Kunt u iets vertellen over uw meest bijzondere vondst?
‘Het is bijna tien jaar geleden dat ik de verloren gewaande beelden Signaal 1 en 2 van beeldhouwer Carel Visser (1928-2015) terugvond. Ik had er jarenlang naar gezocht. En het leuke is dat deze vondst de aanzet heeft gegeven tot een tentoonstelling van Vissers werk, die deze zomer te zien is in de Rijksmuseumtuinen. Dertien beelden van ijzer en brons. Als kunstenaar in de wederopbouwjaren had Visser weinig op met traditionele beeldhouwersmaterialen. In zijn minimalistische beelden werkte hij met spiegeling en herhaling. Ondanks de abstractie zijn er toch vormen uit de natuur in terug te vinden.’
Hoe is uw zoektocht naar Vissers beelden begonnen?
‘Het Rijksmuseum heeft in 2008 een belangrijke sculptuur van Visser aangekocht: Acht gestapelde balken, een werk uit 1964. Het staat permanent op zaal; het maakt deel uit van de collectie twintigste-eeuwse kunst, die toen nog in de kinderschoenen stond. We hadden destijds ook een wens om in de museumtuin een modern beeld op te stellen. Als eerste dachten we aan Visser, hij is tenslotte een van de meest toonaangevende naoorlogse Nederlandse beeldhouwers. En ja, toen ben ik op zoek gegaan naar een geschikt werk.’
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Hoe pakte u dit aan?
‘Ik doorzocht de literatuur en raakte geïntrigeerd door een foto van twee van Vissers beelden bij de ingang van het Haagse kantoor van de Postcheque- en Girodienst (PCGD). Een pand dat begin jaren zestig was gebouwd op een kale vlakte in het Bezuidenhout. De woonwijk die er lag, was in de oorlog per vergissing platgebombardeerd. Het was een brutalistisch gebouw, echte hardcore wederopbouwarchitectuur, van vier verdiepingen naar een ontwerp van het Rotterdamse architectenbureau Van den Broek en Bakema, dat ook de Lijnbaan ontwierp. Architect Jaap Bakema kende Visser onder meer van de Nationale Energie Manifestatie 1955 oftewel E55, een tentoonstelling ter viering van de Rotterdamse wederopbouw. Bakema vroeg hem een sculptuur te maken toen het PCGD-kantoor al zo goed als klaar was. Visser was al een veelgevraagd beeldhouwer en onder meer gastdocent in Amerika.’
Zijn nichtje, schrijver Carolijn Visser die naar haar oom Carel is vernoemd, schrijft in haar familiegeschiedenis Broers dat hij in zijn zwarte Rolls-Royce een aanrijding kreeg.
‘Ik weet alleen dat het een paar jaar duurde voordat Visser de opdracht voor het Haagse PCGD-kantoor gerealiseerd had. Hij maakte eerst kleine modellen. De beelden op groot formaat zijn in een constructiewerkplaats vervaardigd, waar je kranen en takels hebt. Signaal 1 en 2 zijn in 1964 geplaatst. Ze hebben op hun plek gestaan totdat KPN, waarin de Postgiro was opgegaan, het gebouw in 2000 verkocht. Ik ben gaan rondvragen onder kenners waar de twee beelden waren gebleven. Niemand kende ze. Tot ik een medewerker sprak die verantwoordelijk was geweest voor de kunstcollectie van KPN. Zij vermoedde dat ze wel eens op een werf konden liggen van een transportbedrijf dat KPN soms inschakelde. Op een wat grijzige ochtend in maart 2017 ben ik naar dat bedrijf in Wateringen toegegaan. En ja hoor, helemaal achteraan op het terrein lagen in een hoekje de twee beelden al 17 jaar te wachten tot KPN zou aangeven wat ermee moest gebeuren.’
Was u blij?
‘Ik was enorm opgelucht: de beelden bestaan echt, ze zijn er nog! Ze waren afgebladderd, maar nauwelijks verroest. Ik klopte op het staal en de constructie was nog prima in orde.’
Wat gebeurde er na uw vondst?
‘KPN zat op dat moment in een fase dat het bedrijf veel vastgoed afstootte. Dat had enorme consequenties voor de uitgebreide kunstcollectie van duizenden werken, waarvoor het een herbestemming zocht. Het telecombedrijf was bereid om Signaal 1 en 2 aan het Rijksmuseum te schenken en wilde ook nog de intensieve restauratiewerkzaamheden grotendeels bekostigen. Sinds 2024 staan de twee gespiegelde beelden van Visser permanent in de museumtuin.’
Hoe passen ze in de zomertentoonstelling?
‘Je ziet ze nu in de context van Vissers andere werken. Zo staat er ook Jacobsladder, een vroeg werk uit 1955 dat de beeldhouwer oorspronkelijk maakte voor de E55. Die hoge getrapte zwarte sculptuur staat normaal gesproken op een enorm verkeersplein in Utrecht. Daar is het in 1975 geplaatst, toen het geloof in de automobiliteit nog onaantastbaar was.’
Ludo van Halem
(1959) studeerde kunstgeschiedenis aan de Universiteit Leiden. Sinds 2008 is hij conservator twintigste-eeuwse kunst in het Rijksmuseum. Hij is onder andere mede-auteur van Willem de Kooning Drawing (2026) en Objectief Nederland (2018). De tentoonstelling van het werk van Carel Visser in de Rijksmuseumtuinen is gratis toegankelijk van 5 juni tot en met 25 oktober 2026.

