Home Evaldo Cabral de Mello, De Braziliaanse affaire

Evaldo Cabral de Mello, De Braziliaanse affaire

  • Gepubliceerd op: 28 sep 2005
  • Update 07 apr 2020
  • Auteur:
    Gert Oostindie
Evaldo Cabral de Mello, De Braziliaanse affaire

De koloniale geschiedenis in ‘de West’ komt een beetje uit de schaduw van de pendant in Azië. Daarbij gaat het geografisch nog voornamelijk om Suriname, de Antillen en Aruba, maar ook hier ontstaat meer ruimte. Voor de Nederlandse geschiedenis in Brazilië, bijvoorbeeld.

Hoe was het ook weer? Onder auspiciën van de West-Indische Compagnie werd een deel van Noordoost-Brazilië, Pernambuco, dat tussen 1630 en 1654 een Nederlandse kolonie was, buitgemaakt op de Portugezen. Daarna werden de Nederlandse kolonisten voor altijd verdreven. Als leerschool was deze Braziliaanse periode beslissend. De Republiek raakte diep en naar zou blijken voor eeuwen betrokken bij de suikerproductie en de daarmee verbonden Afrikaanse slavenhandel. Portugese joden speelden daarbij een cruciale rol. Die bleven ze spelen in de verdere Nederlandse kolonisatie van de West, na het ‘versuym’ van Brazilië en hun onvermijdelijke vertrek aldaar: vanuit Amsterdam, maar evengoed in Nieuw-Amsterdam en vooral in Suriname, Curaçao en Sint-Eustatius.

De Nederlandse overheersing van Pernambuco is bij ons in vergetelheid geraakt, tot verbazing van de Brazilianen. Daar wordt deze periode juist van groot belang geacht. Onder het bewind van Johan Maurits van Nassau, ‘de humanistische prins’, werden in Pernambuco immers de eerste artistieke en wetenschappelijke studies uit de Braziliaanse geschiedenis gemaakt: een vroege bloeiperiode.

Bovendien wordt de lokale, uiteindelijk succesvolle opstand tegen het Nederlandse bewind wel voorgesteld als een protonationalistische beweging, vooruitlopend op de veel latere beweging voor onafhankelijkheid van Portugal. Overigens leven er ook wel tegengestelde sentimenten, namelijk het idee dat Brazilië onder Nederlands bewind vast veel verder zou zijn gekomen dan onder het ‘achterlijke’ Portugese bewind. Een redenering die in Suriname op z’n best verbazing zal oogsten.

Weinig moderne Nederlandse historici hebben over deze periode gepubliceerd. Het bekendste overzichtswerk, The Dutch in Brazil, dateert al van 1957 en werd geschreven door een Brit, Charles Boxer. Enkele gerenommeerde Braziliaanse historici namen de moeite Nederlands te leren om eigen onderzoek te doen. Onlangs verschenen twee van hun boeken in een Nederlandse vertaling. Van José Antonio Gonsalves de Mello verscheen enkele jaren geleden Nederlanders in Brazilië (1624-1654), een mooie sociaal-historische verkenning. En nu dan De Braziliaanse affaire, de vertaling van een van de vele boeken die Evaldo Cabral de Mello over deze episode schreef.

Wie van diplomatieke geschiedenis houdt zal van dit boek genieten. Cabral de Mello, zelf gewezen diplomaat, beheerst het genre tot in de finesses en beschrijft de schier eindeloze afwikkeling van dit koloniale avontuur nauwgezet maar gelukkig met ironie. Zijn bronnenonderzoek leverde vele aardige inkijkjes op in het toenmalige diplomatieke verkeer, waaronder krasse staaltjes van corruptie bij sleutelfiguren in de Republiek.

De Braziliaanse affaire biedt een uitvoerige analyse van een langzaam veranderend krachtenveld, waarin Portugal aanvankelijk weinig tegen de Republiek in te brengen heeft, maar diezelfde Republiek gaandeweg een toontje lager moet zingen onder toenemende Britse pressie. Het einde van het liedje is dat de Republiek definitief moet afzien van Noordoost-Brazilië, maar wel financieel gecompenseerd wordt, en dat Portugal steeds afhankelijker wordt van de Britten maar zich daarmee wél zowel Spanje als Nederland van het lijf weet te houden. Dat was het waard, oordeelt Cabral de Mello. Vooral omdat Brazilië anders blijvend in een Nederlands en een Portugees deel zou zijn verdeeld, met alle gevolgen van dien.

Anders dan Gonsalves de Mello’s Nederlanders in Brazilië biedt De Braziliaanse affaire nauwelijks inzicht in de geschiedenis van Nederlands-Brazilië zelf. De focus blijft Europees en diplomatiek. Volstrekt legitiem uiteraard, maar de vraag is wel of nu juist dít boek van Cabral de Mello in het Nederlands had moeten worden vertaald. Onder zijn andere werk is de studie Rubro Veio: o imaginário da restauração pernambucana, waarin hij onderzoekt hoe de Nederlandse periode een plaats kreeg in het beeld dat de Brazilianen in de zeventiende en achttiende eeuw creëerden van hun eigen verleden.

Misschien zou dat een betere keuze zijn geweest voor een vertaling – zeker als Cabral de Mello zou zijn verlokt om de lijn verder door te trekken tot het heden, waarin Brazilië die Nederlandse periode met verve blijft herdenken en vieren met tentoonstellingen, boekwerken en wat dies meer zij.

Gert Oostindie is directeur van het Koninklijk Intituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Begrijp het heden, begin bij het verleden: met HN Actueel lees je historische achtergronden bij het nieuws van nu. Lees de eerste maand met korting voor €1,99

Nieuwste berichten

Eduard von der Heydt
Eduard von der Heydt
Artikel

De Oranjes logeerden bij een nazi-bankier in Zwitserland

Willem-Alexander en Maxima overnachtten deze week bij Donald Trump. De Oranjes hadden wel vaker omstreden logeerpartijen. Zo verbleven koningin Wilhelmina, prinses Juliana en prins Bernhard graag op een Zwitsers landgoed van Eduard von der Heydt. Hij had een voormalige hippieoord omgebouwd tot een bankkantoor voor de nazi’s.  Als de Duitser Eduard von der Heydt in...

Lees meer
Anne Frank
Anne Frank
Nieuws

Vermoedelijke identiteit ontdekt van tipgever die Joodse notaris onterecht beschuldigde van ‘verraad van Anne Frank’ 

Annes vader Otto Frank ontving in 1957 een anoniem briefje waarop stond dat de onderduikers in het Achterhuis waren verraden door de Joodse notaris Arnold van den Bergh. Op basis van dit briefje herhaalde een Nederlands-Amerikaans ‘Cold Case Team’ in 2022 deze beschuldiging, die echter door historici als ongeloofwaardig en lasterlijk werd verworpen. Wie het...

Lees meer
Pen briefje
Pen briefje
Artikel

Wie schreef het briefje aan Otto Frank?

Eindelijk zou de verrader van Anne Frank gevonden zijn: de Joodse notaris Arnold van den Bergh. Een Nederlands-Amerikaans ‘Cold Case Team’ beweerde dat tenminste in 2022 en een Canadese bestsellerauteur schreef er een boek over. Maar deskundigen zagen onmiddellijk dat het bewijs flinterdun was. Er was alleen een anoniem briefje, rond 1957 aan Annes vader...

Lees meer
Donald Trump doet alsof hij iemand neerschiet tijdens een toespraak in het Witte Huis
Donald Trump doet alsof hij iemand neerschiet tijdens een toespraak in het Witte Huis
Artikel

Moet Trump vrezen voor Artikel 25? Amerikanen roepen om deze lastige afzettingsprocedure uit 1967

Na Trumps dreigementen dat hij ‘een hele beschaving’ zou uitroeien, gingen er zowel links als rechts stemmen op om hem uit zijn ambt te ontzetten met Artikel 25. In 1967 bedachten de VS deze grondwetswijziging om een president af te zetten die door ziekte of geestelijke aftakeling niet meer in staat is zijn ambt te...

Lees meer
Loginmenu afsluiten