Home BOEKEN: Diplomaat in hart en nieren

BOEKEN: Diplomaat in hart en nieren

Hans Renders

Hoogleraar geschiedenis

Gepubliceerd op: 27 augustus 2013

Update 7 april 2020

Herman van Roijen (1905-1991) mag dan slechts vier maanden actief zijn geweest als minister van Buitenlandse Zaken, zijn invloed op de internationale politiek is immens geweest. Hij was bijna letterlijk in de wieg gelegd voor de diplomatieke dienst. Hij werd geboren in Constantinopel, waar zijn vader eerste secretaris was van de Nederlandse diplomatieke legatie. Herman ging na zijn studie rechten in Utrecht in feite in de leer (als attaché) bij zijn vader, die inmiddels gezant was in de VS.
Na een tweejarig verblijf in Tokyo werd Herman van Roijen hoofd van de afdeling Diplomatieke Zaken in Den Haag.


Ondanks zijn leeftijd – hij was 34 jaar – was zijn gezag toen al groot, en dat zou alleen maar groeien, zeker nadat hij in 1941 door de Duitsers was ontslagen en zich had aangesloten bij het politieke verzet. Nauwkeurig beschrijven Van der Maar en Meijer in deze biografie hoe hij tot drie keer toe gevangen werd genomen, naar Londen ging en vervolgens betrokken raakte bij de bestuurlijke voorbereiding van het Nederland van na de oorlog. Een ministerschap kon vervolgens niet uitblijven. Maar Van Roijen voelde zich diplomaat in hart en nieren, en toen er een aanbod kwam nog eens minister te worden, sloeg hij dat af. Hij werd ambassadeur in achtereenvolgens Ottawa, Washington en Londen.

Herman van Roijen, zo schrijven zijn biografen in hun inleiding, is bekend gebleven als onderhandelaar namens de Veiligheidsraad bij de Indonesische dekolonisatie in 1948-1949 en in de jaren zestig rond Nieuw-Guinea, dat uiteindelijk aan Indonesië werd afgestaan.

Een diplomaat doet wat de politiek hem opdraagt, maar niet altijd. Van Roijen vond, in tegenstelling tot minister Joseph Luns van Buitenlandse Zaken, dat Nieuw-Guinea aan Indonesië moest worden teruggegeven. Luns wilde daar niets van weten, zelfs niet toen hij aanwijzingen kreeg van de Amerikaanse regering dat die Nederland niet zou steunen in een militair conflict. President John F. Kennedy stuurde zelfs zijn broer Robert, toen minister van Justitie, naar Den Haag om hem dat standpunt nog eens in te peperen, terwijl Luns de koppige koloniaal bleef spelen.

Maar daar had hij buiten de Nederlandse ambassadeur in Washington gerekend. Van Roijen deed iets zeer ongebruikelijks: hij ventileerde zijn mening over de kwestie-Nieuw-Guinea via de pers en passeerde zijn minister door het kabinet in te lichten over het Amerikaanse standpunt. Een pijnlijke nederlaag voor Luns.

In augustus 1962 trok Nederland zich uit Nieuw-Guinea terug, dankzij een door Van Roijen bereikt akkoord. De hele internationale gemeenschap zwaaide hem lof toe. Zo niet Luns, die vond dat ‘zijn’ ambassadeur zich schuldig had gemaakt aan insubordinatie. Misschien was dat ook wel een beetje waar, maar Van Roijen zal gedacht hebben: het doel heiligt de middelen.

De kritiek dat hij als een ‘halve Amerikaan’ beter naar het State Department dan naar zijn eigen ministerie had geluisterd (een aantijging die werd versterkt doordat hij een Amerikaanse echtgenote had) deerde hem niet. En blijkbaar was ook de relatie met Luns niet beschadigd. Luns bleef ondanks zijn nederlaag minister en onder zijn leiding kreeg Van Roijen, na diens ambassadeurschap in Washington, gewoon een nieuwe post, in Londen.

Van der Maar en Meijer hebben een degelijk, hoewel soms saai kabbelend boek geschreven. De hoofdstukken over de oorlogsjaren vormen een welkome aanvulling op de geschiedenis van het politieke verzet, zoals het Comité-Scholten, het Vaderlands Comité en het College van Vertrouwensmannen. Als het werkelijk waar is dat koningin Wilhelmina onder invloed van Herman van Roijen haar antidemocratische opvattingen over het naoorlogse Nederland heeft bijgesteld, zoals Van der Maar en Meijer beweren, dan ondersteunt dat hun stelling dat Van Roijen een diplomaat par excellence was.

Herman van Roijen (1905-1991). Een diplomaat van klasse
Rimko van der Maar en Hans Meijer
670 p. Boom, € 29,90

Nieuwste berichten

Eustatius van Boulogne op het tapijt van Bayeux
Eustatius van Boulogne op het tapijt van Bayeux
Artikel

Gaf een koningsmoordenaar opdracht voor het Tapijt van Bayeux?

Op het Tapijt van Bayeux speelt graaf Eustatius van Boulogne een heldenrol. Maar volgens de kronieken was hij een lafaard – of erger. Liet hij het borduurwerk maken om zijn naam te zuiveren? In het British Museum wordt momenteel het Tapijt van Bayeux tentoongesteld. Het is een van de belangrijkste bronnen over de Slag bij...

Lees meer
Allegorie op de Pacificatie van Gent. De Nederlandse Leeuw bewaakt het toegangshek naar de Hollandse Tuin met de zeventien provincies. Spaanse soldaten hebben de tuin omsingeld. Naar ontwerp van Adriaen Pietersz van de Venne, circa 1624.
Allegorie op de Pacificatie van Gent. De Nederlandse Leeuw bewaakt het toegangshek naar de Hollandse Tuin met de zeventien provincies. Spaanse soldaten hebben de tuin omsingeld. Naar ontwerp van Adriaen Pietersz van de Venne, circa 1624.
Artikel

De Pacificatie van Gent was een verdeelde vrede

De Pacificatie van Gent wordt wel gezien als een eerste onafhankelijkheidsverklaring van de Nederlanden. Katholieken en protestanten, steden en adel verenigden zich om de muitende soldaten van het Habsburgse leger het land uit te krijgen. Maar waren de ondertekenaars wel zo eensgezind? Op 8 november 1576 schalden de trompetten over de Botermarkt in Gent. Een...

Lees meer
Japanse soldaten marcheren langs een Britse militaire post bij Shanghai, 1937.
Japanse soldaten marcheren langs een Britse militaire post bij Shanghai, 1937.
Recensie

De Tweede Wereldoorlog transformeerde Azië

Voor Aziaten was de Tweede Wereldoorlog misschien wel ingrijpender dan voor Europeanen, bewijst sinoloog Hans van de Ven. Al langer klinkt er kritiek op onze nogal eurocentrische blik op de Tweede Wereldoorlog. De oorlog in China die in 1937 al begon, de hongersnoden in Bengalen en op Java en militaire operaties zoals het Japanse offensief...

Lees meer
VWO-leerlingen tijdens hun eindexamen, 8 mei 2026.
VWO-leerlingen tijdens hun eindexamen, 8 mei 2026.
Opinie

Geschiedenisonderwijs dreigt staatsopvoeding te worden 

Geschiedenislessen in de bovenbouw van het middelbaar onderwijs zullen vanaf 2030 zijn gericht op het opvoeden van leerlingen tot goede burgers met bepaalde gewenste opvattingen. Dat wil tenminste de commissie die de concept-examenprogramma’s heeft opgesteld in opdracht van het ministerie van OCW. Het vak geschiedenis dreigt hiermee te verworden tot staatspedagogiek.  De concept-examenprogramma’s voor het...

Lees meer
Loginmenu afsluiten