Home Dossiers De Verenigde Staten Soldaten in de Amerikaanse straten, dat is vragen om ongelukken

Soldaten in de Amerikaanse straten, dat is vragen om ongelukken

  • Gepubliceerd op: 11 sep 2025
  • Update 16 jan 2026
  • Auteur:
    Frans Verhagen
Soldaten in de Amerikaanse straten, dat is vragen om ongelukken
Cover van
Dossier De Verenigde Staten Bekijk dossier

Trump dreigt het Amerikaanse leger naar Minneapolis te sturen. Het wachten is op een ongelukkige confrontatie tussen burgers en de ongewenste troepen, waarna er geschoten gaat worden. Zo ging het immers ook in 1770 in Boston, in aanloop naar de Amerikaanse Revolutie.

Amerika heeft het eerder gezien: troepen op straat, incidenten, provocaties, ongelukken. Sterker, het was in de jaren voor 1776 een van de redenen dat de roep om onafhankelijkheid, om verlossing van de tiran die troepen stuurde, in een stroomversnelling kwam. Drie jaar voordat in 1773 de Boston Tea Party de lont in het kruitvat stak, vond de Boston Massacre plaats. Dat was precies zo’n escalerende confrontatie waar ongewenst en onbedoeld, maar bijna onvermijdelijk doden bij vielen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Na rellen en aanvallen op douanebeambten die een smokkelschip in beslag hadden genomen, stuurden de Engelsen in 1769 twee regimenten van Quebec naar Boston. Voor het eerst werden Engelse troepen ingezet om het gezag in de kolonies te handhaven, niet tegen externe bedreigingen, maar tegen de eigen staatsburgers. De inwoners van Boston, berucht als ‘de moeilijkste’ van de koloniale steden, moesten verplicht onderdak en voedsel verschaffen aan de soldaten. In een stad van 15.000 inwoners waren nu ineens zo’n 4000 redcoats gelegerd. Benjamin Franklin had het over ‘het installeren van een smederij met open vuur in een kruithuis’. Veel Amerikanen waren tegen een permanent leger: ‘No standing army!’ was een veelgehoorde kreet.

Dagelijkse provocatie

De komst van de Engelse troepen leidde alleen maar tot meer woede en incidenten. Zo hadden soldaten, zo ging het verhaal, een aantal ‘Negro servants’ opgestookt tegen hun eigenaren, met de belofte dat de Engelsen in Boston waren om hun de vrijheid te geven. De blanke elite reageerde onthutst, altijd bang dat slaven ooit de wapens zouden oppakken (het idee dat er in het Noorden geen slavernij bestond, is een mythe, al ging het vooral om huisslaven). Ironisch genoeg beweerden de slavenhouders dat ze zelf slaaf zouden worden van de Engelsen.

In januari 1769 waren Engelse officieren slaags geraakt met buurtwachten, nadat een van de officieren een burger wreed in elkaar had geslagen. De onrust liep verder op omdat ook burgers met elkaar overhoop lagen. Tegenstanders van de Britse koloniale macht en supporters ervan, zogenoemde loyalisten, namen elkaar de maat. Sommige handelaren en sommige klanten hielden zich niet aan de boycot tegen Engelse goederen die actievoerders hadden uitgeroepen na de invoerheffingen die de Engelse regering had afgekondigd.

De aanwezigheid van de soldaten was een dagelijkse provocatie. Ze werden slecht betaald en deden er vaak los werk bij om hun inkomen aan te vullen. Op 2 maart 1770 liep private Patrick Walker een touwslagerij binnen. ‘Wil je werk, soldaat?’ vroeg een van de touwslagers, William Green. ‘Jazeker, graag zelfs,’ zei Walker. ‘Goed,’ zei Green, ‘dan kun je ons schijthuis schoonmaken.’ – ‘Doe het zelf,’ reageerde Walker. Na nog een paar uitwisselingen van onaangenaamheden sloeg Walker, schreeuwend dat hij wraak zou nemen, wild naar de touwslagers. Toen een van hen, Nicholas Ferriter, hem omver kegelde, viel de sabel van de soldaat uit zijn jas. Ferrier nam hem de sabel af, terwijl Walker vernederd en ontwapend wegvluchtte. Niet veel later kwam hij terug met acht andere soldaten. Ook zij werden door de touwslagers weggejaagd, maar het bleef onrustig in de stad.

Toen iemand ‘vuur!’ riep, schoten de angstige soldaten

Zo begon de opeenvolging van gebeurtenissen die later de Boston Massacre is genoemd. Op 5 maart 1770, drie dagen na de schermutseling bij de touwslagerij, vielen jongeren een soldaat lastig die op wacht stond bij het Custom House op King Street (ook toen werd het argument gebruikt dat de soldaten overheidsgebouwen moesten beschermen). Het zou kunnen dat er sprake was van een gecoördineerde actie, want ook elders in de stad was het onrustig. De jongeren omringden private Hugh White, die luidkeels om versterking riep. Kapitein Thomas Preston kwam hem te hulp met een groepje soldaten, dat binnen de kortste keren werd omsingeld door de actievoerders. Ze bestookten de roodjassen met sneeuwballen, soms voorzien van een steen. De commandant vroeg om hulp, maar die liet op zich wachten.

In de ontstane opwinding daagde de menigte de soldaten uit om te schieten. Toen iemand ‘vuur!’ riep, schoten de angstige soldaten. Drie stedelingen waren op slag dood, twee anderen stierven later. Negen soldaten, onder wie captain Preston, werden gearresteerd en opgesloten. Enkele dagen daarna publiceerden radicalen in Boston een pamflet: A Short Narrative of the Horrid Massacre in Boston.

Gedramatiseerde voorstelling van de schermutseling op 5 maart 1770 in Boston. Gravure, uitgegeven door Paul Revere, 1770. (Bron: Wikimedia Commons)

Bedreiging voor de vrijheid

Zoals zoveel verhalen uit deze tijd kregen de ‘gruwelen’ van de Boston Massacre en de reacties erop mythische proporties. Hier was het bewijs dat de Engelsen nergens voor terugdeinsden, dat ze schoten alsof ze een bezettende macht waren. Het onderstreepte nog eens het Amerikaanse verzet tegen een staand leger als bedreiging voor de vrijheid, een bezwaar dat in de jaren nadien, tot en met de grondwetgevende vergadering in 1787, uitgebreid werd bediscussieerd en nog lang nazong in het land. Pas na de Tweede Wereldoorlog had Amerika een permanent leger van enige omvang.

De ietwat onwaarschijnlijke held van het verhaal werd John Adams, die in november 1770 bereid was om op te treden als advocaat van kapitein Preston. Door de verdediging van de militairen op zich te nemen, wilde Adams laten zien dat de kolonies een normaal rechtssysteem hadden en dat ze prima voor zichzelf konden zorgen, op een eerlijke en rechtvaardige manier. Dat hij zo zichzelf in de schijnwerpers kon zetten, was mooi meegenomen. Adams had succes: Preston werd niet schuldig bevonden, hij had geen opdracht tot schieten gegeven. Zes andere soldaten kregen hetzelfde te horen en twee minder gelukkigen kwamen er vanaf met een brandmerk op hun duimen.

De onrust ebde weg en de boycot verliep, maar de Engelsen hadden wel geleerd dat ze de soldaten niet steeds in de stad moesten laten rondlopen. Ze werden nu gelegerd in afgelegen barakken. De les was een historische: zet militairen binnenlands in en je krijgt de onrust die je zegt de kop in te willen drukken. Niet altijd geleerd, die les. Anno 2025 kunnen we opnieuw wachten op een ongeluk. Waarna, zo vrezen velen, Trump het leger overal en permanent kan inzetten.

Nieuwste berichten

‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’
‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’
Interview

‘Bestempel het Iraanse regime niet te snel als irrationeel’

Amerika en Israël zeggen dat Iran absoluut geen kernwapen mag krijgen, omdat de ayatollahs die onmiddellijk op Jeruzalem zullen afvuren als onderdeel van hun religieuze strijd. Is die angst terecht? Heeft het Iraanse regime een irrationele vernietigingsdrang? Arabist Maurits Berger (Universiteit Leiden) pleit voor een minder religieuze kijk. ‘Iran moet gezien worden voor wat het...

Lees meer
FvD-voorman Thierry Baudet houdt een toespraak bij een protest van Farmers Defence Force
FvD-voorman Thierry Baudet houdt een toespraak bij een protest van Farmers Defence Force
Artikel

FvD en extreem-rechts zijn Siamese tweelingen, ook al beweert Lidewij de Vos anders

Dat Forum voor Democratie zes kandidaten met een extreem-rechtse achtergrond verkiesbaar stelt op 18 maart, is geen bedrijfsongeval. Partijoprichter Thierry Baudet put al jaren uit fascistisch gedachtegoed, stelt historicus Robin te Slaa. De FvD ligt onder vuur sinds de onthulling door de Volkskrant op 3 februari, dat zes kandidaten van de partij voor de komende...

Lees meer
De moord op Theodora van der Kouwen en Leentje Beeloo. Afbeelding op de voorpagina van Geïllustreerd Politie-Nieuws
De moord op Theodora van der Kouwen en Leentje Beeloo. Afbeelding op de voorpagina van Geïllustreerd Politie-Nieuws
Historische sensatie

‘Iedereen kon met een hamer op de kop van Jut slaan’

Historicus Paul van der Steen schreef een boek over een geruchtmakende negentiende-eeuwse roofmoord. ‘Veel mensen waren boos omdat Hendrik Jut niet de doodstraf kreeg.’ Kent u de historische sensatie, zoals door Johan Huizinga omschreven?  ‘Zoiets overkwam mij toen ik tijdens mijn research naar de roofmoord op de Haagse weduwe Theodora van der Kouwen en haar dienstmeid Leentje Beeloo in 1872 op de oorspronkelijke plattegrond van de plaats delict stuitte. Twee weerloze vrouwen die op een decembernacht thuis bruut werden overvallen, de kranten...

Lees meer
‘Orbáns band met Rusland wringt vanwege de Hongaarse Opstand van 1956’
‘Orbáns band met Rusland wringt vanwege de Hongaarse Opstand van 1956’
Interview

‘Orbáns band met Rusland wringt vanwege de Hongaarse Opstand van 1956’

De Hongaarse premier Viktor Orbán schurkt tegen Poetin aan, maar dat lijkt hem in eigen land nauwelijks te deren. Koesteren de Hongaren geen wrok over het neerslaan van de Hongaarse Opstand in 1956? Toen de Hongaarse bevolking zich in 1956 probeerde te ontworstelen aan het Sovjet-communisme, stuurde Moskou tanks naar Boedapest. Honderden burgers kwamen om het leven en...

Lees meer
Loginmenu afsluiten