Home Dossiers Pandemie Habsburgers sloten de grenzen voor de pest

Habsburgers sloten de grenzen voor de pest

Hoe houd je een besmettelijke ziekte buiten je land? Door de grenzen dicht te gooien. Vanaf 1770 volgde het Habsburgse Rijk deze politiek een eeuw lang tegen de pest. Het stelde een cordon sanitaire van 1600 kilometer in langs de grens met de Ottomanen.

Habsburgers sloten de grenzen voor de pest

Mirjam Janssen

Eindredacteur

Gepubliceerd op: 20 april 2020

Update 3 juli 2026

Cover van
Dossier Pandemie Bekijk dossier

In de veertiende eeuw was de pest terug van weggeweest. Sinds de achtste eeuw had Europa geen uitbraken meer gekend, maar rond 1350 sloeg de infectieziekte met ongekende kracht toe. Een derde van de Europeanen, enkele tientallen miljoenen mensen, kwam om. De eeuwen daarop bleef de ziekte de kop op steken. De pest wordt veroorzaakt door een bacil, Yersinia pestis, die voorkomt op rattenvlooien. In periodes van grote rattensterfte gaan die vlooien op zoek naar nieuwe gastheren en springen over op mensen. Als die zijn gebeten, kunnen ze anderen besmetten door te niezen of te hoesten.

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je ook toegang tot HN Actueel? Hiermee lees je dagelijks geschiedenisverhalen met een actuele aanleiding op onze website en ontvang je exclusieve nieuwsbrieven. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

Meer historische context bij het nieuws van vandaag?

Meld je aan voor de gratis nieuwsbrief van Historisch Nieuwsblad.
Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in je inbox.

Bestuurders snapten heel lang niet hoe dat werkte, maar ze namen wel maatregelen om verspreiding van de pest te voorkomen. Zo plaatsten ze zieken in quarantaine en stelden ze een cordon sanitaire in rond besmette gebieden. Deze aanpak werkte redelijk, maar werd nooit systematisch afgedwongen. Dat gebeurde pas vanaf 1770 in het Habsburgse Rijk: dat ontwikkelde een cordon sanitaire van 1600 kilometer langs de grens met het Ottomaanse Rijk, want Constantinopel bleek steeds een haard van besmetting. Dit cordon sanitaire viel samen met de zogeheten Militaire Grens, die sinds de zestiende eeuw bestond als buffer tegen de Turken. De grens liep onder de zuidelijke grenzen van Kroatië en Hongarije langs, van de Adriatische Zee tot de bergen van Transsylvanië.

Aan de hele Militaire Grens stonden uitkijkposten. Zo’n 100.000 boeren uit de grensstreken vormden bij toerbeurt de bemanning. Ze mochten met musketten schieten op ongeoorloofd verkeer. Langs de grens kwamen twee soorten verzamelplaatsen: bij de kleinere konden geld en brieven worden uitgewisseld. De brieven werden uitgerookt met zwavel voor ze het Habsburgse Rijk in mochten en het geld werd gewassen in azijn. Bij grotere grensposten werden reizigers, vee en goederen gecontroleerd.

De behandeling van de reizigers hing af van de gezondheidssituatie in het Ottomaanse Rijk, die verklikkers doorgaven aan de regering in Wenen. Als er geen pestepidemie was, moesten bezoekers 21 dagen in quarantaine; bestond er een vermoeden van de ziekte dan moesten ze 28 dagen wachten en was er echt een uitbraak dan werden ze 48 dagen opgesloten. Zieke en niet-zieke mensen werden van elkaar gescheiden.

Van de goederen werden vooral katoen en wol extra kritische bekeken. Speciaal daarvoor aangewezen mannen moesten een paar nachten op de balen slapen om te zien of ze symptomen van de pest ontwikkelden. Minder besmettelijk geachte spullen werden gewassen, gelucht of uitgerookt.

Corruptie en handelsbelemmering

Het systeem was omslachtig en lang niet iedereen was erover te spreken. Het werk aan de Militaire Grens kostte de lokale bevolking soms wel de helft van haar tijd. Ook was sprake van corruptie, waardoor ongewenste personen en goederen toch de grens overkwamen. Bovendien vormde het systeem een belemmering voor de handel. Daarom verzachtte keizer Jozef II het na een jaar of tien; reizigers hoefden toen nog maximaal 28 dagen in quarantaine. Het cordon sanitaire leek wel te werken. Toen de pest bijvoorbeeld in 1814 uitbrak in Servië en Bosnië bleef Oostenrijk gespaard.

Toch rezen in de loop van de negentiende eeuw steeds meer bezwaren tegen het systeem. Het zou tot verarming van de grensstreken leiden, centralistisch optreden vanuit Wenen bevorderen en de vrijhandel belemmeren – wat vooral liberalen een probleem vonden. Het quarantainesysteem paste bovendien niet meer in een wereld die steeds meer verbonden raakte, onder meer door een groeiend netwerk van spoorwegen en stoomboten.

Tijdens het eerste internationale congres over besmettelijke ziektes in 1851 wonnen de tegenstanders van quarantainemaatregelen het pleit. Goede internationale samenwerking en informatie-uitwisseling leken betere manieren om besmettelijke ziektes aan te pakken. Al gold dat vooral voor Europa: pelgrims in Mekka moesten in geval van een cholera-uitbraak wel ter plekke of zelfs in de woestijn in quarantaine. Een maatregel die tot grote verontwaardiging leidde bij de Ottomaanse en Perzische gedelegeerden.

De Oostenrijkers pasten de nieuwe inzichten toe en versoepelden de Militaire Grens. Vanaf 1857 mochten stoomboten de Donau opvaren zonder dat de passagiers in quarantaine hoefden als ze afkomstig waren uit een gebied waar een jaar lang geen pestuitbraak was geweest. Niet lang daarna gold dat ook voor landverkeer. Alleen op ziektes van vee werd nog gecontroleerd. In 1871 werd het cordon sanitaire definitief ontmanteld. De pest was inmiddels uit Europa verdwenen.

De rol van het Oostenrijkse Militaire Grens daarin was vermoedelijk beperkt. Waarschijnlijk heeft een betere hygiëne meer bijgedragen aan de verdwijning van deze ziekte. Net als een strengere bestrijding van knaagdieren. Van groot belang waren ook de preventieve overheidsmaatregelen.

De aanpak van besmettelijke ziektes kreeg vanaf het eind van de negentiende eeuw een administratief karakter. Via gezondheidsverklaringen, visa’s en vergunningen hielden landen grip op personen, dieren en goederen die binnenkwamen. Ze konden daardoor nagaan waar die waren geweest en desnoods gerichte maatregelen nemen. Gezondheidsrisico’s konden ze zo indammen zonder de grenzen te sluiten.

Nieuwste berichten

Afrikaners herdenken de Slag bij Bloedrivier, 15 december 2025.
Afrikaners herdenken de Slag bij Bloedrivier, 15 december 2025.
Artikel

Afrikaners waren een uitverkoren, maar bang volk

Een handjevol Nederlandstalige pioniers of ‘Voortrekkers’ verslaat in 1838 een groot Zoeloe-leger. Hun nazaten geloven sindsdien dat zij door God zijn uitverkoren om Zuid-Afrika te beschaven, maar dat de zwarte inwoners hun voortdurend naar het leven staan. De Zuid-Afrikaanse Bloedrivier dankt zijn naam aan de miraculeuze veldslag die hier op 16 december 1838 plaatsvond tussen...

Lees meer
Deelnemers aan de vredesconferentie van 1899.
Deelnemers aan de vredesconferentie van 1899.
Interview

‘Trumps uitspraken betekenen niet het einde van het internationaal recht’

De Amerikaanse regering kondigt sancties aan tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag om het instituut te ‘verlammen’. Als gastland speelt Nederland een belangrijke rol bij het promoten van internationaal recht. Jurist, schrijver en onderzoeker Benjamin Duerr vertelt hoe dit eind negentiende eeuw begon, toen in Den Haag twee vredesconferenties plaatsvonden. ’Nederland besefte vroeg het...

Lees meer
Sterfte door de pest in Leiden, 1574
Sterfte door de pest in Leiden, 1574
Onderzoek

Londenaren stierven aan een pestmutatie uit het Ottomaanse Rijk

In Siberië is een laboratoriummedewerkster naar alle waarschijnlijkheid overleden aan de pest. Recentelijk bracht een groep wetenschappers de verspreiding van de pest tussen de veertiende en achttiende eeuw in kaart. Handelsstromen, oorlogen en extreem weer maakten Europa tot ideale voedingsbodem voor de ziekte. In wetenschappelijk tijdschrift PNAS beschrijven biologen hoe ze aan de hand van...

Lees meer
Donskoj in de Slag op het Koelikovo-veld
Donskoj in de Slag op het Koelikovo-veld
Interview

Rusland stuurt botten van middeleeuwse prins naar het front

Rusland stuurt de relieken van een middeleeuwse prins naar Oekraïne om ‘schouder aan schouder’ te staan met de soldaten in de loopgraven. Dat de Russisch-orthodoxe kerk voor een morele boost juist de overblijfselen van Dmitri Donskoj stuurt, is volgens historicus Nicolaas Kraft van Ermel-Nijland geen toeval. ‘In het traditionele Russische verhaal was Donskoj geen agressor,...

Lees meer
Loginmenu afsluiten