Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog probeerde het Voorlichtingsbureau Nederlanders aan een gevarieerd en matig dieet te krijgen. Aanvankelijk zocht het bureau daarvoor samenwerking met de voedingsindustrie. Maar die koos voor steeds krachtiger marketing vol onterechte gezondheidsclaims. Het Voorlichtingsbureau kaartte dat probleem aan bij politici, maar kreeg nauwelijks gehoor. Pogingen om via onderwijs een gezonde levensstijl te verspreiden verliepen uiterst moeizaam en ook artsen waren slechts matig in dit onderwerp geïnteresseerd.
Tegen deze achtergrond verschoof het Voorlichtingsbureau de focus van het collectief naar het individu. De focus op individuele verantwoordelijkheid ligt momenteel onder vuur van tegenstanders, die af willen van fat shaming en healthism.
