In 1972 bezocht de Amerikaanse president Richard Nixon China, waardoor een einde kwam aan decennialange Amerikaans-Chinese animositeit. Zeven jaar later volgde een Chinees tegenbezoek, dat minstens zo belangrijk was voor de onderlinge betrekkingen.
Op maandag 29 januari arriveerden Deng Xiaoping, zijn vrouw Zhuo Lin en hun gevolg op Andrews Air Force Base, ten zuidoosten van Washington. Het was de eerste keer dat een Chinese leider de Verenigde Staten bezocht. Een staatsbezoek mocht het niet heten, want Deng was niet het Chinese staatshoofd. Dat was op dat moment Hua Guofeng. Maar iedereen wist dat Deng de man was die in China aan de touwtjes trok na het overlijden van Mao Zedong in 1976. ‘Paramount leader’, werd hij genoemd, opperste leider.
Daarom had het Witte Huis toch flink uitgepakt met een erewacht, saluutschoten en een staatsdiner met president Jimmy Carter. Daar ging nog een relletje aan vooraf, want Carter voelde er niks voor dat Nixon daarbij zou zijn. Tricky Dicky was sinds de Watergate-affaire iemand met wie je je liever niet publiekelijk vertoonde. Maar Deng dacht daar heel anders over en stond erop dat Nixon een hapje meeat. Voor het eerst sinds zijn aftreden in 1974 was de oud-president terug in het Witte Huis.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Boze communistenvreters
Dengs bezoek was van tevoren niet onomstreden. Bij het hotel in Washington waar de delegatie verbleef protesteerden honderden Taiwanezen. En sommige Amerikaanse politici weigerden Deng te ontmoeten, laat staan voor het oog van de camera’s de hand drukken. Amerika had dan misschien formele banden met de Chinezen aangeknoopt; voor echte communistenvreters was zijn komst moeilijk te verteren. Opvallend genoeg waren Amerikaanse maoïsten ook ontstemd. Zij beschuldigden Deng ervan een ‘kapitalistische meeloper’ te zijn.

In Houston was zelfs sprake van een moordpoging. Een lokale Ku Klux Klan-leider en Vietnam-veteraan Louis Beam probeerde met een mes bij Deng te komen. Beam had zich voorgedaan als journalist en wist zo het hotel binnen te komen waar Deng op dat moment aanwezig was. Hij zocht wraak voor China’s interventie in de Vietnamoorlog. De secret service wist hem eenvoudig te overmeesteren.
Deng is een ‘wervelwind’
Hoewel het bezoek ‘maar’ negen dagen duurde, was een vol programma opgetuigd. Het gezelschap reisde met de Air Force One van Washington naar Atlanta, Houston en Seattle. Dat waren geen toevallige keuzes. Deng had immers een Open Deur voor buitenlandse technologie, producten en kapitaal beloofd. In Atlanta tekende hij bij Coca-Cola een distributiecontract voor de Chinese markt en bezocht hij een Ford-fabriek. In Houston stond een bezoek aan de Hughes Tool Company, een fabrikant van boorapparatuur voor olie- en gaswinning, op het program. In Seattle ging hij naar de Boeing-fabrieken en tekende hij een contract voor de aanschaf van meerdere 747’s.
De Amerikaanse media toonden zich onder de indruk van de energieke Deng, die toen immers al 74 jaar oud was. In een week tijd werkte hij zestig bezoeken, ontvangsten en diners af. Alsof hij een Amerikaans politicus op campagne was liet hij zich overal uitgebreid filmen en fotograferen. Wilden de heren fotografen dat hij bij NASA in een replica van de maanrover klom? Dan klom Deng er toch even in. De kranten spraken over de Deng-wervelwind die de Pacific was overgestoken en aan land was gekomen.

Diplomatiek en zakelijk was zijn komst een groot succes. Maar het belangrijkste was dat gewone Amerikanen voor het eerst het menselijke gezicht van een communistische leider zagen. Het was volop Koude Oorlog en nieuwsconsumenten kenden Sovjet- en Chinese leiders alleen van dreigende donderspeeches. Maar China’s kleine grote man bleek een innemende, soms grappige persoon te zijn. Je zou haast zeggen: een vertederende opa.
Na een optreden in het John F. Kennedy Center voor de Podiumkunsten waar 200 leerlingen een lied in het Chinees hadden gezongen, klom Deng het podium op om enkele van hen te omhelzen. Een van hen kreeg een tedere kus op het voorhoofd. Het publiek gaf Deng een open doekje.
Ovationeel Texaans applaus
Dat het bezoek ook in China op waarde werd geschat, bleek in 2015 toen er een documentaire aan werd gewijd. In het Chinees heette die Xuan Feng Jiu Ri (‘Negen dagen in een wervelwind’). Voor de internationale markt was de Engelse titel Mr Deng goes to Washington gekozen. Regisseur Fu Hongxing gebruikte verschillende verteltechnieken: hij wisselde bekend en niet eerder vertoond Amerikaans archiefmateriaal af met tv-interviews van toen en nu. De gaten in het verhaal werden opgevuld met twaalf stukjes tekenfilm.

Voor de documentaire sprak Fu met verschillende ooggetuigen van het bezoek, zoals oud-president Jimmy Carter, zijn toenmalige nationaal veiligheidsadviseur Zbigniew Brzezinski, meegereisde Chinese persoonsbeveiligers en personeel van de Amerikaanse secret service. Een prominente plek in de Chinese docu was ingeruimd voor Dengs bezoek aan de Roundup Rodeo in Simonton.
Dit was zonder twijfel het publicitaire hoogtepunt van Dengs reis. Een cowgirl kwam hem een grote cowboyhoed aanreiken. Toen de spreekstalmeester omriep wie die avond de speciale gast was en Deng zijn Stetson triomfantelijk in de lucht stak, viel de communistische leider een ovationeel applaus van het Texaanse publiek ten deel. De foto van het moment werd niet alleen het icoon van zijn bezoek, maar ook van de Amerikaans-Chinese detente.
Carter zou later in zijn dagboek noteren: ‘Het bezoek was een van de hoogtepunten van mijn presidentschap. Volgens mij ging alles goed.’
