Home Opnieuw: Mussolini’s ‘dagboeken’

Opnieuw: Mussolini’s ‘dagboeken’

Opnieuw: Mussolini’s ‘dagboeken’

Aart Heering

Historicus en journalist

Gepubliceerd op: 2 juli 2012

Update 7 april 2020

De geschiedenis herhaalt zich, en geschiedvervalsing ook. Dat bewijzen de Dagboeken van Mussolini, waarvan de Milanese uitgeverij Bompiani inmiddels het derde deel heeft gepubliceerd. Na de jaren 1935, 1936 en 1939 volgen 1937 en 1938 nog, en vermoedelijk ook 1942. Want ook daarop heeft de ‘ontdekker’ van de manuscripten en naaste medewerker van oud-premier Silvio Berlusconi, Marcello Dell’ Utri, de hand weten te leggen.


De ‘dagboeken’ tonen een geheel andere Mussolini dan de neurotische dictator zoals we hem kennen. In zijn persoonlijke overpeinzingen komt hij naar voren als een eenzame, tot relativering geneigde en diep religieuze man, die het liefst thuis in de familiekring verkeert en eigenlijk zo kwaad nog niet is. Zo schrijft hij op 11 februari 1939: ‘Ik ben tegen de rassenwetten’ – die hij het jaar ervoor net zelf heeft ingevoerd. Mein Kampf vindt hij ‘om te kotsen’, en wanneer de Duitsers Polen binnenvallen voorziet hij al dat ‘onze bondgenoten van de ene dag op de andere onze vijanden kunnen worden’.

Meteen na Mussolini’s terechtstelling op 27 april 1945, in het plaatsje Dongo, dicht bij de Zwitserse grens, begon een wilde jacht op drie dingen die hij tijdens zijn mislukte vluchtpoging bij zich zou hebben gehad: een hoeveelheid geld en goud, bekend als ‘de schat van Dongo’, een briefwisseling met Churchill en de dagboeken.

Tientallen onderzoeken en publicaties later lijkt het erop dat de schat is verdeeld onder de mannen die de gevallen leider gevangennamen en dat de brieven van Churchill nooit zijn geschreven. Maar dat de dagboeken hebben bestaan, staat wel vast. Mussolini citeerde eruit in andere werken en liet ze zien aan gasten, zoals zijn Duitse biograaf Emil Ludwig. Geen wonder dus dat er jarenlang naarstig naar is gespeurd.

Het raadsel leek opgelost in 1957, toen uitgeverij Mondadori 44 agenda’s en schriften kocht met aantekeningen van Mussolini uit de jaren 1921-1939. Ze zouden afkomstig zijn uit de nalatenschap van een ambtenaar van de Republiek van Salò – de Noord-Italiaanse fascistische rompstaat tijdens de laatste oorlogsjaren –, die ze weer in bewaring zou hebben gekregen van een na de oorlog gefusilleerde minister.

Politieonderzoek wees echter uit dat het ging om maakwerk van de vrouw en de dochter van de ambtenaar, Rosa en Mimi Panvini, die zich erin hadden bekwaamd Mussolini’s driftige hanenpoten vrijwel perfect te kopiëren, zoals Mimi later op televisie demonstreerde. Moeder en dochter werden tot twee jaar voorwaardelijk veroordeeld en de boeken werden vernietigd. Daarmee leek de kous af.

Ware het niet dat de Panvini’s, gecoacht door louche tussenhandelaren, lustig bleven doorschrijven, zodat dagboeken made by Mimi bleven circuleren onder goedgelovige particulieren en op scoops beluste uitgevers. Temeer daar historici als Denis Mack Smith en Francesco Perfetti verklaarden dat ze best eens echt konden zijn. Dat deed ook Mussolini’s zoon Vittorio, in ruil voor een fonkelnieuwe Jaguar.

Zo ging in 1967 de Sunday Times het schip in en kocht voor 100.000 pond valse dagboeken uit 1940-1943. In de jaren tachtig en negentig zagen achtereenvolgens de Londense Times, de Sunday Telegraph en uitgever Carlo Feltrinelli af van publicatie, terwijl ook Sotheby’s na een accurate expertise weigerde de dagboeken te veilen.

Maar in 2007 maakte Marcello Dell’Utri trots bekend dat hij in bezit was van Mussolini’s echte dagboeken. De schatrijke bibliofiel, topman van Berlusconi’s reclamebedrijf Publitalia en oprichter van diens partij Forza Italia, zou ze hebben verworven van de zoon van een van de partizanen die Mussolini hadden gearresteerd.

Na een voorpublicatie meldde het opinieblad l’Espresso evenwel dat het dezelfde geschriften al in 2004 aangeboden had gekregen en fascismekenner Emilio Gentile had ingehuurd om de echtheid te toetsen. Gentiles conclusie was helder en afdoende. De ‘dagboeken’ staan vol beschrijvingen die vrijwel letterlijk overeenkomen met eigentijdse krantenverslagen, maar bieden niets nieuws. Geen woord bijvoorbeeld over Mussolini’s vele gesprekken met de koning.

Wel bevatten ze tientallen feitelijke onjuistheden en grammaticale fouten, die de begaafde journalist Mussolini nimmer zou hebben gemaakt. Een grafologisch onderzoek viel eveneens negatief uit. Ten slotte bleek nog dat voornoemde partizaan tijdens Mussolini’s gevangenneming niet in Dongo was, maar in Zwitserland.

Hoewel het dus andermaal vrijwel zeker gaat om producten van de huisvlijt van de inmiddels overleden Panvini’s, gaat Bompiani onverdroten voort met de publicatie van de Dagboeken, zij het met de voorzichtige ondertitel ‘waar of vermeend’. Intussen heeft het rechtse dagblad Libero de ‘dagboeken’ uit 1939 als feuilleton uitgebracht en heeft het weekblad Oggi uitgebreide fragmenten afgedrukt. Uit lezersbrieven blijkt dat hun publiek overtuigd is van de authenticiteit.

Ook Dell’Utri – volgens wie Mussolini ‘veel te goed voor deze wereld’ was – kent geen twijfel. Zelfs Berlusconi heeft al meermalen instemmend uit de Dagboeken geciteerd. Zo verklaarde hij na zijn gedwongen vertrek als premier in december vorig jaar een zekere zielsverwantschap te voelen met zijn voorganger, die net als hij had ondervonden dat Italië niet te regeren valt.

Aart Heering is correspondent in Rome.

Nieuwste berichten

Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Soldaten bestormen het strand van Normandië in Pressure.
Artikel

Metereologen ruziën over D-Day in film ‘Pressure’

Weersvoorspelling een saai onderwerp? Niet als het verloop van een oorlog ervan afhangt. Het op feiten gebaseerde Pressure toont de hoogoplopende ruzie tussen geallieerde meteorologen over de verwachting voor D-Day. Bedolven onder tegenstrijdige adviezen moet opperbevelhebber Dwight Eisenhower beslissen over de invasiedatum. Als D-Day een maand eerder was gepland, waren meteorologen het volstrekt met elkaar...

Lees meer
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Vijftiende-eeuwse bruiloft in Florence, door Giovanni di ser Giovanni Guidi.
Interview

In Florence waren niet de huizen, maar de huwelijken onbetaalbaar

Wie een woning wil, moet vaak overbieden: twee derde van de huizen in Nederland wordt boven de vraagprijs verkocht. In de Renaissance hadden Florentijnen ook last van overbiedingsgekte: doordat rijke families de prijs opdreven, ontstond er ‘bruidsschatsinflatie’, vertelt historicus Marlisa den Hartog. ‘Bruidsschatten werden een financiële markt op zich.’ Hoe zag de vijftiende-eeuwse Italiaanse huwelijksmarkt...

Lees meer
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Archeologen leggen de fundering van een Romeins badhuis bloot in Nijmegen, 2026.
Interview

Nieuwbouwwijken op Romeinse ruïnes: hoe kunnen we erfgoed bewaren?

Bij archeologische opgravingen in Nijmegen is het grootste Romeinse badhuiscomplex in Nederland ontdekt. Maar op de plek van de opgraving wordt binnenkort een nieuwe woonwijk gebouwd. Hoogleraar Monique van den Dries legt uit hoe archeologen en projectontwikkelaars elkaar kunnen helpen om Nederlands erfgoed zichtbaar te bewaren. Over een paar jaar staat het Nijmeegse Waalfront vol...

Lees meer
Zhivkov in 1980.
Zhivkov in 1980.
Artikel

Is Bulgarije pro-Russisch? Deze premier wilde van zijn land de zestiende Sovjet-staat maken

De kersverse Bulgaarse premier Roemen Radev zou pro-Russisch zijn; net als zijn voorganger Todor Zhivkov wijst hij graag op het Russische bevrijdingsverhaal van 1878. Die vroegere premier was zo loyaal aan het Kremlin, dat hij de Bulgaarse soevereiniteit inzette in onderhandelingen met Moskou. Zhivkovs pro-Russische koers botste met de ideeën van zijn dochter, die juist...

Lees meer
Loginmenu afsluiten