Home Akbar de Grote: tolerante keizer in India

Akbar de Grote: tolerante keizer in India

Alexander, Catharina en Frederik. Alle drie heetten ze De Grote. Maar de grootste der groten was Akbar. De zestiende-eeuwse Mogolkeizer was een briljant strateeg, bevorderde kunst en cultuur, en stond als moslim op de bres voor vrijheid van religie.

Akbar de Grote met een stralenkrans en een valk, symbolen van zijn heiligheid en macht. Negentiende-eeuwse schildering naar een miniatuur uit circa 1650.
Akbar de Grote met een stralenkrans en een valk, symbolen van zijn heiligheid en macht. Negentiende-eeuwse schildering naar een miniatuur uit circa 1650.

Peter Speetjens

Journalist

Gepubliceerd op: 9 oktober 2026

Update 2 oktober 2026

De sterren waren legendarisch leider Jalaluddin Muhammad Akbar van het begin af aan goedgezind. Hij kwam op 15 oktober 1542 ter wereld onder een volle maan in Leeuw en een sterrenhemel die volgens zijn moeders astroloog maar eens in de duizend jaar voorkwam. Zijn vader Humayun was niet bij de geboorte omdat hij druk was met oorlog voeren. Hij zag zijn zoon pas twee maanden later.

Akbar groeide op in Kandahar en Kaboel. Hij was geen makkelijk kind. Leren vond hij maar niks. Liever ging hij paardrijden en jagen. Tutors kwamen af en aan, maar niemand kreeg vat op hem. Vermoed wordt dat Akbar dyslectisch was en om die reden nooit leerde lezen en schrijven.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.

Op 24 januari 1556 keek vader Humayun op het dak van zijn bibliotheek naar de sterren toen plots de oproep tot gebed klonk. Hij haastte zich de trap af, maar struikelde en brak zijn nek. Akbar was net dertien, kon nog geen snor laten staan, maar werd onmiddellijk tot de nieuwe padisjah (koning der koningen) gekroond. Wachten was te riskant. Het Mogolrijk was omringd door ambitieuze koninkrijken. En ook binnen de landsgrenzen waren er genoeg gegadigden die een stuk van de taart wilden.

Akbar steekt op zijn olifant de Ganges over. Miniatuur uit de Akbarnama, circa 1590.
Akbar steekt op zijn olifant de Ganges over. Miniatuur uit de Akbarnama, circa 1590.

Aanvankelijk regeerde Akbar met hulp van Bairam Khan, een oude vertrouweling van zijn vader. Als regent hield hij de binnenlandse gelederen gesloten en wist hij een enorme aanval uit het oosten af te slaan. Maar zodra de achttienjarige Akbar voelde dat Khan te veel macht naar zich toetrok, stuurde hij hem op bedevaart naar Mekka en nam hij zelf de touwtjes in handen.

Akbar was moedig en soms roekeloos

Akbar zou bijna vijftig jaar regeren. Hij was sterk gebouwd, moedig, in zijn jonge jaren soms roekeloos, alsook een briljant strateeg. Onder zijn bewind verdrievoudigde het Mogolrijk in omvang. Zoals onder zijn voorgangers bestond het Mogolleger allereerst uit Turkse en Oezbeekse ruiters, snel en dodelijk met pijl en boog. Naar goed Indiaas gebruik voegde Akbar daar oorlogsolifanten aan toe. Hij beschikte bovendien altijd over de nieuwste artillerie.

Van de talloze veldslagen die Akbar won, spreekt het beleg van Chittor Fort wellicht het meest tot de verbeelding. Het enorme bolwerk van muren en torens op een steile 180 meter hoge heuvelrug was het grootste fort in heel India. Het beleg duurde vijf maanden.

‘De spion Zanbur brengt Mahiyya naar de stad Tawariq’. Miniatuur uit de Akbar Hamzanama, een Perzisch heldendicht, zestiende eeuw.
‘De spion Zanbur brengt Mahiyya naar de stad Tawariq’. Miniatuur uit de Akbar Hamzanama, een Perzisch heldendicht, zestiende eeuw.

Akbar bracht niet alleen zijn leger, maar ook duizenden arbeiders naar het front. In een zigzagpatroon groeven zij loopgraven richting het fort. Als mieren kropen ze dichterbij tot ze in februari 1568 met een enorme lading buskruit een gat in de muren wisten te slaan. Akbars manschappen en olifanten stormden naar binnen. Toen duidelijk werd dat de strijd verloren was, stortten zo’n driehonderd Chittor-vrouwen zich in het vuur. Jauhar was een oude regionale traditie: liever de dood dan mogelijk onteerd.

Akbar deed de rest. Alle vijandige soldaten werden gedood en ook zo’n 30.000 burgers. Vrouwen en kinderen werden als slaaf afgevoerd. Het was de enige keer dat Akbar zich zo meedogenloos toonde en een bloedbad aanrichtte. Vermoedelijk uit wraak voor de enorme verliezen die hij leed gedurende het beleg én als waarschuwing voor iedere toekomstige opponent. Wat de reden ook was, het werkte.

Chittor Fort was een van de vele verdedigingswerken in de noordwestelijke deelstaat Rajasthan, thuishaven van de tribale Rajputs, die net zo vaak onderling vochten als met hun externe vijanden. Na de val van Chittor maakte Akbar afspraken met de meeste leiders, trouwde hun dochters, en maakte Rajasthan een cruciaal deel van het Mogolrijk.

De wortels van het Mogolrijk

Akbars grootvader Babur werd in 1483 geboren in het oosten van Oezbekistan. Hij was van roemruchte komaf. Via zijn vader was hij aan Timoer Lenk (1336-1405) verwant. Via zijn moeder aan Genghis Khan (1162-1227). Om aan de voortdurende stammenstrijd op de Aziatische steppen te ontsnappen, verlegde Babur zijn aandacht naar het oosten.

In 1526 veroverde hij Delhi, waarmee hij de basis legde voor het Mogolrijk. Maar na zijn dood in 1530 viel dat meteen uiteen. Terwijl zijn zonen Humayun en Kamran vochten over wie wat in het westen kreeg, veroverde de Afghaanse sultan Sher Shah Suri het oosten, waaronder Delhi. Het duurde vijftien jaar voordat Humayun het Mogolrijk wist te herenigen, met Perzische hulp. Mede daarom was dat van begin af aan sterk beïnvloed door de Perzische cultuur. Dat zie je bijvoorbeeld in de architectuur van Humayuns mausoleum, het Rode Fort en de Masjid Moskee in Delhi, en de Taj Mahal in Agra.

Akbars grootvader Babur. Miniatuur uit circa 1640.
Akbars grootvader Babur. Miniatuur uit circa 1640.

En niet alleen Rajasthan. Toen Akbar zijn 34ste verjaardag vierde, reikte het Mogolrijk van de Perzische grens tot de Golf van Bengalen, en van de Himalaya tot Maharashtra in het hart van India. Een immens gebied van bergen, vlaktes, steden en woestijnen, dat een thuis bood aan tientallen volkeren, talen en religies.

Administratieve hervorming

In haar essay Akbar the Great – The Ultimate Renaissance Ruler betoogt de Britse theologe en India-expert Jessica Frazier dat het genie van Akbar niet zozeer lag in het veroveren van een enorm grondgebied, maar vooral in het consolideren daarvan. Akbar legde het fundament van het rijk dat tot 1857 zou bestaan. 

Allereerst voerde hij een ingrijpende administratieve hervorming door. De rijkdom van Noord-India ligt in haar landbouw. De vruchtbare Gangesvlakte is goed voor twee tot drie oogsten per jaar. Akbar liet elk veld meten, berekende de gemiddelde opbrengst over tien jaar en bepaalde op basis daarvan wat een boer jaarlijks aan belasting moest betalen. Dat deed die boer aan een door Akbar benoemde gouverneur. Zoals voorheen was dat meestal een officier die was beloond voor trouwe diensten.

Jezuïeten – in het zwart – aan Akbars hof. Miniatuur uit een latere editie van de Akbarnama, circa 1605.
Jezuïeten – in het zwart – aan Akbars hof. Miniatuur uit een latere editie van de Akbarnama, circa 1605.

Echter, anders dan voorheen, was diensinkomen niet langer afhankelijk van wat hij ophaalde, hetgeen makkelijk tot uitbuiting leidde. Onder Akbar ontving de gouverneur een riant salaris van het centrale gezag. In ruil daarvoor zorgde hij voor het innen en afdragen van belastinggelden en hield hij te allen tijde een regiment ruiters paraat, zodat het Mogolrijk razendsnel kon mobiliseren. In geval van overlijden ging het gouverneurschap niet langer over van vader op zoon, maar benoemde Akbar een ander op basis van diens kwaliteiten. De nieuwe opzet voorkwam dat een gouverneur zijn deel van het Mogolrijk belangrijker vond dan het geheel. Ook stond het Akbar toe minder afhankelijk te worden van zijn oude Turks-Mongoolse achterban en meer en meer Perzen en Hindoes op basis van hun verdiensten in het staatsapparaat op te nemen.  

Architectuur en literatuur

Terwijl zijn grootvader en vader vanuit Agra regeerden, bouwde Akbar een nieuw onderkomen zo’n 35 kilometer verderop, in Fatehpur Sikri. De reden? Daar bevond zich de graftombe van de soefiheilige Salim Chishti, naar wie hij zijn oudste zoon had vernoemd.

Akbars paleis is nog altijd een indrukwekkend complex, opgetrokken uit rood zandsteen en marmer dat, zoals zoveel Mogolbouwwerken, tot werelderfgoed werd verklaard. Maar de huidige staat valt niet te vergelijken met de pracht en praal ten tijde van Akbar, toen alle muren waren beschilderd met fresco’s en alle vloeren bedekt met kleurrijke tapijten.

‘Agra en Fatehpur zijn twee geweldige steden,’ schreef een zestiende-eeuwse Engelse reiziger. ‘Beide zijn groter dan Londen en dichtbevolkt. De koning heeft 100 olifanten, 30.000 paarden, 1400 tamme herten, 800 concubines, luipaarden, tijgers, buffels, hanen en haviken – heel vreemd om te zien.’ De aantallen zijn vermoedelijk wat overdreven, maar Akbar hield er inderdaad een flinke dierentuin en harem op na. Die laatste speelde een belangrijke rol in het smeden en in stand houden van politieke allianties.
Akbar moedigde intellectueel debat aan. In Fatehpur Sikri bouwde hij een speciale hal waar theologen, filosofen en vrijdenkers welk onderwerp dan ook konden bespreken. Vanzelfsprekend was er aan het hof ook ruimte voor vertier. Elke avond traden zangers, muzikanten, dichters of verhalenvertellers op. Een van de populairste vertellingen was de Hamzanama, een Perzisch heldendicht over Hamza die ten tijde van de profeet Mohammed de wildste avonturen beleefde met prinsessen, tovenaars en demonen.

Akbar liet het paleis van Fatehpur Sikri bouwen.
Akbar liet het paleis van Fatehpur Sikri bouwen.

Akbar bedacht dat het verhaal nog veel mooier en spannender kon met behulp van illustraties. Gedurende vijftien jaar werkten meer dan 100 kunstenaars aan zo’n 1400 schilderijen die tijdens de voordracht werden vertoond – een soort cinema avant la lettre. Het werd de beroemdste versie van de Hamzanama ooit én gaf een enorme boost aan de miniatuurschilderkunst. Die was komen overwaaien uit China en Perzië, maar werd wereldberoemd onder de Mogols. Met veel gevoel voor detail en kleur bieden de minischilderijen een beeld van het leven aan het hof, oorlog en jacht, flora en fauna. 

Maar terug naar de literatuur. Want Akbar hield het niet bij de Hamzanama. Akbar had een speciaal vertaalbureau aan het hof, waar tientallen mensen werkten. Zij vertaalden onder meer de Ramayana en Mahabharata, India’s beroemdste heldendichten, van Sanskriet naar Perzisch, zo’n tweehonderd jaar voordat die Europa bereikten.

Akbar zag eenheid

Akbar was weliswaar moslim, maar geenszins een extremist. Integendeel, al vroeg in zijn bewind schafte hij de jizya-belasting voor alle niet-moslims af. De Rajput-vrouwen die hij trouwde, bleven hindoe en mochten hun geloof belijden zoals zij dat wensten.

Diepe haat voor alles Mogol

De hindoenationalisten die momenteel in India regeren hebben het maar moeilijk met de Mogols. Zij zien India als het natuurlijke thuisland van de hindoes, dat reikt van Pakistan tot en met Bangladesh. Volgens hen kende ‘Hindoestan’ een gouden tijdperk van zo’n 1000 vóór Christus tot de elfde eeuw erna, toen eerst de moslims en daarna de Britten het voor het zeggen hadden

Het is voor hen extra pijnlijk dat juist Akbar wellicht de grootste heerser is die het subcontinent ooit zag en dat de Taj Mahal wereldwijd als hét symbool van India geldt. Sinds de hindoenationalisten in 2014 aan de macht kwamen, zijn zij druk bezig de geschiedenis te herschrijven.

Op de meeste scholen zijn de Mogols inmiddels uit het lesmateriaal verwijderd, terwijl hindoekoningen en hun (vermeende) prestaties worden opgehemeld. De ironie wil dat, vele eeuwen voor de moslims, de eerste hindoes met hun heilige geschriften en koeien precies dezelfde weg van buitenaf aflegden. Maar dat past helaas niet in het plaatje.

Hindoes aanbidden de zon bij de Taj Mahal. Agra, 20 oktober 2022.
Hindoes aanbidden de zon bij de Taj Mahal. Agra, 20 oktober 2022.

Naarmate Akbar ouder werd, omarmde hij meer en meer de spirituele soefitak van de islam en de notie dat God vele namen en gezichten kent, maar uiteindelijk één en ondeelbaar is. In Fatehpur Sikri waren vertegenwoordigers van alle religies welkom: soennitische en sjiitische moslims, brahmanen, boeddhisten, jaïns en zelfs atheïsten. Naarmate Portugal zijn grip op Goa in het westen van India verstevigde, raakte Akbar ook geïnteresseerd in het christendom. Hij nodigde drie jezuïeten uit, die maandenlang aan het hof zouden verblijven. Met hun zwarte togen, kruizen en kale kruinen waren ze een exotische verschijning in zestiende-eeuws India. Aan het hof gingen ze niet zozeer in debat, maar trokken ze meteen vol van leer om andersgelovigen te bekeren. Akbar moest hen op zeker moment op het matje roepen met het verzoek anderen in hun waarde te laten. In 1582 formuleerden Akbar en zijn vele theologen zelfs een religieuze synthese met als doel de geloofsstrijd voor eens en altijd te beëindigen. Het zal niet verbazen dat zelfs de grote Akbar daar niet in slaagde. Zijn Tawhid-i-Ilahi (Goddelijke Eenheid) was maar een kort leven gegund. Toch verdient Akbar zijn eretitel als geen ander. In een tijd dat Europa werd verscheurd door haat en godsdienstoorlogen, zag Akbar eenheid in diversiteit, rijkdom in verscheidenheid. Nu de roep om een ‘sterke leider’ en ‘eigen volk eerst’ steeds luider klinkt, is hij een welkome herinnering aan een ander geluid.

Meer weten:

  • Keizers van de Taj. Glorie en ondergang van het Mogolrijk (2025) door Dirk Collier
  • Akbar. The Great Mughal (2020) door Ira Mukhoty
  • The Last Mughal. The Fall of a Dynasty, Delhi, 1857 (2006) door William Dalrymple

Dit artikel is gepubliceerd in Historisch Nieuwsblad 10 - 2026

Nieuwste berichten

Assyrische koningslijst, zevende eeuw v.Chr
Assyrische koningslijst, zevende eeuw v.Chr
Nieuws

Assyrische koningen uitgewist door opvolgers

De zogeheten koningslijsten behoren tot de belangrijkste bronnen over het Assyrische Rijk. Ze bevatten de namen en regeerperiodes van heersers. Maar uit nieuw onderzoek blijkt dat de lijsten niet volledig zijn. Historici hebben drie Assyrische koningen gevonden die bewust zijn weggelaten. In de Journal of Cuneiform Studies schrijven assyriologen Eckart Frahm en Alexander Johannes Edmonds...

Lees meer
Beatrix bij het slavernijmonument
Beatrix bij het slavernijmonument
Artikel

Beatrix wilde geen krans leggen bij het Slavernijmonument

Koningin Beatrix wilde geen excuses maken voor het Nederlandse aandeel in de Trans-Atlantische slavernij, zo blijkt uit de meerdelige studie naar het koloniale verleden van de Oranjes. Historicus en schrijver Philip Dröge vraagt zich af: waarom deed de vorstin zo? ‘Excuses – daar gaan we het niet over hebben.’ Het deze week gepubliceerde onderzoek naar...

Lees meer
‘Het vertrek van de moffen uit Colmar’. Illustratie door Hansi (JeanJacques Waltz) uit het prentenboek L’Alsace heureuse, 1919.
‘Het vertrek van de moffen uit Colmar’. Illustratie door Hansi (JeanJacques Waltz) uit het prentenboek L’Alsace heureuse, 1919.
Artikel

Elzassers werden over de Rijn geschopt

Dan weer Duits, dan weer Frans. Door de eeuwen heen stond Elzas-Lotharingen afwisselend onder Duits en Frans bestuur. Uit recent opgedoken documenten blijkt nu pijnlijk gedetailleerd hoe Frankrijk na de Eerste Wereldoorlog 130.000 Duitse inwoners zonder pardon de grens overzette. Nog geen twee weken nadat een wapenstilstand een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog, liep...

Lees meer
Puinvrouwen in Berlijn, 1945.
Puinvrouwen in Berlijn, 1945.
Artikel

De mythe van de puinheldin

Met haar blote handen ruimde Helga Velden samen met duizenden andere vrouwen het puin van de Duitse straten. Deze zogenoemde Trümmerfrauen worden gezien als ‘heldinnen van de wederopbouw’. Zelf dacht Velden daar heel anders over.  Helga Velden is achttien jaar als ze vlak na de oorlog aan het werk gaat in Tiergarten, het grote park...

Lees meer
Loginmenu afsluiten