse Barrandov-studio’s. Die waren in de jaren 1930 gesticht door de broers Havel, van wie er een de vader was van oud- dissident en later president Václav Havel.

De immense studio’s van ‘Hollywood aan de Moldau’ hadden depots en containers bomvol Duitse en Amerikaanse uniformen en wapens die tijdens de oorlog waren buitgemaakt of achtergebleven. Bovendien hadden de Tsjechen nog bergen Wehrmacht-rekwisieten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden ze veel militair materieel voor de Duitsers moeten produceren en na afloop van de oorlog waren ze daarmee doorgegaan voor eigen gebruik. Het Amerikaanse legerspul, 200.000 stuks munitie en zwaar militair materieel lieten de producenten uit Oostenrijk komen.

Voor figuranten deden de Amerikanen een beroep op Tsjechische studenten die wat wilden bijverdienen. Ook Tsjecho-Slowaakse dienstplichtigen kregen rollen in de film. De figuranten werden zelfs twee weken lang getraind om een Amerikaanse tank te leren besturen en ander militair materieel te gebruiken.

Amerikaanse soldaat kijkt uit over de Brug bij Remagen
Amerikaanse soldaat kijkt uit over de Brug bij Remagen, maart 1945.

De scènes bij de brug werden na lang zoeken opgenomen in Davle, een plaatsje 20 kilometer ten zuiden van Praag, aan de rivier de Moldau. Daar lag een oude brug die enigszins op de Ludendorff-Brücke leek. De brug was door het Tsjecho-Slowaakse ministerie van Transport afgesloten en de filmmakers hoefden niet te letten op een paar deuken, breuken en barsten bij de gevechten die de Amerikanen en Duitsers met elkaar gingen leveren. De filmmakers bouwden torens bij de brug en legden er een nepspoortunnel aan. Het verkeer op de rivier werd drie maanden stilgelegd, en mensen die in hun dagelijks leven gebruikmaakten van de brug moesten omrijden of een veerpontje pakken. De betrokken burgers werden bij deze maatregelen niet gekend, ook al was de Praagse Lente in volle gang.

Acteurs mogen met scherp schieten

Onder leiding van regisseur John Guillermin begonnen de opnames op 6 juni 1968, en in oktober zouden ze afgerond moeten zijn. De opnamelocatie voor de talrijke stadsscènes en straatgevechten die in de film in het Duitse Rijnplaatsje Remagen plaatsvonden, lag in het voormalige Sudetenland. De bijna duizend jaar oude stad Most, 100 kilometer ten noorden van Praag, lag op een grote bruinkoolader die het energiehongerig communistisch regime niet ongebruikt kon laten. De bruinkool werd in dagbouw gewonnen: alles wat boven de bruinkoollaag lag moest worden weggegraven voordat de sterk vervuilende, maar relatief goedkope brandstof kon worden gewonnen. Voor de ongeveer 60.000 inwoners van Most betekende dit dat ze halverwege de jaren zestig werden geëvacueerd en op een helling tegenover hun oude stad hun intrek konden nemen in de gehorige en slecht gebouwde socialistische nieuwbouwflats die er van hier tot Vladivostok eender uitzagen.

De filmploeg van Metro-Goldwyn-Mayer, de filmstudio van The Bridge at Remagen, kreeg toestemming om op drie pleinen in het verlaten Most met scherp te schieten. Hier werden geen decors met rookwolken en instortende kartonnen, houten en gipsen gevels gebruikt. De eeuwenoude kale gebouwen kregen de volle laag TNT, granaten, mortieren en tankvuur. De oud-bewoners zaten bij dat schouwspel op de eerste rij in hun prefabwoningen en moesten, net als later de filmrecensenten, concluderen dat de verwoestende strijd om een stad nog nooit zo realistisch in scène was gezet.

Populair stadje voor oorlogsfilms

De harde valuta die de Amerikanen voor dit filmspektakel betaalden, waren in het communistische land alleszins welkom. De autoriteiten vonden het echter zonde om in één keer de hele stad van de aardbodem te schieten. In latere jaren kwamen Tsjechische, Poolse, Amerikaanse en Britse filmteams daarbij een handje helpen. Er werden nog tientallen oorlogsfilms opgenomen in Most, zoals een film over de Warschause opstand en de verfilming van Im Westen nichts Neues (1979). Wat er nog van Oud-Most over was, verdween ten slotte in de op een maanlandschap lijkende bruinkoolgroeve.

DVD-cover van All Quiet on the Western Front

Daar komen de Russen

Intussen maakten de Sovjets zich grote zorgen over de liberale ontwikkelingen in Tsjecho-Slowakije, waar Alexander Dubček het ‘socialisme met een menselijk gezicht’ aan het vormgeven was. Plannen voor een invasie van het alsmaar vrijer wordende Tsjecho-Slowakije – ‘Operatie Donau’ – lagen in de kazernes van de Warschaupactlanden al klaar.

Maar wat moesten die acht Amerikaanse Sherman-tanks op grondgebied van een Warschaupactland, vroegen de Sovjets zich nerveus af. De honderden Amerikaanse GI’s en Wehrmachtsoldaten, bewapend met echte en nepmachinegeweren en pistolen, waren dan wel Tsjechische studenten die als figurant wat bijverdienden, maar de Sovjets en vooral de Oost-Duitsers vertrouwden de zaak voor geen meter.

De Tsjecho-Slowaakse politie liet explosieven die bedoeld waren voor de ‘special effects’ tijdelijk in beslag nemen. Foto’s van opgeslagen filmrekwisieten werden in de communistische pers gepubliceerd als ‘bewijs’ van wapenleveranties uit de Verenigde Staten om lokale ‘reactionaire groeperingen’ te bewapenen. De filmopname was ‘een cover-up van de CIA voor Amerikaanse interventie in Tsjechische politieke aangelegenheden,’ meldde de communistische partijkrant Neues Deutschland. ‘Busladingen Amerikaanse troepen waren al op weg naar Praag, verkleed als toeristen en filmmedewerkers.’

Amerikaanse tanks reden al door de straten van Tsjechische steden. Later zouden de Russen dit nepnieuws aanhalen als een van de rechtvaardigingen voor hun invasie die een einde maakte aan de Praagse Lente.

Hals over kop gevlucht

Op 21 augustus 1968 vielen Sovjet-soldaten Tsjecho-Slowakije binnen en werden de filmopnames van The Bridge at Remagen subiet gestaakt. Twee derde van de film was op dat moment al af. Tijdens alle chaos rond de militaire bezetting van Tsjecho-Slowakije bleven de acteurs en crew in hun hotel in Praag, waar ze vanachter hun ramen echte Russische tanks door de straten zagen rijden. Met hulp van de Amerikaanse ambassade slaagden Amerikaanse en Britse crewleden erin om in een konvooi van tientallen taxi’s via de Oostenrijkse en West-Duitse grens te ontkomen.

Ze lieten veel persoonlijke bezittingen achter, maar ook de opnames van de afgelopen vijf dagen en apparatuur ter waarde van een miljoen dollar: acht tanks en vier camera’s met onbewerkte film. Toen de opnames werden stilgezet, ontdeden honderden Tsjechische figuranten zich zo snel mogelijk van hun kostuum om te voorkomen dat ze door de bezetters voor ‘westerse infiltranten’ of nazi’s werden aangezien.

Sovjet-tanks in Praag in 1968
Sovjet-tanks in Praag in 1968.

De film werd 93 dagen later voltooid na opnames in het Italiaanse Castel Gandolfo (het pauselijk zomerverblijf) en Hamburg. Begin 1969 kregen de producenten nog wel toestemming van de Tsjecho-Slowaakse autoriteiten om wat ‘kritieke opnames’ te maken van Duitsers die de brug bij Remagen proberen op te blazen, en beelden van de oversteek door 600 Amerikaanse soldaten, tanks en halftracks. Maar dat gebeurde wel onder het waakzame oog van 500 gewapende Russische soldaten.

Uiteindelijk ging de film op 25 juni 1969 in de Verenigde Staten in première en kon de rekening worden opgemaakt. Producent Wolper had nog eens een miljoen dollar extra moeten betalen voor het reconstrueren van sets die oorspronkelijk in Praag waren gebruikt, voor de bouw van een nieuwe brug in Italië, voor transport en voor vijf weken extra salaris van zijn medewerkers. Het financiële voordeel van het maken van opnames in een goedkoper Oostblokland was uitgedraaid op een verlies van anderhalf miljoen dollar.

Geromantiseerd verhaal

Ken Hechlers The Bridge at Remagen. The Amazing Story of March 7, 1945 is het boek waarop de film is gebaseerd. Hechler was oorlogshistoricus van Duits-Amerikaanse afkomst, maakte de verovering van de brug in Remagen mee en was later Democratisch Congreslid voor West Virginia. In tegenstelling tot The Longest Day (1962) en A Bridge Too Far (1977) is deze film weliswaar gebaseerd op ware gebeurtenissen, maar het is ook voor een groot deel geromantiseerde fictie.

Het boek The bridge at Remagen

Dossier Tweede Wereldoorlog

Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Artikel

Slowakije was voor Hitler en zijn trawanten een ‘modelstaat’

De Slowaakse Republiek gedroeg zich onder leiding van de geestelijke Jozef Tiso als trouwe vazal van de nazi’s. Tot tevredenheid van Adolf Hitler: ‘Interessant om te zien hoe dat katholieke priestertje ons de Joden aanlevert.’ De Conferentie van München in 1938 is een berucht staaltje internationale diplomatie. Tsjechoslowakije werd op de snijtafel gelegd: nazi-Duitsland mocht...

Lees meer
Engelsen geven zich over aan de Japanners. Singapore, 15 februari 1942.
Engelsen geven zich over aan de Japanners. Singapore, 15 februari 1942.
Artikel

De Britten bleken geen partij voor de Japanners

In februari 1942 veroverden de Japanners de stad Singapore, tot dan toe een Britse kolonie. Volgens premier Winston Churchill was deze nederlaag ‘de grootste ramp in de Britse militaire geschiedenis’. Het zou het einde betekenen van een wereldrijk. Ze staan er nog: de grote naar zee gerichte kanonnen van Fort Siloso op Sentosa, een eilandje...

Lees meer
De Duitse raketgeleerden Wernher von Braun (links) en Kurt Debus voor de Saturn 500F-raket, 26 mei 1966.
De Duitse raketgeleerden Wernher von Braun (links) en Kurt Debus voor de Saturn 500F-raket, 26 mei 1966.
Artikel

Operatie Paperclip: Hitlers geschenk aan de geallieerden

Duizenden wetenschappers uit nazi-Duitsland gingen in de jaren dertig en veertig aan de slag voor de geallieerden. De VS, Canada en het VK profiteerden van deze braindrain, die onder meer leidde tot de ontwikkeling van de atoombom. Op 17 oktober 1933 arriveerde Albert Einstein samen met zijn vrouw en enkele naaste medewerkers met een passagiersschip...

Lees meer
Manstein aan het front in 1942
Manstein aan het front in 1942
Recensie

Hitler bedacht zelf het aanvalsplan tegen Frankrijk, blijkt uit dagboek van generaal

Militair historicus Roman Töppel heeft zes jaar van zijn leven gegeven om de oorlogsdagboeken en brieven van generaal Erich von Manstein door te spitten en vrijwel integraal uit te geven. Het eerste van drie delen is uitgebracht en beslaat de periode 1939 tot voorjaar 1941. Alleen al het lezen was een titanenklus, want Mansteins handschrift...

Lees meer
Loginmenu afsluiten