Home INTERVIEW: ‘Nederland is een toevalstreffer’

INTERVIEW: ‘Nederland is een toevalstreffer’

Geertje Dekkers

Historicus en journalist

Gepubliceerd op: 24 oktober 2012

Update 7 april 2020

‘We moeten eens af van het simplistische verhaal dat “wij” calvinistisch zijn en dat Nederlanders nu eenmaal hard werken, sober zijn en niet pronken met rijkdom.’ Friso Wielenga, directeur van het Zentrum für Niederlande-Studien in Münster, wil afrekenen met een aantal hardnekkige clichés over de Nederlandse geschiedenis, die experts al vaak onderuit hebben gehaald, maar die toch de ronde blijven doen.

Wielenga schreef het boek Geschiedenis van Nederland. Van de Opstand tot heden in eerste instantie in het Duits. ‘Duitsers zijn geïnteresseerd in Nederland, vooral als ze in de buurt van de grens wonen. Hier in Münster kijkt men duidelijk naar het westen. In ons Haus der Niederlande houden zeshonderd studenten zich met Nederland bezig, van wie 250 met geschiedenis, politiek en economie en met de Nederlands-Duitse betrekkingen.’

Tijdens zijn voorbereidingen merkte Wielenga, die eerder al een Nederlandse geschiedenis van de twintigste eeuw publiceerde, dat Nederland een dergelijk boek ook kon gebruiken. ‘Er zijn nauwelijks handboeken aus einem Guss, van één auteur. Misschien komt het doordat het historische landschap inmiddels zo verkaveld is dat niemand meer zo’n lange periode beslaat. Overigens valt het op dat de overzichten die er zijn vaak zijn geschreven door buitenlanders.’ Wielenga doelt op onder meer de Duitser Horst Lademacher en de Fransman Christophe de Voogd. ‘Ik ben zelf geen buitenlander, maar woon inmiddels alweer jaren in Duitsland.’

Normaal hebben onderzoekers de neiging bij hun eigen specialisatie te blijven, zegt Wielenga, ‘maar nu heb ik mezelf gedwongen te doen wat ik ook van mijn studenten vraag: me inwerken in een heel nieuw terrein. Sinds mijn studie heb ik me vrijwel alleen met de twintigste eeuw beziggehouden, maar nu begin ik in de zestiende eeuw bij de Opstand. Om te voorkomen dat er snel gaten in het boek vallen, heb ik het wel laten lezen aan kenners, vooral voor de vroege periode.’

Het boek bevat geen ‘revolutionaire thesen’, zoals Wielenga zelf zegt, maar moet wel voor een breed publiek het beeld van het verleden opschudden. ‘Je hoort bijvoorbeeld telkens weer dat de Nederlandse geschiedenis altijd vreedzaam is geweest. We willen graag een volk van polderaars zijn en projecteren dat terug op het hele verleden. Daarom was Nederland zo geschokt door de opkomst van Fortuyn en Wilders en de manier waarop zij tekeergingen. Zij zouden on-Nederlands zijn.’

Helemaal onzinnig is het vreedzame beeld van de Nederlandse geschiedenis volgens Wielenga niet. ‘Voor de laatste tweehonderd jaar zit er een kern van waarheid in. Sinds de negentiende eeuw heeft Nederland zich tamelijk gelijkmatig ontwikkeld, zeker als je het vergelijkt met andere landen. Er waren wel fundamentele tegenstellingen, maar daar werd redelijk beheerst mee omgegaan.’

Maar in de zestiende, zeventiende en achttiende eeuw was dat vaak heel anders. ‘De uitdrukking “schikken en plooien” stamt weliswaar uit die tijd, maar conflicten konden behoorlijk uit de hand lopen.’ De strijd tussen prins Maurits en Johan van Oldenbarnevelt, die in 1619 fataal afliep voor de laatste; de couppoging van stadhouder Willem II in 1650; de moord op de Hollandse raadpensionaris Johan de Witt en zijn broer Cornelis in 1672; de revolutiejaren rond 1785 – het zijn dramatische gebeurtenissen en periodes die haaks staan op het vreedzame beeld van geleidelijkheid en gematigdheid.

Verder probeert Wielenga af te rekenen met het idee dat Nederland altijd een klein maar dapper landje was, dat het in de loop van de geschiedenis succesvol opnam tegen giganten. Een nationalistische constructie achteraf, vindt Wielenga, die vooral standhoudt rond de Opstand.

‘Het idee dat de Opstand een geplande calvinistische onafhankelijkheidsoorlog was tegen het verderfelijke machtige Spanje zat ook in mijn achterhoofd. Daarom was het goed om boeken te lezen als De opstand in de Nederlanden (1555-1609), waarin Anton van der Lem jaren geleden al uitlegde dat de afscheiding van Filips II en de merkwaardige structuur van de Republiek het resultaat waren van een samenloop van omstandigheden. Vooraf had niemand de uitkomsten voorzien.’

De Republiek had haar onafhankelijkheid voor een belangrijk deel te danken aan het feit dat Filips II zijn handen vol had aan conflicten elders. Ook later zou het verloop van de Nederlandse geschiedenis vaak afhangen van ontwikkelingen in grotere landen. Op het wereldtoneel was Nederland minder een sturende factor dan Nederlanders graag willen geloven.

De Opstand was ook geen puur calvinistische aangelegenheid en de Republiek was minder calvinistisch dan vaak gedacht, vindt Wielenga. ‘Het protestantisme heeft een duidelijke stempel op de Nederlandse geschiedenis gedrukt, maar er zijn altijd meerdere stromingen geweest.’

Toch schrijven Nederlanders zichzelf tot op de dag van vandaag graag ‘calvinistische’ eigenschappen toe, zelfs als ze niet meer geloven. ‘Ze vinden dat ze nu eenmaal calvinistisch bloed door de aderen hebben stromen, en dat ze daarom sober en ijverig zijn. En tolerant, want dat wordt ook vaak geassocieerd met het calvinisme.’

De veelgeroemde Nederlandse tolerantie was vooral een vorm van pragmatisme, schrijft Wielenga in navolging van specialisten. ‘Opmerkelijk genoeg hebben juist de orthodoxe calvinisten die tolerantie in de loop van de geschiedenis bedreigd omdat ze vonden dat iedereen hun versie van het protestantisme moest volgen. Maar in het Nederlandse zelfbeeld blijven die zaken verweven.’


Geschiedenis van Nederland. Van de Opstand tot heden door Friso Wielenga (340 p. Boom) is voor € 24,90 te bestellen via www.historischnieuwsblad.nl/webshop. 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Je leest al voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Gesloten afdelingen van de East Birmingham Hospital tijdens de pokkenuitbraak in 1978.
Gesloten afdelingen van de East Birmingham Hospital tijdens de pokkenuitbraak in 1978.
Artikel

Hoe konden de pokken uit een Engels lab ontsnappen?

Een lek in een laboratorium veroorzaakte in 1983 een MKZ-uitbraak, blijkt uit onderzoek van de Volkskrant. Vijf jaar eerder ontsnapte er een veel dodelijker virus uit een lab. De WHO stond op het punt om de pokken uitgeroeid te verklaren, toen de ziekte plotseling opdook in de Engelse stad Birmingham. Het kostte de wereld 300...

Lees meer
Sudeten-Duitsers dansen in Brno, 24 mei 2026.
Sudeten-Duitsers dansen in Brno, 24 mei 2026.
Artikel

Rechtse populisten jutten het Tsjechische publiek op tegen Sudeten-Duitsers

Sudeten-Duitsers hielden op 24 en 25 mei hun jaarlijkse festival in Tsjechië. De rechts-populistische premier Andrej Babiš noemde hun aanwezigheid een ‘provocatie’. Maar een jonge generatie Tsjechen is klaar voor verzoening met de Duitstaligen die na de Tweede Wereldoorlog met bruut geweld werden verdreven. Meeting Brno, een Tsjechisch burgerinitiatief in de tweede stad van het...

Lees meer
Een gouvernante geeft les bij een Victoriaanse familie. Schilderij door Rebecca Solomon, 1851.
Een gouvernante geeft les bij een Victoriaanse familie. Schilderij door Rebecca Solomon, 1851.
Interview

Thuisonderwijs was ooit een statussymbool

De regels rond thuisonderwijs worden strenger: ‘levensbeschouwelijke bezwaren’ zijn geen geldige reden meer om kinderen van school te houden. Het verbod op thuisonderwijs stamt uit 1969, maar volgens hoogleraar Johannes Westberg was het op dat moment een marginaal verschijnsel. ‘De negentiende-eeuwse gouvernante was al zo goed als uitgestorven.’ Hoe zag thuisonderwijs eruit in de negentiende...

Lees meer
Aankondiging van een actie van het Oranje Alternatief.
Aankondiging van een actie van het Oranje Alternatief.
Artikel

Graffitikunst met kabouters was effectief protestmiddel in communistisch Polen

Als de democratie onder druk staat, is humor een tegenwicht. Dat begreep de Poolse protestbeweging Oranje Alternatief in de jaren tachtig maar al te goed. Met graffitikunst en ludieke straatacties bracht ze de communistische eenpartijstaat in verlegenheid. Protesteren tegen de communistische dictatuur in Polen was levensgevaarlijk. In 1981 kondigde generaal Wojciech Jaruzelski de staat van...

Lees meer
Loginmenu afsluiten