Home Indonesië droomt van een nieuwe hoofdstad: Nusantara

Indonesië droomt van een nieuwe hoofdstad: Nusantara

Tegenwoordig is Indonesië voor 90 procent islamitisch. Maar eeuwenlang was de archipel in handen van boeddhistisch-hindoeïstische vorsten, die over een nog groter gebied heersten: Nusantara. De omvang van hun rijk en hun culturele glorie inspireert Indonesiërs nog altijd.   

Standbeeld van koning Hayam Wuruk in Mojokerto op Oost-Java
Standbeeld van koning Hayam Wuruk in Mojokerto op Oost-Java.

Ewout Klei

Historicus en journalist

Gepubliceerd op: 8 maart 2026

Update 3 juli 2026

Indonesië bouwt een nieuwe hoofdstad, Nusantara. Een naam die staat voor de gehele Indonesische archipel, een gebied dat groter is dan het huidige Indonesië. President Soekarno verklaarde al in de jaren zestig dat Maleisië en Nieuw-Guinea er ook bij hoorden. Daarmee greep hij terug op de geschiedenis van Majapahit, een oud hindoe-boeddhistisch rijk uit de dertiende eeuw.  

Sinds de vierde eeuw bestonden er in deze regio al  hindoe-boeddhistische koninkrijken. Door de komst van Indiase handelaren en geestelijken hadden Indiase religies, talen en culturen er voet aan de grond gekregen. Van die koninkrijken was Majapahit het grootste en het rijkste.  

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.

Het was de directe opvolgersstaat van het Oost-Javaanse koninkrijk Singhasari. De eerste vorst daarvan was de mythische Ken Arok, die begin dertiende eeuw aan de macht kwam en de stad Singhasari stichtte. De stad groeide uit tot een machtig koninkrijk op Oost-Java. De vorsten van dat rijk wilden hun invloed ook doen gelden op Bali, Sumatra, Kalimantan, Sulawesi en de Molukken. Ze kwamen daardoor in aanvaring met  Kublai Khan, de grootkan van de Mongolen en keizer van China. Hij eiste dat Singhasari hem als opperheer zou erkennen. Na de nodige conflicten wist het rijk de Chinezen te verjagen en herrees het uit de as als Majapahit. 

De legende van Ken Arok

Vorst Ken Arok werd verliefd op Ken Dedes, een prachtige koningin. Maar om haar te kunnen krijgen moest hij haar echtgenoot doden. Ken Arok wilde dit doen met een magische kris. De maker van deze kris liet nogal op zich wachten. Daarom vermoordde Ken Arok hem ook maar. Hierdoor werd de kris vervloekt: ook Ken Arok en zes van zijn nakomelingen zouden sterven door de kris.   

En alzo geschiedde. Ken Arok kreeg de vrouw van zijn dromen en stichtte de stad Singhasari, dat een machtig koninkrijk werd op Oost-Java. Maar toen hij vader was van vele zonen werd hij ingehaald door het noodlot. Hij werd gedood door zijn stiefzoon, die weer werd gedood door zijn halfbroer, die op zijn beurt ook weer werd vermoord. De cyclus ging door totdat de vloek was opgeheven, zo luidt de legende. 

Prambanan, negende-eeuwse hindoeïstische tempel in Zuid-Java. Uit de tijd van het koninkrijk Mataram.
Prambanan, negende-eeuwse hindoeïstische tempel in Zuid-Java. Uit de tijd van het koninkrijk Mataram.

Majapahit was in veel opzichten de voortzetting van Singhasari, maar met een nieuwe hoofdstad: Trowulan.  

Theaterstaat 

Majapahit en andere middeleeuwse rijken in Zuidoost-Azië worden ‘mandala’s’ genoemd, Sanskriet voor cirkel. In hindoeïsme en boeddhisme is een mandala een geometrische voorstelling van de kosmos, een centrum met concentrische circkels die een symbool vormen van orde en harmonie. Historici gebruiken deze term voor rijken als Angkor (Cambodja), Aytthaya (Thailand), Champa (Zuid-Vietnam) en Majapahit die geen vaste grenzen kenden. Hun macht straalde vanuit het hof naar omliggende gebieden. Soms overlapten de cirkels elkaar. Sommige lokale vorsten waren vazal van meerdere mandala’s tegelijkertijd en betaalden tribuut aan verschillende hoven. Het model lijkt op het feodalisme, maar is losser georganiseerd vanwege dubbele loyaliteiten en het ontbreken van duidelijke territoriale grenzen. Dat maakte mandala’s flexibeler, maar ook kwetsbaarder. 

De mandala Majapahit functioneerde – net als de latere hindoekoninkrijken op Bali – als een theaterstaat. De macht werd niet bepaald door bureaucratie of territoriale controle, maar door rituelen. Het paleis gold als microkosmos, elke ceremonie herhaalde de schepping en bevestigde de rol van de god-koning als middelpunt. In deze rituele en ceremoniële opvoering kreeg de samenleving haar vorm. Vazalvorsten, de adel, de priesters en het volk herkenden hun plaats in de hiërarchie. De staat was letterlijk een toneel waarop macht werd opgevoerd.  

Candi Panataran op Oost-Java was de favoriete tempel van koning Hayam Wuruk
Candi Panataran op Oost-Java was de favoriete tempel van koning Hayam Wuruk.

Majapahit had een strategische locatie. Het eiland Java ligt in de Ring van Vuur, waardoor het eiland bezaaid is met vulkanen. Hun as maakt de grond uitzonderlijk vruchtbaar, wat leidde tot rijke rijstoogsten en een hoge bevolkingsdichtheid. Dankzij deze overvloed kon Majapahit intensief handelen met andere eilanden. Uit de Molukken kwamen specerijen die werden verhandeld tegen luxegoederen uit China. Ook handelde Majapahit met Ayutthaya, Champa en India. Een belangrijke schakel in dit netwerk was de havenstad Tuban, waar landbouwoverschotten en exotische producten samenkwamen. 

Dat Majapahit een wereldrijk werd was vooral te danken aan Gajah Mada, bijgenaamd de olifantengeneraal, de mahapatih (eerste minister) van het rijk in de veertiende eeuw. Hij wilde de hele Indonesische archipel onder heerschappij van Majapahit brengen. Over Gajah Mada is weinig bekend. Volgens sommige bronnen begon hij zijn loopbaan als commandant van de elitewacht die de koningen van Majapahit beschermde. Het koninklijk hof van Majapahit was een politieke slangenkuil, toch wist Gajah Mada op te klimmen tot eerste minister.  

Rëlief op de muren van de tempel Candi Panataran
Rëlief op de muren van de tempel Candi Panataran.

Eerst consolideerde hij de macht van Majapahit over Oost-Java. In 1343 veroverde hij Bali. Daarna breidde het rijk zijn macht uit over de oostelijke eilanden. Halverwege de veertiende eeuw strekte de invloed van Majapahit zich uit van het Maleisische schiereiland tot de kop van Nieuw-Guinea. De andere eilanden betaalden tribuut, maar behielden hun eigen vorsten – zo werkte het mandalamodel. Alleen Oost-Java en Bali stonden onder directe controle van de koningen van Majapahit.  

Het bloedbad van Bubat 

Gajah Mada diende van 1328 tot 1350 onder koningin Tribhuwana Wijayatunggadewi, een moeilijke naam die elk Indonesisch kind op school uit zijn hoofd moet leren, en daarna onder haar zoon koning Hayam Wuruk. Onder deze koning beleefde Majapahit een gouden tijdperk. De glorie van Majapahit werd bezongen door hofdichter Mpu Prapanca in de Nagarakertagama. Dit op gedroogde bladeren geschreven dichtwerk zou pas in 1894 worden ontdekt. Koning Hayam Wuruk maakte een grand tour door Java en voerde in elke plaats religieuze rituelen uit, die door Mpu Prapanca tot in detail werden beschreven. 

Bron werd gered uit het vuur

In 1894 viel het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) het Balinese paleis van Cakranegara op Lombok aan. Het werd een bloedige slachting, waarbij mannen, vrouwen en kinderen werden gedood. De troepen plunderden de schatkamers, waarna brand het paleis grotendeels verwoestte. Net op tijd redde de indoloog Jan Laurens Andries Brandes (1857-1905) een kostbaar manuscript: de Nagarakertagama uit 1365. Samen met de overgeleverde Pararaton (in 1896 door Brandes uitgegeven en vertaald) vormt dit werk de belangrijkste bron over Majapahit. 

Schoolplaat uit 1911 die een aanval van het KNIL op het paleis in Cakranegara (1894) verbeeldt, door Jan Hoynck van Papendrecht
Schoolplaat uit 1911 die een aanval van het KNIL op het paleis in Cakranegara (1894) verbeeldt, door Jan Hoynck van Papendrecht.

Hayam Wuruk was dol op theater. Hij trad op als beschermheer van de kunsten en was zelf een begaafd danser. Aan het hof werden buitenlandse gasten vermaakt met de wayang topeng, een gemaskerde dans begeleid door gamelanmuziek, die nog steeds in Indonesië wordt beoefend. In deze dansen worden verhalen uit de Javaanse folklore uitgebeeld, onder andere over prinsen en prinsessen die op zoek waren naar de liefde van hun leven.  

Maar het liefdesleven van Hayam Wuruk ging helaas niet over rozen. Hij wilde een huwelijk aangaan met een prinses van het koninkrijk Sunda op West-Java, dat buiten de invloedssfeer van Majapahit was gebleven. De prinses, haar vader en hun gevolg reisden vol verwachting naar Majapahit, denkend dat zij koningin zou worden. Maar de machtige minister Gajah Mada had andere plannen: hij zag het huwelijk als een kans om Sunda te onderwerpen. De prinses zou geen koningin worden, maar slechts een bijvrouw. Dit leidde tot een felle ruzie. De koning van Sunda voelde zich diep beledigd en koos voor de strijd, maar zijn kleine gezelschap werd door het Majapahit-leger afgeslacht. Diep bedroefd en beledigd pakte de prinses een kris en nam haar eigen leven. Ze verkoos de dood boven de pijn en de schande.  

Bedroefd en beledigd nam de prinses haar eigen leven 

Dankzij dit bloedbad van Bubat zou Sunda niet integreren met de rest van Java. Het leidde tot animositeit met Sunda, die nog steeds bestaat. Volgens een hardnekkig stereotype hebben Javaanse families nog liever dat hun dochter trouwt met een Hollander dan met een Sundanees.  

De dood van Hayam Wuruk in 1389 was het begin van het einde voor Majapahit. Er volgde een opvolgingscrisis die uitmondde uit in een oorlog, waardoor het centrum ernstig aan gezag inboette. Lokale heersers gingen steeds meer hun eigen gang, waardoor de mandala Majapahit in de vijftiende eeuw van binnenuit verbrokkelde. Ook de verspreiding van de islam door islamitische handelaren verzwakte het rijk. De Majapahit-koningen tolereerden de islam, want dat was goed voor de handel. Maar de filosofie van de islam stond haaks op die van het mandala-ideaal. Volgens de islam is er maar één god: Allah. Die notie ondermijnde de religieuze legitimiteit van de god-koningen.   

Uitvoering van wayang topeng, een gemaskerde dans begeleid door gamelanmuziek
Uitvoering van wayang topeng, een gemaskerde dans begeleid door gamelanmuziek.

Eenheid

Van cruciale invloed was het sultanaat van Malakka, dat vanaf ongeveer 1400 de zeestraat tussen Sumatra en het Maleisische schiereiland controleerde. De sultans van Malakka werden gesteund door de Chinese Ming-keizers, die op deze manier de macht van Majapahit ondergroeven. Vazalstaten van Majapahit gingen zich richten op Malakka en gingen over tot de islam. Ook op Java kreeg de islam steeds meer aanhangers, vooral in de kustgebieden.  

Studenten voeren een gemaskerde dans op in het Gajayana-stadion in Malang, 2016
Studenten voeren een gemaskerde dans op in het Gajayana-stadion in Malang, 2016.

In 1475 werd op Midden-Java het sultanaat Demak gesticht, het eerste islamitische sultanaat op Java. Aanvankelijk was Demak een vazal van Majapahit, maar dat duurde niet lang omdat het hindoe-boeddhistische rijk in rap tempo verzwakte. Rond het jaar 1527 veroverde het sultanaat Demak de hoofdstad Trowulan. Toch betekende dit niet het einde. Veel hindoeïstische edelen waren sinds de burgeroorlog van 1478 naar Bali gevlucht, waar tot vandaag de dag de ritualistische Majapahit-tradities worden voortgezet.  

Het Indonesische motto is nu ‘eenheid in verscheidenheid’ 

Daarnaast spelen Singhasari en Majapahit een belangrijke rol in het Indonesische nationalistische narratief. De legende van Ken Arok en het Nusantara-ideaal van Gajah Mada kent ieder schoolkind. Het veertiende-eeuwse Javaanse epos Sutasoma van Mpu Tantular heeft ten slotte het Indonesische motto ‘Bhinneka Tunggal Ika’ – eenheid in verscheidenheid – opgeleverd. Tantular pleitte in zijn heldendicht voor vrede tussen hindoeïsme en boeddhisme. Indonesië is tegenwoordig voor 90 procent islamitisch, maar erkent daarnaast vier andere religies: katholicisme, protestantisme, hindoeïsme en boeddhisme.  

Meer weten:

  • Intrigue, Betrayal and War in Indonesia’s Greatest Empire (2024) door Herald van der Linde over Majapahit. 
  • Het land onder de regenboog (1979) door Mochtar Lubis over de geschiedenis van Indonesië.  
  • Negara. The theatre state in nineteenth-century Bali (1980) door Clifford Geertz.  

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 3 - 2026

Nieuwste berichten

De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
De oudst bekende afbeelding van een kanon in een Nederlands manuscript, circa 1400-1430
Interview

De ‘tanks van de Middeleeuwen’ werden ingehaald door nieuwe wapens

Tijdens een militaire oefening schakelden Oekraïense drones deze zomer met gemak Amerikaanse pantserdivisies uit. Ook aan het Oekraïense front geven de onbemande vliegtuigjes gewone soldaten een fighting chance tegen Russische tanks. Conservator Casper van Dijk van het Nationaal Militair Museum ziet parallellen met de opkomst van vuurwapens. ‘Edellieden met dure harnassen, de tanks van de...

Lees meer
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald
Onderzoek

Het Joegoslaviëtribunaal heeft de historische waarheid niet achterhaald

Enkel de waarheid zou als winnaar uit de strijd mogen komen. Met die ambitie begon het Joegoslaviëtribunaal (ICTV) in 1993 aan zijn taak. Maar het is er niet in geslaagd de historische waarheid over de Joegoslaviëoorlogen eenduidig te schetsen. Dat concludeert historicus en journalist Petar Finci in zijn proefschrift, dat hij op 23 september verdedigde...

Lees meer
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Artikel

Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken

Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog entten witte artsen zwarte mensen in met het pokkenvirus, om nieuwe entstof te kweken voor de soldaten aan het front. Vaak gebruikten zij vrouwen en kinderen in slavernij. Die hadden zelf geen enkele keuze en moesten de risicovolle behandeling gedwongen ondergaan. De oorlog tussen de noordelijke en de zuidelijke staten van...

Lees meer
De Bronzen Soldaat (Estisch: Pronkssõdur) in Tallinn is een omstreden Sovjet-oorlogsmonument uit de Tweede Wereldoorlog.
De Bronzen Soldaat (Estisch: Pronkssõdur) in Tallinn is een omstreden Sovjet-oorlogsmonument uit de Tweede Wereldoorlog.
Artikel

Russische cyberaanval legde Estland negentien jaar geleden al grotendeels plat

Europese inlichtingendiensten waarschuwen dat Rusland ‘binnen enkele maanden’ de NAVO wil testen door hybride aanvallen uit te voeren. Dat zou niet voor het eerst zijn. Al in 2007 kreeg Estland te maken met Russische cyberaanvallen en nepnieuws, die de samenleving tijdelijk ontwrichtten. Het begon allemaal vanwege een standbeeld. In een stil hoekje van de militaire...

Lees meer
Loginmenu afsluiten