Home Dossiers Tweede Wereldoorlog Historicus heeft kritiek op Rosan Smits: fascisme is geen inhoudsloze strategie

Historicus heeft kritiek op Rosan Smits: fascisme is geen inhoudsloze strategie

  • Gepubliceerd op: 11 nov 2025
  • Update 11 nov 2025
  • Auteur:
    Robin te Slaa
Anti-Immigratie demonstratie escaleert in Den Haag
Hitler in de Tweede Wereldoorlog
Dossier Tweede Wereldoorlog Bekijk dossier

In haar boek Dit is fascisme waarschuwt politicoloog en journalist Rosan Smits voor uiterst rechtse ondermijning van de democratie. De waarschuwing is terecht, maar zij gebruikt het begrip ‘fascisme’ te gemakzuchtig in de ogen van expert Robin te Slaa. Fascisme is geen inhoudsloze machtspolitiek, zoals Smits beweert, maar een echte ideologie.

Er zijn weinig boeken die bij mij zoveel instemming én wrevel opwekken als Dit is fascisme van Rosan Smits. Op grond van diepgravend onderzoek waarschuwt de auteur hoe de democratische rechtstaat en de pluriforme samenleving internationaal voortdurend worden bedreigd. Schuldigen zijn niet alleen politici als Trump, Meloni, Orbán en Wilders en gelijkgestemde media. Het gaat veel verder en dieper dan dat, zo toont Smits overtuigend aan.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld u aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in uw inbox.

Zij baseert zich onder andere op de alarmerende bevindingen van oud-AIVD’er Jelle Postma, die eerder werkte voor de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid en de VN. Zijn stichting Justice for Prosperity onderzoekt systematisch de ondermijning van liberale democratieën. Uiterst rechtse machthebbers en politici maken deel uit van een unholy alliance van ultraconservatieve denktanks, rechts-extremisten, influencers, oligarchen, techbazen en industriëlen. Het is ‘een los web’ dat zich over de meeste continenten uitstrekt. Wie kritisch het nieuws volgt, heeft zich al een beeld kunnen vormen. De onmiskenbare verdienste van Smit is dat zij dit gevaar uitstekend documenteert en in zijn huiveringwekkende omvang beschrijft.

Maar ik heb ook een fundamenteel bezwaar tegen de analyse van Smits. Namelijk, dat zij als algemene aanduiding voor het gevaar de term ‘fascisme’ hanteert. Om deze kunstgreep mogelijk te maken geeft Smits een zeer gebrekkige definitie van dit begrip, dat daardoor wel heel breed toepasbaar wordt. Fascisme is volgens haar ‘een politieke strategie om alleenheerschappij te verwerven, door met steun van de massa de democratische rechtstaat van binnenuit kapot te maken’. Smits beweert dat het fascisme geen bestuursvorm of een ‘eenduidige ideologie’ is. Sterker nog: ‘Ideologie is voor fascisten puur instrumenteel, iets waar je selectief uit shopt om de massa te mobiliseren’.

Utopische idealen

Aan het boek How Fascism Works van de Amerikaanse politieke filosoof Jason Stanley ontleent Smits tien instrumenten die worden gebruikt voor ‘emotionele mobilisatie’. Dit zijn: een mythisch verleden, propaganda, anti-intellectualisme, alternatieve waarheid, hiërarchie, voorgewend slachtofferschap, gendernormativiteit, idealisering van arbeid, verheerlijking van plattelandscultuur en het misbruiken van het recht. Deze hutspot van middelen en denkbeelden vormt ‘het draaiboek van het fascisme’ dat overal wordt ingezet. Een andere inspiratiebron van Smits is historicus Robert O. Paxton, die in 1998 vijf stadia van het fascisme onderscheidde: ontstaan, organisatie, machtsverwerving, machtsuitoefening en radicalisering of verval. Smits gebruikt deze stadia als een ijzeren mal om hedendaagse gebeurtenissen te duiden.

In haar boek miskent Smits volledig de ideologische inhoud van het fascisme, zoals dat zich vooral in de eerste helft van de twintigste eeuw manifesteerde. Haar veronderstelling dat het fascisme verstoken was van een intellectuele stamboom en uit weinig meer bestond dat een aantal opportunistisch bijeen gegraaide leuzen, is onhoudbaar. In feite grijpt zij terug op de wetenschappelijk volkomen achterhaalde voorstelling van het fascisme als een nihilistische anti-beweging, waarvan de megalomane leiders louter werden gedreven door hun tomeloze machtshonger.

Onder invloed van vernieuwende wetenschappers op het terrein van het internationale fascisme-onderzoek, met name Roger Griffin, ontstond in de jaren negentig een nieuwe consensus over de ideologie, de culturele dimensies en de aantrekkingskracht van het complexe historische verschijnsel fascisme. Ondanks de verschillende gehanteerde definities wordt het fascisme tegenwoordig door talrijke deskundigen beschouwd als een revolutionaire stroming met allerlei nationale varianten. Het fascisme kende verscheidene utopische idealen. Zo streefden fascisten naar een klassen overstijgende, etnisch homogene en collectivistische samenleving. Ook de schepping van een nieuwe cultuur en zelfs een superieure mensensoort, voorbestemd om te heersen, behoorden tot de doelen van deze revolutionairen.

Fascisten streefden naar een klassen overstijgende, etnisch homogene en collectivistische samenleving

Raciale strijd

Als nieuwe politieke beweging bouwde het fascisme deels voort op oudere ideeën en opvattingen. Bestaande denkbeelden werden dikwijls in vereenvoudigde en geradicaliseerde vorm geïncorporeerd. Dit gold bijvoorbeeld voor Friedrich Nietzsches lyrische bespiegelingen over de Übermensch en de Wille zur Macht, Gustave Le Bons theorie dat de irrationele massa een autoritaire leider behoeft, en de visie van de syndicalistische theoreticus Georges Sorel dat bewust gecreëerde mythes mensen kunnen mobiliseren voor revolutionaire doeleinden en er van geweld een herscheppende kracht kan uitgaan. Als godfather van het fascisme betoonde Mussolini zich openlijk schatplichtig aan deze drie antiliberale denkers. Experts als Emilio Gentile en Stanley George Payne wijzen verder op de diepgaande invloed van de futuristische kunststroming op het vroege Italiaanse fascisme.

Het nazisme had in Duitsland en Oostenrijk nooit zo succesvol kunnen zijn als het völkische gedachtegoed vanaf de negentiende-eeuw niet zo wijd was verbreid. Grondleggers als Paul Anton de Lagarde en Julius Langbehn schreven over de raciale superioriteit van het Deutschtum, Germaanse kolonisatie en etnische zuivering in Midden- en Oost-Europa, en het verdrijven dan wel vernietigen van Joden. Beide auteurs waren ongekend populair en vonden gehoor bij de ontwikkelde bevolkingsgroepen in de Duitse samenleving.

Sociaal-darwinistische denkbeelden en rassentheorieën tierden welig in het fin de siècle. Zij dienden voor Europese staten als pseudo-wetenschappelijke rechtvaardiging voor oorlog, racisme en imperialisme. In zijn invloedrijke magnum opus Die Grundlagen des neunzehnten Jahrhunderts uit 1899 verbond de tot Duitser genaturaliseerde Brit Houston Stewart Chamberlain biologisch ‘gefundeerd’ racisme en sociaal-darwinisme. Zijn boodschap dat de nobele Ariërs in een raciale strijd op leven en dood waren verwikkeld met de perfide Joden maakte zijn bewonderaar Hitler tot kern van zijn Weltanschauung. Ondanks de aanvankelijke verschillen op dit punt beleden vrijwel alle fascistische bewegingen vanaf de tweede helft van de jaren dertig een biologisch racisme en antisemitisme. Het eigen volk gold daarin als een organisme waarvan ‘het bloed’ – als drager van erfelijke rasseneigenschappen – zuiver moest worden gehouden.

Ideeën over het bewaken van de erfelijke kwaliteit van het nageslacht leefden veel breder. Fascisten waren beslist niet de enige aanhangers van de ‘leer van de selectieve voortplanting’, oftewel eugenetica. In de twintigste eeuw toonden talrijke prominenten, van rechts tot links, zich geestdriftige voorstanders van eugenetische maatregelen. ‘Onvolwaardigen’ moesten worden gesteriliseerd of zelfs gedood om zo de kwaliteit van het eigen volk te verbeteren.

Ten slotte deden vanaf eind negentiende eeuw denkbeelden over een synthese tussen nationalisme en socialisme opgang in Frankrijk, Italië en Duitstalige gebieden. Hierdoor beïnvloed, presenteerden fascisten zichzelf als vertegenwoordigers van een ‘derde weg’ tegenover het liberale kapitalisme en het marxistische socialisme. Hitler geloofde oprecht dat nationalisme de essentie van de negentiende eeuw was en socialisme de kern van de twintigste eeuw vormde. In het Nationalsozialismus had de Führer beide ‘verzoend’, aldus zijn grootste volgeling Joseph Goebbels.

Illiberale democratie

Het fascisme vormde kortom geen onverklaarbaar bedrijfsongeval in de Europese geschiedenis en cultuur, maar was daarin geestelijk diep geworteld. Het was allesbehalve een ideologieloze politieke strategie om de macht te verkrijgen. Miljoenen gewone mensen in de vorige eeuw geloofden heilig in de idealen van het fascisme. Velen toonden zich bereid tot zowel het brengen van enorme persoonlijke offers als het begaan van de meest gruwelijke misdaden in zijn naam. De geschiedenis van de twintigste eeuw kan daarom niet begrepen worden zonder de ideologie van het fascisme te bestuderen. Smits toont er geen belangstelling voor.

Miljoenen mensen geloofden heilig in de idealen van het fascisme

Natuurlijk kan het verhelderend zijn om te analyseren in hoeverre uiterst rechtse stromingen van tegenwoordig bepaalde overeenkomsten vertonen met het historische fascisme. Maar wanneer van dat laatste een karikatuur wordt gemaakt en op grond daarvan vrijwel elke vorm van agressief nationalisme, autoritair leiderschap, repressie en haat tegen gekleurde mensen, transgenders, niet-westerse vluchtelingen, Joden en moslims tot ‘fascisme’ wordt bestempeld, levert dat vooral vragen op.

Neem bijvoorbeeld de illiberale democratie die radicaal-rechtse populisten willen vestigen. Die is in de kern vaak een etnocratie waarbinnen de ‘algemene wil’ van de dominante etnische bevolkingsgroep prevaleert boven de rechten van minderheden. Dit is op zichzelf verwerpelijk genoeg. Maar vormt het ook de onvermijdelijke opmaat naar een raszuivere Volksgemeinschaft waarbinnen het Führerprinzip geldt, zoals Smits schematische redeneertrant impliceert? En wat te denken van het verrassende inzicht van historicus Quinn Slobodian dat de denkbeelden die een deel van uiterst rechts tegenwoordig aanhangt, voortkomen uit een radicalisering van het neoliberalisme?

Smits zwijgt hierover. Door het woord ‘fascisme’ te gebruiken als containerbegrip ondergraaft zij helaas de overtuigingskracht van haar boodschap dat de democratische rechtsstaat in zeer groot gevaar verkeert.

Dit is fascisme
Rosan Smits
211 p., De Correspondent, €16,-

Dit is Fascisme Rosan Smits

Loginmenu afsluiten