Home Dossiers Israël en de Palestijnen ‘In Europa is het Heilige Land nog steeds heilig’

‘In Europa is het Heilige Land nog steeds heilig’

  • Gepubliceerd op: 2 januari 2024
  • Laatste update 20 jun 2024
  • Auteur:
    Ivo van de Wijdeven
  • 15 minuten leestijd
Portret van Bart Wallet
Slachtoffers tijdens de Jom Kippoeroorlog tussen Israël en de Palestijnen
Dossier Israël en de Palestijnen Bekijk dossier

Vroege zionisten zagen de Arabische bevolking als voorbeeld. Ze leerden van hen hoe ze het land moesten bewerken en er ontstonden vriendschappen. Tegelijkertijd werden de eerste spanningen zichtbaar. Hoogleraar Bart Wallet ontleedt het Israëlisch-Palestijnse conflict en gaat daarbij terug naar 1881. Het jaar waarin tsaar Alexander II werd vermoord en de Joden de schuld kregen. ‘Het was het begin van een golf van pogroms.’

Bart Wallet draait overuren. De hoogleraar vroegmoderne en moderne Joodse geschiedenis is sinds de oorlog tussen Israël en Hamas uitbrak een veelgevraagd commentator. Dat levert een drukke agenda op, maar in zijn werkkamer aan de Universiteit van Amsterdam vertelt Wallet dat hij heel blij is dat hij als historicus gevraagd wordt om zijn visie te geven. ‘Iedereen vraagt nu om achtergronden en iedereen realiseert zich ook dat daar de geschiedenis voor nodig is. Dat is een positief effect van deze verschrikkelijke oorlog.’

Meer lezen over Israël en de Palestijnen? Schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.

Ontvang historische artikelen, nieuws, boekrecensies en aanbiedingen wekelijks gratis in uw inbox.

Hoe belangrijk is kennis van de geschiedenis om het conflict tussen Israël en de Palestijnen te begrijpen?

‘Ongelooflijk belangrijk. Zonder geschiedenis snap je echt helemaal niets van wat daar gebeurt. Voor beide partijen is die geschiedenis erg belangrijk en ook een bron van legitimatie. Voor ons als wetenschappers en analisten helpt de geschiedenis om te begrijpen waarom mensen zich op een bepaalde manier opstellen.

Je ziet dat allerlei Midden-Oostenexperts het conflict louter vanuit geopolitiek en regionaal perspectief bekijken, maar dat is maar een deel van het verhaal. Wil je het helemaal begrijpen, dan heb je ook de Joodse geschiedenis nodig. Dit conflict wordt daar vaak van losgeknipt en dan mis je veel ingangen om juist ook de Israëlische houding te begrijpen. Dan wordt Israël het zoveelste koloniale project, maar dan mis je de clou van het zionistische project.’

En we moeten verder terugkijken dan de jaartallen die je vaak hoort in de media. Verder terug dan 1967, 1948 en 1917.

‘Zeker! Als je het over het conflict wilt hebben en over zionisme, dan moet je beginnen in 1881. Dat is volgens mij de sleutel.’

Want dat is het jaar dat…

‘Tsaar Alexander II werd vermoord, natuurlijk! En wie hebben dat gedaan? Daar hoef je als Rus niet lang over na te denken: de Joden. Dus 1881 is het begin van de eerste golf van moderne pogroms in het Russische Rijk. Joden worden uitgemoord en Joodse wijken worden platgebrand.

Na de moord op tsaar Alexander II in 1881 vindt er in Kiev een pogrom plaats.
Na de moord op tsaar Alexander II in 1881 vindt er in Kiev een pogrom plaats. Bron: Imageselect.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Historischnieuwsblad.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste historische verhalen door toonaangevende historici. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand, de eerste maand €1,99. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Op dat moment wonen de meeste Joden in het zogeheten vestigingsgebied, ruwweg het huidige Polen, Belarus en Oekraïne. Daar zijn ze als het ware opgesloten en economisch ingeperkt. Ze leven in grote armoede en hebben last van discriminatie. Als die pogroms er dan ook nog overheen komen, dan zeggen veel Russische Joden: we moeten weg.

Dat is het begin van grote migratiestromen uit het Russische Rijk. Vooral naar Amerika, wat de basis vormde van de grote Joodse gemeenschap daar. Maar er is ook een groep die zegt: we kunnen beter gewoon teruggaan naar het Heilige Land. In 1882 vertrekt een eerste groep van zionistische pioniers naar wat op dat moment een min of meer vergeten provincie van het Ottomaanse Rijk is.’

Maar daar hebben altijd Joden gewoond, toch?

‘Ja, maar die woonden alleen in de vier heilige steden: Jeruzalem, Hebron, Tiberias en Safed. En waarom woonde je daar? Om heilige dingen te doen in afwachting van de Messias. Studie van de Thora bij de bron was eeuwenlang eigenlijk de enige religieuze legitimatie om als Jood in het Heilige Land te wonen.

De nieuwe migranten uit het Russische Rijk gingen juist niet in die heilige steden wonen, maar op het platteland. Zij werden namelijk gedreven door een emancipatiegedachte: het idee dat Joden normale mensen zijn met dezelfde rechten als iedereen. Dat lukte niet in het Russische Rijk, maar ook niet in landen die vrijheid en verdraagzaamheid predikten. Denk maar aan de Dreyfus-affaire in Frankrijk eind negentiende eeuw.

Dus het idee was: we gaan als groep zelf emanciperen en een volk onder alle andere volkeren worden. In Europa waren ze dat niet. Kijk maar naar het economische profiel: Joden zaten in de handel en de wetenschap, maar niet in de landbouw want grondbezit was voor hen verboden. Om een normaal volk te worden moest je met de poten in de modder gaan staan en het land opbouwen. Tegelijkertijd maakten ze zo ook weer een connectie met het land waar ze zo lang waren weggeweest. Die terugkeer naar een plek waar volgens de religieuze teksten verre voorouders vandaan kwamen, maar die in de collectieve herinnering altijd dichtbij was gebleven, speelde een belangrijke rol.’

Hoe zit dat dan?

‘De klassieke rabbijnse blik op de geschiedenis heeft drie fasen. Je hebt de bijbelse periode, een gouden tijd die eindigt met de Joods-Romeinse oorlogen in de eerste en tweede eeuw. Dan heb je een periode van ballingschap: een tranendal waarin Joden niet meer thuis zijn, maar kwetsbaar als vaak vervolgde minderheid. Dat werd ook heel lang door de rabbijnen gezien als een soort straf. Maar uiteindelijk zouden de Joden mogen terugkeren naar het Heilige Land!

Het historische plaatje is wat gelaagder dan deze rabbijns-theologische visie: al ruim voor de Joods-Romeinse oorlogen was er een flinke Joodse diaspora rond de Middellandse Zee, terwijl ook na die oorlogen een aanmerkelijke Joodse bevolking in het land Israël bleef wonen.

Het utopische idee van terugkeer reisde evenwel altijd mee met de Joden in de diaspora en wordt ook weerspiegeld in gebeden. Tegelijkertijd mocht je daar niet op vooruitlopen, zeiden de rabbijnen, want je moest wachten tot de Messias komt. Er keerden steeds wel groepjes terug naar de vier heilige steden, maar het was expliciet niet de bedoeling om gewoon bakker te zijn in het Heilige Land.

Joden in Jeruzalem, 1895.
Joden in Jeruzalem, 1895.

In de negentiende eeuw zie je een secularisering van dat idee plaatsvinden. Joden geloofden nog steeds in dat klassieke schema, maar dachten ook dat die Messias er nooit zou komen. Daar zitten we al zo lang op te wachten, we gaan het zelf doen, was nu het idee. In die zin is zionisme een seculiere nationale beweging, vergelijkbaar met andere negentiende-eeuwse nationalistische bewegingen.’

De zionisten haken aan bij een bredere Europese ontwikkeling?

‘Tot de negentiende eeuw waren grote multi-etnische rijken de norm in Europa en het Midden-Oosten – denk aan het Russische Rijk, het Habsburgse Rijk en het Ottomaanse Rijk. Toen kwamen binnen die rijken nationale bewegingen op. Iedereen wilde losbreken uit die Völkergefängnisse en ging op zoek naar zijn eigen geschiedenis en taal. En iedereen wilde uiteindelijk onafhankelijk zijn op zijn eigen lapje grond. De kaart van na de Eerste Wereldoorlog tekende zich al af. Zo ontstond ook het Joodse probleem. Want hoe pasten de Joden in een mono-etnische staat?

Er kwamen ook verschillende Joodse antwoorden op die vraag. Het eerste was radicale assimilatie en opgaan in de bevolking. Daarnaast vond een groep dat Joden ook autonomie moesten krijgen waar ze woonden, dus vooral in het vestigingsgebied. Omdat de kans klein was dat dat zou lukken, werden er ook plannen gesmeed om in landen als Kenia, Angola en Suriname een Joods thuisland te starten.

De laatste groep werd gevormd door de zionisten die zeiden: we bidden er iedere dag voor, dus laten we dan ook gelijk het Heilige Land kiezen als thuis. Dat werd uiteindelijk het winnende idee, omdat andere strategieën gewoon niet bleken te werken en omdat ze werden ingehaald door de actualiteit.’

Maar wat was er ondertussen gebeurd in het Heilige Land?

‘Daar was de bevolkingssamenstelling natuurlijk wel veranderd. In de Late Oudheid was het een christelijk gebied geworden met kleine Joodse gemeenschappen daartussen, onderdeel van het Byzantijnse Rijk. In die periode werd het ook vanuit christelijk perspectief het Heilige Land. De “navel van de wereld” werd een pelgrimsoord voor christenen.

Dat werkt door tot op de dag van vandaag. Ook in het geseculariseerde Europa is het Heilige Land nog steeds heilig. Het gaat hier al 2000 jaar over Bethlehem, Nazareth en Jeruzalem. Dit zijn echt dieptelagen in onze geschiedenis, waardoor we een soort kaart in ons hoofd hebben van wat belangrijke regio’s zijn.

Die kaart werd extra complex op het moment dat de Arabieren het gebied veroverden in de zevende eeuw. Het duurde relatief lang voordat moslims een meerderheid vormden. Het werd ook een islamitische heilige plek – Jeruzalem is de derde heilige plaats na Mekka en Medina. Je ziet dat de competitie rond religieuze plekken direct aanwezig is. De Europeanen lieten zich met de kruistochten niet onbetuigd.

De rabbijnse traditie schreef voor dat de Joden moesten afwachten. Er was bijvoorbeeld in 1666 wel een Jood uit Smyrna die zich opwierp als de Messias en zei: “We gaan met z’n allen terug.” Dat sprak wereldwijd veel Joden aan. In Amsterdam waren ook al mensen bezig om spullen in te pakken. Maar de Ottomaanse sultan zag een Joods koninkrijk op zijn grondgebied niet zitten.

Eind negentiende eeuw was de Ottomaanse provincie Palestina onderdeel van een grote culturele eenheid: Groot-Syrië. En die werd op dat moment ook door het nationalisme gegrepen. Het pan-Arabisme was sterk in opkomst: weg met de Ottomanen, wij willen hier een seculiere Arabische staat. Daarnaast was er ook een specifiek Syrisch nationalisme.’

Dat botste natuurlijk met de Joodse nieuwkomers.

‘Vroege zionisten zagen de Arabische bevolking als voorbeeld. Ze droegen bijvoorbeeld ook de keffiyeh – de ‘Arafatsjaal’ die nu een symbool van Palestijns nationalisme is geworden – om te laten zien dat ze bij het land hoorden. Het oriëntalistische idee was: zeker de bedoeïenen leven nog precies zoals Abraham uit de Bijbel.

En de zionisten uit de beginperiode hadden natuurlijk geen flauw idee hoe ze landbouw moesten bedrijven. Dat leerden ze van Arabische boeren. Zonder hen was het hele zionistische project van nederzettingen stichten ondenkbaar. Er waren allerlei vormen van samenwerking, en er was ook vriendschap.

In 1909 kopen Joden land van de bedoeïnen om Tel Aviv te stichten. Hier worden de eerste kavels geveild.

Tegelijkertijd ontstonden er – zeker naarmate er steeds meer Joodse nieuwkomers arriveerden – spanningen en competitie. Dat begon al voor 1900. De Joodse nederzettingen werden gesticht op land dat van grootgrondbezitters was gekocht die in Damascus of Beiroet woonden, maar er woonden ook Arabische pachters op en die waren natuurlijk niet blij.

Met de teloorgang van het Ottomaanse Rijk in de negentiende eeuw botsten bovendien al die nationalistische bewegingen op elkaar. De pan-Arabische, Syrische en zionistische claims werden allemaal op datzelfde grondgebied geprojecteerd.’

Hoe gedroegen de Europese grootmachten zich?

‘Iedereen zag aankomen dat het Ottomaanse Rijk door zijn hoeven ging zakken. De “oosterse kwestie” was: wat moet ermee gebeuren? Vanwege koloniale belangen streefden de grootmachten naar een stevige vinger in de pap. Die kregen ze door zich op te werpen als beschermheer voor de minderheden. De Russen deden dat voor de orthodoxe christenen – president Vladimir Poetin doet dat overigens nog steeds – en de Fransen voor de katholieken in wat later Libanon werd. De Britten kozen de joden. Dat verklaart ook de Balfour-verklaring in 1917 waarin ze zich uitspraken voor een Joods nationaal tehuis. Om dezelfde reden steunden ze ook de pan-Arabische beweging. Allemaal om mee te kunnen beslissen over de toekomst van het Ottomaanse Rijk.’

Dus iedereen zit startklaar als dat  rijk definitief bezwijkt aan het einde van de Eerste Wereldoorlog?

‘De Amerikaanse president Woodrow Wilson kwam toen met het zelfbeschikkingsrecht. Zeg maar: exit empire, welkom natiestaat. In Europa kregen nationale bewegingen hun eigen staat. De volkeren in het Midden-Oosten beriepen zich daar ook op, maar het heersende idee was dat ze daar nog niet klaar voor waren.

De Britten en de Fransen wierpen zich op als coach en verkregen mandaatgebieden van de Volkenbond. Daar zat natuurlijk een politieke agenda achter. Want waarom wilden de Britten zo graag in Mesopotamië, Transjordanië en Palestina zitten? Vanwege de olie uit Irak en een droom van een pijpleiding die in Haifa uit moest komen.

‘Sommige grootmachten hebben geen belang bij de oplossing van het conflict’

Je ziet nu dat het regionale conflict ook internationale spelers heeft die allemaal belangen hebben, maar dat was dus van begin af aan zo. Mensen staren zich soms blind op de Israëli’s en de Palestijnen, maar de grotere geopolitiek heeft altijd een belangrijke rol gespeeld. De grootmachten hebben allemaal hun eigen belangen, en ze hebben er vaak ook geen belang bij dat het conflict wordt opgelost.’

De Tweede Wereldoorlog en de Holocaust spelen toch ook een belangrijke rol?

‘Vaak zeggen mensen dat de staat Israël het gevolg is van de Holocaust. Die speelt zeker een rol in de steun voor de Joodse staat, maar die werd eigenlijk al opgebouwd tijdens het Britse mandaat. Aan het einde van de jaren dertig was die staat al zo’n beetje klaar, maar de Britten trokken zich nog niet terug want ze werkten vanuit het oogpunt van rechtvaardigheid met de Arabische bevolking aan eenzelfde traject. Dus de Britten sorteerden al heel snel na de Eerste Wereldoorlog voor op een tweestatenoplossing.

‘De Britten streefden naar een tweestatenoplossing’

Het duurde wel even voordat de Palestijnse nationale beweging op gang kwam, want het pan-Arabische gedachtengoed was sterk. Het resultaat: aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog zijn de zionisten klaar, terwijl de opbouw van de Palestijnse staat nog goeddeels moet beginnen.

Na de oorlog is het dekolonisatie wat de klok slaat. Zowel de Joden als de Arabieren eisten het vertrek van de Britten als kolonisator. Palestina kwam op het bordje van de Verenigde Naties en dan neemt de geopolitiek het opnieuw over. Vanaf dat moment zie je dat het een Koude Oorlog-conflict wordt. Vrij snel nadat de staat Israël in 1948 was uitgeroepen, kwam die in het Amerikaanse blok terecht. De Sovjet-Unie nam de Arabische landen onder de hoede. Bij alle oorlogen die we daarna kregen – 1967, 1973 – zaten Washington en Moskou achter de knoppen.

Iedere oorlog creëerde helaas ook telkens de voedingsbodem voor de volgende. Het resultaat van de eerste Arabisch-Israëlische Oorlog in 1948 was dat die Israëlische staat er kwam, maar die Palestijnse staat niet. En 700.000 Arabische burgers werden vluchteling. Dat Palestijnse vluchtelingenvraagstuk werd een tikkende tijdbom, die tot op de dag van vandaag alleen maar harder is gaan tikken.’

Na de Koude Oorlog lijkt er met de vredesconferentie in Madrid en de Oslo-akkoorden van 1993 ruimte te ontstaan voor een vreedzame oplossing.

‘De twee nationale bewegingen erkenden elkaars legitimiteit. Maar dat ging in de jaren negentig uit de rails lopen; in beide samenlevingen ontwikkelden zich sterke flanken die dat helemaal niets vonden. Hamas gaf met een golf van terreur zijn visitekaartje af: we willen geen vrede of erkenning, het is alles of niks. En de Israëlische kolonisten aan de andere kant waren dezelfde mening toegedaan. Zij breidden het aantal nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever zo snel mogelijk uit om een voldongen feit te creëren.

‘Het redelijke midden is buitenspel gezet’

Het redelijke midden is nu erg verzwakt en buitenspel gezet. Hamas werpt zich op als dé vertegenwoordiger van het Palestijnse volk en aan de andere kant leveren de kolonisten nu ministers, terwijl ze aan het begin van de jaren negentig nog een randverschijnsel waren.’

Wat zou een oplossing kunnen zijn?

‘Er komt in ieder geval niet één seculiere staat met gelijke rechten voor alle burgers. Dat is een gepasseerd station. We hebben nu twee getraumatiseerde volkeren met extreme flanken, die helemaal geen oplossing willen, of een oplossing die betekent dat de ander moet verdwijnen.

De tweestatenoplossing is nog steeds de enige reële oplossing, die ook op draagvlak kan rekenen bij het politieke midden. Daar zal de oplossing vandaan moeten komen, met heel veel steun van de Arabische landen in de regio en van de internationale gemeenschap. De plannen liggen al heel lang in de lades van iedereen die er politiek toe doet.

Wat er ontbreekt is politieke moed. Men is gaan leven met de status quo. Dat was ook de strategie van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu. Die dacht met muren het gevaar in bedwang te kunnen houden. Beter de duivel die we kennen dan wat daarna komt. Die politiek is nu failliet. Maar goed, de vraag is of er leiderschap is dat nu wel politieke moed kan opbrengen.’

Foto door Isabeth Ismail.

Bart Wallet

(1977) is hoogleraar vroegmoderne en moderne Joodse geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is gespecialiseerd in het Nederlandse Jodendom. Wallet publiceerde onder meer: Canon van 700 jaar Joods Nederland (2023), Sam en Henny. Een eeuw orthodox-Joodse familiegeschiedenis (2021) en Christendom en antisemitisme. 2000 jaar confrontatie (2017).

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 1 - 2024