‘Excuses – daar gaan we het niet over hebben.’ Het deze week gepubliceerde onderzoek naar de Oranjes en het slavernijverleden vertelt ons niet alleen veel over hoe de Nederlandse elite eeuwenland tegen de mensenhandel aankeek, maar opmerkelijk genoeg ook hoe de moderne monarchie functioneert. Brisant zijn vooral de aantekeningen van Beatrix die onderzoeker Gert Oostindie mocht inzien en – zeer uitzonderlijk bij de Oranjes – ook citeert.
Dit artikel is exclusief voor abonnees
Drieëndertig keer sprak Beatrix een kerstboodschap uit. Drieëndertig keer ‘vrede op aarde’ en aandacht voor de gruwelen van anderen, terwijl ze nooit een woord vuilmaakte over de wandaden waar haar eigen familie bij betrokken was. En al helemaal niet over schuld. Het is geen toeval, ontdekte Oostindie. In haar aantekeningen over het koloniale verleden verheerlijkte de koningin niets, maar ze erkende ook geen Nederlandse verantwoordelijkheid, in tegenstelling tot wat Willem-Alexander later zou doen.
Bovendien was Beatrix selectief, ze had veel interesse in de Caribische gebiedsdelen, maar Suriname en Indonesië boeiden haar minder. Zelfs tijdens staatsbezoeken over en weer sprak Beatrix niet over de zwarte bladzijdes van Oranje in de Oost. ‘Ze vermeed excuses en sprak vooral in termen van vriendschap en een focus op de toekomst.’
‘Geen kranslegging. Verkeerde symboliek’
En dan de onthulling van het Nationaal Monument Slavernijverleden in 2002. Het was, zo weten we nu dankzij de studie van Oostindie, een koninklijke nagelbijter. Er waren bij Beatrix ‘aarzelingen over de vraag of het [haar aanwezigheid] opportuun was’. Want geef je daarmee geen verantwoordelijkheid toe? Beatrix wist donders goed dat ze moest gaan, net zoals je naar de begrafenis van je oudtante gaat die je nooit goed hebt gekend. Haar notities? Een prachtig inkijkje in haar geest. ‘Geen kranslegging,’ schreef ze. ‘Verkeerde symboliek.’
Alsof tranen onbetamelijk zijn; alsof gevoel tonen ongepast is voor degenen die nooit hebben geleden of voor zij die geen persoonlijke schuld hebben. Zelfs anderen moesten in die mal passen. ‘De onthulling zal [!] in het teken staan van de emancipatie uit de slavernij, niet van de herdenking van de slachtoffers. Dit zal uit de toespraken moeten blijken.’ Jawel, majesteit.
Excuses sloot ze helemaal uit en wilde ze ook niet bespreken. Waarom deed zij zo? Oostindie toont de bekende reflex om de Oranjes te beschermen. Het kwam door de kabinetten in haar regeerperiode, schrijft hij, die spraken niet over het kolonialisme ‘en dus beschikte ze niet over […] politieke bewegingsruimte’. Terwijl ze diezelfde marge op andere onderwerpen wel nam en iemand als Van Agt zich wel degelijk bezighield met deze thematiek. ‘Ze positioneerde zich ook bewust als hoedster van de tradities en de reputatie van het Huis van Oranje’, concludeert de hoogleraar, een scherpere analyse.
Je kunt ook zeggen dat de vorstin een kind van haar tijd was. Opgegroeid met daar werd wat groots verricht en de heldenverhalen van mannen in het wit met pitrieten helmen. Vandaar ook dat kijken naar de toekomst, de makkelijkste weg. Je voelt het ongemak, maar wilt het nog niet onder ogen zien. Dus je richt je blik diametraal de andere kant op.