Home Martin Sommer

Martin Sommer

  • Gepubliceerd op: 02 jul 2012
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Martin Sommer

Daniël van Eck kwam in 1849 vanuit Zeeland als groentje in de Tweede Kamer. Hij hoorde bij de eerste lichting direct gekozen parlementariërs. Koning Willem II was een jaar voordien in één nacht ‘van zeer conservatief, zeer liberaal’ geworden. Daarna schreef Thorbecke zijn Grondwet en vervolgens was het de beurt aan de nieuwelingen, van wie velen, net als Van Eck, advocaat.

Van Eck was een liberaal en droeg een baard. Dat had hij in Zeeland al gedaan, en in Den Haag was hij voorlopig niet van plan dat te veranderen. Omdat baarden toentertijd niet in de mode waren, behalve bij revolutionairen, dachten zijn collega’s in de Kamer met een opstandeling van doen te hebben. Vanwege zijn manen kreeg hij de bijnaam ‘leeuwtje’.

Dit aardige verhaal vertelt Jouke Turpijn in zijn boek Mannen van gezag (2008) om te illustreren hoe weinig er vastlag in die begindagen van de nieuwe Kamer. Met Thorbecke en de ministeriële verantwoordelijkheid waren er nieuwe bevoegdheden gekomen: moties, amendementen, interrupties en enquêtes. Dat moest allemaal nog vorm krijgen. Maar wat waren de bijbehorende parlementaire vormen en hoe zag een politicus er eigenlijk uit?

Thorbecke was de man van gezag bij uitnemendheid en mede onder zijn invloed werden politici vooral ‘waardig’. Partijen waren er nog niet en in de Kamer werd in alle rust gezocht naar de waarheid. Dat veranderde omstreeks 1880, toen de verzuiling zich aankondigde en je in de termen van nu zou zeggen dat ook ‘de kloof’ zich aandiende.

Niet meer de waardigheid, maar de verhouding tot de achterban werd de eerste zorg van politici. Lang duurde het niet meer of de eerste klachten over populisten als Kuyper en Troelstra werden gehoord. ‘In den wedloop om populariteit moet ieder ernstig man het tenslotte tegen de schreeuwers afleggen,’ schreef de liberaal De Beaufort in 1901 in zijn dagboek.

Een dikke eeuw verder is er veel veranderd, maar niet de kwestie van de omgangsvormen. Na de verkiezingen straks zijn er weer veel groentjes in de Kamer die moeten leren over moties, amendementen en vooral spoeddebatten. Alleen naar de waardigheid van Thorbecke is weinig vraag meer.

Tegenwoordig is ‘het geluid van de straat’ in de Kamer meer dan welkom. Dat is vooral zo sinds onderzoek uitwees dat al die hoogopgeleiden in de politiek vooral de belangen van de hoogopgeleiden buiten de politiek behartigen. Voorzitter Gerdi Verbeet heeft er speeches over gehouden – zij zou het liefst een halve Kamer vol Jan Schaefers hebben.

Wat begon met ‘in gelul kun je niet wonen’ werd ‘effe dimmen’ en ‘flapdrol’, en vervolgens ‘bedrijfspoedel’, ‘haatpaleizen’, ‘kopvoddentaks’ en ‘doe ’ns normaal, man’. Verbeet vindt: laat horen die straat. Maar de marmeren buste van Thorbecke gromt over deze progressieve misvatting. Het optreden van Geert Wilders heeft laten zien dat omgangsvormen wel degelijk een functie hebben.

Het gaat niet om die bedrijfspoedel, maar om de regels van het spel. Bij democratie hoort: een rol spelen, fair play en een zeker decorum. En vooral wat daaruit volgt: geen schande roepen bij een voor jou onwelgevallige uitkomst. Zonder waardigheid worden tegenstanders vijanden tegen wie alles geoorloofd is. Een goede voorzitter moet daarover waken.

In werkelijkheid is de opgetogenheid over het straatgeluid niets anders dan heimelijke angst. Dezelfde Jouke Turpijn maakte een paar maanden geleden een relatiegeschenk voor de Tweede Kamer. Een mooi gebonden boekje – Kunstcollectie Tweede Kamer heet het –, vol kleurenfoto’s van wat er in het Kamergebouw allemaal voorhanden is.

Ik wist niet dat er zoveel fraais was, van de portretten van alle zeven Oranje-vorsten sinds koning Willem I tot postmoderne hangende constructies. Met voorwoord van Gerdi Verbeet. Gepresenteerd werd het boekje evenwel niet, en liever ook geen ruchtbaarheid in de pers. Dat zou maar ellende geven met bepaalde partijen, over geldsmijterij en subsidiekunst. Geen gezag, maar straatvrees.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Lees de eerste maand met korting voor €1,99

Nieuwste berichten

Een Moor en een Europeaan schaken. Afbeelding uit het Libro de axedrez.
Een Moor en een Europeaan schaken. Afbeelding uit het Libro de axedrez.
Nieuws

Middeleeuwse schakers keken niet naar status

Bij een middeleeuws potje schaak verdween sociale hiërarchie even naar de achtergrond. Eigentijdse manuscripten, schilderijen en schaakstukken laten zien dat schaakspelers van verschillende sociale en culturele achtergronden het op gelijke voet tegen elkaar konden opnemen, betoogt Cambridge-historicus Krisztina Ilko in vaktijdschrift Speculum. Volgens Ilko was schaken een manier om de sociale normen uit te dagen:...

Lees meer
Een visser op een Romeinse mozaïek uit de tweede eeuw.
Een visser op een Romeinse mozaïek uit de tweede eeuw.
Recensie

Fik Meijer schrijft een liefdesverklaring aan de Middellandse Zee

Nog één keer maakt oudhistoricus Fik Meijer een reis naar de Middellandse Zee. In zijn jongste boek kijkt hij terug op een leven dat in het teken stond van de klassieke Oudheid. Melancholisch, in de rouw, vindt hij zo ook troost. ‘De zee! De zee!’ (‘Thalassa! Thalassa!’) riepen Griekse huurlingen toen ze in 400 v.Chr....

Lees meer
De moai’s op Rapa Nui (Paaseiland).
De moai’s op Rapa Nui (Paaseiland).
Nieuws

Ratten verwoestten de bossen op Paaseiland 

Een explosieve rattenpopulatie was de grootste factor voor het verdwijnen van de bomen op Paaseiland. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van archeoloog Carl Lipo en antropoloog Terry Hunt aan de universiteiten van Arizona en Binghamton.  Jarenlang werden vooral de eilandbewoners scheef aangekeken op de ontbossing. Zij zouden de boomstammen hebben gebruikt om hun beroemde beelden...

Lees meer
Beatrice de Graaf portret
Beatrice de Graaf portret
Column

De twee lagen van de Oostenrijkse ziel

Laatst was ik voor archief- en werkbezoek in Wenen. Daar kreeg ik een Oostenrijkse lekkernij, een Krapfen, geserveerd. Een soort Berliner bol: van buiten wit gepoederd of roze geglazuurd en van binnen een donkerrode of bruine zoete vulling. Daarom is de Krapfen ook al sinds 1945 hét symbool voor de Oostenrijkse ziel – de grote...

Lees meer
Loginmenu afsluiten