• Afrekenen
  • Mijn account
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    maandag 20 januari 2020

    De terugkeer van een ‘zombiegeschiedbeeld’

    Jona Lendering over zijn boek Xerxes in Griekenland

    Door: Teun Willemse

    Boeken en films hebben bijgedragen aan het mythische beeld van de Perzische invasie van Griekenland (480 v.Chr.) als een oorlog waarin een despoot met een Oosters leger de Griekse vrijheidswaarden bedreigt. In zijn nieuwe boek Xerxes in Griekenland gaat Jona Lendering deze mythe, een ‘zombiegeschiedbeeld’, te lijf. De Nederlandse historicus vertelt het verhaal van de invasie aan de hand van de Historiën van Herodotus, en laat zien hoe oudheidkundigen met hun bronnen omgaan: ‘Herodotus bedient de schijnwerper, licht uit wat hij belangrijk vindt. Wij moeten voortdurend nadenken over de dingen die hij níet beschrijft.’

    Wat wil u met dit boek laten zien?
    ‘Het boek gaat over de Perzische invasie van Griekenland in 480 v.Chr., een van die gebeurtenissen uit de Oudheid die steeds weer de aandacht trekt. Niet ten onrechte overigens, want er is veel boeiende informatie. Dat wil ik graag laten zien. Daarnaast wil ik tonen hoe een historicus omgaat met die informatie.’

    Waarom is dat laatste volgens u nodig?
    ‘Het grote probleem met oude geschiedenis – en ook met archeologie en klassieke talen – is dat de beoefenaren nooit uitleggen waar het wetenschappelijke element zit. Geïnteresseerden krijgen slechts de eindresultaten van een onderzoek te zien. Het is weleens getypeerd als “dit zijn de feiten en daarmee moet u het doen”. Belangstellenden die méér willen weten, concluderen daardoor dat oudheidkunde slechts draait om wat feiten op een rij, geen intellectuele diepgang heeft en daarom de moeite niet waard is.

    Ik vind dat zorgwekkend en probeer het lek te dichten. In mijn eerdere boek Het visioen van Constantijn toonde ik hoe lastig het is een bron te lezen, in Xerxes in Griekenland probeer ik uit te leggen wat historici doen, en in mijn volgende boek, Bedrieglijk echt, wil ik de papyrologie uitleggen.’

    Wat houdt de mythe rond de oorlog tussen Xerxes en de Grieken in?
    ‘Dat is het negentiende-eeuwse idee dat in het antieke Nabije Oosten despotische heersers allerlei mystiek denkende volken onderdrukten, terwijl in Griekenland een cultuur van de menselijke maat zou zijn ontstaan. Die cultuur was rationeel, vrij en humaan, en de hedendaagse westerse cultuur zou daarop voortbouwen. Doordat de Grieken de Perzen versloegen, redden ze niet alleen hun eigen vrijheid, maar de hele westerse beschaving.
     

    Classici lezen nu eenmaal geen boeken over geschiedtheorie, en dat leidt tot zombiegeschiedbeelden.

    Dit beeld is in de twintigste eeuw overleden en begraven, maar classici als Paul Cartledge en Tom Holland hebben die mythe na 9/11 nieuw leven in geblazen. Classici lezen nu eenmaal geen boeken over geschiedtheorie, en dat leidt tot zombiegeschiedbeelden.’

    Hoe dragen populaire verhalen en films als 300 bij aan deze mythe?
    ‘Indirect. Een film als deze zou nooit gemaakt zijn als historici hun inzichten beter hadden overgedragen. We hebben verzuimd het publiek de informatie te geven waarmee ze zich hiertegen kunnen wapenen. Ook zijn we er niet in geslaagd classici ervan te doordringen dat ze vaak verouderde inzichten doorgeven. Zo hebben we enerzijds een voedingsbodem voor deze mythe laten bestaan en anderzijds onkruid laten zaaien. Vreemd is het dus niet dat achterhaalde ideeën terugkeren, bijvoorbeeld via films als 300. Dat kun je Hollywood niet kwalijk nemen.’
     

    De slag om Thermopylae

    Aan de hand van Herodotus’ beschrijving van Xerxes’ veldtocht door Griekenland toont u aan hoe lastig het brongebruik voor oudheidkundigen kan zijn. Wat is het problematische aan een bron als de Historiën?
    ‘Laat vooropstaan dat Herodotus, eigenlijk onze enige bron, zijn best doet. Hij schrijft echter niet voor ons. Zijn doel is niet het verleden te tonen zoals het echt geweest is, maar het oprichten van een monument voor mensen die grootse en indrukwekkende prestaties hebben verricht. Hij presenteert koning Leonidas van Sparta als een soort held uit de Trojaanse Oorlog, en admiraal Themistokles maakt hij zo listenrijk als Odysseus. Zulke beschrijvingen stonden vol lof en het is geweldige lectuur, maar wij moeten uit een tekst die in feite een lofrede is, de antwoorden vissen op onze vragen.’

    U schrijft over ‘Herodotus’ schijnwerper’, welke rol speelt die hierin?
    ‘Herodotus’ visie op oorzakelijkheid is dat alleen individuen ergens de oorzaak van kunnen zijn. Dat denkbeeld is in de twintigste eeuw vervangen door complexere visies op causaliteit, dus leggen wij tussen de antieke feiten andere verbanden dan Herodotus doet. Dat mag en dat moet, maar het probleem is dat Herodotus wel onze voornaamste bron is voor die feiten. Hij selecteert ze voor zijn visie op wat er is gebeurd. Hij bedient de schijnwerper, licht uit wat hij belangrijk vindt. Wij moeten voortdurend nadenken over de dingen die hij níet beschrijft.’

    Dat achterhaalde ideeën terugkeren via films als 300 kun je Hollywood niet kwalijk nemen.

    Wat vindt u persoonlijk van Herodotus en zijn werk?
    ‘Het is een fijne auteur. Ik zou iedereen de lectuur aanraden, maar je moet niet alles geloven wat hij schrijft. Hij is veel geraffineerder dan hij lijkt. Zijn beschrijving van Babylon is daar een voorbeeld van. Hij schrijft dat mensen die nooit in die stad zijn geweest hem vast niet zullen geloven. Daarmee suggereert hij dat hij er zelf is geweest, maar schrijft dat nergens letterlijk op. Het duurde tot de jaren tachtig, negentig voordat oudheidkundigen doorkregen wat een slimme bedrieger Herodotus was.’

    U ziet een terugkeer van de mythe over de oorlog tussen Oost en West. Bent u optimistisch over de toekomst van de oudheidkunde in kwesties als deze?
    ‘Ach, het verleden wordt altijd misbruikt. Zo bezien is alles te relativeren. Toch is het verontrustend dat de inzichten van historici nu niet alleen worden genegeerd door politici en filmmakers, maar ook door hun naaste collega’s, de classici. En zoiets geldt ook voor de andere oudheidkundige disciplines. De archeologen letten nauwelijks op wat classici doen en er zijn oudhistorici die nooit aan een opgraving hebben deelgenomen. Het is allemaal te specialistisch geworden.

    We zullen moeten nadenken over een betere inbedding voor de geesteswetenschappen. De universiteit is slecht voor het personeel, dat half overwerkt is, slecht voor de wetenschap, die zich terugtrekt in specialismen, en slecht voor het publiek, dat wordt afgescheept met “dit zijn de feiten en daar moet u het mee doen”. We moeten een alternatief bedenken voor de universiteit, anders krijgen we alleen maar nieuwe ontsporingen.

    Xerxes in Griekenland: De mythische oorlog tussen Oost en West
    Jona Lendering, Omniboek 208p. € 20,-
    Bestel in onze webshop.