Hoewel de analyse van de skeletten nog in volle gang is, heeft onderzoeker Marcus Scholz van de Goethe-Universität Frankfurt am Main inmiddels verklaard dat het hier zeer waarschijnlijk om menselijke offers gaat. De lichamen gaven er alle blijk van dat zij opzettelijk gepositioneerd waren, al dan niet voor hun dood.
De lichamen lagen verspreid over verschillende offerplekken. Zo troffen de archeologen recht voor een grote stenen altaarplatform een skelet aan met een zeer diepe beschadiging aan de ruggenwervel. Die is ontstaan door één steek met een groot scherp voorwerp dwars door het lichaam. Een ander skelet, inmiddels geïdentificeerd als dat van een jonge vrouw, is gevonden op een stapel potscherven bij een beeld van Diana, de Romeinse godin van de jacht. Ook dit skelet vertoont volgens de onderzoekers schade door ernstig geweld. Tot slot is er nog een derde menselijk overschot gevonden, ook recht voor een offerplek. De analyse van dit skelet is nog gaande. De skeletten dateren van tussen de jaren 83 en 127.
Mensenoffers waren zeer ongebruikelijk in het oude Rome. De onderzoekers denken daarom dat de tempel werd gebruikt door een cultus, die waarschijnlijk oude rituelen combineerde met de aanbidding van Romeinse goden. Het tempelcomplex maakt deel uit van de opgegraven oude stad Nida.
