• Inloggen
  • Shop
  • Winkelmand
  • Log in

    Wachtwoord vergeten?

    Account aanmaken
    Historisch Nieuwsblad 1/2019

    De kracht van Hendrik Koekoek

    Boerenslim

    Door: Koen Vossen

    Politici op zoek naar de gewone man kunnen nog wat leren van Hendrik Koekoek. In de jaren zestig speelde deze leider van de Boerenpartij handig in op de afkeer van de Haagse kaasstolp onder veel gewone kiezers. Het maakte hem tot een van de populairste parlementariërs - maar niet lang.

    Zijn naam valt tegenwoordig bijna alleen nog als er een partij of politicus belachelijk wordt gemaakt. Zestig jaar na de oprichting van zijn Boerenpartij geldt Hendrik ‘Boer’ Koekoek nog steeds als schoolvoorbeeld van politieke onkunde en vulgariteit. Legendarisch zijn aan hem toegeschreven uitspraken als: ‘Statistieken zeggen mij niets. Ik wil cijfers!’, of zijn verzuchting in de Tweede Kamer: ‘Ik krijg nooit geen beurt.’ Hilarisch was ook zijn carnavalssingle ‘Den Uyl zit in den Olie’ uit 1973, die hij met Vader Abraham opnam als protest tegen de door premier Joop den Uyl ingevoerde autoloze zondagen.

    Minder onschuldig waren zijn steunbetuigingen aan het apartheidsbewind in Zuid-Afrika, zijn beschuldigingen en verdachtmakingen aan het adres van politici en journalisten die hem dwarsboomden, en de veroordelingen vanwege de verwaarlozing van de pony’s op zijn boerderij in Bennekom. In 1981 vertrok Koekoek als een door vrijwel iedereen gemeden eenling uit de Tweede Kamer nadat de Boerenpartij haar enige zetel had verloren.
     

    Veel stemmen

    Toch was Boer Koekoek meer dan een politieke clown, en zijn Boerenpartij ook meer dan een platte protestpartij voor achterlijke boeren. In het hart van de jaren zestig, tussen 1963 en 1967, behoorde Koekoek tot de populairste politici van het land. Niet alleen op het platteland, maar ook in de Randstad wist deze bijna archetypische plattelander aardig wat medestanders te krijgen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen in 1966 boekte de Boerenpartij verrassend goede resultaten in steden als Haarlem (13 procent), Den Haag (11 procent) en zelfs in ‘magies sentrum’ Amsterdam (10 procent).

    Bij de in datzelfde jaar gehouden Provinciale Statenverkiezingen haalde de Boerenpartij 6,7 procent van de stemmen, wat goed zou zijn geweest voor ongeveer 13 zetels in de Tweede Kamer. Zo was 1966 niet alleen het jaar van Provo, Nieuw Links en D’66, maar ook van de Boerenpartij. De uitslag bij de Tweede Kamerverkiezingen van 1967 bleef iets achter bij de verwachtingen, maar met zeven zetels haalde de partij er evenveel als het D’66 van Hans van Mierlo. Waaraan dankten Koekoek en de Boerenpartij deze populariteit?

    De tekst loopt door onder de afbeelding.

    Wilt u meer geschiedenisverhalen lezen?

    Ontdek de duizenden verhalen die we voor onze abonnees beschikbaar stellen, lees de nieuwste artikelen uit Historisch Nieuwsblad en ontvang iedere week leestips van de redactie in uw mailbox. Met Historisch Nieuwsblad Online krijgt u altijd de juiste historische context om het nieuws van nu te begrijpen.
    Registreer nu en lees de eerste maand voor slechts 1 euro!

    Al abonnee? Log dan in en lees direct alle geschiedenisverhalen online. Heeft u nog geen account of is uw emailadres niet bij ons geregistreerd? Lees dan hier hoe u verder kunt lezen.

    Word lidInloggen