Home Beeldgeheim maart 2002

Beeldgeheim maart 2002

  • Gepubliceerd op: 26 maart 2002
  • Laatste update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Bas de Jong

Een onbekende historische foto. Is het verhaal erachter te vertellen? De publicisten Herman Vuijsje en Karin Spaink doen een poging.


‘Geüniformeerde afgevaardigden van het gezag voeren een controle uit.’, denkt Herman Vuijsje na een eerste blik op de foto. ‘Maar de gezagsdragers lijken me geen soldaten’, vult Karin Spaink hem voorzichtig aan. ‘Hun jasjes hangen daarvoor te ruim en te los om hun lichaam. En er zijn geen koppelriemen te zien. Het zullen politiemannen zijn.’ Vuijsje: ‘Door hun lichaamsbouw en de snit van hun uniform lijken de controleurs eerder gemoedelijk dan gevaarlijk. “Hollands” zien ze eruit. Maar pas op!’, waarschuwt hij, ‘We weten heel goed tot welke daden Hollandse ordebewakers in staat zijn geweest als deze hen werden opgedragen.’
        Hij vermoedt dan ook dat de foto rond 1940-1945 is gemaakt: ‘Aan de kleding te zien is het kort voor, tijdens of na de oorlog.’ Spaink beaamt dit en wijst op de rechteragent: ‘Zie hoe stijf en star hij erbij staat, hij moet zich welhaast geruggesteund weten door een machtige ideologie. Het is inderdaad oorlog.’ Haar blik valt op de fietsers: ‘Eigenlijk zie je nog het best dat het oorlog is aan de ijver waarmee de wielrijders zoeken naar het gevraagde, aan de angstige volgzaamheid die daaruit spreekt.’
        Het geheel maakt een ‘bedrieglijk gewone’ indruk op Vuijsje: ‘Die vrouw rechts, het zou mijn moeder in haar jonge jaren kunnen zijn.’ Het valt Spaink op dat zij typische vrouwentrekjes vertoont: ‘Ze grabbelt in haar tasje en haalt er handenvol spullen uit op zoek naar het gevraagde; overladen dameshandtasjes zijn van alle tijden, ook van oorlogstijden. En ze doet wat veel vrouwen doen als ze bang zijn of de tegenpartij willen pacificeren: ze glimlacht. Het eeuwige wapen der vrouw, maar zo machteloos.’, verzucht ze.
        De fietser naast de agent stelt de twee voor vraagtekens. Vuijsje vertrouwt hem niet: ‘Hij combineert de parafernalis van beide partijen. Is die fiets een dienstrijwiel en is hij misschien de chef van zijn gelaarsde seksegenoot? De hoed met de zware slagschaduw doet het ergste vermoeden.’ Spaink is niet overtuigd. ‘Hij is niet echt bang.’, merkt zij op. ‘Hij kijkt licht geïrriteerd: dit is de drieëntwintigste keer vandaag dat hij is aangehouden en bars is verordonneerd zich te identificeren. Zijn mondhoek krult omhoog in een lichte sneer: die patsers, ze denken dat ze je alles kunnen laten doen.’
        Maar wat moeten de gecontroleerden tonen? Waar is de vrouw naar op zoek? Vuijsje twijfelt. ‘Gaat het om haar fietsplaatje? Haar fiets? Haar persoonsbewijs? Misschien wordt er na de oorlog een bom gedemonteerd, waarbij buurtbewoners zich moeten legitimeren.’ De houding van de man naast de agent neemt zijn twijfel weg. ‘Waarschijnlijk gaat het toch om rijwielbelasting en stopt hij net zijn rijwielbelastingattest weg alvorens door te rijden naar moeder de vrouw, alwaar de koelenhaard snort.’
        Spaink houdt het op een controle van identiteitspapieren. ‘Die papieren die deze agenten willen zien, zijn het instrument van hun macht. Zij hebben het recht om inzage te eisen, zij mogen in een opwelling besluiten dat papieren niet deugen of nadere inspectie verdienen.’ Resoluut besluit zij: ‘Identificatie opeisen is het prerogatief van de machthebber.’

Uitleg: Op 1 oktober 1940 begon de Haagse politie met de controle op de tijdelijke identiteitsbewijzen. Personen die het identiteitsbewijs niet bij zich hadden werden bekeurd.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Historischnieuwsblad.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste historische verhalen door toonaangevende historici. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand, de eerste maand €1,99. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Nieuwste berichten

Ossietzky in het concentratiekamp, 1934.
Ossietzky in het concentratiekamp, 1934.
Artikel

Dissident ging liever naar het strafkamp dan op de vlucht

Net als Aleksej Navalny besloot de Duitse dissident Carl von Ossietzky zijn land niet te ontvluchten toen hij gevaar liep. Hij wist dat hij bovenaan de zwarte lijst van de nazi’s stond, maar bleef toch in Berlijn toen Hitler in 1933 de macht greep. ‘De opposant die over de grens vlucht, werpt al snel holle frasen zijn land in,’ meende hij. Die moed bekocht hij met de dood in een concentratiekamp.

Lees meer
Waffen SS'ers in Vught
Waffen SS'ers in Vught
Interview

‘Waffen-SS’ers dachten dat het verleden niet lang aan hen zou kleven’

Hoewel ze geen paspoort meer hebben, blijven veel Syriëgangers toch in Nederland. Ook in 1945 verloren mannen die zich bij de Duitsers hadden aangesloten hun Nederlanderschap. Maar de omgang met deze Waffen-SS’ers en de Syriëgangers verschilt volgens historicus Peter Romijn. ‘De huidige wetgeving draait om uitstoting, maar na de Tweede Wereldoorlog was ook sprake van re-integratie.’

Lees meer
Truman poseert met de Chicago Daily Tribune
Truman poseert met de Chicago Daily Tribune
Artikel

Een presidentskandidaat dump je niet zomaar

Terwijl Donald Trump en Joe Biden zich opmaken voor de verkiezingsstrijd, gaan er bij hun partijen stemmen op om alsnog voor een andere presidentskandidaat te kiezen. Maar het verleden leert dat het lastig is om een leidende kandidaat opzij te zetten.

Lees meer
Gaius spreekt het volk toe. Ets door Silvestre David Mirys, 1799.
Gaius spreekt het volk toe. Ets door Silvestre David Mirys, 1799.
Artikel

De populistische Gracchen beloofden gouden bergen

Populistische politici zijn van alle tijden. Na een mislukte carrière zag de Romein Tiberius Gracchus nog maar één uitweg: hij werd een volkstribuun die het volk beloofde wat het wilde horen. Of zijn plannen uitvoerbaar waren, deed er niet toe. Het ging hem om de macht. En dat gold ook voor zijn broer en opvolger Gaius.

Lees meer