Home Migratie is zo oud als de mensheid zelf, blijkt uit dit boek

Migratie is zo oud als de mensheid zelf, blijkt uit dit boek

Zo’n 20.000 jaar geleden begonnen de ijskappen die Europa bedekten te smelten. Het landschap veranderde en er kwamen migratiestromen op gang. Volgens de traditionele opvattingen over de prehistorie ontstonden in de millennia daarna duidelijk afgebakende ‘volken’. Maar Alexander van de Bunt laat zien dat de werkelijkheid veel complexer was.

Negentiende-eeuwse schilders stelden onze voorouders als roomblank voor. Door Emmanuel Benner, 1832.
Negentiende-eeuwse schilders stelden onze voorouders als roomblank voor. Door Emmanuel Benner, 1832. Bridgeman Images

Rob Hartmans

Historicus, journalist en vertaler

Gepubliceerd op: 26 mei 2026

Update 16 juli 2026

In 1903 werd in de Cheddar-kloof in Somerset het skelet gevonden van een man die rond 8300 v. Chr. een gewelddadige dood was gestorven. Tot op heden geldt de Cheddar Man als de ‘oudste Brit’. In 1996 was er veel aandacht voor DNA-onderzoek naar een van zijn tanden, waaruit zou blijken dat de lokale geschiedenisleraar, die op een kilometer van de vindplaats woonde, een rechtstreekse afstammeling was.

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je ook toegang tot HN Actueel? Hiermee lees je dagelijks geschiedenisverhalen met een actuele aanleiding op onze website en ontvang je exclusieve nieuwsbrieven. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld je aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in je inbox.

Dat was leuk nieuws, maar minder gezellig werd het toen in 2019 uit nieuw onderzoek duidelijk werd hoe de Cheddar Man eruit moet hebben gezien: met een donkere huidskleur en donkerbruin of zelfs zwart haar. Hij behoorde tot de zogenoemde westelijke jager-verzamelaars die zich tijdens de Middensteentijd over Europa verspreidden en oorspronkelijk uit West-Azië kwamen. Hij was in ieder geval iemand die Nigel Farage graag het land uit zou schoppen. De ontdekking leidde in Groot-Brittannië dan ook tot heftige discussies over etnische diversiteit en nationale identiteit.

Wie vasthoudt aan oude opvattingen over identiteit, beschavingen en Europa, kan het nieuwe boek van archeoloog Alexander van de Bunt beter ongelezen laten. Alleen de ondertitel moet dan al ergerniswekkend zijn: ‘De ontdekking van Europa’. Het idee alleen al! ‘Wij’ hebben de andere continenten toch ontdekt? Maar voor wie geen last heeft van dergelijke reflexen, is dit boek een aanrader.

Op heldere en beeldende wijze beschrijft Van de Bunt hoe na de laatste IJstijd, 20.000 jaar geleden, de ijskappen die op Europa lagen begonnen te smelten, het landschap veranderde en migratiestromen op gang kwamen. ‘Want,’ schrijft Van de Bunt, ‘migratie is zo oud als de mensheid. Wij zijn reizigers, avonturiers, dromers van betere oorden. En migratie is nooit simpelweg een kwestie van koffers pakken en vertrekken. Soms is het een grootschalige volksverhuizing, soms een eenzame stap over een grens.’

Uitgebreid gaat hij in op routes die bepaalde groepen namen, op de ontdekkingen die ze deden of de nieuwigheden die ze met zich meebrachten. Ook beschrijft hij het ontstaan van de landbouw en de neolithische monumenten, de verschillen tussen de egalitaire leefwijze van jager-verzamelaars en die van landbouwers, die zich niet alleen permanent op een plek vestigden maar ook ideeën als privébezit en hiërarchie ontwikkelden.

Naast deze collectieve ontwikkelingen, waarbij het verhaal wordt doorgetrokken tot in de Romeinse tijd, is er ook aandacht voor individuele wereldreizigers. Zeer fraai is het hoofdstuk over Pytheas van Massalia (het huidige Marseille). Geboren in deze Griekse kolonie trok hij in de tijd van Alexander de Grote, zo rond 325 v.Chr., naar het noorden. Over land bereikte hij westkust van Gallië, stak per schip over naar Brittannië, bereikte Ultima Thule ofwel het Uiterste Noorden (IJsland) en deed op de terugweg ook de Waddenzee aan.

Van de Bunt gaat in op de problemen die het onderzoek naar de prehistorie met zich meebrengt. Dat onderzoek wordt niet alleen verricht door archeologen, maar ook door genetici en taalkundigen. En hun bevindingen zijn niet altijd gemakkelijk te combineren. Dit komt deels door veronderstellingen en werkwijze van de verschillende disciplines. Archeologen hebben de neiging op basis van vondsten te concluderen dat er sprake was van deze of gene ‘cultuur’, met specifieke kenmerken. Maar het is de vraag of mensen zich identificeren met hun aardewerk of vorm van hun woningen– wat Van de Bunt illustreert door een toekomstige archeoloog uit opgravingen in wat ooit Nederland was te laten concluderen dat hier rond 2000 n.Chr. de ‘Groene Kliko-cultuur’ leefde.

Ook de ‘clusters’ die zichtbaar worden uit DNA-onderzoek of de taalkundige overeenkomsten tussen bepaalde groepen zeggen niet veel over hoe mensen zich identificeerden en tot welke groep, stam of volk ze zich rekenden. Als ze al in dit soort termen dachten. Van de Bunt laat zien dat de werkelijkheid complexer moet zijn geweest. Culturele kenmerken kunnen overlappen met genetische lijnen, maar dat hoeft niet. Terwijl mensen ook een taal kunnen overnemen zonder dat er een geheel nieuwe genetische populatie ontstaat. En hetzelfde geldt voor gebruiksvoorwerpen of rituelen.

Dat wil niet zeggen dat over de prehistorie niets met zekerheid te zeggen valt, maar wel dat de onderzoeker altijd op zijn hoede moet zijn voor onbewezen vooronderstellingen. Hoe de verschillende benaderingen gecombineerd kunnen worden blijkt bijvoorbeeld uit het hoofdstuk over de Yamnaya, nomadische herders die vanaf circa 3500 v.Chr. vanuit de steppen van het huidige Oekraïne naar het westen trokken. De Yamnaya waren geen etnisch homogeen volk met een duidelijke oorsprong. Ze vormden een bewegend netwerk, een flexibele structuur en manier van leven. Soms namen ze een gebied over, soms integreerden ze of sloten ze pragmatische allianties. Het beeld dat uit het onderzoek oprijst is minder eenduidig dan de vroegere, vaak nationalistisch ingekleurde ideeën over prehistorische ‘volken’, maar wel veel rijker.

Wereldreizigers. De ontdekking van Europa

Alexander van de Bunt
432 p. Omniboek, € 27,99

Wereldreizigers door Alexander ban de Bunt

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 6 - 2026

Nieuwste berichten

Philip Dröge
Philip Dröge
Column

Zhou, de souffleur van Bandung

‘De bevordering van gezellig verkeer.’ Zo luidde het doel van sociëteit Concordia in Bandung, een credo met de warme klank van tuttigheid. Om dat genoeglijke samenzijn te stimuleren bouwde men in 1895 een flinke feestzaal: een monument voor koloniaal zelfbehagen. Een balzaal die, tegen alle verwachtingen in, even het middelpunt van de wereld zou worden....

Lees meer
Duitse en Amerikaanse oorlogsschepen bij Samoa, 1899.
Duitse en Amerikaanse oorlogsschepen bij Samoa, 1899.
Artikel

Samoa was een Duits stukje paradijs

Eind negentiende eeuw probeerde Duitsland ook koloniën te verwerven. Het slaagde erin zich Samoa, een eilandengroep midden in de Stille Oceaan, toe te eigenen. Het avontuur duurde vijftien jaar. Je loopt er makkelijk aan voorbij, zo bescheiden is het. Maar daar staat het dan, aan een beetje verwaaid stukje kust in de hoofdstad van het...

Lees meer
Andrej Gromyko voor de Sovjetmissie in New York, oktober 1978.
Andrej Gromyko voor de Sovjetmissie in New York, oktober 1978.
Artikel

De pokerface van het Kremlin

Bij alle machtswisselingen en veranderingen bleef Andrej Gromyko bijna drie decennia het buitenlandgezicht van de Sovjet-Unie. Zijn ondoorgrondelijkheid en trouw werkten lang, totdat de tijd hem uiteindelijk inhaalde.  Tijdens recepties of feestelijke diners zagen westerse politici en diplomaten geregeld de vriendelijke Andrej Gromyko. Een praatje met hem maken was geen straf. Het gezicht van de...

Lees meer
Jan Feith door Daniël Rewijk
Jan Feith door Daniël Rewijk
Recensie

Jan Feith: de journalist die alles kon

Wie kent jonkheer Jan Feith nog? Tussen 1895 en 1940 was hij een van de bekendste journalisten, die een enorm oeuvre aan boeken en gelegenheidspublicaties bij elkaar schreef. Feith was tevens bekend als wielrenner en voetballer, en hij nam als verslaggever deel aan de eerste Elfstedentocht in 1909. Hij reed het laatste stuk zelfs mee...

Lees meer
Loginmenu afsluiten