Home Impeachment in de Verenigde Staten

Impeachment in de Verenigde Staten

  • Gepubliceerd op: 21 december 2017
  • Laatste update 14 nov 2022
  • Auteur:
    Paul van der Steen
  • 11 minuten leestijd
Impeachment in de Verenigde Staten

Hoe kom je af van een president die zich misdraagt? Ruim twee eeuwen geleden bedachten de Amerikaanse Founding Fathers er nette spelregels voor.

 

 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Historischnieuwsblad.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste historische verhalen door toonaangevende historici. Steun ons door lid te worden voor maar €3,99 per maand, de eerste maand €1,99. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Het woord ‘impeachment’ viel al voor zijn inauguratie. Nadat zijn tegenstanders waren bijgekomen van de tamelijk onverwachte verkiezing van Donald J. Trump tot 45ste president van de Verenigde Staten, begonnen ze vrijwel onmiddellijk de discussie over zijn toerekeningsvatbaarheid. De aanhoudende beschuldigingen over Russische inmenging in zijn campagne en de Amerikaanse stembusstrijd vonden sommigen zeer verdacht. Dat leidde tot pleidooien om Trump af te zetten.

Misschien dat het lopende onderzoek van speciaal aanklager Robert Mueller naar de lijntjes met Moskou de president uiteindelijk zo in moeilijkheden brengt dat een procedure kans van slagen maakt. Maar alleen brokstukken van een ongemakkelijke waarheid, ontevredenheid over een wel erg narcistische persoonlijkheid of over al te impulsief Twitter-gedrag voldoen in elk geval niet om de president gedwongen te laten opstappen. De succeskans van de impeachment-procedure die zes Democratische politici in het Huis van Agevaardigden in november probeerden op te starten lijkt dan ook vrijwel nihil. Zij mogen overtuigd zijn van obstructie en ondermijning van de onafhankelijkheid van justitie door Trump, zolang een overgrote meerderheid van het Congres die mening niet is toegedaan, blijft de president gewoon zitten. Behalve de Democraten moet daarvoor ook een behoorlijk aantal Republikeinse volksvertegenwoordigers hun president afvallen.

Een nieuwe methode

 

De mogelijkheid hun staatshoofd af te zetten danken de Amerikanen aan de Founding Fathers van hun land en enkele anderen die 230 jaar geleden discussieerden over de inrichting van de democratie van de jonge natie. Tijdens de Conventie van Philadelphia in 1787 bogen vertegenwoordigers van twaalf van de dertien staten zich over hun Grondwet.

De Amerikanen hadden het juk van hun koloniale overheerser Engeland elf jaar daarvoor afgeschud. Dankzij de Verlichting circuleerden allerhande nieuwe inzichten over de relatie tussen volkeren en hun leiders. De Franse Revolutie, waarbij uiteindelijk zelfs de koppen van de koning en de koningin rolden, was aanstaande.

In een van God gegeven, overerfbaar leiderschap geloofde geen van de aanwezigen in Philadelphia. Het volk mocht de belangrijke functionarissen kiezen. En in noodgevallen moesten die ook afgezet kunnen worden. Maar was die laatstgenoemde mogelijkheid ook wenselijk voor de hoogste man van het land, de president?

 

Benjamin Franklin: ‘Europa vermoordt falende leiders, de VS zetten ze af’

 

 

Benjamin Franklin, de afgevaardigde voor Pennsylvania, vond van wel. Volgens hem was het simpelweg kiezen tussen de Europese en een nieuwe, Amerikaanse methode. Op het oude continent werden staatshoofden in geval van ernstig machtsmisbruik op bloedige wijze uit de weg geruimd. Franklin doelde onder meer op het oude Rome, waar op die manier menig machthebber zijn einde vond. Senatoren konden er met een beroep op de wet onder bepaalde omstandigheden worden afgezet, keizers niet.

In de Verenigde Staten van Amerika bekleedde niet een keizer, maar een president het hoogste ambt. Elke vier jaar kon die bij een verkiezing de gunst van het volk verliezen. Maar het kon ook tussentijds fout gaan. Volgens Franklin moest dan niet moord, maar een nette procedure een einde maken aan de misdragingen van de hoogste man van het land.

Een van de sleutelbegrippen tijdens de Conventie in Philidelphia was checks and balances. De Grondwet diende niet alleen te zorgen voor een gescheiden uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht, maar ook voor onderlinge controle. De andere machten dienden te kunnen ingrijpen als een er een potje van maakte.

Tekst loopt door onder de afbeelding

De Conventie van Philadelphia

Zelfs de president moest op die manier worden gecontroleerd, daar waren de afgevaardigden het over eens. James Madison, vertegenwoordiger namens de staat Virginia, vond een impeachment-clausule onmisbaar ‘voor het verdedigen van de gemeenschap tegen ongeschiktheid, nalatigheid of verraad’.

Maar welke macht moest de uitvoerende macht op deze manier kunnen corrigeren? Het Hooggerechtshof misschien? Of toch het Huis van Afgevaardigden en de Senaat, die immers ook het volk vertegenwoordigden dat een president had gekozen? Maar werd het staatshoofd in dat geval niet te veel gijzelaar van de rest van de politiek? Een bang aangelegde president zou uit angst om anderen tegen de haren in te strijken en om een afzetting te voorkomen verlamd kunnen raken.

Onthoofd

Benjamin Franklin had verwezen naar het oude Rome, maar het gezelschap in Philadelphia greep tijdens hun debatten over de best denkbare Grondwet vaker terug op de geschiedenis van hun voormalige koloniale overheerser, Engeland. In 1376 stelde het parlement daar paal en perk aan de welig tierende corruptie aan het hof. De verzwakte koning Eduard III of zijn plaatsvervanger, Jan van Gen, aanpakken durfden de volksvertegenwoordigers nog niet. Maar prominente raadgevers, onder wie een invloedrijke baron en zelfs de maîtresse van de koning, werden door het parlement wel ter verantwoording geroepen en opgesloten.

Het sterkste staaltje van impeachment in de Engelse geschiedenis werd geleverd in 1649. Na een jaren slepend conflict tussen voorstanders van een absolutistische monarchie en voorstanders van meer macht voor het parlement zag de nieuwe sterke man van de hervormingsgezinden, Oliver Cromwell, zijn kans schoon. Het Lagerhuis werd door zijn leger gezuiverd van de laatste koningsgezinden. Het overgebleven rompparlement boog zich buiten medeweten van het Hogerhuis over Karel I en zijn eerdere optreden. De volksvertegenwoordigers vonden hem schuldig aan hoogverraad en veroordeelden hem tot de dood. Zo gebeurde het voorheen ondenkbare: Karel I werd op 30 januari 1649 op last van het parlement voor een van zijn paleizen in Londen onthoofd.

Verraad

Op de Conventie van Philadelphia in 1787 kozen de Amerikanen voor een veel zorgvuldigere afzettingsprocedure. Het Huis van Afgevaardigden mocht een impeachment in gang zetten. Het was daarna aan de Senaat om een proces te organiseren, waarbij beide partijen hun zegje konden doen en getuigen konden opvoeren. Tot afzetting kon alleen met een tweederde meerderheid worden besloten. Gratie was daarna onmogelijk, vrijstelling van juridische vervolging kon in sommige gevallen wel.

Bij de gronden voor impeachment als verraad en omkoping wilden sommigen aanvankelijk wanbeleid voegen. Tegenstanders vonden dat afzetting daarmee een afrekening met onwelgevallige politiek kon worden. Bij ernstig verwijtbare handelingen als verraad en omkoping kwamen nu ‘andere zware misdaden en vergrijpen’. Wat daaronder precies moest worden verstaan, bleef altijd enigszins onduidelijk. Ook nu, als het over Trump gaat, staan heel verschillende interpretaties tegenover elkaar.

Ultiem middel

In de praktijk na 1787 bleken Amerikaanse politici meestal goed te begrijpen dat impeachment een ultiem middel was. Alleen tegen federale functionarissen van een lager niveau, veelal rechters, werd af en toe een afzettingsprocedure gestart. Begin 1868 besloot het Congres echter de zittende president Andrew Johnson aan te pakken.

Deze kleermaker die de politiek in was gegaan, was toen de Amerikaanse Burgeroorlog uitbrak de enige zuidelijke senator die de Unie trouw bleef. In 1864 werd hij als Democraat running mate van de Republikein Abraham Lincoln, die voor de tweede keer president wilde worden. De campagne slaagde. Op 4 maart 1865 werden de twee beëdigd. Johnson wekte tijdens zijn toespraak de indruk dronken te zijn. Zelf gaf hij een andere uitleg voor zijn warrige betoog: vanwege een koutje had hij een whisky genomen en die was verkeerd gevallen. Een dikke maand later, op 15 april, werd Lincoln vermoord en nam Johnson zijn plaats in.

Qua temperament was hij daar niet erg geschikt voor. De nieuwe president gold als een heethoofd en hield zich ook op zijn nieuwe positie niet in. Hij kwam meer en meer tegenover een grotendeels Republikeins Congres te staan. Het onderlinge twistpunt vormde de behandeling van het overwonnen Zuiden. Johnson wilde een pragmatische politiek. Een nieuwe rol voor voormalige rebellenleiders of inperking van burgerrechten van vrijgemaakte zwarte slaven vond hij niet per se een probleem. Maar de Republikeinen wilden ook garanties op het gebied van zwarte burgerrechten.

 

Andrew Johnson: ‘Let them impeach and be damned’

 

Johnson trok zich weinig aan van de wensen van het Congres. Dat probeerde op zijn beurt de president het leven zuur te maken, onder meer door een wet aan te nemen die hem verbood zonder toestemming van het Congres kabinetsleden te ontslaan. Johnson deed dat toch. Hij stuurde zijn minister van Oorlog Edwin Stanton de laan uit. Dat gaf het Huis van Afgevaardigden houvast om te vragen om een impeachment. Johnson reageerde op voor hem typerende wijze: ‘Let them impeach and be damned.

De Senaat nam twee maanden de tijd voor het proces. De president kwam niet opdagen. Bij de stemming redde hij het op het nippertje: voor de noodzakelijke tweederde meerderheid was er één stem te weinig. Johnson kon blijven. Maar zijn presidentschap liep toch op zijn einde. Hij was bijna zestig jaar oud en had geen zin om via verkiezingen een nieuwe termijn van vier jaar binnen te slepen.

Zelfverrijking

William Belknap, minister van Oorlog onder Johnsons opvolger als president, de Republikein Ulysses Grant, kwam in 1876 in opspraak vanwege zelfverrijking. Hij bleek soldaten te laten betalen voor handelsposten aan de Frontier in het Verre Westen en stak de opbrengsten daarvan in eigen zak. De politiek sleep de messen. Belknap zag de bui al hangen en toog naar het Witte Huis om Grant zijn ontslag aan te bieden. De minister overhandigde de president een brief waarin hij zijn aftreden aankondigde.

Het weerhield het Huis van Afgevaardigden niet van een impeachment-procedure. De Senaat, die zich over afzetting moest buigen, worstelde met de zaak. Belknap was toch al opgestapt? Binnen de Senaat leefde breed de overtuiging dat hij corrupt was, maar de tweederde meerderheid werd niet gehaald, omdat veel volksvertegenwoordigers vonden dat ze geen jurisdictie meer hadden in deze zaak.

President Grant gaf begin 1877 opdracht om de strafrechtelijke vervolging van Bellknap stop te zetten. Hij had volgens zijn oude baas al genoeg geleden onder de procedure in de Senaat.

‘Deep Throat’

In het geval van de Republikeinse president Richard Nixon voltrok zich een kleine eeuw later een Belknap-achtig scenario. Zijn tweede termijn als president stond in het teken van het Watergate-schandaal. Tijdens de campagne voor de presidentsverkiezingen werd tot twee keer toe ingebroken bij de Democraten en zij waren ook afgeluisterd. Mede dankzij niet-aflatend speurwerk van de Washington Post-journalisten Bob Woordward en Carl Bernstein en dankzij de tips van Deep Troath kwam de waarheid aan het licht. Het spoor leidde naar de Republikeinen. Uiteindelijk bleek ook Nixon zelf van de inbraken en de verdoezeling daarvan te hebben geweten. Terwijl de steun voor zijn presidentschap afnam, vluchtte hij in paranoïde verdachtmakingen en alcohol. In de allerlaatste fase ging in Washington zelfs een geheime notitie rond, waarin prominente kabinetsleden en de militaire top opriepen om orders van de president niet meer op te volgen. Al eerder waren maatregelen genomen om nucleaire ongelukken te voorkomen.

 

Bill Clinton ontkent dat hij seks had met een stagiaire

 

In augustus 1974 moest Nixon alleen zelf nog de onvermijdelijke conclusie trekken. Inmiddels steunden niet alleen Democraten, maar ook voldoende Republikeinen een impeachment-procedure. Terwijl demonstranten bij het Witte Huis ‘Jail to the Chief!’ scandeerden, tekende de president op 9 augustus zijn ontslagbrief. Met zijn vertrek voorkwam hij de afzettingsprocedure die zonder twijfel tot dezelfde uitkomst had geleid. Een maand later gaf de nieuwe president Gerald Ford zijn voorganger Nixon gratie, zoals Grant Belknap had gered van strafrechtelijke vervolging. Volgens Ford was het in belang van de natie en was de tragedie in Nixons familie al groot genoeg.

Bill Clinton kwam eind jaren negentig in de problemen door een affaire met stagiaire Monica Lewinsky. Kenneth Starr, de speciale onderzoeker van een oude gronddeal van de Clintons, had zijn opdracht ruim opgevat en was ook in de seksuele relaties van de president gedoken. Bill Clinton ontkende aanvankelijk een intieme relatie met Lewinsky. Toen uitkwam dat hij had gelogen, was het verwijt van meineed voor de Republikeinse meerderheid in het Huis van Afgevaardigden aanleiding om een impeachment-procedure aan te zwengelen. Net als in het geval van Andrew Johnson ruim een eeuw eerder werd de tweederde meerderheid in de Senaat die nodig was voor een afzetting niet gehaald: 67 volksvertegenwoordigers hadden dan op een van de twee gronden voor impeachment moeten stemmen. Maar slechts 55 waren voor afzetting vanwege belemmering van de rechtsgang. Nog minder, 45, toonden zich voorstander van een gedwongen vertrek vanwege meineed. Clinton mocht blijven. Al waren zijn acht jaar presidentschap voor altijd bezoedeld door de affaire. Waar hij opdoemt in de geschiedenisboeken zal het verhaal over spermavlekken op Lewinsky’s jurk nooit ver weg zijn. En waar andere grote presidenten zich met belangwekkende citaten van eeuwigheidswaarde verzekeren, is dat bij Clinton de quote ‘I did not have sexual relations with that woman, Miss Lewinsky’.

Paul van der Steen is historicus en journalist.

Meer weten

The Summer of 1787. The Men Who Invented the Constitution (2008) door David O. Stewart.

Impeached. The Trial of President Andrew Jackson and the Fight for Lincoln’s Legacy (2010) door David O. Stewart.

Richard Nixon. The Life (2017) door John A. Farrell.

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 1 - 2018