Tussen Amsterdam en Friesland pendelde in de Tweede Wereldoorlog de Lemmerboot. Het schip bracht Joden en jonge voetballers naar Heerenveen, waar ze werden opgevangen. Jaap Visser beschrijft de raakvlakken tussen verzet en voetbal.
Tienduizenden liefhebbers zijn op zondag 21 mei 1944 naar het stadion in Sneek gekomen. De wedstrijd belooft een waar spektakel te worden: voetbalheld Abe Lenstra staat als altijd op het veld. Plotseling wordt met megafoons omgeroepen dat alle mannen bij de uitgang hun Ausweis moeten tonen. De Duitsers proberen uit de massa voetbalfans nieuwe dwangarbeiders te halen. Het resultaat is mager: veel mannen weten te ontsnappen.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
In Bontebok vertelt journalist Jaap Visser het verhaal van voetbal en verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog in Friesland. Hij laat zien hoe de Duitse bezetters het voetbal aanvankelijk gebruiken om hun goede wil te tonen. Wedstrijden mogen doorgaan. Abe Lenstra wordt geen strobreed in de weg gelegd, ook Duitse militairen zijn fan van de handige voetballer. Maar hoe langer de oorlog duurt, hoe minder er wordt gevoetbald. Friese voetbalclubs gaan zich ontfermen over Amsterdamse jeugdspelers: die worden ondergebracht bij gastgezinnen in Heerenveen en daarmee aan de hongerwinter ontkomen. Het moet geweldig zijn geweest voor deze jongens om te voetballen met de Heerenveense toppers.
Het dorpje Bontebok ligt midden in het Friese Schoterland, ten oosten van Heerenveen. In die regio worden tijdens de oorlog tientallen onderduikers verborgen, zowel Joden als jongemannen die dwangarbeid ontduiken. De vaart richting Heerenveen wordt in de volksmond de ‘Friese Jordaan’ genoemd, zoveel Joden zitten er. Communisten en gereformeerden werken gebroederlijk samen om de Duitsers te misleiden. Het draait allemaal om mienskip, onderlinge verbondenheid om de gemeenschap te laten overleven. Feike Klijnsma, de oom van auteur Jaap Visser, zat tot zijn oren in het verzet. Jaaps vader, Roef Visser, was een van de weinige onderduikers die door de Duitsers werden gepakt. Hij stak in het zicht van een naderende Duitse patrouille de weg over, wat hij moest bekopen met een zware gevangenisperiode in Wilhelmshaven.
Ondanks de mooie verhalen in het boek kan de lezer de draad gemakkelijk kwijtraken. Visser voert vele personen ten tonele, zowel voetballers, verzetsmensen als onderduikers. Lang niet altijd zijn hun verhalen met elkaar verbonden, soms neemt de voetbalromantiek het over. Abe Lenstra heeft bijvoorbeeld relatief weinig deelgenomen aan het verzet; hij hielp alleen met het vervalsen van stambewijzen. Verzetsmensen uit Bontebok hebben op hun beurt weinig binding met voetbal. Daarmee blijven het Friese verzet en de voetbalverhalen in het boek wat los naast elkaar staan.
Bontebok. Onderduik en verzet in het land van Abe Lenstra
Jaap Visser
320 p. Spectrum, € 22,99

Afbeelding boven: Voetballer Abe Lenstra, jaren veertig.
