Home Dossiers De bewogen geschiedenis van Iran Iran geeft zich niet snel gewonnen, een erfenis van zijn bloedige oorlog met Irak

Iran geeft zich niet snel gewonnen, een erfenis van zijn bloedige oorlog met Irak

  • Gepubliceerd op: 08 mei 2026
  • Update 08 mei 2026
  • Auteur:
    Bram de Graaf
Iraanse soldaat draagt een gasmasker tijdens de oorlog met Irak.
Demonstratie in Iran
Dossier De bewogen geschiedenis van Iran Bekijk dossier

In Iran wordt het huidige conflict met Israël en de Verenigde Staten de ‘Tweede Opgelegde Oorlog’ genoemd. De eerste was tegen het Irak van Saddam Hoessein en duurde van 1980 tot 1988. Iran trok belangrijke lessen uit die strijd.

Irak en Iran, de twee buurlanden waarvan de namen slechts één letter verschillen, kregen allebei in 1979 een nieuwe leider. In Irak trok generaal Saddam Hoessein de macht naar zich toe. In Iran vond een revolutie plaats en stichtte ayatollah Ruhollah Khomeini de Islamitische Republiek. In heel het land werden zuiveringen doorgevoerd in het bestuursapparaat en de legertop, wat de Iraanse strijdkrachten danig verzwakte. Daar nam de ambitieuze Saddam Hoessein met interesse kennis van.

Er waren al jaren spanningen tussen beide landen. Irak verweet Iran de Koerdische rebellen in Noord-Irak te steunen. Tegelijkertijd maakte Irak zelf aanspraak op grondgebied in West-Iran waar veel Arabieren woonden. Maar er was vooral onenigheid over de grensrivier Shatt-Al-Arab, die toegang bood tot de Perzische Golf. Op 6 maart 1975 hadden beide landen in Algiers een overeenkomst gesloten die een einde moest maken aan de geschillen. In ruil voor de helft van de Shatt-Al-Arab beëindigde Iran haar steun aan de Koerden en zag Irak af van aanspraken op Iraans grondgebied.

Saddam vreesde een opstand

Op 17 september 1980 zegde Saddam het Verdrag van Algiers eenzijdig op en verklaarde hij Iran de oorlog. Vijf dagen later bombardeerde zijn luchtmacht Iraanse militaire vliegvelden, waarna zijn soldaten de grens over staken. Het Irakese leger was grotendeels van materieel voorzien door de Sovjet-Unie. Het bezat moderne T72 tanks en MiG23 gevechtsvliegtuigen. Iran beschikte over Amerikaans materieel, zoals F14 Tomcat-jagers. Maar omdat de banden met de VS waren verbroken, had het land niet langer beschikking over bijbehorende munitie, reserveonderdelen en opleidingen. Daarnaast waren veel gevechtspiloten in de gevangenis beland omdat ze de sjah aanhingen. Wel had Khomeini naast het reguliere leger de Iraanse Revolutionaire Garde (IRGC) opgericht, maar de elite-eenheid die zijn Islamitische Republiek tegen interne en externe dreigingen diende te beschermen, moest zich nog bewijzen.

Uitgebrande voertuigen na een tegenaanval van Iran.
Uitgebrande voertuigen na een tegenaanval van Iran.

Saddam verwachtte dan ook een korte oorlog. Moreel voelde hij zich gesteund door de rest van de Arabische wereld en hij presenteerde zich als verdediger van hun belangen. Veel conservatieve machthebbers in het Midden-Oosten vreesden dat hun eigen onderdrukte bevolking ook in opstand zou komen, aangestoken door de Iraanse Revolutie. Die angst had Saddam zelf ook: hij was een soennitische moslim, terwijl de meerderheid van de 13,6 miljoen Irakezen sjiitisch was, net als de Iraanse ayatollah. Ook het Westen zag Saddam liever winnen dan het antiwesterse Iran van Khomeini, dat sinds 1979 Amerikaans ambassadepersoneel gegijzeld hield.  

Jongeren renden dwars door mijnenvelden

Saddam verkeek zich echter op de Iraanse weerbaarheid en haar potentieel. Iran was vier keer zo groot als Irak en er woonden bijna drie keer zo veel mensen: 39 miljoen. Iran had geen bondgenoten, maar de Irakese aanval zorgde voor nationale eenheid en Khomeini wist honderdduizenden mannen te mobiliseren voor een heilige oorlog tegen de agressor.

Na aanvankelijke successen, zoals de verovering van de olierijke provincie Khuzestan en haar belangrijke havenstad Koramsjar, liep het Irakese offensief vast. De Iraanse luchtmacht bleek niet uitgeschakeld en bracht de Irakezen flinke verliezen toe. De toestellen werden vaak gevlogen door vrijgelaten piloten – sommigen werden na bewezen diensten aan het vaderland alsnog geëxecuteerd.

Maar het meest afschrikwekkend voor de Irakezen waren de ‘menselijke golven’ die Iran op hen afstuurde, de Basij. Deze jonge religieuze fanatiekelingen, door Khomeini verzekerd van een plek in het paradijs mochten ze sneuvelen, renden door mijnenvelden en maakten zo de weg vrij voor de revolutionaire gardisten achter hen. Een Irakese militair herinnerde zich hoe jongens van amper twaalf jaar oud schreeuwend op fietsen op hun loopgraven af reden. ‘Eerst lachten we erom, maar toen ze granaten naar ons gooiden openden we het vuur.’

Irakese soldaten geven zich over bij Khorramshahr, 1982.
Irakese soldaten geven zich over bij Khorramshahr, 1982.

Dankzij deze tactiek wist Iran vanaf januari 1981 grondgebied te heroveren en zelfs delen van Irak te bezetten. In de zomer van 1982 belandde de oorlog in een patstelling. Wetende dat Iran over meer soldaten beschikte, stelde Saddam een wapenstilstand voor. Khomeini voelde zich sterker en wees dat af. Om het gebrek aan soldaten te compenseren, zette Irak vanaf 1983 chemische wapens in, waaronder mosterdgas en zenuwgassen die werden geleverd door Amerikaanse bedrijven.

Mijnen bij de Straat van Hormuz

Vanaf 1984 voerden beide landen ook aanvallen uit op olietankers in de Perzische Golf om elkaars economieën te beschadigen. Irak hoopte zo dat de VS druk zou uitoefenen op Iran om een staakt-het-vuren te sluiten. Iran dreigde met het sluiten van de Straat van Hormuz als het Westen Irak bleef steunen. Heel de wereld vreesde een nieuwe oliecrisis zoals in de jaren zeventig. Zowel de Sovjet-Unie als de VS en enkele NAVO-landen stuurden oorlogsschepen naar de Perzische Golf om tankers te escorteren – het begin van een permanente Amerikaanse aanwezigheid in de regio. Iran sloot de Straat van Hormuz niet af, maar legde wel zeemijnen. Mijnenvegers wisten de schade te beperken. Tijdens deze vier jaar durende ‘tankeroorlog’ bracht Irak 54, voornamelijk Iraanse, tankers tot zinken en Iran 18. Nog eens honderden schepen raakten beschadigd, maar tot een nieuw oliecrisis leidde het niet.

De Iraanse Revolutionaire Garde gebruikt speedboten om tankers te omsingelen, 1987.
De Iraanse Revolutionaire Garde gebruikt speedboten om tankers te omsingelen, 1987. Foto via Wikimedia/Ali Fereydooni.

Om elkaar uit te putten en de bevolking te demoraliseren, werd de strijd van het front verlegd naar de steden. Irak, dat miljarden dollars aan steun ontving van onder meer de VS, Saoedi-Arabië en de Golfstaten, viel steden als Teheran, Isfahan en Shiraz aan met Franse Mirages en Russische Scud-raketten. Iran beschoot op zijn beurt Irakese steden als Kirkuk en Bagdad met raketten van Noord-Koreaanse en Chinese makelij – internationale wapenhandelaren verdienden inmiddels kapitalen aan het conflict.

Iran geeft zich niet snel gewonnen

Begin 1988 waren zowel Iran als Irak economisch geruïneerd en begonnen beide landen te verlangen naar vrede. Voor ze aan de onderhandelingstafel plaatsnamen, probeerden ze nog snel gebieden te veroveren. Iran ondernam een nieuwe poging om de belangrijke Irakese havenstad Basra te veroveren, Irak richtte zich op Koerdistan. Het leverde een nieuw dieptepunt op in deze oorlog: bij een gifgasaanval op de Koerdische stad Halabja in Noord-Irak kwamen op 16 maart 1988 ruim 5.000 burgers om het leven.

In de zomer van 1988 dwong de VN via een resolutie een staakt-het-vuren af. Schoorvoetend werd het door beide landen geaccepteerd. Op 20 augustus 1988 ging het officieel in. Volgens schattingen waren er aan Irakese kant 100.000 soldaten gesneuveld en 40.000 tot 80.000 burgers, aan Iraanse kant vermoedelijk 350.0000 soldaten en Basij en 200.000 burgers. Waarschijnlijk kwamen er  alleen al 100.000 Koerden en Iraniërs om door gifgas. Aan beide kanten waren honderdduizenden gewonden en getraumatiseerden. Ook hielden beide landen nog jarenlang tienduizenden krijgsgevangenen vast. De laatsten werden pas in 2003 vrijgelaten.

Saddam zou de Irakezen na 1988 snel nieuwe oorlogen in slepen, wat zijn ondergang zou worden. In Iran daarentegen verschafte de oorlog de Islamitische Republiek legitimiteit: ondanks de enorme verliezen had Iran overleefd. Khomeini en zijn opvolger Ali Khamenei consolideerden hun macht en schakelden de interne oppositie verder uit. Het regime trok belangrijke lessen uit de oorlog met Irak, in Iran de ‘Opgelegde Oorlog’ genoemd. De Iraanse machthebbers zouden nooit vergeten (en vergeven) dat Irak in het conflict werd gesteund door andere Arabische mogendheden en het Westen, dat zelfs de Irakese gifgasaanval op Halabja nauwelijks veroordeelde. Het knoopte daarom banden aan met China, Noord-Korea en Rusland. Om conflicten op eigen grondgebied te voorkomen ging het organisaties als Hezbollah, Hamas, Houthi’s en sjiitische milities in Irak steunen. En om niet van het buitenland afhankelijk te zijn, ontwikkelde het eigen raketsystemen en drones om zich te kunnen verdedigen tegen luchtaanvallen en vergeldingsacties.

Die strategie werkt in het huidige conflict met de Verenigde Staten en Israël, die in Iran de ‘Tweede Opgelegde Oorlog’ wordt genoemd. Het land weet dat het alleen door geduld, hardheid, zelfredzaamheid en militaire afschrikking kan overleven. Als de VS en Israël zich hadden verdiept in de Iran-Irak oorlog van toen, hadden ze geweten dat Iran zich niet snel gewonnen geeft.

Meer weten

  • The Iran Iraq War, 1980-1988 (2002) door Efraim Karsh.

Afbeelding boven: Iraanse soldaat draagt een gasmasker tijdens de oorlog met Irak, 1985. Foto via Wikimedia Commons/Mahmoud Badrfar 

Dossier Iran

Twee Amerikaanse gijzelaars
Twee Amerikaanse gijzelaars
Artikel

Amerika en Iran zijn onverzoenlijk sinds de gijzelingscrisis van 1979

In 1979 gooiden de Iraniërs de door Amerika geïnstalleerde sjah eruit. Pogingen om de relatie met het nieuwe islamitische regime te normaliseren liepen meteen schipbreuk, toen radicale studenten Amerikaans ambassadepersoneel gijzelden. De crisis hield Amerika 444 dagen in de ban en kostte president Carter zijn herverkiezing. Sindsdien is het niet meer goed gekomen. President Jimmy...

Lees meer
Philip Dröge
Philip Dröge
Column

De VOC kon Kharg niet bezet houden. Misschien leert Trump dezelfde les

Kharg, een verzameling kale rotsen en wat verdorde struiken, is ironisch genoeg het epicentrum van een geopolitiek steekspel tussen grootmachten als de VS, Israël en Iran. De reden? Het merendeel van de Iraanse olie stroomt via dit eiland de wereld in. Een strategische locatie die, indien gebombardeerd, de Iraanse economie decennia terug zou werpen. Donald...

Lees meer
‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’
‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’
Interview

‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’

Amerika en Israël zeggen dat Iran absoluut geen kernwapen mag krijgen, omdat de ayatollahs die onmiddellijk op Jeruzalem zullen afvuren als onderdeel van hun religieuze strijd. Is die angst terecht? Heeft het Iraanse regime een irrationele vernietigingsdrang? Arabist Maurits Berger (Universiteit Leiden) pleit voor een minder religieuze kijk. ‘Iran moet gezien worden voor wat het...

Lees meer
Beatrice de Graaf
Beatrice de Graaf
Column

Tirannenmoord leidt zelden tot regime change, schrijft Beatrice de Graaf

Levert tirannicide wat op? Die vraag ligt weer op ieders lippen. En daarmee is een eerste antwoord gegeven: tirannicide levert aandacht en symbolisch machtsvertoon op. Naar het schijnt wilde Donald Trump met de liquidatie van ayatollah Khamenei Barack Obama overtroeven. In 2018 liet hij al IS-leider Abu Bakr al-Baghdadi ombrengen en eerder dit jaar liet...

Lees meer
Loginmenu afsluiten