Fischer laat zich eenvoudig inpassen in het schematische model van de Koude Oorlog, waarin hij als Amerikaan de rol kreeg toebedeeld van vrijpostige kapitalist. Hij was buitenissig in zijn eisen als het ging om belichting, de aanwezigheid van camera’s en de hoogte van de schaaktafel. Maar het waren vooral zijn eisen over de hoogte van het prijzengeld die hem in de ogen van velen maakte tot alles wat verwerpelijk was in Amerika. Boris Spasski was minder geschikt om zijn rol te spelen in dit Koude-Oorlogsdrama: hoewel hij werd afgeschilderd als een koele sovjetbureaucraat, was hij in werkelijkheid eerder een playboy die niets op had met de sovjetideologie en zich in de eerste plaats Rus voelde. Ook wist hij door handig marchanderen een aardig appartement te verwerven – niet bepaald het gedrag van een modelburger.
De BBC-journalisten David Edmonds en John Eidinow nuanceren in Bobby Fischer trekt ten strijde het dramatische beeld van de schaaktweekamp. Ze wijzen erop dat die plaatsvindt tijdens de detente, de periode waarin de gespannen verhouding tussen de VS en de Sovjet-Unie ontdooide. Op hoog niveau bemoeien politici zich dan ook nauwelijks met de schaakwedstrijd. Toch blijkt uit de acties van de spionagediensten van beide landen dat de relatie niet optimaal was.
Zo verspreidde de KGB het gerucht dat in de zwartleren stoel van Fischer een apparaat verborgen zat. Onduidelijk was of het de schaakprestaties van Fischer zou vergroten of het spel van zijn opponent zou aantasten. Om het gerucht aannemelijk te maken, onderwierp de KGB de stoel aan een röntgenonderzoek. Nog steeds is niet bekend of er echt een apparaat was geïnstalleerd in Fischers stoel.
De stoel van Bobby Fischer
'Dit gedoetje tussen mij en Spasski. Dat is een microkosmos van de politieke situatie in de hele wereld.' Bobby Fischer, die in 1972 op IJsland wereldkampioen schaken werd, schuwde nooit grote woorden. Maar deze keer stond hij daarin niet alleen: zijn strijd met Boris Spasski blijft voortleven als een voortzetting, en zelfs uitvergroting, van de Koude Oorlog.
Nieuwste berichten
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien 4 oktober 1993. Tanks die...
Verkiezingsfraude kwam regelmatig voor in de Verenigde Staten
Zogenaamd om stemfraude bij de komende congresverkiezingen in Amerika te voorkomen, pleit Donald Trump voor landelijke regels die voor alle staten moeten gelden. Hij is er wat laat mee, want de echte wanpraktijken bij Amerikaanse verkiezingen dateren vooral van de negentiende eeuw en de eerste helft van de twintigste eeuw. Dit artikel krijg je van...
Iraanse sporters dagen de macht uit
In Iran vormen sport, protest en politiek al eeuwenlang een nauw verweven, maar ook conflictueuze drie-eenheid. Nu zijn het vaak vrouwelijke voetballers die van zich laten horen. Ooit waren het worstelaars, vertelt politicoloog Caroline Azad. Gholamreza Takhti is een legende in Iran. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd deze worstelaar – ‘met...
Artsen zonder Grenzen: onafhankelijk, maar nooit apolitiek
Een groep artsen die vond dat het Rode Kruis niet genoeg deed tegen mensenrechtenschendingen in Biafra, stichtte in 1971 de medische hulporganisatie Artsen zonder Grenzen. De initiatiefnemers wilden volledig apolitiek opereren, maar dat bleek in de praktijk vrijwel onmogelijk. Médecins Sans Frontières (MSF), de moederorganisatie van Artsen zonder Grenzen, is een medische internationale hulporganisatie. Momenteel biedt MSF hulp in Nepal na een dodelijke overstroming en is de organisatie werkzaam in Oekraïne en Gaza, waar ze...
