Home Jolande Withuis

Jolande Withuis

  • Gepubliceerd op: 28 apr 2011
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Jolande Withuis

Mocht u denken, zoals velen met u, dat wij op 4 mei op de Dam exclusief de doden van de Tweede Wereldoorlog herdenken, dan is dat een vergissing. De herdenking bij het monument dat inderdaad voor hún nagedachtenis werd opgericht, is een ware hutspotherdenking gewor-den. In 1961 werden de gevallenen in Indonesië en Korea binnengesmokkeld; inmiddels her-denken we op 4 mei alle sedert 10 mei 1940 gesneuvelde burgers en militairen, inclusief ge-vallenen in vredesoperaties.

De inhoud van een herdenking is nooit een eenvoudige weerspiegeling van de histori-sche ervaring. Via een herdenking wordt betekenis gegeven aan het verleden. De impliciete boodschap van de hutspot op de Dam is dat de Tweede Wereldoorlog geen gebeurtenis is om op zichzelf te herdenken.
Die slonzigheid is niet nieuw. Over 4 en 5 mei is altijd geruzied. Meteen in 1946 moest Bevrijdingsdag wijken voor de zondagsrust. Vervolgens stelde minister-president Drees voor om het feest te combineren met Koninginnedag. In 1957 ontzegde hij in de Kamer communisten als vijanden van de vrijheid het recht om Bevrijdingsdag te vieren.

Aan de CPN gelieerde kampcomités als het Auschwitz Comité koppelden op hun beurt de kampherdenkingen in die Koude-Oorlogsjaren aan antikapitalistische politieke doeleinden. Tot voor kort misbruikte het eveneens communistische Comité Vrouwen van Ravensbrück de Nederlandse expositie in dat kamp om foto’s te vertonen van demonstraties in de jaren tachtig tegen de neutronenbom.

Dit alles tot verdriet van de kampoverlevenden die de herdenking zo zuiver mogelijk wilden houden. Hun devies was: we moeten onze doden herdenken, maar mogen niet namens hen spreken. We mogen niet suggereren dat zij voor vrede, tegen discriminatie, voor de grondwet of tegen het dragen van bont zouden zijn geweest. Wat de doden hadden gevonden van actuele kwesties weten we niet. Bovendien zijn die doden net zomin als de overlevenden een uniform collectief.

Helaas is de vroeger omstreden communistische praktijk om de herdenking te ‘actuali-seren’ tegenwoordig bon ton. Zelfs, of beter gezegd: juíst de overheid bepleit nu dat de plech-tigheid aansluit bij herkenbare thema’s en hedendaagse problemen, en liefst ook nog een sa-menbindend effect sorteert. De herdenking als remedie tegen multiculturele verdeeldheid.

Ik zie in al deze stichtelijke of zelfs onverhuld politieke benaderingen niets. Een ¬her¬denking is geen opbouwwerk. Er speelt bovendien een wezenlijk misverstand mee. De gefor-ceerde pogingen om de oorlog ‘herkenbaar’ te maken voor nieuwe Nederlanders en jonge generaties berusten op de gedachte dat mensen alleen maar betrokken kunnen zijn bij ervarin-gen die ze uit hun eigen leven kennen. Dat is gelukkig niet het geval. In plaats van de oorlog te reduceren tot hapklare brokjes herkenbaar leed zouden we mensen moeten aanspreken op hun vermogen tot empathie.

Herkenbaarheid en empathie staan op gespannen voet. Herkenbaarheid betekent dat vreemde ervaringen in jouw richting worden vertaald; empathie verloopt andersom. Empathie is het vermogen je te verplaatsen in de situatie, gevoelens of gedachten van een ander. Empa-thie impliceert dus dat je je inleeft in situaties die voor jou níét direct herkenbaar zijn.

Empathie vereist meer inspanning en emotionele intelligentie dan herkenning. Je kunt mensen tot die inspanning verleiden door hun bijvoorbeeld de oorlogslotgevallen van echte mensen voor te toveren, inclusief alle dilemma’s waarvoor mensen zich toen gesteld zagen. Steevast blijkt dat interesse op te roepen.

Empathie is niet hetzelfde als identificatie. Integendeel, het is weinig empathisch om je andermans verdriet toe te eigenen. Er is dan ook niets op tegen om te erkennen dat sommi-ge oorlogservaringen nooit echt voorstelbaar zijn. Pogingen om ervaringen als kampgevan-genschap, toekijken bij een ophanging, de onderduik of de selectie voor de gaskamer herken-baar te maken leiden al te gemakkelijk tot geschiedvervalsing of banalisering.
 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van vandaag. Je hebt al een abonnement voor €4,99 per maand.

Nieuwste berichten

Columnist Philip Dröge
Columnist Philip Dröge
Column

MTV zomaar verdwenen? Ik word oud

Het was maar een televisiezender. En ook nog eentje waarvoor je met je afstandsbediening naar de driedubbele cijfers moest doorklikken. Ergens tussen Baby TV en Euronews, in dat digitale niemandsland, hield MTV Music stand. Ballingschap is een groot woord, maar toch: niemand kwam er meer, in die slechte buurt. Ik ook niet. Waarom zou ik?...

Lees meer
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Hadjememaar wordt aangekleed als een echte heer, 1921.
Artikel

In 1921 stond er een malle zwerver op de kieslijst

In 1921 veroverde de drankzuchtige ‘straatartiest’ Had-je-me-maar een zetel in de Amsterdamse gemeenteraad. Hij was naar voren geschoven door een groep anarchisten en plaatste de overheid voor een lastig vraagstuk: hoe moet je in een democratie omgaan met schertskandidaten? ‘Een politiek schandaal,’ kopte De Telegraaf in de vroege ochtend van 28 april 1921. De opwinding...

Lees meer
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
De voorzitter van de Atlantische Commissie, mevrouw Hannie van Leeuwen, opent de 'reizende' NAVO-tentoonstelling in de hal van het station Den Haag Centraal. Links het VVD-Tweede Kamerlid, A. Ploeg, NL790703-26, 1979 VII 4, QAH9,Kunst en cultuur/Tentoonstellingen, QAK26,Overheid en politiek/Landelijke overheid en politiek/Krijgsmacht, Leeuwen, Hannie van, Ploeg, Ad
Artikel

NAVO-tentoonstelling gestolen en beklad: actievoerders noemden het oorlogshitserij

Antimilitaristische actievoerders hadden het eind jaren zeventig gemunt op een reizende NAVO-tentoonstelling. Ze hekelden de oorlogspropaganda en organiseerden daarom eigen anti-NAVO-exposities. ‘Wat heeft u liever, een atoombom of een neutronenbom?’ In het ochtendgloren lag de Maastrichtse stationshal er treurig bij. Die septembernacht in 1979 hadden onbekenden vrijwel de gehele ‘Nederland 30 Jaar in de NAVO’-tentoonstelling...

Lees meer
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem
Artikel

Vetorecht was voor de Republiek ook al een groot probleem

Door bestuurlijke chaos dreigde de Nederlandse Republiek ten onder te gaan. Eén dwarsliggende stad of provincie kon de besluitvorming op nationaal niveau verlammen. Dat ging zo niet langer, vond de regent Simon van Slingelandt. Hij maakte een hervormingsplan, dat in Den Haag menigeen in de gordijnen joeg. Lang had Nederland er niet zo beroerd voor...

Lees meer
Loginmenu afsluiten