Tekst loopt verder onder afbeelding.
Foto: Paul Dirks
Foto: Petra van der Wal
Ook komen er bizarre herinneringen boven wanneer ik vertel over het hoofdstuk ‘Kamers stonden blauw van de rook’. Nu laten mensen het wel uit hun hoofd om binnen een sigaret of sigaar op te steken. Pas in de nieuwe eeuw werden de resultaten van wetenschappelijk onderzoek (roken is heel ongezond) in beleid omgezet en ging binnenshuis roken in de ban. De steeds zeldzamere rokers zijn stoeprokers, buitenmensen geworden.
'Zoals je worst of vis rookt om bederf tegen te gaan, zo zou roken ook goed zijn voor je longen'Maar jarenlang was het een teken van gastvrijheid om tijdens feestjes vaasjes met sigaretten en sigaren op tafel te zetten en bezoek een rokertje aan te bieden. ‘Mijn vader beweerde zelfs dat roken gezónd was. Zoals je worst of vis rookt om bederf tegen te gaan, zo zou roken ook goed voor je longen zijn,’ vertelde een vrouw. Haar vader had een tabakszaak in het Gelderse Aalten en verwierf zelfs landelijke bekendheid met rookwedstrijden waar het er om ging wie de langste askegel aan zijn sigaar had. Minstens zo bizar is het verhaal van iemand die eind jaren vijftig samen met haar klas als afscheid van de lagere school bij de bovenmeester thuis op bezoek ging. ‘Daar kregen we allemaal een glas limonade en een sigaretje. Want vanaf toen waren we “groot”.’ Kinderen een sigaret geven was misschien uitzonderlijk, maar in hun bijzijn roken was heel gewoon. Bijna iedere vijftigplusser herinnert zich nog wel leraren die rokend voor de klas stonden. Tekst loopt verder onder de afbeelding.
Foto: Geurt Schut
Zoals het inmiddels gewoon is om dagelijks te douchen, poetst iedereen tegenwoordig ook één of twee keer per dag zijn tanden. Die gewoonte raakte pas in de jaren vijftig goed ingeburgerd. Als ik vertel over de boer die voor het eerst van zijn leven een tandenborstel kocht en tegen de drogist zei dat er eentje van uitstekende kwaliteit moest zijn omdat het hele gezin er mee zou gaan poetsen, zit er bijna altijd wel iemand in de zaal die knikt: ‘Ja, wij deden thuis ook samen met één tandenborstel.’ Anderen poetsten aanvankelijk helemaal niet. Of ze kregen na de levertraan een snoepje en gingen dan zonder poetsen slapen. Over de schooltandarts komen legio gruwelverhalen naar boven. ‘Een barse man die geen enkele moeite deed je op je gemak te stellen, en daar moest je dan zonder je moeder naar toe.’
Helemaal stug is het verhaal van de man (die trots vertelt dat hij net zo oud is als de inmiddels overleden Mies Bouwman en) en die in 2019 negentig hoopt te worden: ‘Bij ons in het dorp lieten mensen hun rotte kiezen trekken door de paardensmid. Maar dat was wel vóór de oorlog.’
Diezelfde man droeg als jochie altijd korte broeken. ‘Zomer en winter, zelfs als het tien graden vroor. Als kind viel je vaak en een gat in je knie genas vanzelf, maar een gat in je goede goed werd niet vanzelf weer heel, dus daar moest je zuinig op zijn. En dan betaalt de jeugd tegenwoordig geld voor broeken waar de gaten al in zitten!’
Tekst loopt verder onder afbeelding.
Foto: Els Kessens-Kuijk
