Home De tien van Den Haag: ambtenaren in oorlogstijd 

De tien van Den Haag: ambtenaren in oorlogstijd 

Tien topambtenaren bleven tijdens de oorlog op hun post en werkten samen met de Duitse bezetter. Dat is hun achteraf zeer kwalijk genomen. Stephan Steinmetz nuanceert de kritiek. 

De tien van Den Haag door Stephan Steinmetz

Rob Hartmans

Historicus, journalist en vertaler

Gepubliceerd op: 2 mei 2025

In 2020 bood premier Rutte tijdens de Nationale Holocaust Herdenking namens de Nederlandse regering excuses aan voor de houding van overheidsinstanties ten tijde van de Jodenvervolging. Als ‘hoeders van recht en veiligheid’ waren ze jegens de Joodse burgers ernstig tekortgeschoten. Deze excuses waren nieuw, maar al vanaf de jaren zeventig overheerste het beeld dat het overheidsapparaat het had laten afweten en dat vooral de ambtelijke top te meegaand was geweest. De kritiek spitste zich toe op de hoogste ambtenaren van de tien Haagse departementen, de secretarissen-generaal, die veel te formalistisch hadden gehandeld en die nooit hadden mogen meewerken aan de Duitse bezettingspolitiek.

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je ook toegang tot HN Actueel? Hiermee lees je dagelijks geschiedenisverhalen met een actuele aanleiding op onze website en ontvang je exclusieve nieuwsbrieven. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

Meer boekrecensies lezen? Schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.

Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in uw inbox.

In De tien van Den Haag schetst Stephan Steinmetz een genuanceerder beeld. Het boek begint in mei 1940, als koningin Wilhelmina en de voltallige Nederlandse regering naar Londen vluchten en de ambtelijke top achterblijft. Voor de oorlog waren al summiere ‘aanwijzingen’ voor het openbaar bestuur opgesteld, die erop neerkwamen dat ambtenaren op hun post moesten blijven tot het moment waarop aanblijven meer schade zou berokkenen dan opstappen. Maar wanneer dat was moesten ze zelf uitzoeken. 

Van de tien secretarissen-generaal die er in mei 1940 waren, bleven drie de volle vijf jaar op hun post. De latere kritiek concentreerde zich vooral op Max Hirschfeld van het departement Handel, Landbouw en Visserij en Karel Frederiks van Binnenlandse Zaken. De anderen stopten soms gedwongen, omdat hun departement werd opgeheven, of stapten vrijwillig op. Steinmetz laat zien dat die laatste categorie niet per definitie moreel op een hoger plan stond dan degenen die bleven.  

Zo vertrok Arend Scholtens van Sociale Zaken al in augustus 1940 omdat hij het niet eens was met het Duitse besluit om voortaan ook kraamhulp te vergoeden voor ongehuwde zwangere vrouwen. Voor de oorlog was de Tweede Kamer tegen een dergelijk voorstel geweest, zodat Scholtens het ‘ondemocratisch’ vond deze maatregel nu door te voeren.  

Steinmetz beschrijft uitvoerig en levendig met welke dilemma’s de topambtenaren te maken kregen, en hoe het ‘DNA’ van de toenmalige ambtenaar ervoor zorgde dat ze al vroeg tijdens de bezetting het idee van de rechtsstaat loslieten. Nadat ze hadden meegewerkt aan de eerste anti-Joodse maatregelen ging het van kwaad tot erger. Ze waren bang dat als ze ontslag namen hun post zou worden ingenomen door een NSB’er die de Duitsers nog meer ter wille zou zijn. 

De tien van Den Haag. Topambtenaren tijdens de bezetting
Stephan Steinmetz
288 p. Boom, € 29,90 

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 5 - 2025

Dossier Tweede Wereldoorlog

Anti-oorlogsactivisten probeerden  de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen
Anti-oorlogsactivisten probeerden  de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen
Artikel

Anti-oorlogsactivisten probeerden de Dodenherdenking ook in 1969 te ontregelen

De bekladding van het Nationaal Monument op de Dam door vermoedelijk pro-Palestijnse activisten in de vroege ochtend van 4 mei is geen primeur. In 1969 besmeurden activisten niet alleen het Verzetsmonument in Utrecht met rode verf, maar lieten zij ook twee rookbommen afgaan tijdens de Dodenherdenking. Destijds was het Amerikaanse oorlogsgeweld in Vietnam de aanleiding...

Lees meer
Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Adolf Hitler (links) met Jozef Tiso op het treinstation van de Wolfsschanze, zijn hoofdkwartier in Oost-Pruisen, oktober 1941.
Artikel

Slowakije was voor Hitler en zijn trawanten een ‘modelstaat’

De Slowaakse Republiek gedroeg zich onder leiding van de geestelijke Jozef Tiso als trouwe vazal van de nazi’s. Tot tevredenheid van Adolf Hitler: ‘Interessant om te zien hoe dat katholieke priestertje ons de Joden aanlevert.’ De Conferentie van München in 1938 is een berucht staaltje internationale diplomatie. Tsjechoslowakije werd op de snijtafel gelegd: nazi-Duitsland mocht...

Lees meer
Engelsen geven zich over aan de Japanners. Singapore, 15 februari 1942.
Engelsen geven zich over aan de Japanners. Singapore, 15 februari 1942.
Artikel

De Britten bleken geen partij voor de Japanners

In februari 1942 veroverden de Japanners de stad Singapore, tot dan toe een Britse kolonie. Volgens premier Winston Churchill was deze nederlaag ‘de grootste ramp in de Britse militaire geschiedenis’. Het zou het einde betekenen van een wereldrijk. Ze staan er nog: de grote naar zee gerichte kanonnen van Fort Siloso op Sentosa, een eilandje...

Lees meer
De Duitse raketgeleerden Wernher von Braun (links) en Kurt Debus voor de Saturn 500F-raket, 26 mei 1966.
De Duitse raketgeleerden Wernher von Braun (links) en Kurt Debus voor de Saturn 500F-raket, 26 mei 1966.
Artikel

Operatie Paperclip: Hitlers geschenk aan de geallieerden

Duizenden wetenschappers uit nazi-Duitsland gingen in de jaren dertig en veertig aan de slag voor de geallieerden. De VS, Canada en het VK profiteerden van deze braindrain, die onder meer leidde tot de ontwikkeling van de atoombom. Op 17 oktober 1933 arriveerde Albert Einstein samen met zijn vrouw en enkele naaste medewerkers met een passagiersschip...

Lees meer
Loginmenu afsluiten