Maar dan. Als je de archieven uit de jaren vanaf 1979 openslaat (een nieuw onderzoeksproject van me), zijn we vreemd genoeg meteen weer terug in het heden. We horen minister van Buitenlandse Zaken Hans-Dietrich Genscher mopperen over Iran, dat zich zo irrationeel opstelt, en waarmee je toch eigenlijk prima zaken zou kunnen doen als het land iets minder obsessief met religie bezig was. We horen een aantal CDU’ers bij hoog en bij laag beweren dat het regime nu wel echt snel zal vallen, omdat het zo instabiel is en de buitenlandse druk niet zal kunnen weerstaan.
We lezen hoe rechts-orthodoxe leden van de Likoed-partij hun collega’s bij de CDU onder druk proberen te zetten om de Duitsers mee te krijgen in hun strategie voor een Groot-Israël. Sommige CDU’ers zien Israël als ‘das Land der Bibel’, waarvoor Duitsland een speciale verantwoordelijkheid heeft. Kohl hamert juist heel expliciet op de verplichting van Duitsland om zich in te zetten voor het internationaal recht, en dus tegen de kolonisten. Ik lees voorts allerlei verslagen van internationale conferenties waar wordt gesproken over de opmars van de islam en de noodzaak van morele weerbaarheid – in 1981! En zo kan ik nog even doorgaan (maar dat wordt dus een nieuw boek).
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Wat hier opvalt, is dat we in een tijdperk van steeds meer informatie en steeds snellere toegang tot bronnen tegelijkertijd een steeds kortademiger historisch bewustzijn aan het ontwikkelen zijn. Of het nu gaat om Iran, Rusland, de VS of Israël, overal wordt alarm geslagen over de opkomst van geradicaliseerde, ideologisch gedreven en ‘irrationele’ leiders. Maar we vergeten dat West-Europa in de jaren zeventig en tachtig door meer dictaturen en autoritaire regimes was omringd dan nu. En dat religie en ideologie ook toen al tot zwaar gepolariseerde conflicten en ideologisch gedreven (proxy-)oorlogen leidden.
Het idee dat de internationale betrekkingen redelijk, rationeel, vredelievend en liberaal horen te zijn, was altijd al een wensdroom. Daar hebben veel burgers in onze geseculariseerde hoek van Europa zich te lang op verkeken. Terwijl we het al sinds 1979 konden zien: er zijn niet minder, maar juist meer goden in de geopolitiek opgestaan. Het goede nieuws is evenwel dat er ook altijd uitzonderingen op de regel mogelijk waren. De goden kunnen van hun voetstuk worden geduwd. Maar daar zijn wel moed en historisch inzicht voor nodig. Ook dat laat het Konrad-Adenauer-archief zien. Want toen ik daar afgelopen zomer binnenkwam, kreeg ik als presentje het prachtige boek cadeau van Michael Borchard, Eine unmögliche Freundschaft. Over hoe David Ben-Goerion en Konrad Adenauer via hun vriendschap tegen de klippen op voor toenadering tussen beide landen zorgden.
