Home COLUMN: Martin Sommer

COLUMN: Martin Sommer

  • Gepubliceerd op: 26 sep 2012
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Martin Sommer

In een themanummer over helden mag de gevallen held niet ontbreken. Mijn gevallen held heet Ryszard Kapuscinski, bekroond als journalist van de twintigste eeuw, rondreizend grand reporter, bijna-winnaar van de Nobelprijs. Goed mens vooral.

Eind jaren tachtig werkte ik bij de buitenlandredactie van de Volkskrant. In die tijd was Kapuscinski journalist voor het Poolse persbureau PAP. Maar vooral vierde hij internationaal triomfen. Met zijn boek De keizer (1984), bijvoorbeeld, over Haile Selassi van Ethiopië. Daarin staat een hilarische beschrijving van een hofdignitaris, die maar één taak had: met een uitgestreken gezicht de schoenen der bezoekers afvegen omdat het keizerlijke hondje Lulu graag op die plek zijn pootje hief. Nog bekender is De sjah aller sjahs (1986), over de machtsovername in Iran door ayatollah Khomeiny, die in een zolderkamertje zijn kans afwachtte. Kapuscinski was erbij.

Mijn persoonlijke voorkeur had Nog een dag (1988). De reporter bleef in de Angolese hoofdstad Luanda achter toen de Portugezen in 1975 halsoverkop hun biezen pakten. Het boek begint met een huiveringwekkend relaas over het vertrek van een complete stad, ingepakt in houten kratten die achthoog werden opgetast op vrachtschepen. Daarna verdween de vloot van houten flatgebouwen aan de einder en bleef Kapuscinski achter, in het karkas van een stinkende, dreigende hoofdstad. Altijd was Kapuscinski erbij, altijd aan het front, vijfmaal ontsnapte hij aan een executie, iedereen kende hij. Wat een pen en wat een held.

Zijn hele oeuvre heb ik ademloos gelezen. Het Angola-boek was mijn favoriet, omdat ik zelf als beginnend journalistje weleens naar Afrika mocht. Ik was ook in Luanda, verbleef in hetzelfde Hotel Tivoli. Het stromend water deed het evenmin als toen Kapuscinski er zat. Het was ruim tien jaar later, maar de burgeroorlog woedde nog in volle hevigheid.

Daar hield de overeenkomst op. Terwijl Kapuscinski zich van het ene avontuur in het andere stortte, gebeurde er in mijn aanwezigheid niets. Vlak buiten de stad waren de roadblocks van het regeringsleger MPLA. Verder kon je niet komen. Ik lag zwetend op mijn bed in Hotel Tivoli. In de haven klonk ’s nachts het salvo van een machinegeweer, het enige salvo dat ik in vijf jaar Afrika-redacteurschap heb gehoord. Ik heb me omgedraaid in bed.

Een jaar later laaide de oorlog op tussen Angola en Zuid-Afrika, op de grens van Namibië. Ik was toevallig in de Namibische hoofdstad Windhoek en liftte dwars door een dorre woestijn duizend kilometer naar het noorden. Tot op de plek waar het front zou zijn. Er was een missiepost, en verder stilte. Ik kon niet verder en ik kon niet terug. Op de missiepost verbleef een jonge zwarte vrouw met een snor. Ze bediende een wildwesttelefoon met zo’n zwengel. Ik zat naast haar uren te wachten op contact met mijn redactie in Amsterdam.

Dat zijn mijn avonturen. Niets meegemaakt, nooit geëxecuteerd geweest. Gelukkig had ik mijn held, die beleefde wat ik had willen beleven. Maar nu ligt naast me de kakelverse Engelse vertaling van zijn biografie, Ryszard Kapuscinski. A Life van de Poolse collega-journalist Artur Domoslawski. Het is erger dan ik dacht op grond van de nieuwsberichten toen het boek in het Pools verscheen. Kapuscinski heeft veel verzwegen en veel gelogen.

Zijn vader was helemaal niet ontsnapt aan de beruchte Sovjetmoordpartij in 1940 op Poolse officieren bij Katyn. Hijzelf was geen humanist, maar een volgzame stalinist, die goed wist aan welke kant zijn boterham gesmeerd was. Zijn grote vriend Che Guevara heeft hij nooit gekend. Ontsnapt aan executies? Niemand weet ervan.

In de allerergste passage vertelt een collega met wie hij in Uganda op stap was dat ‘gras dat minder dan een meter hoog was in zijn verhalen tot drie meter groeide; een brede, keurige weg werd een bonkerig en gevaarlijk karrenspoor’. Ik las het en had de pest in. Zijn boeken blijven prachtig. Ik heb ze wel verplaatst, van de plank non-fictie naar literatuur.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Lees de eerste maand met korting voor €1,99

Nieuwste berichten

Een Moor en een Europeaan schaken. Afbeelding uit het Libro de axedrez.
Een Moor en een Europeaan schaken. Afbeelding uit het Libro de axedrez.
Nieuws

Middeleeuwse schakers keken niet naar status

Bij een middeleeuws potje schaak verdween sociale hiërarchie even naar de achtergrond. Eigentijdse manuscripten, schilderijen en schaakstukken laten zien dat schaakspelers van verschillende sociale en culturele achtergronden het op gelijke voet tegen elkaar konden opnemen, betoogt Cambridge-historicus Krisztina Ilko in vaktijdschrift Speculum. Volgens Ilko was schaken een manier om de sociale normen uit te dagen:...

Lees meer
Een visser op een Romeinse mozaïek uit de tweede eeuw.
Een visser op een Romeinse mozaïek uit de tweede eeuw.
Recensie

Fik Meijer schrijft een liefdesverklaring aan de Middellandse Zee

Nog één keer maakt oudhistoricus Fik Meijer een reis naar de Middellandse Zee. In zijn jongste boek kijkt hij terug op een leven dat in het teken stond van de klassieke Oudheid. Melancholisch, in de rouw, vindt hij zo ook troost. ‘De zee! De zee!’ (‘Thalassa! Thalassa!’) riepen Griekse huurlingen toen ze in 400 v.Chr....

Lees meer
De moai’s op Rapa Nui (Paaseiland).
De moai’s op Rapa Nui (Paaseiland).
Nieuws

Ratten verwoestten de bossen op Paaseiland 

Een explosieve rattenpopulatie was de grootste factor voor het verdwijnen van de bomen op Paaseiland. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van archeoloog Carl Lipo en antropoloog Terry Hunt aan de universiteiten van Arizona en Binghamton.  Jarenlang werden vooral de eilandbewoners scheef aangekeken op de ontbossing. Zij zouden de boomstammen hebben gebruikt om hun beroemde beelden...

Lees meer
Beatrice de Graaf portret
Beatrice de Graaf portret
Column

De twee lagen van de Oostenrijkse ziel

Laatst was ik voor archief- en werkbezoek in Wenen. Daar kreeg ik een Oostenrijkse lekkernij, een Krapfen, geserveerd. Een soort Berliner bol: van buiten wit gepoederd of roze geglazuurd en van binnen een donkerrode of bruine zoete vulling. Daarom is de Krapfen ook al sinds 1945 hét symbool voor de Oostenrijkse ziel – de grote...

Lees meer
Loginmenu afsluiten