Home Duizenden ‘patiënten’ kwijnden weg in een Braziliaans horrorhospitaal

Duizenden ‘patiënten’ kwijnden weg in een Braziliaans horrorhospitaal

Eerder dit jaar sloot een berucht psychiatrisch ziekenhuis in Brazilië zijn deuren. In de twintigste eeuw stierven ongeveer 60.000 patiënten binnen de muren van ‘De Kolonie’ in het stadje Barbacena. De meesten van hen hadden geen mentale aandoening.

Patiënten in Barbacena, 1959.
Patiënten in Barbacena, 1959. Fotograaf: Luiz Alfredo

Peter Speetjens

Journalist

Gepubliceerd op: 28 augustus 2026

In naam van de rede is reeds menig misdaad begaan. Het voormalig psychiatrisch ziekenhuis in Barbacena, een stadje zo’n 500 kilometer ten noorden van São Paulo, is daar een treffend voorbeeld van.

Op het eerste gezicht lijkt er weinig mis met het negentiende-eeuwse complex met witte muren en rode daken. De façade oogt wat streng. Maar niets herinnert aan de gruweldaden die erachter schuilgingen. 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.

Geen medische diagnoses

Het Hospital Colônia de Barbacena was aanvankelijk een sanatorium voor welgestelden, die in de gezonde berglucht even op adem wilden komen. Dat ging gepaard met luie stoelen, telefoons en zilveren bestek.

In 1911 werd het rustoord omgetoverd tot het eerste psychiatrische ziekenhuis in de centrale deelstaat Minas Gerais. Vanaf dat moment ging het snel bergafwaarts. Brazilië was een conservatief land op de rand van de moderniteit. De psychiatrie stond er nog in de kinderschoenen, net als in de rest van de wereld.

De bouw van het ziekenhuis in Barbacena.
De bouw van een deel van het ziekenhuis in Barbacena, 1920.

A Colônia (De Kolonie) kampte van begin af aan met een schokkend gebrek aan medische diagnostiek. Zo werd in 1911 de 23-jarige Maria de Jesus opgenomen omdat ze ‘triest’ was. Wetenschappers schatten dat 70 procent van de geïnterneerden nooit een mentale aandoening had. Sommige mensen waren depressief, autistisch of epileptisch. Anderen waren alcoholist, zwerver, homoseksueel of buitenechtelijk zwanger. 

Neem Dona Geralda. Zij was vijftien jaar oud toen ze als huishoudelijke hulp door haar werkgever, een 53-jarige advocaat, werd verkracht en zwanger raakte. Om een schandaal te voorkomen liet de advocaat haar opnemen. De baby ging naar een weeshuis. Pas 45 jaar later, in 2011, sloten moeder en zoon elkaar opnieuw in de armen. 

Riool als waterbron

De Kolonie had een capaciteit van 200 patiënten, maar bood in 1960 onderdak aan zo’n 5000 mensen. Om ruimte te creëren, waren de bedden afgeschaft. Iedereen sliep op de grond met een deken en kroop vooral ’s winters dicht tegen elkaar aan om warm te blijven.

‘Honger en dorst waren een constante, zodanig dat het open riool tussen de paviljoenen diende als waterbron’, schrijft Daniela Arbex in haar boek Holocausto Brasileiro (Braziliaanse Holocaust), waarvan in 2016 een Netflixdocumentaire werd gemaakt. Het menu was elke dag hetzelfde: rijst, bonen, macaroni en een ei. Soms een beetje gehakt.

Er was niets te doen. Geen activiteiten, geen sport, geen therapie. En wat indertijd te boek stond als medische behandeling, heet elders gewoon marteling. Had iemand een epileptische aanval, dan kreeg hij een spuit. Was iemand lastig of opstandig, dan was er de koude waterstraal, een elektrische schok of zelfs lobotomie.

‘Ik bezocht een naziconcentratiekamp vandaag,’ schreef de Italiaanse psychiater Franco Basaglia toen hij in 1979 het hospitaal bezocht. ‘Nergens ter wereld aanschouwde ik zo’n tragedie.’

Patiënten van het 'horror hospitaal' in 1959. Foto door Luiz Alfredo.
Patiënten van het ‘horrorhospitaal’ in 1959. Foto door Luiz Alfredo.

De vergelijking met een concentratiekamp is zo gek nog niet. Niet alleen vanwege de horrorshow die achter de hoge muren schuilging, maar ook vanwege de trein waarmee de meeste mensen werden aangevoerd. Dat was bijna altijd een enkele reis. Eenmaal binnen de muren kwam iemand zelden nog buiten. Althans, niet in levenden lijve.

In 1961 kreeg de Braziliaanse fotograaf Luiz Alfredo toestemming om binnen de muren een reportage te maken voor het tijdschrift O Cruzeiro. Wie vandaag de foto’s van holle ogen in uitgemergelde, vaak naakte lijven ziet, zou met recht kunnen denken dat ze in Bergen-Belsen of Dachau werden genomen. 

Pas in 2026 gesloten

Naast het ziekenhuis bevindt zich een enorm kerkhof. Geschat wordt dat in de tachtig jaar dat het hospitaal in gebruik was zo’n 60.000 geïnterneerden stierven aan honger, kou en ‘medische’ zorg. Niet iedereen werd begraven. In de jaren zeventig ontstond er zelfs een ware koehandel in stoffelijke resten. Ongeveer 1800 kadavers werden verkocht aan medische faculteiten in de regio.

In de jaren tachtig kwam de hervorming van de psychiatrische zorg op gang en sloot De Kolonie geleidelijk aan haar deuren. Maar officieel werd de inrichting pas in mei 2026 gesloten. Er waren toen nog altijd veertien patiënten. Die waren gebleven omdat ze nergens naartoe konden. 

Vandaag de dag doet een deel van de voormalige inrichting dienst als Museum van de Waanzin. Naast talloze oude foto’s en documenten toont het de machines die gebruikt werden voor de zogenoemde elektroconvulsietherapie. Sommige patiënten stierven ter plekke als gevolg van de schokken, die konden oplopen tot 160 volt.            

De voorkant van het hospitaal, waarin nu het Museum van de Waanzin huist.
De voorkant van het hospitaal, waarin nu het Museum van de Waanzin huist. Foto: Wikimedia Commons/off-axis circuit.

In een glazen vitrine ligt een schedel omringd door metalen boren, tangen en priemen. Het lijkt het gereedschap voor het betere hak- en breekwerk van een tandarts, maar diende voor een incisie achter de ogen om een deel van de hersenen te verwijderen. Het gevolg van die lobotomie was dat velen een ‘kinderlijke persoonlijkheid’ kregen.

Collectieve schuld

Opvallend aan Arbex’ boek is dat de meeste functionarissen van De Kolonie in eerste instantie dingen wilden veranderen. Maar volgens hen luisterde niemand, dus accepteerden ze het maar. En zo draaiden ze vervolgens mee in de mallemolen.

‘De schuldvraag was het belangrijkste voor het schrijven van Holocausto Brasileiro,’ zegt Arbex in de Netflixdocumentaire. ‘Maar ondanks de honderden interviews die ik deed, kreeg ik nooit echt antwoord. Totdat iemand zei: “Wij zijn collectief schuldig”.’

Ouders, families, dokters, medewerkers, autoriteiten: iedereen die van het hospitaal wist maar wegkeek, droeg bij aan een systeem dat mensen ontmenselijkte en verwaarloosde, tot de dood erop volgde. De Braziliaanse journaliste Eliane Brum schreef het voorwoord voor Arbex’ boek en deed dat niet voor niets onder de titel: ‘De gekken zijn wij’.

Historisch Nieuwsblad heeft geprobeerd de rechthebbenden van het gebruikte beeldmateriaal te achterhalen en contacteren; mocht u rechthebbende zijn, dan verzoeken we u contact met ons op te nemen.

Nieuwste berichten

Filmopnames van A Bridge Too Far op de Ginkelse Heide.
Filmopnames van A Bridge Too Far op de Ginkelse Heide.
Artikel

Hoe de makers van ‘A Bridge Too Far’ kozen voor een brug verderop

Vijftig jaar geleden werd A Bridge Too Far opgenomen, het filmepos over operatie Market Garden in september 1944. Het filmcircus ging vrijwel geheel voorbij aan de stad waar de slag zich had afgespeeld: Arnhem. De film zal vrijwel geheel in de omgeving van Arnhem worden opgenomen, zo maakt producent Joseph Levine op 22 maart 1975...

Lees meer
Doktersbezoek door Jan Steen
Doktersbezoek door Jan Steen
Recensie

Van hormoonpleister naar eendenbek

Hoogleraar gezondheid en geesteswetenschappen Rina Knoeff gebruikt de geschiedenis om te waarschuwen tegen ‘medicalisering’ van de overgang. Maar haar argumentatie rammelt. Knoeff schrijft in Wisseljaren dat ze niets afdoet aan de ernst van de klachten die veel vrouwen in de overgang ervaren. Ze erkent ook dat er een verband bestaat met een dalende oestrogeenspiegel en...

Lees meer
Schilderij van de Bartholomeusnacht door Francois Dubois
Schilderij van de Bartholomeusnacht door Francois Dubois
Nieuws

Katholieken en protestanten werkten effectief samen in vroegmodern Frankrijk

Tijdens de Hugenotenoorlogen (1562-1598) bestreden de katholieken en protestanten elkaar te vuur en te zwaard. Toch waren er ook pogingen tot samenwerking tussen beide geloofsgroepen. Sherilyn Bouyer laat in haar recent verschenen proefschrift zien hoe een speciale rechtbank katholieken en protestanten bij elkaar bracht. Zowel katholieken als protestanten zagen in 1595, aan het einde van...

Lees meer
Still uit de film Coward
Still uit de film Coward
Recensie

Soldaten voelden zich vrij in vrouwenkleren

Oorlogsfilms zitten vaak vol gruwelijke gevechten en soldatenheroïek, maar Coward gaat over een minder bekende oorlogspraktijk. Het historische drama speelt zich af aan het Belgische front tijdens de Eerste Wereldoorlog, waar soldaten zich verkleden als vrouwen en optreden in revues voor hun medesoldaten. Gender- en seksuele normen waren er vrijer dan in de reguliere maatschappij....

Lees meer
Loginmenu afsluiten