Home Jolande Withuis

Jolande Withuis

Jolande Withuis

Socialoge en schrijfster

Gepubliceerd op: 26 januari 2011

Update 7 april 2020

Voor historici en voor sociologen zoals ik, die het van woorden en niet van cijfers moeten hebben, is schrijven het belangrijkste instrumentarium. En ik zeg niets nieuws als ik vaststel dat het met het academisch schrijven vaak treurig is gesteld. Zelfs onderzoek dat in potentie mooi is – dat over een belangwekkend onderwerp gaat waarover de onder¬zoeker interessant materiaal heeft gevonden – resulteert vaak in een product dat je snel vergeet of meteen geïrriteerd weglegt, omdat de onderzoeker het bij het opschrijven van zijn resultaten heeft laten afweten. De kwaliteit van onderzoek staat of valt met de kwaliteit waarmee het wordt opgeschreven. (Het NOS Journaal zou zeggen: `Daar wordt de kwaliteitsslag gemaakt’).


Tijdens het schrijven vindt het denkwerk plaats. In de precisie van de formulering, de keuze van een voorbeeld ter illustratie en de trefzekerheid van een gekozen term, beeld of vergelijking (en niet te vergeten: in het mijden van woorden als ‘kwaliteitsslag’ en uitdrukkingen als ‘staat centraal’ en ‘gaat in op’) drukt de auteur dat denkwerk uit. Slordig geschreven is slordig gedacht. Dat het schrijven van een goed stuk vele versies vereist, is een ervaring die studenten zelden meekrijgen. Ook bij werk van collega’s kost het vaak moeite om niet te schrappen, maar te lezen. Als het aan mij lag zou schrijven deel uitmaken van het curriculum en zou iemand die niet goed schrijft niet kunnen afstuderen.

Gelukkig kun je gebrekkig schrijven ook minder moralistisch benaderen. Niet als een te beknorren falen, maar als een te betreuren gemiste kans op plezier. Ook om dat plezier te ervaren zou systematisch oefenen moeten behoren tot de academische vorming. Ooit sprak een geleerde vriendin van mij plechtig: ‘Denken is lustvol.’ Voor mij geldt: schrijven is lustvol. Een dag niet geschreven is een dag niet geleefd. Zoals Slauerhoff dichtte: ‘Alleen in mijn gedichten kan ik wonen.’

Schrijven lijkt op schilderen en filmen. Zoom in, zoom uit. Licht een veelzeggend detail extra uit. Maak de figuur die op de voorgrond moet intenser van kleur. Breng de achtergrond aan in pastel.
Het meest lijkt schrijven op het aanleggen van een tuin. Hier als blikvangers enorme felgekleurde dahlia’s en rozen, daar wat fijne bloemetjes, ertussenin eenvoudige bodembedekkers, en overal en altijd: gedisciplineerd wieden van alles wat de aandacht afleidt van de hoofdzaken. Net als bij tuinieren ben jij bij schrijven de baas. Je bezit een landje dat je naar eigen goeddunken mag inrichten.

Als betrekkelijk onschuldige vorm van machtsuitoefening is schrijven een probaat middel tegen een slechte stemming. In een televisiedocumentaire vertelde de vorig jaar overleden journalist-historicus Jan Blokker dat hij zijn ziekte vergat als hij aan een stukje werkte. Hij kreeg door een longkwaal nauwelijks lucht, maar werkend aan zijn column was hij ‘drie uur lang de gezondste man ter wereld’.

Toen ik jaren geleden herstelde van een kankeroperatie had ik dezelfde ervaring. Het lukte me in de eerste maanden niet om naar mijn werk te gaan. Maar wat was ik dankbaar dat ik thuis af en toe een stukje kon schrijven. Door de concentratie op woorden, zinnen en redenering vergat ik het onheil dat mij mogelijk boven het hoofd hing.

Met deze column wil ik vieren dat de P.C. Hooftprijs 2011 is toegekend aan journalist H.J.A. Hofland. Naar aanleiding van die toekenning citeerde de Volkskrant Hoflands lofzang op het schrijven: ‘Schrijven, dan ben je alleen in gezelschap van wat je in je hoofd hebt. Het verdringt zich om aan de beurt te komen. Eerst is er het denk-denken, dan soms het praat-denken, vervolgens het schrijf-denken. Dat is bouwen aan iets wat mooi en belangrijk gevonden moet worden.’

Nieuwste berichten

Beatrix wilde geen krans leggen bij het Slavernijmonument
Beatrix wilde geen krans leggen bij het Slavernijmonument
Artikel

Beatrix wilde geen krans leggen bij het Slavernijmonument

Koningin Beatrix wilde geen excuses maken voor het Nederlandse aandeel in de Trans-Atlantische slavernij, zo blijkt uit de meerdelige studie naar het koloniale verleden van de Oranjes. Historicus en schrijver Philip Dröge vraagt zich af: waarom deed de vorstin zo? ‘Excuses – daar gaan we het niet over hebben.’ Het deze week gepubliceerde onderzoek naar...

Lees meer
‘Het vertrek van de moffen uit Colmar’. Illustratie door Hansi (JeanJacques Waltz) uit het prentenboek L’Alsace heureuse, 1919.
‘Het vertrek van de moffen uit Colmar’. Illustratie door Hansi (JeanJacques Waltz) uit het prentenboek L’Alsace heureuse, 1919.
Artikel

Elzassers werden over de Rijn geschopt

Dan weer Duits, dan weer Frans. Door de eeuwen heen stond Elzas-Lotharingen afwisselend onder Duits en Frans bestuur. Uit recent opgedoken documenten blijkt nu pijnlijk gedetailleerd hoe Frankrijk na de Eerste Wereldoorlog 130.000 Duitse inwoners zonder pardon de grens overzette. Nog geen twee weken nadat een wapenstilstand een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog, liep...

Lees meer
Puinvrouwen in Berlijn, 1945.
Puinvrouwen in Berlijn, 1945.
Artikel

De mythe van de puinheldin

Met haar blote handen ruimde Helga Velden samen met duizenden andere vrouwen het puin van de Duitse straten. Deze zogenoemde Trümmerfrauen worden gezien als ‘heldinnen van de wederopbouw’. Zelf dacht Velden daar heel anders over.  Helga Velden is achttien jaar als ze vlak na de oorlog aan het werk gaat in Tiergarten, het grote park...

Lees meer
Landwachters in 1944
Landwachters in 1944
Interview

Spreken over daders in de Tweede Wereldoorlog, wat levert dat op?

Wat gebeurt er als je over de Tweede Wereldoorlog vertelt vanuit het perspectief van de daders? Welke inzichten levert dat op – wetenschappelijk, educatief en voor de cultuur van herdenken? Hierover spreken onder anderen auteur Auke Kok (Mussert: Reis naar het kwaad) en hoogleraar internationale misdrijven Alette Smeulers (Angstaanjagend normaal) tijdens een themabijeenkomst op 26...

Lees meer
Loginmenu afsluiten