Home Column Maarten van Rossem

Column Maarten van Rossem

  • Gepubliceerd op: 23 apr 2012
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Maarten van Rosseum

In mijn jeugd heb ik onder leiding van mijn opa, die in Delft woonde, verscheidene malen het Prinsenhof aldaar bezocht. Daarbij stonden wij altijd enige tijd stil bij de kogelgaten in de muur op de plaats waar Willem de Zwijger is doodgeschoten door Balthasar Gerards. Dan citeerde mijn opa onveranderlijk op eerbiedige toon de laatste, ontroerende woorden van de grondlegger van onze natie (‘Mijn God, heb medelijden met mijn ziel en met dat arme volk’), om vervolgens met enig dedain op te merken dat de kogelgaten oplichterij waren, veel later aangebracht door sensatiezoekers. De behandeling van deze kwestie werd afgesloten met een vrij gedetailleerde beschrijving van de gruwelijke dood van de moordenaar op de Grote Markt in Delft.

Vandaar dat het voor mij een lelijke schok was dat de historische werkelijkheid geheel niet in overeenstemming blijkt te zijn geweest met de apodictische uitspraken van mijn opa. Dat is althans de conclusie van een omvangrijk onderzoek naar de moord, dat is uitgevoerd in opdracht van de EO en Museum Het Prinsenhof. Het rapport liet geen enkele ruimte voor twijfel. Deskundige analyse van het contemporaine sectierapport maakte duidelijk dat het hart van Oranje zo ernstig was getroffen dat hij op slag dood moet zijn geweest. Hij kan dus helemaal niets meer hebben gezegd.

De door mijn grootvader zo geminachte kogelgaten daarentegen zijn wel historisch. De muur waarin de gaten zitten stond er ook al in 1584, en de proeven met loden kogels uit een pistool van hetzelfde type dat Gerards gebruikte maken duidelijk dat dergelijke kogels lichte inslagplekken in het pleisterwerk veroorzaken. Dat er nu twee forse gaten in de muur zitten is het werk van latere bezoekers die met hun vingers of wandelstokken in de inslagplekken hebben staan prikken.

Op het punt van de gaten had mijn opa dus ten dele gelijk. De verslagen van dit onderzoek in de media wekten de indruk dat nu definitief bekend is hoe het zit. Dat is wellicht toch wat voorbarig. De fameuze laatste woorden van de Zwijger dateren van de dag van de moord en niet van later. Bij de moord waren verscheidene getuigen, die allemaal in grote trekken diezelfde laatste woorden hebben gerapporteerd. Is het waarschijnlijk dat die in de paniek en verwarring na de moord een prettige overeenstemming hebben bereikt over zo’n fraaie historische leugen?

We weten niet hoe betrouwbaar het sectierapport is op grond waarvan de moderne onderzoekers hebben geconstateerd dat Willem van Oranje op slag dood was. Het is, kortom, niet volstrekt uitgesloten dat Oranje nog enkele seconden heeft geleefd. We weten het niet volkomen zeker, al is er wel twijfel gezaaid aan die laatste woorden. Fameuze laatste woorden zijn notoir onbetrouwbaar, maar met laatste woorden die op basis van diverse getuigenverklaringen op de dag zelf van de moord opduiken, ligt dat wellicht toch weer anders.

Dan die gaten. Akkoord: die muur stond daar dus ook al in 1584, maar hoe weten de onderzoekers zo zeker dat de twee diepe gaten die er nu zitten de uitgediepte oorspronkelijke lichte inslagen in het pleisterwerk zijn? Dat weten ze helemaal niet zeker; dat veronderstellen ze. Het enige wat we werkelijk zeker weten is dat we het helemaal niet zeker weten en waarschijnlijk ook nooit helemaal zeker zullen weten.

Daarbij komt dat de overlevering met die mooie laatste woorden veel aardiger is dan de huidige op-slag-doodtheorie. Elke geschiedenis heeft behoefte aan een mythische rand, of zo u wilt enige dubieuze details die onze historische verbeelding kunnen prikkelen. Als Oranje niets heeft gezegd, is het toch zo dat de directe omstanders het zeer waarschijnlijk achtten dat hij zoiets zou hebben gezegd. Kortom, ik geloof nog steeds dat mijn opa gelijk had.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel leest u historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Nu de eerste maand voor maar 1,99.

Nieuwste berichten

De Sabijnse maagdenroof, zeventiende-eeuws schilderij van Nicolas Poussin
De Sabijnse maagdenroof, zeventiende-eeuws schilderij van Nicolas Poussin
Interview

Epstein is niet uniek: machtige mannen komen al eeuwenlang weg met seksueel wangedrag

Amerika is in rep en roer door de deels vrijgegeven, maar grotendeels zwartgelakte Epstein-files. Seksueel misbruik door machtige mannen is een terugkerend historisch fenomeen, zegt historicus Marlisa den Hartog: ‘In de Renaissance gebeurde het ook, maar de maatschappelijke verontwaardiging is nu veel groter.’  Seksueel misbruik kwam in de Renaissance voor in alle lagen van de bevolking, maar mannen...

Lees meer
Jaap Gravenberch en zijn vrouw Rudi de Miranda
Jaap Gravenberch en zijn vrouw Rudi de Miranda
Recensie

Jaap Gravenberch: een Surinamer in koloniale dienst

Jaap Gravenberch werd geboren in Suriname in een nieuwe tijd. Terwijl zijn opa Adolf zich moest ontworstelen aan de slavernij, kon Jaap zijn eigen levenspad kiezen. Paul van der Heijden beschrijft hun levens gedetailleerd, maar weinig meeslepend.   Adolf Gravenberch werd waarschijnlijk op 1 februari 1811 geboren op suikerplantage Nieuw Clarenbeek in Suriname. De jongen met Nigeriaanse voorouders heette ‘Winst’, scherper kon zijn positie als slaaf niet worden weergegeven. Winst kreeg een positie als ‘dresneger’, medisch verzorger. In 1842 kocht zijn...

Lees meer
Melania tijdens de première van haar film
Melania tijdens de première van haar film
Artikel

De meeste First Lady’s beleven weinig plezier aan hun rol

Met de documentaire over haar ‘visie’ begeeft Melania Trump zich op onontgonnen terrein voor een First Lady. Hoe vulden haar voorgangers hun rol als belangrijkste Amerikaanse echtgenote in? Geen ondankbaarder functie dan die van First Lady. De echtgenote van de Amerikaanse president vervult een publieke functie maar is ongekozen, onbenoemd, soms geliefd en soms gehaat....

Lees meer
Dit is mogelijk Jan van Eyck zelf, 1433. Opvallend is dat de geportretteerde de toeschouwer direct aankijkt; dat is tot die tijd niet gebruikelijk.
Dit is mogelijk Jan van Eyck zelf, 1433. Opvallend is dat de geportretteerde de toeschouwer direct aankijkt; dat is tot die tijd niet gebruikelijk.
Beeldessay

Hoe Jan van Eyck de schilderkunst voorgoed veranderde

Diepe kleuren, weelderige details en karakteristieke portretten. De schilderijen van de Vlaamse meester Jan van Eyck zijn na ruim 600 jaar nog steeds overrompelend. Generaties kunstenaars in heel Europa zijn door hem beïnvloed. Vanaf het moment dat Het Lam Gods in 1432 wordt getoond in de St. Baafskathedraal in Gent, is Jan van Eyck beroemd....

Lees meer
Loginmenu afsluiten