• Inloggen
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Account aanmaken
    Historisch Nieuwsblad 11/2017

    De eerste democratische verkiezingen

    De Franse bezetter bracht stemrecht

    Door: Jonathan Israel

    Veel Nederlanders beschouwden de komst van de Franse revolutionairen naar de Republiek als een bevrijding. Vol energie discussieerden ze over een nieuwe inrichting van de politiek. Op 1 maart 1796 vonden de eerste democratische verkiezingen plaats.

    In de zomer van 1794 vielen Antwerpen en Luik ten prooi aan Franse troepen die de revolutie wilden verspreiden. Op 24 september sloegen de Fransen het beleg voor de belangrijkste Nederlandse vestingstad in Noord-Brabant, ’s-Hertogenbosch, een enorm vestingwerk dat na drie weken werd ingenomen. De stad werd een strategische basis en propagandacentrum van waaruit revolutionaire opruiing, nieuwsbrieven en pamfletten infiltreerden in het nog niet bevrijde gebied in het noorden. In oktober 1794 had legerleider Jean-Baptiste Jourdan niet alleen een groot deel van Nederlands Brabant onder de voet gelopen, maar ook Keulen, Koblenz en Düsseldorf.

    De succesvolle opmars leidde tot een groeiende pro-revolutionaire geestdrift in de grote Nederlandse steden. De talrijke leesgezelschappen in het land bliezen hun vroegere patriottische geestdrift nieuw leven in en lieten merken dat ze niets meer moesten hebben van stadhouder Willem V. Ze verbreidden openlijk hun republikeins-democratische ideeën.

    Enthousiasme voor de Nederlandse democratische ex-patriotten werd openlijk getoond. De commandant van het Nederlandse legioen dat met de Fransen meevocht, Herman Willem Daendels, en zijn secretaris, Gerrit Paape, een vooraanstaande figuur in het radicale denken in de Lage Landen, waren sterk gemotiveerde republikeinen. Uitvoerige informatie over de militaire en politieke situatie in de Nederlandse Republiek stroomde bij hen binnen, afkomstig van sympathisanten en militante anti-orangisten in Amsterdam, Den Haag en Utrecht. Niet in de laatste plaats van Willem van Irhoven van Dam, de belangrijkste contactpersoon van het Nederlandse legioen in Holland, een eminente intellectueel, die ook redacteur was van de Amsterdamse Coerier van Europa.
     

    Mensenliefde

    Van Irhoven had al jarenlang, op z’n minst sinds 1783, gewaarschuwd voor de ‘onbeheersbaarheid van een onbeperkte en onjuist gestructureerde democratie die we moeten vermijden’. Hij benadrukte dat wat hij en Gerrit Paape ‘filosofisch republickanisme’ noemden de enige juiste weg was naar republikeinse vrijheid, gelijkheid en stabiliteit. Verwijzend naar denkers als Guillaume Raynal, Denis Diderot, Gabriel Bonnot de Mably, Joseph Priestley en Richard Price, gebruikte Irhoven de term ‘onweesgerige’, die betrekking had op alles wat ondemocratisch, intolerant, monarchistisch en aan de aristocratie gelieerd was. Men zou hiertegen in kunnen brengen dat hij en Paape behoorden tot een heel kleine, niet-representatieve marginale groep, en dat is waar. Maar het waren juist deze mannen, die geloofden dat alleen de filosofie de mens kon leiden tot ‘liefde voor alle mensen en de vrijheid van het volk’, die de actieve groep vormden aan de frontlinie van de revolutie in Nederland. Zij leidden de groep die de Bataafse Revolutie van 1795–1800 initieerde en stuurde.
     

    Wilt u meer geschiedenisverhalen lezen?

    Ontdek de duizenden verhalen die we voor onze abonnees beschikbaar stellen, lees de nieuwste artikelen uit Historisch Nieuwsblad en ontvang iedere week leestips van de redactie in uw mailbox. Met Historisch Nieuwsblad Online krijgt u altijd de juiste historische context om het nieuws van nu te begrijpen.
    Registreer nu en lees de eerste maand voor slechts 1 euro!

    Al abonnee? Log dan in en lees direct alle geschiedenisverhalen online. Heeft u nog geen account of is uw emailadres niet bij ons geregistreerd? Lees dan hier hoe u verder kunt lezen.

    Word lidInloggen