Home Het Complete Derde Rijk

Het Complete Derde Rijk

Johannes Houwink ten Cate

Historicus

Gepubliceerd op: 30 juni 2009

Update 7 april 2020

Toen de Britse historicus Richard J. Evans ongeveer tien jaar geleden begon aan zijn driedelige geschiedenis van het Derde Rijk, moest hij natuurlijk aan zijn lezers – en misschien ook wel aan zichzelf – uitleggen waarom hij dit deed. Terecht zette hij bij die gelegenheid uiteen dat er maar heel weinig synthetische studies van het Derde Rijk voor een niet-Duits breder publiek bestaan. Er is de bestseller The Rise and Fall of the Third Reich van William L. Shirer (1960), Die Deutsche Diktatur van Karl Dietrich Bracher (1969), de Hitler-biografie van Ian Kershaw (1998, 2000), en The Third Reich. A New History (2000) van Michael Burleigh.

Evans bekritiseerde zijn voorgangers toen vlijmscherp en beloofde ons een complete geschiedenis van het Derde Rijk. Die heeft hij inderdaad geschreven. De voorgeschiedenis, die hij laat beginnen bij Bismarck, neemt een heel deel van ruim 700 bladzijden in beslag. Het tweede deel behandelt de periode 1933-1939, in 1000 bladzijden. En nu is er dan het derde deel, over de Tweede Wereldoorlog, in nog eens 1000 bladzijden.

De focus van dit derde deel is breder dan het tweede deel van Kershaws Hitler-biografie. Kershaw schreef vanuit de optiek van Hitler, de zelfbenoemde messias die zich uitsluitend interesseerde voor de oorlogvoering en zichzelf daarmee reduceerde tot een furieuze veldmaarschalk met imaginaire legers. Het standpunt van de gewone Duitsers, en de geschiedenis van de deelgebieden waar Hitler niet rechtstreeks mee te maken had, liet hij buiten beschouwing.

Evans schuift de militaire geschiedenis van het Derde Rijk daarom grotendeels terzijde, en schrijft prachtige samenvattende hoofdstukken over de bezettingspolitiek, de Jodenvervolging, het euthanasieprogramma, en over zijn thema bij uitstek: de relatie tussen dictatuur en bevolking. Hij doet dat op een gedoseerde, verstandige, en niet-retorische manier, op de manier van de vakhistoricus dus, met een voorkeur voor egodocumenten van gewone Duitsers.

Het resultaat is een combinatie van klassieke politieke geschiedenis van bovenaf en moderne sociale geschiedenis van onderop. En toch stelt dit boek uiteindelijk teleur, en daar zijn twee redenen voor. Doordat Evans zo feitelijk schrijft ontstaat er in zijn boek een sterk contrast tussen de toon van de verteller en de emotionaliteit in de egodocumenten. Eén voorbeeld: de Poolse arts Zygmunt Klukowski beschrijft met onverholen weerzin de vlucht uit Warschau, in de tweede week van september 1939, van kolonels en generaals, die bang zijn om in Duitse handen te vallen. Evans’ commentaar is dan: ‘Het zou nog erger worden.’

Bovendien beloofde Evans ons in de inleidingen van deel 1 en 2 een ‘afsluitend hoofdstuk’ over de nasleep en erfenis van het Derde Rijk. Maar deze belofte komt hij niet na. Het hoofdstuk ‘Nasleep’ gaat alleen over de berechting van misdadigers. De vraag naar de politieke moraal van deze hele geschiedenis – geen overbodige luxe na 2700 bladzijden! – beantwoordt Evans zeer karig, en dan nog met een cliché. Volgens hem zal de belangstelling voor het Derde Rijk niet verdwijnen, omdat deze geschiedenis ‘morele dilemma’s’ aan de orde stelt, van aanpassing of verzet, ‘van actie ondernemen of passief blijven’.

Tja.

Mij persoonlijk is dan een regel of vijf van Bracher liever dan tientallen bladzijden van Evans. Daarom haal ik hier afsluitend graag niet Evans, maar Bracher aan. Die schreef dat de politieke moraal van het Derde Rijk was (en is), dat extreme politieke concepties die het paradijs op aarde beloven nooit humane doeleinden dienen, maar mensen en hun waarden verlagen tot instrumenten van machtswaan en barbarij. Bracher vervolgde, in 1976: ‘Dat zulke extreme concepties tot mislukken gedoemd zijn, waar ze ook vandaan mogen komen, is ook vandaag, in een tijd van oude en nieuwe extremen, de hoop die uit de weerlegging en ondergang van Hitler kan worden geput.’

Johannes Houwink ten Cate is hoogleraar Holocaust- en genocidestudies aan de Universiteit van Amsterdam.

Nieuwste berichten

Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken
Artikel

Amerikaanse artsen gebruikten zwarte kinderen om inentingsmateriaal te kweken

Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog entten witte artsen zwarte mensen in met het pokkenvirus, om nieuwe entstof te kweken voor de soldaten aan het front. Vaak gebruikten zij vrouwen en kinderen in slavernij. Die hadden zelf geen enkele keuze en moesten de risicovolle behandeling gedwongen ondergaan. De oorlog tussen de noordelijke en de zuidelijke staten van...

Lees meer
De Bronzen Soldaat (Estisch: Pronkssõdur) in Tallinn is een omstreden Sovjet-oorlogsmonument uit de Tweede Wereldoorlog.
De Bronzen Soldaat (Estisch: Pronkssõdur) in Tallinn is een omstreden Sovjet-oorlogsmonument uit de Tweede Wereldoorlog.
Artikel

Russische cyberaanval legde Estland negentien jaar geleden al grotendeels plat

Europese inlichtingendiensten waarschuwen dat Rusland ‘binnen enkele maanden’ de NAVO wil testen door hybride aanvallen uit te voeren. Dat zou niet voor het eerst zijn. Al in 2007 kreeg Estland te maken met Russische cyberaanvallen en nepnieuws, die de samenleving tijdelijk ontwrichtten. Het begon allemaal vanwege een standbeeld. In een stil hoekje van de militaire...

Lees meer
‘Een bekentenis door marteling was ook in de Middeleeuwen onvoldoende’
‘Een bekentenis door marteling was ook in de Middeleeuwen onvoldoende’
Interview

‘Een bekentenis door marteling was ook in de Middeleeuwen onvoldoende’

De berechting van de ‘architect van de 9/11-aanslagen’ loopt vertraging op, nu de rechtbank heeft bepaald dat zijn door marteling afgedwongen bekentenis geen geldig bewijs is. Het proces tegen Khalid Sheikh Mohammed is verdaagd tot 5 juni 2028. Middeleeuwse rechters in Europa twijfelden beduidend minder aan verklaringen die ‘onder tortuur’ waren afgelegd. Maar ze stelden...

Lees meer
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad
Artikel

Het Russische parlement heeft nooit veel te vertellen gehad

De Russen gaan van 18 tot en met 20 september naar de stembus om de 450 leden van het parlement – de Staatsdoema – te kiezen. Dat deze verkiezingen geen ‘feest van de democratie’ zijn, past in de politieke geschiedenis van Rusland. Een echte parlementaire cultuur kon daar nooit opbloeien 4 oktober 1993. Tanks die...

Lees meer
Loginmenu afsluiten