De Duitse historicus Felix Bohr (1982) heeft een missie: de herwaardering van Führerhauptquartier Wolfsschanze als belangrijke plaats delict van het Derde Rijk. Tijdens de oorlog verbleef Hitler meer dan 800 dagen in de Oost-Pruisische bossen bij Rastenburg – nu het Poolse Ketrzyn – en volgens Bohr had dat grote impact op zijn doen en laten. Bohr citeert instemmend een Italiaanse diplomaat: ‘Een paar jaar lang lag de geschiedenis van Europa besloten in dit bos.’
De Wolfsschanze was bedoeld als tijdelijk hoofdkwartier voor de invasie van de Sovjet-Unie. De leefomstandigheden waren er verre van ideaal. Maar toen Operatie Barbarossa vastliep, vond Hitler dat hij zijn ‘wolvenhol’ niet kon verlaten. Nazipropaganda stelde het immers voor als een anticommunistisch bolwerk, van waaruit de Führer het werk van de middeleeuwse kruisridders van de Duitse Orde voortzette.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Voor de ondergang is gebaseerd op het werk van kenners zoals Ian Kershaw en Peter Longerich, en ooggetuigenverslagen van wachters, secretaresses, generaals, ministers, adjudanten, artsen en de historici die het ‘oorlogsdagboek’ bijhielden. Dat zijn problematische bronnen, omdat velen van hen na de oorlog hun straatje schoon probeerden te vegen. Maar voor een beschrijving van de sfeer en het dagelijks leven in de Wolfsschanze zijn ze wel bruikbaar. Bohr schetst een gedetailleerd beeld van het vaak bizarre reilen en zeilen in de kolossale betonnen bunkers omgeven door mijnenvelden, wachtposten en luchtafweergeschut. Heldere kaarten en goed gekozen foto’s ronden dat mooi af.
Bohr beschrijft hoe er in de geïsoleerde wereld van de Wolfsschanze een groeiende kloof gaapte tussen werkelijkheid en wensdenken. De gedetailleerde kaarten die drie keer per dag door Hitler en zijn staf werden besproken, toonden ‘in toenemende mate hulpeloze pogingen tot zelfbehoud van een afbrokkelende krijgsmacht die door een misdadig regime de afgrond in werd gedreven’. In het hermetisch afgesloten bunkercomplex leek Hitler steeds meer overweldigd door de almaar onoverzichtelijker wordende situatie aan de verschillende fronten. Het hielp niet dat Hitlers getrouwen zijn zelfbeeld als briljant strateeg bevestigden en zijn lijfarts hem volspoot met pepmiddelen. Uiteindelijk dreef het Rode Leger Hitler uit zijn hol. De Wehrmacht blies de bunkers op.
Bohr biedt een interessante interpretatie van bekend materiaal. Maar zijn stelling dat beslissende besluiten in de Wolfsschanze zijn gevallen en dat Hitler daar radicaliseerde, weet hij niet echt hard te maken.
Voor de ondergang. Hitlers jaren in de Wolfsschanze
Felix Bohr
304 p. De Arbeiderspers, € 26,99
