• Inloggen
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Account aanmaken
    Historisch Nieuwsblad 1/2009

    Nieuw-Amsterdam en Nieuw-Nederland

    De Hollandse kolonie aan de Hudson

    Door: Geertje Dekkers
    De Nederlandse tolerantie stond aan de basis van de melting pot die New York – en later heel Amerika – zou worden, denken sommigen. Maar de kolonisten in Nieuw-Nederland onderhielden nauwe banden met de Republiek. Het opnemen van andere nationaliteiten in de kolonie en een moeizaam verworven godsdienstvrijheid kwamen voort uit pragmatisme. Opgaan in de nieuwe gemeenschap was geenszins de bedoeling.

    De wortels van Nieuw-Amsterdam

    Vraag een gemiddelde blanke inwoner van de Verenigde Staten wie de basis hebben gelegd voor zijn land, en hij zal antwoorden: ‘The Pilgrim Fathers.’ Amerikaanse schoolkinderen leren over de tocht van de Mayflower, die in 1620 uit het Engelse Plymouth vertrok met 102 streng-protestantse vluchtelingen aan boord. Zij stichtten kolonies en daar zijn de Verenigde Staten uit voortgekomen, is het idee.

    Maar de Verenigde Staten hebben nog meer wortels. Nederlandse, bijvoorbeeld. In 2009 werd herdacht dat de Engelse ontdekkingsreiziger Henry Hudson vierhonderd jaar geleden in dienst van de VOC aan land ging in het noordwesten van Amerika. Hij verkende het gebied rond de rivier die we nu de Hudson noemen en legde zo de basis voor een handelspost die in de eerste helft van de zeventiende eeuw langzaam zou uitgroeien tot de kolonie Nieuw-Nederland.
     

    De belangrijkste stad werd Nieuw-Amsterdam op Manhattan, het tegenwoordige New York.

    De belangrijkste stad werd Nieuw-Amsterdam op Manhattan, het tegenwoordige New York. ‘De wereld van Peter Stuyvesant’, noemen Nederlanders deze kolonie graag ronkend, naar de beroemde directeur-generaal Pieter Stuyvesant, die vanaf 1647 namens de West-Indische Compagnie (WIC) het gebied bestuurde.

    Amerikanen weten weinig over de Nederlandse kolonisten. Daarom schreef journalist Russell Shorto The Island at the Centre of the World. The Epic Story of Dutch Manhattan & the Forgotten Colony that Shaped America, dat uitkwam in 2004. Volgens hem legden de Nederlanders de basis voor de tolerantie van de Verenigde Staten. Die verdraagzaamheid namen ze mee uit de Republiek, aldus Shorto, en ook nadat de Engelsen de heerschappij hadden overgenomen, bleef de tolerantie in New York bestaan. Op en rond Manhattan woonde een groot aantal nationaliteiten door elkaar, en daarmee was de Nederlandse kolonie een voorloper van de Amerikaanse melting pot, schreef hij.

    Dat kwam hem op de nodige kritiek van Nederlandse historici te staan. Van Jaap Jacobs bijvoorbeeld, die een grondig proefschrift over de kolonie had geschreven: Een zegenrijk gewest. Nieuw-Nederland in de zeventiende eeuw. Volgens Jacobs was Nieuw-Nederland lang niet zo modern-tolerant als Shorto suggereert.
     

    De handelspost

    Het Nederlandse gebied waar de discussie over gaat, was in de eerste jaren van zijn bestaan niet meer dan een bescheiden handelspost. Het leven kon er hard zijn. Johannes de Laet, een bewindhebber van de WIC die zelf overigens nooit in Amerika is geweest, schreef in 1625: ‘want het is daer vrij wat kouder als het climaet wel behoore te wesen; het vriest ende sneeuwt daers des winters dapper; soo dat daer dickwijls inde riviere eenen stercken ijsganck gaet.’

    De eerste Europese bewoners van het gebied moesten zich tijdens de strenge winters zien te redden in grote kuilen met houten wanden en planken als dak. Het leven was er zwaar die eerste jaren, en de nieuwkomers moesten hard werken om een bestaan op te bouwen in een onbekend gebied. Toch ontstond er geleidelijk aan een kleine samenleving. Kooplieden vestigden zich er vanwege de handel in pelzen van met name bevers, maar ook van otters, nertsen en zelfs beren. Langzaam groeide de handelspost uit tot een kolonie van zeven- à achtduizend man.

    Een puur-Nederlandse affaire werd de kolonie nooit. In het gebied woonden natuurlijk indianen, met wie de Nederlanders handeldreven, en soms zelfs huizen deelden, maar ook oorlog voerden. Daarnaast werden na verloop van tijd slaven uit Afrika geïmporteerd. Over het algemeen werden zij behandeld als minderwaardigen en sleten ze hun leven in gevangenschap. Sommige kolonisten lieten hun slaven na verloop van tijd echter vrij, waarna ze een eigen bestaan konden opbouwen.

    Ten slotte trok het gebied ook andere Europeanen, met name Engelsen, Zweden en Duitsers. Waarschijnlijk was nooit meer dan 50 procent van de niet-indiaanse inwoners afkomstig uit de Republiek. De Duitsers waren meestal uit arme gebieden naar de welvarende Republiek gekomen, en toen het moeilijk bleek daar een baan te vinden hadden ze zich als soldaat of zeeman laten ronselen op een van de schepen van de WIC. Vaak bleven ze nadat hun schip weer was vertrokken een tijdje in de Nieuwe Wereld om geld te verdienen.
     

    Hollandse gebruiken

    In deze vreemde omgeving, met een vreemde natuur en verschillende vreemdelingen om zich heen, hielden de Nederlanders zo veel mogelijk vast aan hun eigen gewoonten en gebruiken. Ze bouwden er voor zichzelf een waar nieuw Nederland. De Nederlandse kolonisten waren niet van plan een melting pot te creëren, zoals Shorto die ziet. Van een versmelting van volken was geen sprake. De Europeanen woonden zelfs niet helemaal gemengd. Zo waren er bijvoorbeeld de overwegend Engelse dorpen Gravesende en Vlissingen.

    De oriëntatie op de Republiek blijkt onder meer uit de intensieve contacten die de Nederlandse handelaren en kolonisten onderhielden met hun land van herkomst, ook al lag dat duizenden moeilijk overbrugbare kilometers verderop. Velen van hen waren helemaal niet van plan zich definitief in de Nieuwe Wereld te vestigen en zagen een toekomst voor zich in de Republiek.
     

    Velen van hen waren niet van plan zich definitief in de Nieuwe Wereld te vestigen

    Zij wilden zeker niet opgaan in de nieuwe gemeenschap. Van de kolonisten die wel voor langere tijd in Amerika bleven, reisde een rijk deel regelmatig op en neer naar ‘huis’ voor belangrijke gebeurtenissen. Zwangere vrouwen die het zich konden veroorloven voeren bijvoorbeeld naar de Republiek om daar te bevallen.

    Ook buiten de reizen om onderhielden kolonisten connecties met hun thuisland. Die liepen in de eerste plaats via familie. Dat was niet alleen een privékwestie: ook het werkend bestaan was nauw verweven met verwanten in het vaderland. Handelaren in Nieuw-Nederland waren vaak door familiebanden verbonden aan Hollandse handelshuizen.

    Het belangrijkste handelshuis in Nieuw-Nederland was dat van de Amsterdamse familie Verbrugge, die (verre) verwanten naar de post stuurden om haar belangen te behartigen. Seth Verbrugge, leider van het grote handelshuis, omschreef zijn agent in Amerika Govert Loockermans bijvoorbeeld als ‘mijns vrouws ooms susters soon van goeyen huyse’.
     

    De bestuurders in Nieuw-Nederland hadden vaak banden met de elite van de Republiek

    Wilt u meer geschiedenisverhalen lezen?

    Ontdek de duizenden verhalen die we voor onze abonnees beschikbaar stellen, lees de nieuwste artikelen uit Historisch Nieuwsblad en ontvang iedere week leestips van de redactie in uw mailbox. Met Historisch Nieuwsblad Online krijgt u altijd de juiste historische context om het nieuws van nu te begrijpen.
    Registreer nu en lees de eerste maand voor slechts 1 euro!

    Al abonnee? Log dan in en lees direct alle geschiedenisverhalen online. Heeft u nog geen account of is uw emailadres niet bij ons geregistreerd? Lees dan hier hoe u verder kunt lezen.

    Word lidInloggen